Nieuws

Uit het Blauwe Hart van Nederland

Wil je op de hoogte blijven van de ontwikkelingen rondom de projecten in en rondom het IJsselmeergebied? Meld je dan ook voor onze nieuwsbrief of volg ons op facebook en twitter.

 

Uitstapje naar het Balgzand, een mooie broedplek

27 november 2020
Het weer is zelden een reden om niet naar buiten te gaan en te genieten van datgene wat het Balgzand, een gebied van Landschap Noord-Holland te bieden heeft. En als we het dan toch over Balgzand hebben mogen de vogels in deze niet onbenoemd blijven. De blijvers, de doortrekkers en de wintergasten laten zich allemaal zien. En omdat Balgzand direct grenst aan het water kan dit leiden tot onverwachte waarnemingen van vogels welke je niet op of bij het wad verwacht. Zoals kramsvogels, koperwieken en tapuiten als doortrekkers, welke de dijk als leidraad benutten. De smienten, pijlstaarten en rotganzen als wintergasten en de bergeenden als blijvers. Verder zien we allerlei soorten, die in de broedtijd op Balgzand solitair of in paartjes voorkomen, nu in grote groepen bijeen staan of foerageren. Dit schrijvende bedenk ik mij: “Hoezo beschikken vogels niet over bewust zijn? Bijvoorbeeld een kluut “weet” dat hij of zij van hetzelfde soort is als al die andere zwart-witte vogels met die omhoog gebogen snavels. Je ziet nooit een kluut te midden van een grote groep bonte strandlopers, om maar eens wat te noemen”. Maar dit terzijde. Grote groepen kluten, kieviten en meeuwen zijn geen uitzondering maar regel in deze tijd van het jaar.     In ieder geval is er in deze maanden veel te genieten op Balgzand ware het niet dat het Corona-virus nog steeds roet in het eten gooit. Alle excursies zijn tot nader order afgelast. Dit neemt overigens niet weg dat je er niet op uit kunt. De Balgzanddijk is afgesloten maar vanaf ’t Kuitje, bij het kijkscherm van de Balgzandpolder, bij het uitkijkpunt ter hoogte van Van Ewijcksluis en bij het Peilschaalhuisje valt er van alles te zien. Let wel even op het tij: bij laagwater “waaieren” de vogels uit over de drooggevallen wadplaten om zich daar vol te eten. Nog een tip: kijk eens goed naar de eenden. Bijvoorbeeld naar de pijlstaarten. Deze mooie eend zien we alleen in het najaar en de winter op Balgzand. Om te broeden vertrekt deze vrij schuwe eend naar het noorden. Hoogst zelden wordt er een broedpaar in Nederland vastgesteld. Maar in deze tijd zijn ze volop bij ons aanwezig. Tijdens de oktobertelling konden er 3759 exemplaren worden genoteerd op Balgzand. Advies: kijk op het zoute water. Vooral daar kun je ze in grote getale aantreffen. Mijn boodschap is duidelijk: er valt genoeg te zien en te beleven buiten! Leo Hofland  
 
 

Goede reproductie visdieven in het IJsselmeergebied

27 november 2020
Foto: Visdief met kleurring die op Marker Wadden gemerkt werd en op 30 augustus nabij Almere op de dijk aan het uitrusten was. Deze visdief is al bijna in winterkleed. De snavel verkleurt dan van scharlaken rood naar zwarte en de grijze veren worden door spierwitte veren vervangen. Foto Eric Roeland.   Voor het vierde jaar op rij hebben visdieven in het IJsselmeergebied een goed seizoen achter de rug. De meeste visdieven broeden recentelijk op De Kreupel, eilanden langs de Houtribdijk en Marker Wadden. In 2017 en 2018 broedden hier nog minimaal 4000 paar. In 2019 plotseling minder dan de helft hiervan. In 2020 waren het er weer iets meer (ongeveer 2400 paar). Terwijl elders in Nederland de eerste visdieven al eind april op de eieren zitten, was dat in het IJsselmeergebied pas na half mei het geval. Daardoor kropen de eerste kuikens pas na 10 juni uit hun ei. Daar staat tegenover dat er tot laat in juli nieuwe vestigingen waren. Dit betekent dat er begin september nog jongen gevoerd werden, terwijl de meeste visdieven dan al in West-Afrika zijn. De visdieven brachten redelijk veel jongen groot. De gegevens van De Kreupel zijn nog niet beschikbaar, maar op Marker Wadden werd gemiddeld bijna 1 kuiken per paar vliegvlug. Dat lijkt weinig, maar is goed voor een vogelsoort die meer dan 20 jaar oud kan worden. Berekend is dat een paartje jaarlijks gemiddeld 0,8 jong moet grootbrengen om de populatie in stand te kunnen houden. Dat lukt al een paar jaar in het IJsselmeergebied zodat het gebied de eigen broek kan ophouden voor wat betreft de visdieven! In 2020 werden bijna 100 visdieven met een kleurring uitgerust. We willen weten of ze uitwisselen tussen de eilanden en of en welke visdieven nieuwe eilanden gaan bezetten in de komende jaren. Dat leverde al direct leuk resultaat, want we zagen in juli visdieven op Marker Wadden die in juni op De Kreupel geringd waren. Na het broedseizoen zwierven ze uit naar de Waddenzee en over het IJsselmeer. Ze bleven tot laat in augustus. Dit duidt er op dat ze ter plekke voldoende reserves konden vinden voor hun lange reis naar Afrika. Jan van der Winden    
 
 

Noord-Hollandse Natuurdag door iedereen gratis te volgen vanaf huis

26 november 2020
foto: Ringslang-eierschalen-Jan-Zijp De Noord-Hollandse Natuurdag van Landschap Noord-Holland gaat dit jaar helemaal digitaal. Iedereen kan de lezingen op zaterdag 19 december tussen 10:00 en 14:15 uur vanaf huis volgen. Er zijn maar liefst twaalf verschillende sprekers die over een uiteenlopend aantal natuuronderwerpen vertellen aan de hand van prachtige beelden. Smienten en andere interessante vogels Piet Zomerdijk volgt al jaren de smienten in de Noord-Hollandse polders. Dit heeft veel inzicht opgeleverd in hun gedrag en hun overlevingsstrategie in de winter. Vogelringer Lars Buckx laat mooie foto’s zien van de vogels die geringd zijn op het Ringstation in De Kennemerduinen dat 60 jaar bestaat. Hans Stapersma neemt ons mee in de wereld van de Samenwerkende Vogelwerkgroepen Noord-Holland, de club die 40 jaar geleden werd opgericht om de vogels in Noord-Holland te beschermen. Er is de laatste jaren veel onderzoek gedaan naar het voedsel van grutto’s en andere vogels in plas-drassen. Dick Melman praat ons bij. Dit voorjaar werd bekend dat de klimaatverandering een grote invloed heeft op de trekvogels in de Waddenzee. Wadvogelonderzoeker Jeroen Reneerkens schudt ons wakker met een interessante lezing. En tal van andere natuuronderwerpen Hoe ver zijn we met de aankoop en inrichting van het NatuurNetwerk Nederland? Nico Jonker vertelt over dit voor de natuur erg belangrijke onderwerp. Lucas Alferink neemt ons mee in de wereld van camera’s die insecten automatisch herkennen. Wat hebben de systemen met gele platen in de weilanden tot nu toe opgeleverd? Geert Timmermans deelt de resultaten van 25 jaar onderzoek aan ringslangen rondom Amsterdam. Luc Knijnsberg, de enthousiaste PWN-boswachter en allesweter uit het Noordhollands Duinreservaat, licht de wereld van de nachtvlinders toe met prachtige foto’s. Sander Lagerveld vertelt over het vleermuisonderzoek dat de laatste jaren in een stroomversnelling is gekomen. Ton Denters weet alles over de vele nieuwe plantensoorten die juist in steden en dorpen opduiken. Marco van Wieringen laat de resultaten zien van alle maatregelen die genomen zijn rond het Noordzeekanaal om trekvissen een kans te bieden verder Noord-Holland in te zwemmen.   Meedoen Het is noodzakelijk om u in te schrijven voor de Natuurdag op zaterdag 19 december 2020. Dat kan via U krijgt dan voor de dag een mail met alle informatie over de dag en de link om de lezingen thuis te volgen. Het is niet noodzakelijk alle lezingen te volgen, u kunt uw interesse volgen aan de hand van het programma op de website. De P.O.F.F. en Landschap Noord-Holland organiseren deze Natuurdag. De Provincie Noord-Holland en de Nationale Postcode Loterij maken de dag financieel mogelijk.
 
 

Vliegende zilverkarpers

29 oktober 2020
Op social media zijn verschillende filmpjes te vinden met spectaculaire beelden van springende zilverkarpers. Maar naast spektakel geeft de zilverkarper ook zorgen. Na introductie in het Mississippigebied heeft de soort zich – samen met de graskarper – ontwikkeld tot een invasieve exoot. De zilverkarper blijkt enorm schadelijk voor habitats van andere soorten, ecosystemen in bredere zin en daarmee ook voor de sportvisserij en de daaraan verbonden economie. Voor de ontwikkeling van maatregelen tegen verdere verspreiding van de soort – bijvoorbeeld in de vorm van barrières – is biologische kennis nodig, vooral over zijn zwem, - sprint- en springcapaciteiten. Met behulp van camera’s en een gesleept net is het springvermogen in beeld gebracht. Meer dan 500 bruikbare sprongen werden vastgelegd en per individuele vis onderzocht, waarbij ook lengte en gewicht van de vissen werd gemeten evenals de waterdiepte en watertemperatuur. Na een grondige analyse bleek de lengte van de vis de belangrijkste factor voor de overbrugde afstand. De spronghoek is het meest bepalend voor de hoogte van de sprong. De onderzoekers waren in vergelijking met andere notoire krachtspatsers onder de indruk van de prestaties van de zilverkarper. Zo blijkt de gemiddelde sprongafstand bijna 4,8 meter en de gemiddelde spronghoogte om en nabij 2,8 meter. Met een maximale zwemsnelheid van bijna vijftig kilometer per uur zwemt een zilverkarper de meeste zalmen eruit. De onderzoekers adviseren bij het ontwerpen van barrières als maatregel tegen de verspreiding van invasieve exoten nadrukkelijk rekening te houden met de verkregen resultaten. Hierbij dient te worden uitgegaan van maximale en niet van gemiddelde zwem- en sprongprestaties. Bron: Stell et al. (2020). Analyzing leap characteristics and water escape velocities of silver carp using in situ video analysis. N. Am. J. Fish. Manag. 40: 163-174.    
 
 

Ophef over granuliet

29 oktober 2020
Op dit moment is er discussie over het gebruik van granuliet naar aanleiding van twee uitzendingen van het tv-programma Zembla. In reacties hierop, vooral via social media, wordt soms ook het project Marker Wadden genoemd. Er is voor de aanleg van Marker Wadden echter geen granuliet gebruikt. Wel is in 2019 op Marker Wadden een kleine test uitgevoerd met het oog op de technische toepasbaarheid van granuliet in de randen van de eilanden. Voor deze test is één vrachtschip met ca 400 m3 granuliet aangevoerd op 28 maart 2019. Voor de levering is bij de Inspectie voor Leefomgeving en Transport een Bbk-melding (Besluit bodemkwaliteit) gedaan. De conclusie van de test door Boskalis was dat het materiaal onvoldoende goed stapelbaar was om met voldoende zekerheid als kern van zandranden te kunnen dienen. Vervolgens is afgezien van toepassing op Marker Wadden. Voor de aanleg van Marker Wadden is in totaal 34,5 miljoen kuub zand, klei, veen en slib gebruikt. Bij het breken van grote stukken graniet (bijvoorbeeld voor het maken van steenslag dat wordt gebruikt in asfalt) blijft een fijn materiaal over. De fijnste delen een vaste substantie in klei- of leemvorm. Dit materiaal wordt Noordse klei of granuliet genoemd. Aan het granuliet wordt regelmatig een chemisch bindmiddel polyacrylamide toegevoegd. De discussie gaat voor over de effecten op het milieu van dat bindmiddel. Gebruikte grond bij Marker Wadden Aanhakend op de discussie over granuliet, duiken op social media ook berichten op over het gebruik van mogelijk vervuild slib bij Marker Wadden.  Dat is niet waar. Voor de aanleg van Marker Wadden wordt een combinatie gebruikt van verschillende bouwmaterialen, voor 95% afkomstig uit de bodem van het Markermeer: zand, klei, veen en slib. Dan gaat het inmiddels over ongeveer 33 miljoen kuub grond die direct uit de vier winputten rond de eilanden komt. Daarnaast wordt ook grond gebruikt uit de omgeving.  Vanaf het begin van het project is in het werkplan ook ruimte gemaakt voor aanvoer van grond uit de omgeving om zo meer natuur te kunnen creëren.  Met deze grond kan extra moeras en ondieptes aangelegd worden. Zo draagt het project ook bij aan een verantwoord hergebruik van grond en baggerspecie, door hiermee nieuwe natuurhabitat te maken. De aangevoerde grond van elders (tot nu toe 1,5 miljoen kuub = 5% van het totaal), moet voldoen aan Klasse A, en is dus schoner of van vergelijkbare kwaliteit van de oorspronkelijke bodem van het Markermeer. De meeste aangevoerde grond komt uit het Markermeer (3%) en de rest (2%) uit het IJsselmeer, Eemmeer en omgeving Amsterdam.  
 
