Rijksplan voor een windpark in het IJsselmeer bij Fryslân

De ministers Kamp (Economische Zaken) en Schultz van Haegen (Ruimtelijke Ordening) hebben het Rijksinpassingsplan voor windpark Fryslân vastgesteld. Dit inpassingsplan ligt samen met een zestal andere besluiten vanaf vrijdag 14 oktober tot en met vrijdag 25 november ter inzage op het Gemeenteloket in Sneek, Marktstraat 15. De betreffende stukken zijn ook in te zien op deze website.

Bij het vaststellen van het inpassingsplan is rekening gehouden met de in totaal 306 zienswijzen (waarvan 182 uniek), die dit voorjaar werden ingebracht op de voorlopige vergunningen. Alleen belanghebbenden die een zienswijze hebben ingediend op de ontwerpbesluiten kunnen nog tot en met vrijdag 25 november in beroep gaan bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State tegen de nu gepubliceerde definitieve besluiten.

In het IJsselmeergebied zetten de drie aan het IJsselmeergebied grenzende, provincies in op windrealisaties in/rond het IJsselmeergebied. Omdat de verantwoordelijkheid van het aanwijzen van de windlocaties wordt overgelaten aan provincies/gemeenten, worden de keuzes voor locaties ook gemaakt op lokaal niveau. Het Rijk heeft ca. 11 plekken in het IJsselmeergebied aangewezen waar windparken eventueel zouden kunnen worden geplaatst en keurt vervolgens concrete provinciale plannen goed in een Rijksinpassingsplan.

Het resultaat is een wirwar van een heleboel windplannen in het gehele IJsselmeergebied. De optelsom van het aantal windmolens in het IJsselmeergebied wordt steeds groter. Dit betekent ook een vergroting van de negatieve effecten voor landschap en natuur (dit zijn cumulatieve effecten).

Als we zo, zonder integraal plan doorgaan met het bouwen van grootschalige windparken in het IJsselmeergebied, dan is er nergens meer te beleven hoe weids het IJsselmeer als Blauwe Hart van Nederland is. Maar ook ’s nachts is het dan nergens meer echt donker. En die duisternis is ook een belangrijke kernwaarde van het gebied.

En dit gebeurt, terwijl er mogelijkheden zijn voor aansluiting bij grootschalige infrastructuur en industriegebieden (gebieden die al niet meer ongerept zijn) waar ook draagvlak is onder omwonenden. Bovendien zou het clusteren van windmolens een betere aanpak zijn, in plaats van het telkens aanwijzen van nieuwe windmolenlocaties, want met clustering kunnen natuur en landschap elders gespaard worden.

terug naar het nieuwsoverzicht