Verzilting door aanhoudende warmte en droogte

Een deel van het IJsselmeer en het Markermeer zijn door warmte en aanhoudende droogte zouter geworden dan wenselijk, wat gevolgen heeft voor de drinkwaterproductie. Met een aantal maatregelen wordt de verzilting tegengegaan.

IJsselmeer

Drinkwaterbedrijven gaan uit van een gewenste waarde van 150 milligram per liter voor het zoutgehalte van water dat wordt gebruikt voor de productie van drinkwater. Deze waarde is in een deel van IJsselmeer de laatste tijd periodiek overschreden door aanhoudende warmte en droogte.

PWN

Drinkwaterproductiebedrijf PWN heeft op haar productielocatie in Andijk een periode geen water uit het IJsselmeer kunnen innemen, omdat het zoutgehalte bij het innamepunt te hoog was. Dit is  opgevangen door voorraad van zoetwater in de eigen opslagbekkens en door de bedrijfsvoering aan te passen. Daarnaast zijn schepen ingezet om water aan te voeren uit andere delen van het IJsselmeer, met wel de juiste waarden. Hierdoor blijft de smaak van het drinkwater gegarandeerd. Rijkswaterstaat (RWS) en PWN blijven de zoutgehaltes monitoren.

Markermeer

Het Markermeer heeft een iets hoger zoutgehalte dan het IJsselmeer. Rijkswaterstaat is daarom gestopt met het spuien van water uit het Markermeer. Ook is in overleg met Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier en Wetterskip Fryslân zo weinig mogelijk water op het IJsselmeer geloosd.

Maatregelen

Rijkswaterstaat, PWN en enkele waterschappen rondom het IJsselmeer hebben meerdere maatregelen getroffen om de verzilting te lijf te gaan. Zo wordt er extra gespuid bij de schutsluis bij Kornwerderzand en bij Den Oever. Hiervoor wordt het doodtij in de Waddenzee benut, wanneer het verschil tussen hoog- en laagwater minimaal is. Door water uit het IJsselmeer te spuien wordt een belangrijk deel van het zout weggespoeld.

De waterstand van het IJsselmeer is door deze maatregel gedaald. Dat is volgens de betrokken partijen geen bezwaar, omdat de watervoorraad in het meer op het ogenblik groot is. Het IJsselmeer wordt door regen aangevuld. Ook nemen waterschappen minder water in dan gebruikelijk.

Bellenschermen

In de schutsluizen bij Den Oever en Kornwerderzand zijn bellenschermen geplaatst, waardoor het zoute water aan de kant van de Waddenzee zoveel mogelijk buiten de sluizen blijft. Ook staat er een bellenscherm in het Amsterdam-Rijnkanaal om de verzilting vanuit het Noordzeekanaal tegen te gaan en in IJmuiden zijn twee extra bellenschermen bij de Noordersluis geplaatst.

Zouthevels en pompen

Tevens zijn zouthevels ingezet om het zout dat zich al heeft opgehoopt in zoutputten (diepe kuilen onder de bodem in water) achter de schutsluizen, terug te brengen naar de Waddenzee. Er zijn pompen geïnstalleerd om te voorkomen dat zout water opnieuw terechtkomt in de zoutputten.

terug naar het nieuwsoverzicht