 

Wereld Vismigratiedag

24 oktober 2020
Vandaag is het Wereld Vismigratiedag! Wereldwijd vragen wij aandacht voor het belang van vismigratie. Trekvissen hebben zoet en zout water nodig om zich voort te planten en op te groeien. De aanleg van de vismigratierivier in de afsluitdijk zorgt voor herstel van een natuurlijke overgang en draagt bij aan een betere visstand in Waddenzee en IJsselmeer. De natuur en de vissen hebben het moeilijk in de Waddenzee en het IJsselmeer. Door de aanleg van de vismigratierivier wordt niet alleen de lage visstand in de Waddenzee en het IJsselmeer verbeterd, maar geven we ook een impuls aan de regionale economie. Op World Fish Migration Day vragen we met elkaar aandacht voor het belang van vismigratie. Menno Bentveld van Vroege Vogels heeft nog een leuk filmpje gemaakt over het belang van vismigratie. Wilt u weten waarom het belangrijk is dat trekvissen zoet en zout water nodig om zich voort te planten en op te groeien? Waarom het noodzakelijk is voor een ecologisch evenwicht? Kijk hier voor  leuke tips en info  
 
 

Ontdek de vogels van het IJsselmeergebied met de gratis vogelkaart

1 oktober 2020
Visdief, lepelaar, kluut, nonnetje, grote zaagbek, zeearend en sinds kort zelfs de lachstern; het IJsselmeergebied is een belangrijk en vogelrijk natuurgebied. Vogelbescherming Nederland heeft een speciale vogelkaart gemaakt met de meest voorkomende vogels in het IJsselmeergebied en hoe je ze kunt herkennen. Compleet met tips voor mooie vogelhotspots en vogelrijke fietsroutes. De gratis vogelkaarten zijn verkrijgbaar bij toeristische locaties rond de IJsselmeer- en Markermeerkust. De vogelkaarten maken deel uit van het project Meer IJsselmeer waar Vogelbescherming Nederland met steun van de Nationale Postcode Loterij aan werkt.
 
 

Op weg naar breed geaccepteerde vangstadviezen IJsselmeer/Markermeer

1 oktober 2020
Het visbestandsonderzoek IJsselmeer/Markermeer van Wageningen Marine Research is tot nu toe gebaseerd op bemonsteringen met een verhoogde boomkor. IJsselmeervissers zetten vraagtekens bij die bemonstering en de daarop gebaseerde schatting van de schubvisbestanden. Om de verschillende zienswijzen tussen wetenschap en beroepspraktijk te overbruggen is via een gezamenlijk project van Stichting Transitie IJsselmeer (STIJ) en Wageningen Marine Research in 2018 een vergelijkende bemonstering met zowel de boomkor als de grotere A-toomkuil uitgevoerd. Vervolgens is met de A-toomkuil in oktober 2019 uitgebreider bemonsterd. WMR en STIJ geven een update, ook over de vervolgstap.
 
 

Regionale Energie strategieën: Coalitiepartners bundelen krachten voor echte groene energie

1 oktober 2020
Want groene stroom is pas groen als het niet ten koste gaat van natuur. De partners in de Coalitie Blauwe Hart Natuurlijke hebben de afgelopen maanden goed van zich laten horen in het regionale proces dat loopt voor de energietransitie. In de conceptplanen van de zogeheten Regionale Energie Strategieën (RES) in Noord-Holland staan grote zoekgebieden voor zonne- en windenergie ingetekend. Dat kunnen we natuurlijk niet laten gebeuren. Naast het beïnvloeden van de lokale en regionale besluitvormingsprocessen hebben we ook een zienswijze ingediend. In een gezamenlijke zienswijze voor de concept RES Noord-Holland Noord en Zuid hebben Vogelbescherming Nederland, Natuurmonumenten, It Fryske Gea, Landschap Noord-Holland, Flevo-landschap en Sportvisserij Nederland - allen partner van de Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk – en de IJsselmeervereniging, Vereniging van Toerzeilers en met steunbetuiging van het Watersportverbond, gepleit om geen windmolens en zonnepanelen in Natura-2000 gebieden en belangrijke vogelgebieden te plaatsen, en dus ook niet in het IJsselmeergebied. Wij zijn uiteraard voorstander van de transitie naar duurzame energie, maar vinden dat dit niet ten koste mag gaan van beschermde natuur en van de achteruitgaande biodiversiteit. Groene stroom is pas groen als het niet ten koste gaat van natuur. Het IJsselmeer is internationale topnatuur, Natura 2000 beschermd en van groot belang voor broedvogels en voor trekvogels, maar zeker ook voor mensen die willen recreëren in dit prachtige gebied! Met onze zienswijzen willen we voorkomen dat het IJsselmeergebied stukje bij beetje door de lokale aanpak, zonder integrale afweging en oog voor omgevingskwaliteiten wordt volgebouwd met windturbines en zonne-eilanden. We missen de overkoepelende blik op het IJsselmeergebied. Dit grote ecosysteem is opgeknipt in meerdere RESsen. Daardoor ontbreekt elke ruimtelijke samenhang in het grotere RES gebied ten aanzien van zoeklocaties. Ook ontbreekt de samenhang met (en kennis over) de andere RESsen die een stukje IJsselmeergebied onder zich hebben. Er lijken ook geen overheden te zijn die zich daar echt hard voor willen maken, en zich druk maken over de kwaliteiten van een groter, buiten hun eigen RES gebied liggende, geheel. Wij hebben dan ook een pleidooi gedaan aan minister Wiebes en minister Ollongren om hier alsnog op toe te zien. Wij pleiten ook voor slimme functiecombinaties op land. We zien kansen om biodiversiteitsherstel te koppelen aan de energietransitie. Voor de RES Noord-Holland noord hebben we een nieuwe denkrichting ontwikkeld waarbij we grootschalige achteroevers en zonnepanelen combineren. Daarmee kunnen we het IJsselmeer – de Natura 2000 – wateren – ontzien. Bovendien leveren de achteroevers een positieve bijdrage aan het meerecosysteem. Deze ondiepe oeverzones ontbreken nu grotendeels in het IJsselmeergebied, maar zijn juist zo cruciaal voor het ecologisch functioneren van het meer. In plaats van ruimte af te nemen van het IJsselmeer, vergroten we in ons voorstel het meerecosysteem door de volgende componenten:  Ontwikkel in de Wieringermeerpolder, direct achter de dijk, een nieuwe grootschalige achteroever voor natuur met overstromingsgraslanden en rietvelden in een strook direct aan de dijk; Breid deze nieuwe natuurstrook uit met een multifunctionele zone met functiecombinatie van waternatuur en drijvende zonnepanelen. Dit vormt tevens een bufferzone tussen natuur en landbouw. We gaan er vanuit dat deze nieuwe denkrichting mee genomen gaat worden in de aanpassingen van de concept RES plannen. Immers, wanneer we met de energietransitie tegelijkertijd aan biodiversiteitsherstel kunnen werken, dan hebben het over echte groene energie!          
 
 

De natuur als spons

1 oktober 2020
Veel natuur gaat verloren door de droogte, concluderen Natuurmonumenten, Landschappen.nl en het Wereld Natuur Fonds. Hoe erg is dat? En wat valt er aan te doen? Onno Havermans1 september 2020, 9:10 artikel Trouw Beeld: ANP De natuur als spons “We hebben een watersysteem om water af te voeren, dat moet echt anders”, zegt hydrologe Corine Geujen van Natuurmonumenten. “De natuur kan als een spons fungeren, het water vasthouden en langzaam weer afgeven. Maar dan worden ook omliggende landbouwgebieden nat.” Dat laatste hoeft niet erg te zijn, als boeren daarop zijn voorbereid. Ook de landbouw heeft baat bij een duurzamer watersysteem. Provincies en waterschappen moeten samenwerken in waterbeheer en ruimtelijke ordening door bufferzones aan te wijzen, zegt Geujen. “Vroeger had je op de hoge zandgronden duizenden vennen. Daarvan is 90 procent verdwenen, er liggen nu maisvelden die worden ontwaterd. Beken mogen niet overstromen, want dan krijg je wateroverlast bij de landbouw. Het is ook niet onze bedoeling een boer zomaar onder water te zetten, maar geef hem een andere plek als hij in zo’n buffer zit, of de mogelijkheid over te schakelen op andere teelten. In een schil rondom de natuurgebieden moet duidelijk zijn: hier is het zeiknat in februari. Moerassen mogen weer moerassen zijn.” De Regge bij Ommen is een goed voorbeeld van hoe zo’n buffer werkt, zegt Geujen. “Dat was een soort kanaal, met dijken, maar de beek is teruggebracht tot zijn oorspronkelijke dimensie: veel kleiner en minder diep, maar hij mag overstromen. En dat zien we aan de grondwaterstand in onze gebieden, waar de Regge veel minder aan dat water trekt.” Wat ook helpt is regenwater opvangen. “Als je dat gebruikt voor doorspoeling van het toilet, hoef je minder drinkwater te winnen. In België heeft bijna elk huis een watercontainer, dat kan hier ook.” Is het nog te redden? Verdeeld over het land zijn de verschillen groot, maar gemiddeld komt Nederland dit jaar 250 tot 300 mm water tekort, zegt Corine Geujen. “Zelfs een paar extreme buien van 30 mm lossen die achterstand niet op, temeer daar we in voorgaande jaren ook al een tekort hebben opgebouwd. In gebieden aan de voet van de Veluwe of de stuwwal van Nijmegen en de beekdalen die grenzen aan de Brabantse dekzandruggen zie je dat er dit jaar geen kweltoestroom is van de hogere landruggen. Het regenwater spoelt meteen weg. Daaraan zie je hoe groot de achterstand is.” Wat is er zo erg aan? “We hebben de biodiversiteit nodig om het systeem veerkrachtig te houden”, zegt biologe Louise Vet, emeritus hoogleraar ecologie in Wageningen. “Een grote variatie op soorten- en genetisch niveau is nodig om tegen klappen te kunnen en aan te passen aan veranderingen. De druk is al groot door de uitstoot van stikstof en CO2 en daar komt de droogte nog bij. Sommige planten hebben zich in honderden jaren aangepast aan de omstandigheden en die staan nu in enkele decennia onder druk. Op bepaalde plantensoorten komen weer bepaalde insecten af die voedsel zijn voor vogels en andere dieren, en dat ga je allemaal verliezen. Je kleedt het systeem uit.” Dat is ook ethisch niet juist, vindt Vet. “Wie zijn wij nou dat we dit vernaggelen? Verlies van al het mooie op deze planeet kan heel hard gaan. Het is zeer droevig als we dit laten gebeuren.” Kan dat zomaar, met beschermde soorten? Het rijk is verplicht de natuur te beschermen, zegt Louise Vet. “Dat is een afspraak, een opdracht. Maar we zoeken naar gemakkelijke oplossingen en dat heeft geleid tot de problematiek van de stikstofmaatregelen. De ene adviescommissie na de andere, politiek wordt de bescherming afgebrokkeld voor economische groei. Nu heeft de rechter, nationaal en internationaal, vastgesteld dat het beter moet. We moeten toe naar een integrale benadering, niet alleen van stikstof maar ook van klimaat, CO2 en droogte. Er kan zoveel als je het integraal aanpakt: opslag van CO2, opvang van de bodemdaling, herstel van de biodiversiteit. En we kunnen verliezers omzetten in winnaars, we moeten de rekening niet alleen bij de boeren neerleggen.” Zijn er nog lichtpuntjes? Er zijn twee boomsoorten in de problemen, zegt bosadviseur Simon Klingen: fijnsparren, die worden aangetast door de letterzetter, een insect dat gebruikmaakt van de droogte die deze naaldboom verzwakt. En lariksen, die eigenlijk niet in Nederland thuishoren. Ze houden van vocht en hebben het dus moeilijk op zandgrond. “Maar de eiken, beuken en dennen maken het nog goed. Het Nederlandse bos kan wel een stootje hebben.”  
 
 

