Wieringermeer heeft primeur in Europa: eerste kwekerij van Chinese wolhandkrab

De eerste kwekerij van Chinese wolhandkrab in Europa staat aan de Noorderdijkweg in Wieringerwerf. In bassins met zoet water uit het IJsselmeer is het Meromar Seafoods uit Harlingen gelukt deze Aziatische exoot achterdijks te voeden en te laten uitgroeien tot delicatesse voor consumptiedoeleinden.

‘We zijn er in geslaagd deze krabsoort onder zo natuurlijk mogelijke omstandigheden voor het eerst in Europa te laten verschalen’, vertelt Ferdinand Seinen van het Friese aquacultuurbedrijf. ‘We hebben vier bassins, waar per bassin 3200 krabbetjes ter grootte van een duim in gaan. Die komen uit het IJsselmeer, waar ze in het vroege voorjaar naartoe trekken, en nemen wij af van vissermannen’, licht hij toe.

Geëxporteerd

Eens in de 25 dagen verschalen ze, na zeven of acht groeistadia zijn ze volwassen en geschikt om te eten. Ze worden vooral geëxporteerd naar Azië, waar ze dol zijn op wolhandkrab. De krabkwekerij is een van de experimenten binnen het project Achteroever Wieringermeer van Rijkswaterstaat, Deltares, Meramar, Zilt Proefbedrijf (Texel) en Sportvisserij Nederland.

Sla

Op dezelfde locatie (tien hectare) wordt ook gekeken of sla en andere gewassen op ’eilandjes’ in brak water kunnen worden geteeld. Daarbij wordt geëxperimenteerd met inzet van karpers en worden eiwitrijke larven van de tropische vliegensoort Black Soldier Fly gekweekt om vissen en krabben mee te voeren. Dat gebeurt sinds 2015 met een budget van circa 2,8 miljoen euro, onder meer afkomstig uit Europese en provinciale subsidiepotten.

Proeftuin

‘Alles wat in deze proeftuin gebeurt, grijpt in elkaar’, stelt Roel Doef namens Rijkswaterstaat. ‘We zijn eigenlijk bezig met een zoektocht naar manieren om schoon, zoet water dat wordt afgevoerd naar de Afsluitdijk en zout kwelwater in de grond beter te benutten.’

Graanschuur

Naast de ’graanschuur’ van Europa kan de Wieringermeer met deze manier van waterbeheer van toegevoegde waarde zijn voor innovatieve aquacultuur en drijvende tuinbouw. Dat hopen zij in deze omgeving met diverse overheden en tal van andere betrokken ondernemers van de grond te trekken. Het project loopt tot eind 2018, dan moet blijken welke onderdelen economisch rendabel zijn.

Drijvende tuinbouw

‘Per bassin waarin we experimenteren met drijvende tuinbouw zetten we 72 kilo aan vissen uit’, licht Martin Hoorweg van Sportvisserij Nederland toe. De karpers zorgen voor bodemwerking, woelen in de grond, waardoor voedingsrijke stoffen naar boven komen en door de sla kunnen worden opgenomen. Daarnaast bevorderen Karpers de slateelt. Dat bewijst een van de experimenten in de proeftuin aan de Noorderdijkweg.

Aalscholvers

Bijkomend voordeel van de drijvers of ’eilandjes’ die voor de zilte teelt worden gebruikt, is dat het aalscholverprobleem vermindert. Aalscholvers eten vis weg. Die drijvende constructies waarop de gewassen staan, werken preventief: de vissen zwemmen eronder, vogels kunnen niet bij hun prooi.

De karpers en Chinese wolhandkrabben die een bassin verderop worden gekweekt, worden onder meer gevoerd met eiwitrijke larven van de tropische vliegensoort Black Soldier Fly. Die worden in de boerderij bij de proeftuin gekweekt onder kunstlicht/led-lampen.

Ontlasting

De ontlasting van vissen is een grondstof voor sla. Het afval van de geteelde sla is weer voedsel voor de larven. Net als ander gft-afval, dat van elders wordt aangevoerd en zij afbreken. ‘In deze bruisende proeftuin worden allerlei organische, natuurlijke processen verbonden’, aldus projectmanager Henk Senhorst van Rijkswaterstaat. ‘Of die projecten of experimenten toekomst hebben, moet blijken en is voor iedereen spannend. De eerste signalen zijn op zich positief.’

terug naar het nieuwsoverzicht