Draaien aan de knop van de nationale regenton

1 oktober 2020
Periodes van droogte zullen vaker voorkomen. Nederland moet zich aanpassen. Aflevering 7 uit een serie: de stuwen, sluizen en kokers bij het IJsselmeer Tekst Laura Wismans;  Foto's Bram Petraeus De pijl bij Lobith is oranje. Terwijl wij in de waterkamer bij Rijkswaterstaat in Lelystad naar een scherm met een grote kaart van Nederland kijken, stroomt er bij Lobith 1.089 kubieke meter Rijnwater per seconde Nederland binnen. Elf kubieke meter minder dan de bedoeling is in augustus, vandaar een oranje pijl op de kaart en geen groene. Maar Hans de Vries, voorzitter van de Landelijke Coördinatiecommissie Watervoorziening, maakt zich geen zorgen. „Komende week stijgt het weer.” Sinds twee jaar wordt er voor het IJsselmeer en Markermeer in de zomer een flexibel waterpeil gehanteerd. Daarmee kan Rijkswaterstaat samen met de waterschappen inspelen op droogte. De twee meren fungeren als ‘regenton’ voor een groot deel van het land: de waterschappen in Noord-Holland, Friesland, Groningen, Flevoland, Drenthe, Overijssel en een deel van Gelderland kunnen als het nodig is water uit de ton halen om sloten en vaarten te vullen en boeren en natuur van water te voorzien. Het peil altijd zo hoog mogelijk zetten is niet het doel. Als er een zomerstorm opsteekt, kunnen buitendijkse gebieden onder water komen te staan. Boeren, campings, jachthavens en natuurgebieden hebben daar last van. Niet voor niets is het streefpeil in herfst en winter 40 centimeter onder NAP. De rivier de IJssel is de belangrijkste watertoevoer voor het IJsselmeer. Een negende van het water dat bij Lobith binnenkomt, stroomt richting de IJssel, de rest gaat richting Waal en Nederrijn. „We kunnen dat een beetje sturen, als we de stuw bij Driel dichtzetten stroomt er iets meer water naar de IJssel”, wijst De Vries aan op de kaart. „Maar als het in Duitsland en Zwitserland stopt met regenen, dan houdt het een keer op.” Dat is begin augustus niet het geval. De watermodellen van Rijkswaterstaat laten zien dat een paar dagen na ons bezoek, dat vlak voor de hittegolf plaatsvindt, weer 1.300 of 1.400 kubieke meter water per seconde bij Lobith zal binnenstromen. De invoer van het water is de ene knop waaraan gedraaid kan worden. De andere knop is de uitvoer van het water. Dat wordt geregeld met spuisluizen rond het IJsselmeer. Water naar zee spuien Niet ver van de waterkamer in Lelystad liggen de Houtribsluizen, aan het uiteinde van de Houtribdijk tussen het IJsselmeer en het Markermeer. Er zijn twee schutsluizen waar scheepvaart doorheen kan en zes spuikokers om het waterpeil in beide meren te reguleren. Aan weerszijden van de Afsluitdijk ligt ook zo’n sluizencomplex, in totaal zijn er aan die kant 25 kokers om water naar de Waddenzee te spuien. „Het waterpeil staat nu 2 centimeter hoger dan het oude streefpeil. Op -18, dat is 18 centimeter onder NAP”, zegt Bauke de Witte, coördinator waterbeheer IJsselmeergebied. „Dan denk je, wat is nou twee centimeter? Maar we hebben 200.000 hectare wateroppervlak: het IJsselmeer, het Markermeer en randmeren bij elkaar. We mogen het waterpeil tot -10 laten stijgen en het kan tot -30 zakken. Dus we kunnen 20 centimeter water gebruiken in geval van droogte. Dat is 400 miljard liter water.” Om de werking te laten zien, wordt een van de spuikokers een stukje opengezet. „De waterstand in het Markermeer en het IJsselmeer is ongeveer gelijk, dus het kan wel even”, zegt De Witte. „Het stroomt toch nog best wel, zie je?” De Witte wijst in het water, waar een zachte stroming van IJsselmeer richting Markermeer zichtbaar is. Als het peil van het IJsselmeer hoger moet, blijven de spuisluizen in de Afsluitdijk zo veel mogelijk dicht, alleen om binnenglippend zout water weg te spoelen gaan ze af en toe open. Via de Houtribsluis wordt het Markermeer gevuld. De Witte werkt nu 25 jaar voor Rijkswaterstaat. „Ik ben geboren in Makkum. Als kind speelde ik op de Afsluitdijk.” Het IJsselmeer is zijn water. „Mijn vader had een boerenbedrijf. In 1976, het recordjaar qua droogte, zaten er hier scheuren in de kleigrond waar je je fiets in kon parkeren.” Al het gras was dood, veevoer werd aangekocht in het buitenland om de koeien in leven te houden. „Deze dijk ligt er sinds 1975. Alles werd aangelegd voor veiligheid bij storm. Niet voor droogte.” Van het vullen van de regenton om water achter de hand te hebben, was nog geen sprake. In juni 2018 werd een nieuw peilbesluit ondertekend . „Meteen daarna werd het heel droog”, zegt De Witte. „We hebben toen geprobeerd het peil nog omhoog te krijgen, maar de aanvoer uit de IJssel nam sterk af en de regio gebruikte zo veel water, dat we niks anders meer konden doen dan de sluizen dichtzetten. Alles wat binnenkwam verdampte, en het peil zakte door het gebruik. Door kwel en lekken aan de kant van de Afsluitdijk werd het zouter dan de bedoeling was.” Het voorjaar van 2020 jaar was ook droog. „We hebben dit jaar vanaf mei op -15 gestuurd”, zegt De Witte. Het duurt zo’n zes dagen om het peil van -20 naar -15 te brengen. In juli regende het, toen kon het peil iets omlaag. Begin augustus, met de hittegolf in het vooruitzicht, wordt er op -17,5 gemikt. „In het voorjaar is de watervraag van boeren het grootst, alles moet groeien. Maar nu zijn de aardappelen van het land en ook de natuur heeft minder nodig.” Het is spelen met het peil om te zien wat het beste werkt. Dit jaar werd er niet in één keer flink opgezet, maar in kleine stapjes, vertelt De Witte. „ De watervraag vanuit de waterschappen wordt nauwkeuriger in kaart gebracht, dan kun je preciezer sturen.” „Genoeg water in het IJsselmeer lijkt zo vanzelfsprekend, maar dat is het niet”, zegt De Witte. „In 2018 is het echt wel spannend geweest. Met de sluizen dicht zaten we op -27. Dan zit je aan de grens. Nu kunnen we op tijd gaan sparen, dat is de kern van het nieuwe verhaal.”  
 
 

Weinig zwarte sterns in het IJsselmeergebied in 2020

1 oktober 2020
De zwarte stern kan als icoonsoort van het IJsselmeergebied worden gezien. Nergens ter wereld komen direct na de broedtijd zo veel zwarte sterns bij elkaar om te ruien en op te vetten voor de reis naar Afrika. In topjaren zoals 1997 waren er soms wel 100.000 tegelijk aanwezig! Ze komen naar het IJsselmeer vanuit een enorm broedgebied dat zich uitstrekt van Nederland tot ver achter de Oeral. Tegenwoordig zijn het hooguit 20.000 exemplaren. In 2020 waren ze in juli zelfs opvallend schaars op het IJsselmeer. Wat is er aan de hand? Zwarte sterns zijn iets kleiner dan de visdief. In de broedperiode zijn ze zwart van onder en donkergrijs van boven. In de winter zijn ze, net als andere sternsoorten, wit van onderen en ze hebben een klein zwart kopkapje. Ze broeden in kolonies in ondiepe moerassen met veel waterplanten. Na de broedtijd foerageren en slapen ze in groepen. Dat doen ze in grote brakke en zoete visrijke wateren waarbij het IJsselmeer en de Zee van Azov twee topgebieden zijn. Overdag foerageren ze boven het open water vooral op kleine visjes, maar ook op insecten als dansmuggen en vliegende mieren. Het IJsselmeer is als foerageergebied belangrijker dan het Markermeer. In de nacht slapen ze op kale zandige eilanden of wadvlakten. De zwarte sterns die in het IJsselmeergebied foerageren, slapen vooral op het Balgzand, De Kreupel, Marker Wadden, Trintelzand en her en der op kleinere zandplaten en eilanden.  In het verleden sliepen ze ook op andere plekken zoals de Oostvaardersplassen. In het Blauwe Hart is spiering een cruciale voedselbron voor de sterns. Die vangen ze vooral in als de visjes vlak bij het oppervlak zwemmen. Spiering zwemt daar als het water troebel is of als ze bijvoorbeeld door baarzen omhoog gejaagd worden. De laatste jaren neemt de spieringpopulatie sterk in omvang af, en daarmee het voedsel voor de zwarte sterns. Dat is waarschijnlijk de reden dat de aantallen van 100.000 tot minder dan 10.000 in de huidige situatie kelderden. Elk jaar tellen vrijwilligers de sterns op slaapplaatsen in het IJsselmeergebied en in 2020 waren er in juli vrijwel geen aanwezig op De Kreupel en Marker Wadden. Twee plekken waar ze de afgelopen jaren juist veel sliepen en waar vele mensen op af kwamen om ze te bekijken. Waarschijnlijk is er in 2020 uitzonderlijk weinig spiering. In juli foerageerden wel enkele duizenden zwarte sterns op de Waddenzee voor de spuisluizen van Den Oever. Daar kon je ze prachtig zien vanaf de uitkijktoren. In de avond vlogen ze naar het Balgzand. Kleinere aantallen sliepen op het Trintelzand. Dus het voedselaanbod verslechtert in de loop der jaren, maar het aanbod aan alternatieve rustplekken neemt toe. Dat laatste is gunstig omdat ze dan goede plekken kunnen kiezen, maar er dient in het IJsselmeergebied plek te komen of te blijven voor pelagische scholenvis als spiering, sprot of ansjovis als we de zwarte stern voor de toekomst willen behouden. Jan van der Winden  
 
 

Zaterdag 5 september ‘Rondje Pampus’. Zwemmen voor de natuur!

2 september 2020
Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk* organiseert in samenwerking met Swimfantastic en Forteiland Pampus, ‘Rondje Pampus’ onder het motto ‘Natuur beleef je in het water’! Zwemmen in het openwater, speciaal in het IJsselmeergebied, is een unieke natuurbeleving.  De natuur in het IJsselmeergebied heeft het moeilijk. De vis- en vogelstand is verslechterd, goede en gevarieerde leefgebieden ontbreken. Zo houden harde dijken trekvissen tegen en is de overgang van zout naar zoet water te abrupt voor ze. Met dit zwemevent vragen wij aandacht voor de kwetsbare natuur in het IJsselmeergebied als Blauwe Hart van Nederland en voor het belang van schoon en gezond water voor vogels, vissen en mensen. Zwemmen voor de natuur Elk jaar gaat een deel van de opbrengst van deelnemers en sponsoren naar een goed doel, dat bijdraagt aan de verbetering van de waterkwaliteit en de natuur in het IJsselmeergebied. Dit jaar staat ons zwemevent in het teken van plastics in het water en doneren wij aan een onderzoek uitgevoerd door The Great Bubble Barrier, waarbij onderzocht wordt hoe microplastics uit het water gefilterd kan worden. Zo kunnen we de plasticvervuiling effectief tegengaan. The Bubble Barrier is inmiddels in staat om microplastics vanaf 1 mm af te vangen, maar meer onderzoek is nodig om nog kleinere deeltjes uit het water te kunnen halen. Voor het IJsselmeergebied een belangrijke ontwikkeling, want het IJsselmeer is een belangrijke drinkwaterbron voor Noord-Holland. Rondje Pampus Zwemmen rond het eiland Pampus is de afgelopen jaren uitgegroeid tot een populair zwemevent waar jong en oud graag aan deelnemen. Dit jaar zwemt – in verband met Corona- een beperkt aantal deelnemers mee en heeft de organisatie het programma moeten aanpassen. Het aanmoedigen van de zwemmers is helaas niet mogelijk, maar zij zullen zich meer dan ooit verbonden voelen met de natuur en het belang van schoon en gezond water. Krachten bundelen voor het Blauwe Hart Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk initieert en realiseert projecten die de kwaliteit van het IJsselmeergebied helpen verbeteren. Vanuit dit samenwerkingsverband zetten zij zich in voor een gezond en vitaal IJsselmeergebied. De Coalitiepartners partners: Vogelbescherming Nederland, Landschap Noord-Holland, Flevo-landschap, It Fryske Gea, Natuurmonumenten, Sportvisserij Nederland, Staatsbosbeheer en PWN werken samen aan een integrale aanpak voor natuur. De Agenda IJsselmeergebied 2050 en het Programma Aanpak Grote Wateren zijn voorbeelden van integraal beleid waar de Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk nauw bij betrokken is. Het IJsselmeergebied heeft alles in zich om uit te groeien tot hèt Blauwe Hart van Nederland, met water als sterk verbindend thema. Zowel overheden als maatschappelijke organisaties, bedrijfsleven en kennisinstellingen hebben hierin een rol. Daarom: Krachten bundelen voor het Blauwe Hart! Dit zwemevent is georganiseerd door:           Partners Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk  
 
 

Krooneend icoon van het heldere water

5 augustus 2020
De mannetjes krooneend spant letterlijk de kroon met zijn overdaad aan kleuren: een oranjerode kop, koraalrode snavel, fraaie witte flanken contrasterend met een zwarte onderstaart en borst. Zijn kruin is goudkleurig en kan als een kroontje van veren opgezet worden, vandaar zijn naam. Vanwege die kleurpracht worden ze, als tamme eend, vaak in collecties gehouden. Krooneenden zijn in Nederland echter van wilde herkomst. Het IJsselmeergebied is momenteel het belangrijkste leefgebied in Nederland voor ze. In Nederland waren ze als broedvogel nooit echt talrijk, maar in de jaren vijftig waren er buiten de broedtijd lokaal vele honderden op het Zwarte Meer en in oktober 1965 zelfs 1600 op het Veluwemeer aanwezig. Daarna kelderde de populatie en een dieptepunt werd rond 1989 bereikt toen ze bijna weg waren en vrijwel uitsluitend nog op de Vinkeveense Plassen voorkwamen. De verklaring was simpel. Krooneenden zijn uitgesproken voedselspecialisten. Ze eten vrijwel uitsluitend kranswieren. Dat zijn waterplanten die in helder water groeien en dan vaak massaal de bodem kunnen bedekken. Met name sterkranswier is geliefd. Anders dan fonteinkruiden blijven deze planten laag bij de bodem en vormen dus geen hinder voor vaarverkeer. Door afvoer van ongezuiverd rioolwater in onze meren werd het water in de jaren zeventig en tachtig troebel en verdwenen kranswieren uit het IJsselmeergebied en daarmee ook de krooneenden. Het water in het IJsselmeergebied is de afgelopen 20 jaar op steeds meer plekken helder geworden, waardoor kranswieren weer zijn teruggekeerd. In de Gouwzee keerde sterkranswier terug en daar waren de eerste groet groepen krooneenden. Nu groeit het ook voor de Friese kust en op de Randmeren. Eigenlijk hoef je niet eens onder water te kijken waar sterkranswier groeit. Want precies op die plekken verzamelen zich vanaf eind juli de krooneenden die klaar zijn met broeden. In de loop van september-oktober zijn ze het talrijkst op die plekken. Tegenwoordig zijn er weer bijna net zo veel krooneenden in het IJsselmeergebied als in de periode voordat het water troebel werd. Op de Randmeren, Gouwzee en langs de Friese kust zijn groepen van 200 tot 300 exemplaren geen uitzondering meer. Ze blijven er zo lang het kranswier groeit en dat is met het warme winterweer steeds langer. Krooneenden bouwen hun nest in de kruidlaag op eilanden en vooral op locaties waar meeuwen of sterns broeden. Ze profiteren van meeuwen en sterns die roofdieren wegjagen. Ook in het Blauwe Hart broeden ze tegenwoordig. Nergens echt talrijk, maar op eilanden in de Randmeren broeden er tientallen en verder bij de Friese kust, de kust van Waterland en enkele op andere locaties als Marker Wadden, Den Oever en Diemen. De jongen eten de eerste weken vooral kleine insecten en daarna schakelen ze over op kranswier. In zachte winters blijven veel krooneenden in het IJsselmeergebied. Als het vriest gaan ze echter naar open water langs de Nederlandse kust of naar Frankrijk. Maar zodra de dooi invalt komen ze terug. Krooneenden kunnen schuw zijn, maar zeker niet altijd. Tegenwoordig verblijft er bijvoorbeeld een mooie groep in winter en voorjaar bij IJburg (IJburglaan). Je kan ze daar vanaf de kant prachtig zien baltsen en het gekke nasale geluid van de mannetjes horen. Jan van der Winden
 
 

Stroom die ten koste gaat van de natuur is wat ons betreft niet groen

5 augustus 2020
Witte zeilbootjes slalommen op het IJsselmeer tussen witte reuzen van bijna 100 meter hoog. Vanaf de dijk bij Creil bekijken Vogelbescherming-medewerkers Jonna van Ulzen en Ruud van Beusekom het tafereel. De noordenwind zwelt aan, de rotorbladen draaien. Drie lange linten van windmolens zoomlijnen de IJsselmeerkust, twee rijen in het water, één binnendijks. De molens zijn onderdeel van Windpark Noordoostpolderwaarvan in 2017 de bouw is voltooid. De komende jaren krijgt het windpark gezelschap van twee andere windparken in het IJsselmeer: Windpark Fryslan (89 turbines) en Windplan Blauw (61 turbines). En dit voorjaar zijn er plannen gemaakt voor nog meer windturbines op het IJsselmeer. De dertig energieregio’s in Nederland moeten elk in een eigen Regionale Energiestrategie – de RES – vastleggen hoe ze de komende tien jaar voor extra CO2-reductie zorgen. In het Klimaatakkoord is afgesproken dat de Nederlandse CO2-uitstoot in 2030 nog maar de helft zal bedragen van die in 1990, en daartoe moeten de energieregio’s onderzoeken hoe en waar duurzame elektriciteit opgewekt kan worden. Ook het IJsselmeer zou een mogelijke locatie kunnen zijn – zo rekent de RES Noord-Holland Noord met 38 turbines en 310 hectare aan zonnepanelen in het IJsselmeergebied. Windmolens in het IJsselmeer zijn goedkoper te exploiteren dan op de Noordzee, en het waait er vaak harder dan boven land. Maar protest is er ook. Uit vrees dat witte wieken boven het IJsselmeer, het Markermeer en de Randmeren steeds meer gaan domineren, schreef Vogelbescherming Nederland samen met Natuurmonumenten, It Fryske Gea, Het Flevo-landschap, Landschap Noord-Holland en Sportvisserij Nederland,  allen verenigd in de Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk,  in juni jl. een brandbrief. Daarin pleitten ze voor het zoeken naar alternatieven, want ze maken zich zorgen over de impact van zon-en windenergie op het bijzondere landschap – ze vrezen voor een ‘hek’ van windmolens rond het IJsselmeer – en op de natuur, in het bijzonder op vogels. Vlak voor ons langs scheren twee jonge boerenzwaluwen. Juist deze overgang tussen land en water is een belangrijk rust- en foerageergebied voor tal van vogelsoorten, zegt Van Beusekom. Ook gebruiken veel zangvogels en roofvogels de randzone van het IJsselmeer als trekroute. Maar juist in die randzone zijn de meeste windmolenparken gepland. Naast habitatverlies en het ontstaan van barrières op de trekroute kleeft er nog een ecologisch nadeel aan de windparken, zegt Van Ulzen. „Een vogel die tegen de ronddraaiende rotorbladen botst is ten dode opgeschreven.” Van Beusekom: „Snelvliegende vogels als eenden en ganzen vliegen algauw 70 tot 80 kilometer per uur met windje mee. Dan kun je moeilijk uitwijken voor die wieken, zeker ’s nachts.” Sommige soorten, zoals de kleine mantelmeeuw, vliegen vaak op rotorhoogte, wat hen extra gevoelig maakt. Van Ulzen: „De tijd van het jaar speelt eveneens mee. Nachten met piekmigratie, waarop veel vogels op trek zijn, kunnen ook riskant zijn. Bij mooi weer vliegen vogels over de molens heen, maar als het weer omslaat gaan ze opeens massaal naar beneden en komen ze in de wieken terecht.” In 2018 oordeelde de Raad van State nog dat Windpark Fryslan mocht worden aangelegd omdat er voldoende onderzoek zou zijn gedaan naar het effect van de windturbines op de natuur. ‘Voldoende’ lijkt daarin een rekbaar begrip: er zijn nog veel onduidelijkheden over de gevolgen voor de natuur. Zo is onbekend hoeveel vogels door windmolens omkomen. Van Beusekom: „Maar bij de Eemshaven – een windmolenrijk gebied dat heel ongelukkig precies op de trekroute van veel soorten ligt – vallen volgens berekeningen van de Universiteit van Amsterdam ruim 1.000 slachtoffers per jaar.” Nederland hanteert een norm van 1 procent extra sterfte per jaar door windturbines. Uit recent Wagenings onderzoek blijkt dat de huidige grenswaarden voor aanvaardbare vogelsterfte door windturbines grote langetermijneffecten hebben. Het aantal vogels van een soort kan in tien jaar tijd soms met ruim driekwart afnemen. Van Beusekom: „In 2018 kwam in Flevoland een zeearend om het leven door een botsing met een windmolenwiek. Zeearenden krijgen één of twee jongen per jaar. Als een paar daarvan tegen een windmolen aanvliegen dan heeft dat algauw grote invloed op de populatie.” Ook uit buitenlands onderzoek blijkt de nadelige invloed van windmolens op vogels: zo gaat in Spanje de vale gier in aantal achteruit op plaatsen met veel windmolens. Een mogelijke oplossing zou zijn om windmolens tijdelijk uit te schakelen tijdens de vogeltrek, zegt de Amsterdamse hoogleraar ecologie Judy Shamoun-Baranes. In samenwerking met Rijkswaterstaat kijkt ze met collega’s hoofdzakelijk naar windenergie op zee. „We gebruiken radarbeelden om de aantallen vogels te monitoren en willen zo betrouwbare voorspellingen leveren: over 48 uur verwachten we hier piekmigratie. Dan kunnen de windmolens tijdelijk worden uitgezet.” Juist in een toch al versnipperd landschap kunnen windmolens negatieve gevolgen hebben, zegt ze. „Zo’n windpark zal op zichzelf niet het einde van de vogels betekenen. Maar als je alles optelt – landgebruik, gifstoffen, de verdwijning van broedgebieden, de achteruitgang van insecten – dan is de toestand zorgelijk.” Van Beusekom pakt zijn verrekijker. „Kokmeeuw. Pontische meeuw. Geelpootmeeuw. Allemaal soorten die hier in Flevoland broeden.” Op een paaltje droogt een aalscholver zijn vleugel. „Die zoekt voedsel in het IJsselmeer.” Odile Rasch, programmamanager RES Noord-Holland Noord, benadrukt dat de plannen nog lang niet definitief zijn, en dat er op basis van de concept-RES veel reacties zijn binnengekomen. Zo stond eind juni in lokale media dat het college van Medemblik geen extra windmolens in de gemeente wil plaatsen, maar wel nadenkt over zonnepanelen op land en op het water. Rasch: „Het zoekgebied waarbinnen we naar een locatie zoeken voor de windmolens en zonnepanelen is bewust groot ingetekend omdat we veel belangen moeten meewegen: die van de vogels, ruimtelijk impact, vaarroutes, visserij en recreatie.” Sovon Vogelonderzoek Nederland is nu in opdracht van Ministerie van LNV bezig met de ontwikkeling van een kaar, waarop wordt aangegeven waar windmolens kunnen staan zonder voor sterke verstoring te zorgen. Odile Rasch noemt zulke kaarten ‘goede bronnen’ voor verder onderzoek. Van Ulzen, ferm: „Wij zijn niet tegen windenergie. Ik wil mijn laptop kunnen opladen in het stopcontact, én ik wil tegelijkertijd niet dat de poolkappen smelten. Dus dan is duurzame energie een logische keuze. Alleen is het zo zonde dat oplossingen voor de klimaatcrisis soms lijnrecht indruisen tegen oplossingen voor de biodiversiteitscrisis.” Een deel van het probleem ligt volgens haar bij de regionale aanpak van de energiestrategieën. „Het ontbreekt aan regie van bovenaf.” Juist voor het IJsselmeergebied kan dit desastreus uitpakken. De natuurkwaliteit staat al onder druk. Er worden maatregelen voorbereid om die kwaliteit te verhogen. De Markerwadden zijn daarvan een mooi voorbeeld. Ook de ruimtelijke kwaliteit van het open water met grote zichtlijnen komt door deze ontwikkelingen onder druk te staan. Frits Palmboom heeft tien gouden regels opgesteld en die worden breed gedragen. Door het ontbreken van een integrale regie dreigt al snel de weg van de minste weerstand gevolgd te worden en dan is de open en onbewoonde ruimte van het IJsselmeergebied te snel en te gemakkelijk in beeld. Ook op land en in de bebouwde omgeving is er nog heel veel duurzame energie op te wekken. Dat kost wat meer moeite. Jop Fackeldey, gedeputeerde Duurzame Energie van Flevoland is het daar niet mee eens. „Juist als je een regio goed kent kun je veel beter tot een afgewogen oordeel komen. De RES is in die zin juist een reactie op het eerdere landelijke energieakkoord, waarbij windmolens werden verdeeld over Nederland, zonder regionale input.” Veel omwonenden kwamen daartegen in verzet; in Groningen en Drenthe kwam het zelfs tot gewelddadige acties. Een oplossing zou kunnen liggen in een slimme combinatie van landschapsfuncties, zegt Van Ulzen. „Bijvoorbeeld door windmolenparken te combineren met zonnepanelen. Dat zorgt voor een stabiel energienet – als de zon niet schijnt, waait het vaak, en vice versa – en voorkomt bovendien dat er een te groot areaal volgebouwd raakt met ofwel windparken ofwel zonneparken.” Turend over het water: „We zijn absoluut voor groene stroom. Maar stroom die ten koste gaat van de natuur is wat ons betreft niet groen.”
 
 

5 september Zwemevent rond Pampus

5 augustus 2020
Ook in Coronatijden beleef je de natuur in het water! Deze zwemeditie rond Pampus zal de geschiedenis ingaan als het jaar waarin Corona ons land opschudde en er met een afgeslankt aantal deelnemers gezwommen kon worden. Tenminste, we doen er alles aan om ervoor te zorgen dat het zwemevent rond Pampus door kan gaan! We zijn echter nog volop in gesprek met de gemeente Gooise Meren - die over Pampus gaat- om aan alle Corona maatregelen te kunnen voldoen. Ons goede doel dit jaar: Deelnemers aan Rondje Pampus beleven niet alleen de natuur in het water, maar dragen ook bij aan projecten voor de natuur en helpen zo mee aan een vitaal en robuust IJsselmeergebied. Dit jaar staat in het teken van de waterkwaliteit en doneren we aan een onderzoek uitgevoerd door The Great Bubble Barrier, en is mede door PWN geïnitieerd, waarbij gekeken wordt hoe we microplastics uit het water kunnen halen. Ze kijken ook naar de meest effectieve plekken waar ze het microplastic uit het water kunnen halen, zodat de plasticvervuiling wordt gestopt, voordat deze onze grote wateren binnendringt. Dat doen ze door middel van een bellenscherm. Bijvoorbeeld in Amsterdam. In de grachten van Amsterdam hebben zij in samenwerking met RWS een proef uitgezet om plastic deeltjes uit het water te filteren. Ook in de IJsselmonding zijn al proeven geweest met goede resultaten. De Bubble Barrier (het bellenscherm) is inmiddels in staat om microplastics vanaf 1 mm af te vangen, maar meer onderzoek is nodig om ook nog kleinere plasticdeeltjes uit het water te kunnen halen. Bubble Barrier in Amsterdam is te bezoeken bij het Westerdoksplein. Kijk hier ook het filmpje met de uitleg over de Bubble Barrier. Hoe gaat het met ons goede doel van vorig jaar: het onderzoek naar de brasem in het IJsselmeer? Afgelopen jaar ging de opbrengst van deelnemers en sponsoren naar Sportvisserij Nederland. Joop Bongers, directeur van Sportvisserij Nederland nam een cheque in ontvangst ter waarde van € 4.728,57. Deze bijdrage is ingezet om in samenwerking met Wageningen Marine Research onderzoek te doen naar de leefgewoonten van de brasem in het IJsselmeergebied. Een aantal brasems zijn voorzien van een zender zodat er meer inzicht komt in het gedrag van brasems. Op 5 november 2019 zijn er 3 hydrofoons (ontvangers) in het Ketelmeer geplaatst, nabij de Ketelburg. Zo kan met signalen van de gezenderde brasem over de gehele breedte van het Ketelmeer ontvangen. De 3 hydrofoons in het Ketelmeer maken deel uit van een groot zendernetwerk in het IJsselmeer, Markermeer, Zuidelijke Randmeren en stroomopwaarts de Overijsselse Vecht op tot Nordhorn (D). In totaal gaat het om meer dan 70 hydrofoons die op strategische plekken zijn geplaatst. Niet alleen brasem worden gevolgd. Ook bijvoorbeeld gezenderde Blankvoorn, Snoekbaars en Houting kan men volgen. En zelfs 6 Zeeforellen! Met deze ontvangers kunnen meerjarige trekroutes in beeld worden gebracht. Het project is nog niet ten einde. Men gaat in het voorjaar van 2021 meer vissen zenderen!
 
 

Forteiland Pampus gaat duurzaam op de schop

23 juli 2020
Transformatie Pampus showcase voor verduurzamen UNESCO Werelderfgoed Deze week maakte Pampus de plannen voor een grootschalige transformatie van het Forteiland bekend. Pampus wordt als eerste Nederlands UNESCO-werelderfgoed 100% zelfvoorzienend en fossielvrij. Met een duurzaam energiesysteem en een nieuw circulair entreegebouw, ontworpen door Paul de Ruiter Architects, blaast Pampus zijn geschiedenis als zelfvoorzienend eiland nieuw leven in. Cultuurhistorie en innovatie gaan daarbij hand in hand. Zo wordt Pampus een showcase voor de energietransitie en voor het verduurzamen van erfgoed. Biovergister eerste stap naar duurzaam zelfvoorzienendheid Het transformatieproject is op dinsdag 16 juni symbolisch in gang gezet door de ingebruikname van de biovergister. Als voorvechter van de verduurzaming mocht Uğur Pekdemir, directievoorzitter van Rabobank Amstel & Vecht, financierder van de biovergister, onthulde de machine op Pampus. Daarna was het aan Boris van der Ham, voorzitter van de Stichting Werelderfgoed Nederland om de biovergister, te dopen met een Pampusbiertje. Uğur Pekdemir: 'Dit initiatief sluit perfect aan op wat de coöperatieve Rabobank wil: samenwerken aan oplossingen die de energietransitie versnellen." Deze innovatieve installatie, de Circ BioDigester 50, zet het organisch afval van het eiland om in groene energie en plantvoeding. Op Pampus hoeft het bioafval daardoor niet meer afgevoerd te worden, maar wordt omgezet in biogas dat de keuken van het huidige én toekomstige entreegebouw van energie voorziet. Boris van der Ham: "UNESCO ondersteunt de 17 doelen van de Verenigde Naties om de wereld een betere plek te maken. De SDG's (Sustainable Development Goals) voor 2030 zijn een mondiaal kompas voor uitdagingen als onderwijs, klimaatcrisis, biodiversiteit. Het UNESCO Werelderfgoed in Nederland omarmt de SDG's. De beleefbare duurzame technieken die van Pampus een circulair zelfvoorzienend eiland maken zijn een goede pilot, waarmee we als Werelderfgoed elkaar onderling en de erfgoedsector als geheel kunnen inspireren. Verduurzaming hoort juist ook in deze sector thuis, want dit moeten we doorgeven aan de volgende generatie." De volgende stap in de verduurzaming van het eiland Pampus is het installeren van een nieuwe waterinstallatie. Door middel van een innovatieve filtering kan het forteiland, net als vroeger, zijn eigen drinkwater winnen.
 
 

Oostvaardersplassen en Oostvaardersoevers

23 juli 2020
Wat er aan vooraf ging De Afsluitdijk (in 1932 voltooid) werd aangelegd en veranderde de Zuiderzee zee met brak, zoutig water in een groot zoetwatermeer. Het meer werd steeds zoeter, èn het werd steeds kleiner. Grote polders werden aangelegd, zoals de Flevpolder,  en veel water veranderde in land. Het land werd gevuld met akkers en steden … en nog veel meer. Langs de Oostvaardersdijk, vlakbij Lelystad, werd een stukje ruimte gereserveerd voor een industriegebied; handig, vlakbij water dat in de toekomst een kanaal zou worden. Het was een nat en laag stukje land, dat, terwijl het lag te wachten om bebouwd te worden, langzaam veranderde in een overweldigend natuurgebied. Die natuur werd breed gewaardeerd. Een geplande spoorlijn werd opgeschoven en het gebied kreeg een naam: De Oostvaardersplassen. Het gebied, aan de rand van het Markermeer bestaat uit moeras, graslanden, open velden en bos. Hier zijn ook grote grazers geïntroduceerd: runderen, paarden en edelherten. De grote kuddes bepalen het zijn en aanzien van het gebied. Staatsbosbeheer, één van de partners van de Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk, is beheerder van dit gebied. Een ander natuurgebied is de Lepelaarplassen: Dicht tegen de bebouwing van Almere en grenzend aan het Markermeer. Dit gebied vormt een belangrijk deel van de Nederlandse moerasfauna. Het jonge en voedselrijke natuurgebied bestaat uit rietland, ruigtes, wilgenbos, natte graslanden en open water. Een kwelplas fungeert als spil in de waterhuishouding. Flevo-landschap één van de partners van de Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk, is beheerder van dit gebied. Hoe gaat het nu? Het Markermeer, de Oostvaardersplassen en de lepelaarsplassen zijn 3 geïsoleerde natuurgebieden. De diversiteit aan vogelsoorten en de aantallen van sommige vogelsoorten zijn de afgelopen jaren afgenomen in alle 3 de gebieden. In de Oostvaardersplassen zijn belangrijke oorzaken de veranderingen in vegetatie en de waterkwaliteit. In de moerassige kern van de Oostvaardersplassen is het (moeras)riet verdwenen, vooral door onvoldoende dynamiek van het gemiddeld te hoge waterpeil  en de aanwezigheid van tienduizenden ruiende grauwe ganzen die het riet tijdens de ruiperiode massaal weg eten. Ook de vissen hebben het er moeilijk. Het water wordt bewoond door een eenzijdig bestand van brasem, karper en snoekbaars. Het gaat voor het grootste deel om oude, grote vissen, te groot voor vogels om te vangen en op te vreten, en het visbestand verjongd ook niet goed. Wat gaan we doen? Onze ambitie is om de drie gebieden door verbindingen beter te maken dan ze nu zijn. We denken dat de gebieden daar ieder mooier, aantrekkelijker, completer, robuuster, klimaatbestendig en toekomstgerichter van worden. Voor de Oostvaarders- en Lepelaarsplassen betekent dit dat water uit het Markermeer wordt ingelaten en er grote stukken land onder een dun laagje water worden gezet, grenzend aan moeras en plassen. Zo wordt er een kraamkamer voor vis gemaakt. Het waterpeil in de moerasgebieden blijven door de jaren heen de natuurlijke cyclus volgen maar heeft wel veel meer dynamiek. Het riet wordt daardoor gezonder en sterker. De plassen worden bewoond door een breed scala aan jonge vissen, die weer een rijke dis vormen voor moerasvogels. Ook het Markermeer heeft profijt van de verbinding met de Oostvaarders- en Lepelaarsplassen. De binnendijkse plassen verrijken het Markermeerwater met waardevolle voedingsstoffen, die het leven gevarieerder en sterker maken. Maar niet alleen water gaat heen of weer terug, ook (bodem)slib, algen, wormen, kreeftjes, insecten, watervlooien, vissen, kikkers, padden, ringslangen, otters … Daarmee is als het ware het Markermeer verrijkt met een groot oppervlak luw en ondiep water, een leefgebied waar nu nog een tekort aan is. En deze ondiepte is omringd door natuurlijke oevers, met een natuurlijk peilverloop. Door geld dat beschikbaar is gesteld voor de verbetering van de natuur van de grote wateren van Nederland (door de ministers van LNV en I&W) kan het plan de komende jaren tot uitvoer worden gebracht! Meer weten over dit bijzondere project? Kijk naar het mooie filmpje van provincie Flevoland. https://youtu.be/ny968K3hJh0
 
 

Vogelvriendelijk genieten van het IJsselmeergebied

8 juli 2020
Langzaam zakt de zon onder in de verte. Een lange rij aalscholvers trekt voorbij. In de rietkraag roeren zich kleine karekieten en rietzangers; een visdiefje duikt naar vis. Het water schittert, het gevoel van ruimte en rust is overweldigend. Is het nodig meer te zeggen over het IJsselmeer? Een heerlijk meer voor watersporters. Maar óók een internationaal beschermd natuurgebied voor tienduizenden vogels. Ze ruien, broeden, rusten, foerageren en overwinteren er. En al die vogels hebben rust nodig om gezond te blijven. Dat hoeft geen probleem te zijn. Mens en vogel kunnen prima samengaan mits watersporters zich aan de Gedragscode Recreatie IJsselmeergebied houden. Erg ingewikkeld is dat niet: -  Houd afstand van groepen watervogels -  Vaar nooit door groepen vogels heen -  Ontzie riet en oeverplanten -  Anker niet in buurt van rustende en ruiende vogels en geef vogels met jongen de ruimte -  Kitesurf alleen op de daarvoor aangewezen locaties. De gedragscode is niet alleen voor vogels belangrijk, maar in ons aller belang. Want zeg nou zelf; wat is een water zonder vogels, een lege lucht en stille rietkraag? Internationaal Natuurgebied Het IJsselmeergebied – IJsselmeer, Markermeer en Randmeren - is niet zomaar een natuurgebied. Het is door Europa aangewezen als internationaal belangrijk natuurgebied; een Natura2000-gebied. Een mooie titel en één met verplichtingen. Deze Europese wetgeving stelt doelen aan aantallen kwetsbare vogelsoorten. Zo moet het IJsselmeer bijvoorbeeld opvang bieden aan 3.300 visdief-broedpaartjes, en was er bij de laatste telling (2017-2018) slechts twee derde deel hiervan aanwezig. In de winter ‘horen’ er 180 nonnetjes (een kleine eenden soort) te zijn en zijn het er slechts de helft; in trektijd 70.000 zwarte sterns terwijl tellingen maar op 10.000 uitkomen. De doelen worden dus bij lange na niet gehaald. Een belangrijke oorzaak hiervan is voedseltekort. Er is te weinig kleine vis beschikbaar voor visetende vogels. Dit komt door de visserij, maar ook door het ontbreken van natuurlijke oeverzones waar vissen kunnen paaien en opgroeien. Dat maakt het kwetsbare evenwicht van het vogelleven nog kritieker. Alleen als het voedsel zoeken niet al te veel energie kost, lukt het ze om de enorme klus van broeden, voeden, ruien, trekken en overwinteren in barre tijden te volbrengen. Rust Maar voldoende voedsel alleen is niet genoeg. Vogels zijn heel gevoelig voor verstoring, blijkt uit onderzoek in binnen- en buitenland. Een paar voorbeelden. Het gemiddeld aantal per nest grootgebrachte jongen daalt bij verstoorde zwarte sterns van 1,1 naar 0,4. Aalscholvers die een half uur onrustig zijn moeten 23 gram vis extra eten. Kleine zwanen die geregeld verstoord worden, verlaten definitief het slaapgebied waar ze overdag rusten. Eenden vliegen op (en verspillen dus energie) als er op honderden meters afstand kitesurfers passeren. Watervogels die zes tot zeven uur per dag gestoord worden, verbruiken 20 tot 50% meer energie. Energie die in de – toch al sterk verminderde - resterende tijd bijeen geschrapt moet worden. Stress Als vogels niet opvliegen wanneer zeil- of motorboten of kitesurfers in de buurt komen, betekent dat niet dat de vogels ervan geen schade ondervinden. Elke dreiging veroorzaakt een enorme stressreactie. Onderzoek toont aan dat de hartslag van een verstoorde vogel duidelijk hoger ligt dan een vogel in een rustige omgeving. Een hogere hartslag kost meer energie. Net als bij mensen tast voortdurende min of meer ernstige verstoring en dus stress het immuunsysteem aan met (dodelijke) ziekten tot gevolg. Ruiende vogels zoals eenden, zwanen en ganzen kunnen tijdelijk niet vliegen en kunnen dus onmogelijk de dreiging ontvluchten en ook voor broedende vogels is wegvliegen niet zomaar een optie. Vluchten betekent immers onderkoeling van eieren of jongen met alle gevolgen van dien. De afstand waarop vogels verstoord worden is vaak groter dan gedacht. Zo vliegen in groepen rustende meerkoeten al weg als op ruim 300 meter afstand een zeilboot passeert, stopt een grote zaagbek met foerageren en vliegt een kleine zwaan op. De afstand waarop vogels gestrest raken is nog veel groter. Al met al is een flinke afstand houden tot de vogels hard nodig. Gedragscode Recreatie IJsselmeergebied De Gedragscode Recreatie IJsselmeergebied is een initiatief van Watersportverbond, Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk, Vogelbescherming Nederland, Hiswa, Sportvisserij Nederland en de Vereniging voor Beroepschartervaart. De regels uit de gedragscode zijn eigenlijk heel eenvoudig: -  Groepen vogels zijn gevoeliger dan individuele vogels. Dat komt door het ‘kopieereffect’. Als één vogel schrikt en opvliegt is dat voor de rest vaak reden om ook maar op de wieken te gaan. Een groep vogels reageert al naar gelang het meest gevoelige individu. Onvoldoende afstand heeft daardoor extra impact. Houd afstand van groepen vogels en vaar nooit door groepen vogels heen. -  Riet en oeverplanten zijn broedgebied voor onder meer de zeldzame roerdomp, grote karekiet en waterral. Plus natuurlijk futen, eenden, kleine karekieten en tal van andere soorten. Bovendien zijn de oevers belangrijk voor vissen. De jonge vissen kunnen tussen de waterplanten schuilen voor vijanden als grote snoeken. Ontzie riet en andere oeverplanten. -  Net als mensen hebben vogels rust nodig om bij te komen, voedsel te verteren en spieren te onderhouden. Ruiende vogels kunnen niet vliegen en zijn daardoor nog stressgevoeliger. Anker niet in de buurt van rustende vogels. -  Broedende en voedende oudervogels zullen zo lang mogelijk blijven zitten. Pas als ze ‘stijf staan van de stress’ gaan ze op de vleugels. Het effect is groot. De stress kost de oudervogel heel veel energie. In de steek gelaten eieren en jongen raken onderkoeld en zijn bovendien gevoeliger voor predatie. Geef broedende vogels en vogels met jongen de ruimte. -  Van alle watersporten blijkt dat kitesurfers (onbedoeld) de grootste verstorende werking hebben op vogels. Hier zijn speciale gebieden voor aangewezen. Belangrijk om als kitesurfer binnen deze aangewezen gebieden te blijven! Vogels zijn gevoelig voor verstoring. Gevoeliger dan u zich wellicht realiseert en waardoor u onbedoeld de vogels benadeelt. Dat hoeft niet. Door u aan de Gedragscode te houden, gaan vogels en mensen prima samen. Geniet van het mooie IJsselmeergebied en de vogelrijkdom om u heen, maar doe dat vogelvriendelijk. Bekijk hier de Gedragscode Waterrecreatie IJsselmeergebied Tip: Benieuwd naar de vogels in het IJsselmeergebied? Vogelbescherming Nederland heeft een vogelherkenningskaart ontwikkeld. Daarop staan de meest voorkomende vogelsoorten alsook een aantal tips voor mooie vogelkijkplekken in het IJsselmeergebied. www.vogelbescherming.nl/ijsselmeer
 
 

Marker Wadden eerste zelfvoorzienende eiland van Nederland

2 juli 2020
Op Marker Wadden, het nieuwste stukje Nederland, is een geheel duurzame en zelfvoorzienende nederzetting gebouwd. Elektriciteit wordt ter plekke opgewekt met zonnepanelen en als reservebron een slapende windmolen, water komt uit een lokale bron en wordt ter plekke afgevoerd en gezuiverd. Het eiland is niet aangesloten op het landelijke netwerk van elektriciteit, gas, drinkwater of riolering en is daarmee het eerste off grid eiland van Nederland. Ook bij de bouw en inrichting van de gebouwen staat duurzaamheid voorop. Vandaag wordt de nederzetting geopend. Bij de aanleg van de nederzetting is vooral de mix van zelfvoorzienende en duurzame voorzieningen uniek. André Rijsdorp, projectleider van de bouw bij Natuurmonumenten: “Het integreren van de verschillende duurzame systemen was een enorme puzzel. Van een geheel zelfvoorzienend systeem zijn geen voorbeelden dus hebben we heel veel zelf moeten uitdokteren. Dat was een flinke uitdaging”. Passend in duinlandschap De nederzetting bestaat uit hoogwaardige architectonische gebouwen voor beheer en toezicht, onderzoek door natuuronderzoekers, opvang van bezoekers en vier eilandhuisjes voor de recreatieve verhuur. “Het is een ensemble van gebouwen met een heel karakteristiek silhouet dat stevig verankerd is in het weidse duinlandschap. Het architectonische idioom van de Nederzetting is geïnspireerd op het fenomenale project Sea Ranch in Californië” aldus Franz Ziegler van het architectenbureau Ziegler|Branderhorst. De houten gebouwen zijn gebouwd met hout uit eigen bossen van Natuurmonumenten en zijn grotendeels elders al gebouwd en op transport gezet, zodat er zo min mogelijk verstoring is geweest van de natuur ter plekke. De omvang van de bebouwing van het eiland is beperkt en bedraagt niet meer dan 0.1% van de oppervlakte van de natuureilanden Marker Wadden. De nederzetting ligt op het Haveneiland, het enige van de vijf natuureilanden dat toegankelijk is voor publiek. De andere eilanden zijn natuurgebied. Marker Wadden Marker Wadden zijn de nieuwe natuureilanden in het Markermeer en het nieuwste stukje Nederland. Ook de eilanden zijn vooruitstrevend aangelegd met zand, klei, veen en slib uit het Markermeer, een wereldprimeur. De natuurlijk oevers dragen bij aan verbetering van de waterkwaliteit van het meer en de ontwikkeling van nieuwe natuur. Het is een natuurlijk paradijs voor vogels, vissen, insecten en planten en inmiddels ook een unieke recreatiebestemming in het hart van Nederland. Marker Wadden is onderdeel van Nationaal Park Nieuw Land. Steun Natuurmonumenten is belangrijkste financier van de nederzetting op Marker Wadden. Dankzij bijdragen van de Nationale Postcode Loterij, Boskalis, het Gieskes-Strijbis Fonds (veldstation voor onderzoekers) en een subsidie vanuit Leader+ met bijdrage van provincie Flevoland en gemeente Lelystad is de nederzetting gebouwd. IKEA, Forbo Flooring en Cellnex hebben de inrichting en de straalverbinding helpen te realiseren. Landal GreenParks verzorgt de verhuur van de vier eilandhuisjes, 100% van de verhuuropbrengsten komt ten goede aan Marker Wadden. Foto: Marten van Dijl
 
 

Deltacongres 2020 in Maastricht – 12 november

29 juni 2020
In deze tijd van directe crisis en zorg omtrent de uitbraak van het coronavirus lijkt het werken aan de lange termijnopgave van het Deltaprogramma relatief. Toch is het belangrijk dat het werken aan de waterveiligheid, de zoetwaterbeschikbaarheid en de leefbaarheid van onze kwetsbare Nederlandse delta voortgang vindt. Met inachtneming van de maatregelen die mogelijk nog zullen komen, kondigen wij aan dat het elfde Nationaal Deltacongres op donderdag 12 november zal plaatvinden in het MECC Maastricht. Ook dit jaar worden er weer ruim 1500 deelnemers verwacht. Iedereen die betrokken is bij en geïnteresseerd is in het Deltaprogramma is van harte welkom op het congres: maatschappelijke organisaties, bedrijfsleven, kennisinstellingen en overheden.
 
 

Tom Buijse: op zoek naar de optimale visstand

29 juni 2020
Buijses fascinatie voor vis gaat ver terug. Tijdens zijn studie Biologie werd hij gegrepen door de vraag hoe je deze hernieuwbare, natuurlijke voedselbron duurzaam kunt exploiteren. ‘Ik heb daarvoor promotieonderzoek gedaan naar de snoekbaarspopulatie in het IJsselmeer. Ik zeg altijd: vis is je kapitaal. Daar kun je alleen de rente van oogsten. Het lastige is alleen dat de aanwas van vis door de jaren heen sterk kan fluctueren. Dus het bepalen van de rente is veel moeilijker dan het op het eerste gezicht lijkt.’ Beleving In de loop der jaren werd zijn interesse voor vis steeds breder. ‘Vis - ook zoetwatervis - was vroeger in ons land vooral voedsel. En hoewel wij zelf tegenwoordig niet veel zoetwatervis meer eten, gebeurt dat in omringende landen nog steeds volop. Vissen is voor veel mensen tegenwoordig een belangrijke vorm van ontspanning. Nederland kent maar liefst 600 duizend geregistreerde sportvissers. Vissen zijn voor veel mensen ook beleving. Hoe vaak zie je niet mensen vanaf een brug het water inturen om te kijken of er nog iets zwemt. Vis maakt ten slotte een belangrijk onderdeel uit van het natte voedselweb. Het is niet voor niets een belangrijke indicator voor de ecologische waterkwaliteit. Vandaar dat het ook is opgenomen als één van de vier maatlatten in de Kaderrichtlijn Water.’ Optimale visstand Buijse vindt het een uitdaging al deze aspecten bij elkaar te brengen in zijn onderzoek. ‘Vis gaat over waterkwaliteit, over natuur. Het gaat ook over recreatie en beleving. Mijn doel is om - kijkend naar al deze aspecten en functies - met aanbevelingen te komen voor een optimale visstand. Ik zeg met nadruk optimaal, niet maximaal. Het gaat niet om aantallen en kilo’s. Dat is niet zo moeilijk. Daarvoor hoef je alleen veel nutriënten in het water te gooien. Daar krijg je veel vis van, maar dan bijna alleen algemene soorten. Het gaat mij erom dat water- en natuurbeheerders, maar ook sportvissers en gewone burgers gebruik maken van elkaars kennis en er met elkaar voor gaan zorgen dat we levensvatbare vispopulaties krijgen die horen bij de uiteenlopende soorten wateren die we in Nederland hebben. Stromende wateren, stilstaande wateren, sloten, beken, rivieren, meren en plassen. Daar kunnen we allemaal op onze eigen manier van genieten. Als natuurliefhebber, waterkwaliteitsbeheerder, visser, of gewoon als mens.’ Leefomgevingen Wat de stromende wateren betreft: de afgelopen twintig jaar zijn er in ons land veel vismigratievoorzieningen aangelegd om te zorgen dat vissen zich vrij kunnen bewegen in hun stroomgebied. Het kan gaan om het bypassen van stuwen en gemalen via vistrappen en visliften, maar bijvoorbeeld ook om visvriendelijke gemalen en het openzetten van sluizen om vissen te laten passeren. Waarom al die moeite? Buijse: ‘Vissen hebben voor hun ontwikkeling uiteenlopende leefomgevingen nodig. Stromingsminnende soorten zetten hun eitjes het liefst af in flink stromend water. De stroming zorgt voor de zuurstof die de eitjes nodig hebben. De vissenlarven die uit de eitjes komen, zoeken daarna rustiger water in de buurt op, om zich daar verder te ontwikkelen. Naarmate de larven kleine vissen worden, zoeken ze plekken op met veel schuilmogelijkheden. Dat doen ze om te voorkomen dat ze worden opgegeten door grotere vissen of vogels. Uiteindelijk zwemmen ze naar plekken waar ze zelf voldoende voedsel kunnen vinden. De migratievoorzieningen moeten ervoor zorgen dat ze al deze plekken kunnen bereiken.’ Er zijn natuurlijk ook vissen die hun levenscyclus gewoon voltooien in een enkel meer of plas. Maar ook daarbinnen hebben ze volgens Buijse uiteenlopende leefomgevingen nodig. ‘De nadruk in stilstaande wateren ligt op een goede waterkwaliteit, dat wil zeggen: helder water met doorzicht. Dat is een belangrijke voorwaarde voor een goede, gevarieerde visstand. Maar je hebt ook goed ontwikkelde oevers nodig waar vissen kunnen paaien. Dat is een kwestie van inrichting, maar ook van enige variatie in het peilbeheer. Dat is goed voor de ontwikkeling van bijvoorbeeld riet.’ Effectiviteit Hoe succesvol zijn de aangelegde vismigratievoorzieningen eigenlijk? Die vraag is volgens Buijse lastig te beantwoorden, al zijn er wel aanwijzingen dat veel van de voorzieningen op dit moment niet optimaal functioneren omdat het beheer en onderhoud in een aantal gevallen te wensen overlaten: ‘Het hangt er vanaf met welk doel ze ooit zijn aangelegd en of dat doel wordt bereikt. Eigenlijk durf ik daar geen harde uitspraken over te doen. We hebben in ieder geval een goed overzicht van alle migratiebarrières  in Nederland, maar ook van alle aangelegde vismigratievoorzieningen. Dat is een mooi startpunt om onderzoek te doen naar de effectiviteit en om te kijken hoe we deze verder kunnen verbeteren.’ Meer nodig Volgens Buijse is er overigens meer nodig dan het aanleggen van deze voorzieningen om ervoor te zorgen dat bijzondere soorten als Barbeel en Serpeling weer kunnen komen op de plekken die ze nodig hebben om hun levenscyclus te voltooien. ‘Je kunt langs een stuw wel een vistrap aanleggen. Maar een stuw in een beek is meer dan iets waar een vis niet langs kan. Een stuw kan tot 10 kilometer bovenstrooms de stroming beïnvloeden. Die neemt af, waardoor er voor de stuw meer organisch materiaal bezinkt. Daardoor ontstaan er andere leefomgevingen waar stromingminnende vissoorten niet blij mee zijn. Die zijn door de stuw dus eigenlijk dubbel de pineut: geen verbinding en als er wel een verbinding is geen geschikte habitat. Je ziet in deze systemen daarom vaak een verschuiving van soorten. Bijzondere soorten maken plaats voor meer algemene soorten, die minder kieskeurig zijn. We moeten wellicht op zoek naar meer natuurlijke manieren om de connectiviteit te herstellen.’ Tot slot: Tom Buijse wil bij zijn onderzoek als buitengewoon hoogleraar nadrukkelijk de sportvisserij betrekken. Voor sommige water- en natuurbeheerders is dat vloeken in de kerk. Hoe kijkt hij er zelf tegenaan? ‘Ik begrijp dat er mensen zijn die niets moeten hebben van hengelaars, bijvoorbeeld omdat ze ethische bezwaren hebben. Tegelijkertijd zijn er grote groepen hengelaars, die net als water- en natuurbeheerders, graag mooi en helder water zien, waar de vissen zitten die erin horen. Op een aantal plekken werken waterschappen en sportvisorganisaties hiervoor ook al heel goed samen. Natuurlijk blijven er altijd hengelaars die vooral grote karpers willen vangen. Maar die zijn in de minderheid. De meeste sportvissers kijken echt verder dan hun eigen hengel.’   Bron: www.stowa.nl  
 
 

Dioxine in IJsselmeerpaling

29 juni 2020
Kamerlid Tjeerd de Groot van D66 stelde onlangs een aantal vragen aan de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit over de voedselveiligheid in de palingketen. Uit een rapport van Wageningen Food Safety Research over ‘Contaminanten in rode aal uit Nederlandse binnenwateren’, is gebleken dat in het IJsselmeer bij Urk in gevangen paling meerdere Europees vastgestelde maximum limieten voor toegestane polychloorbifenyl (PCB’s) en dioxine-achtige stoffen worden overschreden. Hij heeft gevraagd om een toelichting over de kwaliteit van de aal in het IJsselmeer en pleit voor meer onderzoek. Bovendien wil hij weten of het te voorkomen is dat met dioxine en PCB’s belaste paling bij Urk verder het IJsselmeer optrekt. Lees hier het rapport van Wageningen Food Safety Research.
 
 

Achteroever Wieringermeer, bevindingen uit een proeftuin en kweekvijver

29 juni 2020
Het veranderende klimaat heeft grote gevolgen voor het waterbeheer in Nederland. We moeten leren omgaan met meer water – bijvoorbeeld als gevolg van extreme hoosbuien – maar ook met perioden van grote droogte. Klimaatverandering zal – zeker in het westen van het land – naar verwachting ook leiden tot grotere verzilting in de zomer. Lees hier een aantal bevindingen uit de proeftuin en kweekvijver en met name richting het IJsselmeergebied.
 
 

Vissers willen geen zonneparken op water

29 juni 2020
Sportvisserij MidWest Nederland (SMWNL) maakt zich zorgen om de effecten van het opwekken van duurzame energie op het onderwaterleven in de Nederlandse wateren. ,,Plaats slimme combinaties met name op bestaande daken en voorkom zoveel mogelijk dat natuur, landschappen en wateren worden gebruikt voor energieopwekking'', roept de organisatie de overheden op. Ook natuur- en watersportorganisaties hebben in een brief op 19 juni jl hun zorgen geuit aan de Provinciale Staten van NH over de zoekgebieden voor zon- en windenergie die de Regionale Energie Strategie NH-Noord en Zuid hebben aangewezen in het IJsselmeergebied. Gemeenten, provincie, waterschappen en netbeheerders werken vanuit het klimaatakkoord samen aan regionale energiestrategieën. Hoewel de verdeling tussen wind- en zonne-energie en de locaties waar deze opgewekt gaat worden, nog niet bekend zijn, vraagt de sportvisserij aan gemeenten, provincies en waterschappen om in het toekomstige proces zorgvuldige afwegingen te maken. ,,Zo is bijvoorbeeld onvoldoende bekend over de gevolgen voor de onderwaterwereld bij zonnepanelen op water'', stelt SMWNL dat kantoor houdt in Uitgeest. ,,Het realiseren van duurzame energie voorzieningen kan namelijk negatieve effecten hebben op de natuur- en het landschap, de onderwaterecologie en de recreatie'', aldus woordvoerder Remco Glas. Schadelijk Schouder aan schouder met natuurorganisaties Natuurmonumenten en de Vogelbescherming vraagt SMWNL om eerst neveneffecten van het opwekken van duurzame energie goed te onderzoeken. ,,Natuurlijk zijn er verschillen, maar hierin zijn onze belangen deels overeenkomstig'', zegt Glas. ,,We hopen dat er nu geen keuzes worden gemaakt die later misschien wel heel schadelijk blijken te zijn. Daarom is het belangrijk eerst te onderzoeken wat de effecten van bijvoorbeeld zonneparken op water zijn.'' Het overkoepelende Sportvisserij Nederland maakt zich in het bijzonder zorgen om het IJsselmeergebied. ,,In zeven regio's wordt het IJsselmeergebied genoemd als zoekgebied voor wind- en zonne-energie. In de voorlopige conceptplannen doen de energieregio's het voorstel om in het Gooimeer en de Gouwzee maar liefst 47 windturbines en 327 hectare drijvende zonnevelden te plaatsen. Het open water lijkt een voor de hand liggende keuze, maar is het niet'', schreef de koepelorganisatie afgelopen week op zijn website. Verloren ,,Windturbines en zonnepanelen passen niet bij internationale natuurdoelen. Met de aanleg van windparken in het IJsselmeergebied gaat er belangrijk leefgebied verloren van beschermde en bedreigde vogelsoorten. Ook velden met drijvende zonnepanelen op het water gaan ten koste van leefgebied van beschermde en bedreigde vogels. Bovendien nemen de panelen licht weg, wat van invloed is op het onderwaterleven en de voedselvoorziening van allerlei dieren. Minder licht betekent minder plankton en waterplanten, dus minder zuurstofproductie in het water. Dit heeft directe gevolgen voor de visstand, waarmee het ook niet goed gaat in het IJsselmeergebied'', aldus Sportvisserij Nederland.   Bron: Noordhollands Dagblad
 
 

Vismigratierivier met hergebruik grond

25 juni 2020
Wie over de Afsluitdijk rijdt, ziet in het IJsselmeer bij Kornwerderzand schepen in de weer met bulten grond. Het zijn de voorbereidende werkzaamheden voor de aanleg van de Westflank (westoever) van de Vismigratierivier en een aangrenzend natuureiland van Windpark Fryslân. De provincie Fryslân hergebruikt hiervoor grond die vrijkwam bij de ombouw van de N31 bij Harlingen, aangevuld met grond uit de vaargeul bij Kornwerderzand. Provincie Fryslân stimuleert een circulaire en duurzame werkwijze en koppelt via Grip op Grond projecten aan elkaar waar grond vrijkomt of juist nodig is. “Deze circulaire aanpak is een belangrijk doel. Ook bij dit prachtige project. En het is meteen ook efficiënt en economisch’’, zegt gedeputeerde Avine Fokkens-Kelder. Bij de verdieping van de N31 bij Harlingen en de aanleg van een aquaduct onder het Van Harinxmakanaal, kwam in 2017 maar liefst een half miljoen kuub grond vrij. Deze grond werd opgeslagen in depot Oostpoort bij Harlingen. Grond voor een rivier Een klein deel van de grond uit het depot Oostpoort is inmiddels gebruikt voor versterking van de Afsluitdijk. De resterende 400.000 m3, genoeg om 15 voetbalvelden met een flinke bult te kunnen bedekken, is voor de fundering van de Westflank van de Vismigratierivier. Het is niet voldoende om de hele Vismigratierivier aan te leggen. Nog eens een miljoen kuub grond komt uit de vaargeul in het IJsselmeer bij Kornwerderzand. Vervoer per schip Naast hergebruik van grond, is duurzaam vervoer heel belangrijk bij de aanleg van de Vismigratierivier. Om de uitstoot te beperken, wordt de grond per schip vanuit Harlingen vervoerd. Hierdoor zijn ongeveer 365 vervoersbewegingen voldoende, in plaats van 17.000 heen en weer rijdende vrachtwagens. Westflank en werk- en natuureiland De Vismigratierivier, een vispassage die de Waddenzee en het IJsselmeer voor trekvissen weer met elkaar gaat verbinden, wordt in een aantal fasen gerealiseerd. Als eerste wordt nu de Westflank aangelegd. Tegelijk legt aannemersconsortium Zuiderzeewind een werk- en natuureiland aan dat nodig is voor de bouw van Windpark Fryslân. Het eiland blijft na de werkzaamheden liggen en wordt dan een fourageer- en rustgebied voor vogels, met ernaast een kunstmatig rif voor vissen. De Westflank van de Vismigratierivier vormt straks de overgang naar het natuureiland. Door het ontwerp van beide projecten op elkaar aan te passen en gelijktijdig te realiseren wordt er optimaal (ecologisch) meerwaarde gegeven aan het gebied.
 
 

Nieuw platform voor Blije Vissen

25 juni 2020
Het verbeteren van de visstand in het IJsselmeergebied is een belangrijk doel voor de partners van Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk. Zonder vissen missen we een belangrijke bouwsteen in het voedselweb. Vogels, zeehonden en grote roofvissen zijn van de vissen afhankelijk. Veel vissen in verschillende soorten, maten en leeftijden zorgen voor een robuust IJsselmeergebied die toekomstbestendig is. Het opheffen van barrières voor trekvissen is daarin een belangrijk onderdeel, een onderwerp dat steeds meer aandacht krijgt en er komen steeds meer initiatieven om vismigratie te bevorderen. Er is een nieuw platform gelanceerd de Blijevis.nl, een website over vismigratie in Nederland. De Blije Vis vormt hierin het inspirerende icoon dat de positieve ontwikkelingen en inspanningen op gebied van vismigratieherstel verbindt en viert. Bekijk hier de website
 
 

Lachstern broedt weer in het Blauwe Hart

24 juni 2020
Een van de zeldzaamste broedvogels van noordwest Europa is na 60 jaar afwezigheid terug gekeerd als broedvogel in het IJsselmeergebied. Dit is groot nieuws. De laatste zekere broedgevallen van de lachstern in het IJsselmeergebied (en Nederland) dateren van 1958 uit oostelijk Flevoland en de omgeving van Harderwijk. In de periode daarvoor broedden ze incidenteel in de Wieringermeer en langs de Friese kust bij Makkum. Lachsterns broeden in pionierbiotopen, door het verdwijnen van dit biotoop in het IJsselmeergebied verdween de lachstern ook. Bovendien kromp de gehele Noordwest-Europese populatie. Een kleine kolonie in noord Duitsland wordt nu met hand en tand beschermd. Een deel van deze vogels trekt in de nazomer door Nederland en dan zijn er tientallen korte tijd aanwezig in Groningen en de kop van Noord-Holland. Af en toe dook er dan ook een op in het IJsselmeergebied. Dat waren mogelijk verkenners! De lachstern is een forse stern Ongeveer zo groot als een kokmeeuw en ze hebben een zeer krachtige dikke zwarte snavel. Hun kenmerkende lachende roep is zeer opvallend. Het is een vreemde eend in de bijt binnen de sterns. Ze eten nauwelijks vis, maar vangen vooral prooien op het land en in het moeras. In noordwest Europa zijn grote insecten, woelmuizen, kikkers en jonge vogels belangrijk voedsel. In Zuid-Europa vooral grote insecten, zoals sprinkhanen, maar ook hagedissen. In Afrika, waar ze overwinteren, vangen ze wenkkrabben op het wad. Uniek, zoet en brak Lachsterns broeden in Europa vooral rondom de Middellandse en Zwarte Zee. In Noordwest Europa is een geïsoleerde populatie aanwezig die zich in het verleden van Nederland tot Denemarken uitstrekte. Het IJsselmeergebied was altijd uniek omdat ze hier in zoete en brakke biotopen voorkwamen terwijl ze elders op zoute kwelders nestelden. Tegenwoordig broeden ze uitsluitend op een kwelder in de omgeving van Hamburg waar de kolonie met schrikdraad tegen predatoren wordt beschermd en langzaam, uit een diep dal, herstelt. Dat kan de aanleiding zijn dat ze zich kunnen uitbreiden. Met de aanleg van Marker Wadden is een uniek biotoop terug gekeerd dat na de aanleg van de Afsluitdijk alleen kunstmatig in het IJsselmeergebied aanwezig kan zijn. De afwisseling van eilanden, ondieptes, moerassen en slikvelden geeft echter nieuwe kansen. Dankzij een samenwerking van Natuurmonumenten met professionele en vrijwillige vogelonderzoekers zijn de ontwikkelingen van Marker Wadden vanaf het begin echt goed gevolgd. Hierdoor vonden we tijdens dit onderzoek in 2020 op Marker Wadden een broedpaar. We hebben gewacht tot we zeker wisten dat het nest lang genoeg bebroed was voordat we erheen gingen en ontdekten dat minimaal één kuiken was geboren. De sterns broeden hier in een gemengde kolonie van kluten, visdieven en kokmeeuwen op een plek die niet voor publiek toegankelijk is. Boskalis en Natuurmonumenten zorgen er ook voor dat er ook geen werkzaamheden plaats vinden dit jaar. Gelukkig foerageren de volwassen vogels op het voor publiek toegankelijke eiland zodat het mogelijk is om ze te zien en te horen. De komende maanden zullen we trachten het wel en wee van de sterns te volgen. De terugkeer van de lachstern als broedvogel toont aan dat herstel van typische Blauwe Hart biotopen kan leiden tot hervestiging van soorten waarvan we dachten dat ze in Nederland uitgestorven waren. Voor het IJsselmeergebied is voorzien om de komende jaren meer pionierbiotopen met eilanden en ondieptes aan te leggen. De lachstern stond hierbij ook als doelsoort op het op het programma. Dat bleek dus geen onrealistisch doel. Goede inrichting van het landschap geeft een kans voor de lachstern om zich weer definitief in Nederland te vestigen. Dan besparen we ons een reis naar de Camargue om de prachtige lach te horen! Jan van der Winden en Camilla Dreef
 
 

PERSBERICHT: Natuurorganisaties: geen plaats voor zonnepanelen en meer windmolens in IJsselmeergebied

16 juni 2020
Het IJsselmeergebied wordt als zoekgebied genoemd voor wind- en zonne-energie in zeven Regionale Energie Strategieën. Een zeer zorgelijke keuze. Dit stellen natuurorganisaties in een brandbrief aan het Bestuurlijk Platform IJsselmeergebied dat op 18 juni bijeenkomt. Het IJsselmeergebied is een internationaal beschermd natuurgebied met Natura 2000-status en is daarmee absoluut ongeschikt voor grootschalige opwekking van energie. De natuurorganisaties zijn groot voorstander van de energietransitie, maar dat mag niet ten koste gaan van de natuurwaarden van het IJsselmeergebied. Alternatieven moeten beter worden onderzocht. Naast de klimaatcrisis hebben we te maken met een biodiversiteitscrisis. De keuze voor energiewinning in natuurgebieden gaat totaal voorbij aan de dramatische achteruitgang van de biodiversiteit in Nederland. Regionale Energie Strategieën Vorig jaar stelde het kabinet het Klimaatakkoord vast: de Nederlandse uitwerking van de internationale klimaatafspraken van Parijs (2015). Eén van de afspraken is dat dertig energieregio’s onderzoeken waar en hoe duurzame elektriciteit (wind en zon) opgewekt kan worden in Regionale Energie Strategieën. De eerste conceptplannen liggen inmiddels op tafel. In zeven regio’s wordt het IJsselmeergebied genoemd als zoekgebied voor wind- en zonne-energie. In de voorlopige conceptplannen doen de energieregio’s het voorstel om in het Gooimeer en de Gouwzee maar liefst 47 windturbines en 327 hectare drijvende zonnevelden te plaatsen. Het open water lijkt een voor de hand liggende keuze, maar is het niet. IJsselmeergebied is beschermd natuurgebied Het IJsselmeergebied is een belangrijk natuurgebied. Honderdduizenden vogels, zoals visdief, zwarte stern en nonnetje maken gebruik van het open water en de oevers van het IJsselmeer, het Markermeer en de Randmeren. Ze broeden, rusten en zoeken er voedsel. Het is een cruciale plek op belangrijke vogeltrekroutes. Het heeft vanuit Europa dan ook de beschermde juridische status Natura 2000-gebied gekregen. De Natura 2000-status gebiedt Nederland om goed voor het IJsselmeergebied en de natuurwaarden te zorgen. Dat kan en moet beter, aldus zes natuurorganisaties: Vogelbescherming Nederland, Natuurmonumenten, Landschap Noord-Holland, Het Flevo-landschap, It Fryske Gea en Sportvisserij Nederland. Volgens de Europese Habitatrichtlijn moet verslechtering van natuurwaarden in Natura 2000-gebieden worden voorkómen. Activiteiten mogen niet worden toegestaan als ze negatieve effecten hebben op de betrokken soorten en leefgebieden. De natuurorganisaties werken met verschillende overheden aan grote investeringen om de natuurwaarden van het IJsselmeergebied te verbeteren. Onder andere vanuit de Programmatische Aanpak Grote Wateren wordt de komende jaren 110 miljoen euro geïnvesteerd om de natuurkwaliteiten te versterken. De plannen van de energieregio’s dreigen de resultaten van die inspanningen nu te niet te doen. Naast het missen van de natuurdoelen, betekent dat ook kapitaalvernietiging. Windturbines en zonnepanelen passen niet bij internationale natuurdoelen Met de aanleg van windparken in het IJsselmeergebied gaat er belangrijk leefgebied verloren van beschermde en bedreigde vogelsoorten. Ook vliegen vleermuizen en vogels zoals de zeearend (in de nacht, of bij slecht weer) tegen de windturbines aan, wat ze veelal niet overleven. Onderzoek wijst uit dat windmolens slecht zijn te verenigen met een Natura 2000-status en de daaraan gekoppelde doelen. Desondanks is er toch vergunning verleend voor twee nieuwe, grote windparken in het IJsselmeergebied: 89 turbines in clusteropstelling nabij Breezanddijk en 61 turbines - waarvan 21 van het hoogste type (248 meter) voor de kust van Flevoland. De plannen van de Regionale Energiestrategieën komen hier nog bovenop. Ook velden met drijvende zonnepanelen op het water gaan ten koste van leefgebied van beschermde en bedreigde vogels, zoals de toppereend. Het water wordt ongeschikt voor foeragerende en rustende watervogels. Bovendien nemen de panelen licht weg, wat van invloed is op het onderwaterleven en de voedselvoorziening van allerlei dieren. Minder licht betekent minder plankton en waterplanten, dus minder zuurstofproductie in het water. Dit heeft directe gevolgen voor de visstand, waarmee het ook niet goed gaat in het IJsselmeergebied.             Fotografie: Jelle de Jong Verlies biodiversiteitscrisis niet uit het oog Er zijn alternatieven voorhanden waarmee de natuur kan worden ontzien. De natuurorganisaties doen een dringende oproep aan de energieregio’s om de ‘Zonneladder’ toe te passen die door de Rijksoverheid is vastgesteld. Daarin staat dat daken, gevels en het bebouwde gebied de voorkeur verdienen als zoeklocaties voor duurzame energie. Nog lang niet alle daken, gevels en geluidswallen zijn goed benut en er zijn ook genoeg onaantrekkelijke of braakliggende terreinen die geschikt zijn voor de aanleg van zonneparken, zoals stroken langs snelwegen, onverkoopbare bouwgronden en ongebruikte industrieterreinen. Natuurgebieden moeten zoveel mogelijk worden ontzien volgens de ‘Zonneladder’. Dit geldt uiteraard niet alleen voor de natuurgebieden op land, maar ook op water en specifiek voor het IJsselmeergebied als grootste zoetwatermeer van West-Europa, met een rijk onderwaterleven en een rijke vogelpopulatie. De natuurorganisaties zijn groot voorstander van de energietransitie, maar pleiten er voor om het IJsselmeergebied te vrijwaren van het plaatsen van nog meer windturbines. Onderzoek laat zien dat de maximale draagkracht van het IJsselmeergebied voor het gebruik voor windenergie al meer dan bereikt is. Alles wat er nog bij komt, gaat verder ten koste van de natuur. Dit is niet alleen in strijd met Natura 2000-doelen en een kapitaalvernietiging, gezien alle investeringen om de ecologische kwaliteiten van het IJsselmeergebied te verbeteren. Het gaat ook totaal voorbij aan de dramatische achteruitgang van de biodiversiteit in Nederland. Immers, naast de klimaatcrisis, hebben we ook te maken met een biodiversiteitscrisis.
 
 

Rondje Pampus …….waar zwem je in en waar zwem je voor?

4 juni 2020
Vóór de aanleg van de Afsluitdijk zou je in de Zuiderzee gezwommen hebben, als je rond het Forteiland Pampus zwom. De Zuiderzee was een brak watergebied, waar zoet rivierwater mengde met het zoute zeewater. Er was eb en vloed, er leefden veel verschillende vissoorten, sommigen verbleven er permanent, sommigen trokken door naar de zoete binnenwateren om daar te paaien. Voor de veiligheid van de kust werd de Zuiderzee in 1932 afgesloten van de Waddenzee, door de Afsluitdijk. Een historisch moment, en een knap staaltje Hollandse waterbouw. En met de aanleg van de Afsluitdijk ontstond het grootste aaneengesloten zoetwatergebied van West-Europa! Deze zoetwatervoorraad wordt niet alleen gebruikt voor drinkwater in Noord-Holland, maar ook voor bv. landbouw. De landbouw in de provincies rond het IJsselmeer profiteren van het zoetwater, en zelfs Groningen en Drenthe! Ook de grachten in Amsterdam, worden doorgespoeld met water uit het IJsselmeer. Vissers, zandwinners, energieproducenten en recreanten maken dankbaar gebruik van het IJsselmeer. Er is veel te halen en veel om van te genieten in het IJsselmeergebied. In december 2009 kreeg het IJsselmeergebied de officiële status van Natura 2000. In het beheerplan dat elke 6 jaar wordt vastgesteld staat beschreven hoe we natuur in dit gebied gebruiken en beschermen. Naast de vissen die er leven is het ook een belangrijk gebied voor vogels. Zwarte sterns zijn bijvoorbeeld dol op het IJsselmeergebied. Wist je dat de helft van de wereldwijde populatie van zwarte sterns het IJsselmeergebied als ‘wegrestaurant’ gebruikt tijdens hun trek van Siberië naar Afrika en vice versa? Maar de aanleg van de Afsluitdijk greep enorm in op de ecologie in het gebied. Het aantal trekvissen, zoals de paling, ging er sterk achteruit. Een aantal brakwatervissen, zoals de Zuiderzeeharing, stierven zelfs helemaal uit. Dit kwam o.a. door het verdwijnen van de bijzondere brakwatergebiedjes, waar de Zuiderzee rijkelijk mee omzoomd was. Vogelsoorten verdwenen, algen rukten op. Onderzoek door de overheid toonde aan dat de waterkwaliteit echt onvoldoende was. Voor de natuur is een goede waterkwaliteit cruciaal. Het streven naar een goed functionerend ecosysteem, dat in balans en gezond is, is een goede basis voor ons gebruik van het water. Maar dit gezonde systeem is er nu nog niet. Daarvoor is een gezonde voedselketen nodig, met waterplanten dat rijk is aan vis- en vogelsoorten. De hoogste tijd voor een ander soort waterbouw….het is tijd voor natuurbouw! Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk benadrukt al jaren hoe belangrijk het IJsselmeergebied voor Nederland is. De partners die samenwerken binnen de Coalitie zijn It Fryske Gea (IFG), Landschap Noord-Holland (LNH), Flevolandschap (FL), Natuurmonumenten (NM), Staatsbosbeheer (SBB), Vogelbescherming Nederland (VBN), Sportvisserij Nederland (SVN) en het Provinciaal Waterbedrijf Noord-Holland (PWN). Deze partners ontwikkelen en stimuleren allerlei natuurprojecten om de ecologische waterkwaliteit en natuur in het IJsselmeergebied te versterken. Gelukkig heeft de overheid de komende 10 jaar 110 miljoen euro beschikbaar gesteld om 5 geweldige natuurprojecten in het IJsselmeergebied te realiseren (onderdeel van de PAGW-projecten, Programma Aanpak Grote Wateren). Een korte impressie van die 5 natuurbouwprojecten: In 2016 startte Natuurmonumenten met de aanleg van eilanden in het Markermeer bij de Houtribdijk. Doel van deze 'Marker Wadden' is om slib uit het Markermeer op te vangen en vast te houden, zodat het Markermeer minder troebel wordt. Dat is beter voor de ecologie en waterkwaliteit. Het moerassige eilandengebied biedt ook paaimogelijkheden voor vissen en broed- en foerageer mogelijkheden voor vogels. Door deelname in het project Oostvaardersoevers helpen Flevolandschap, VBN, SBB en SVN de voedselketen in Markermeer, Oostvaardersplassen en Lepelaarsplassen nog verder te verbeteren. Er komt een verbinding tussen deze 3 gebieden en daardoor wordt het voor bijvoorbeeld vissen een veel aantrekkelijker gebied. It Fryske Gea en VBN werken mee aan het grote project Versterking Friese Kust. Met natuurbouw wordt de ecologisch bijzondere Friese kustlijn beschermt tegen afkalving. Maar er zijn ook plannen om de natuur te versterken. In het project Wieringerhoek in Noord-Holland bij Den Oever werken PWN VBN, SVN, SBB en LNH mee om het IJsselmeer en de Waddenzee beter met elkaar te verbinden. Het is de bedoeling daar meer ‘natuurlijke overgangen’ te maken: van water naar land en van zout naar zoet. Zo kan vis makkelijker van gebied naar gebied om te paaien en op te groeien en krijgen vogels meer voedselbronnen. Bij de versterking van de Markermeerdijken werken VBN, SBB, NM, SVN mee aan de versterking voor natuur. Bijvoorbeeld door riet of verontdiepingen aan te leggen om golven te breken, als ook door achter de dijk ‘achteroevers’ aan te leggen. Vijf projecten waaraan de partners uit de Coalitie het Blauwe Hart actief meewerken om het ecologische systeem in het IJsselmeer weer gezond te maken. Hier zwem je voor… om te ervaren en te vertellen hoe mooi en bijzonder het IJsselmeergebied is. En om verder te vertellen dat de natuur in het IJsselmeergebied steun nodig heeft. Met alle natuurprojecten nog mooier en gevarieerder wordt, om ervoor te zorgen dat we ook in de toekomst het water kunnen gebruiken om te drinken. Maar bovenal om te genieten van ons prachtige, unieke IJsselmeergebied.
 
 

IJsselmeervogels verdienen beter

27 mei 2020
Overheid en energiebedrijven kijken verlekkerd naar het IJssel- en Markermeer om er windmolens en zonnepanelen te plaatsen. Hoewel ook Vogelbescherming Nederland het belang van de energietransitie volledig onderschrijft, is de organisatie hier faliekant op tegen. 'Windmolens zijn zeer verstorend voor vogels en er kunnen ook vogels zoals de zeearend tegenaan vliegen', vertelt Vogelbescherming. Zonnepanelen en windmolens verkleinen bovendien de oppervlakte dat geschikt is als voedsel- en rustgebied voor vele vogels. Dat terwijl het IJsselmeer nu al niet aan de internationale beschermingsdoelen voldoet. Vogelbescherming vindt locaties langs bestaande infrastructuur en bedrijfsterreinen geschikter voor zonnepanelen en windmolens. Scharrelen Het IJsselmeergebied in de lente. Eenden scharrelen op de oevers van het Markermeer, kleine karekieten en rietzangers zingen en krassen vanuit de rietkragen. Op het eiland De Kreupel zoeken visdiefjes krijsend een goede plek om te broeden. Topdrukte Het is topdrukte in het IJsselmeergebied; het IJsselmeer, Markermeer en de Randmeren. En niet alleen nu. In de nazomer zijn er de honderdduizend futen, zwanen, eenden en ganzen die in de veiligheid van het open grote water hun verenpak verwisselen. 's Winters arriveren vele tienduizenden vogels die in het hoge noorden broeden en in het IJsselmeergebied overwinteren. Nonnetjes, grote zaagbekken en de zeldzame kleine zwaan bijvoorbeeld. Een gebied zó waardevol dat het de internationale status Natura2000-gebied heeft. De internationale status verplicht Nederland goed voor de vogels te zorgen. En dat kan beter vindt Leo Bruinzeel, ecoloog van Vogelbescherming Nederland. Door het onnatuurlijk peilbeheer en de harde dijken zijn er nauwelijks geleidelijke, zachte landwaterovergangen met ondiep water waar vissen kunnen paaien en opgroeien en vogels voedsel kunnen vinden, zo legt de vogelkenner uit: "Gezonde rietzones met een gevarieerde begroeiing bieden vogels niet alleen voedsel, maar ook broedgelegenheid. Ook zeldzame soorten waaronder roerdomp en grote karekiet. En juist die oevers zijn er vaak beroerd aan toe." Ook voor de vogels die niet in de begroeiing, maar het liefst op een kale vlakte broeden zoals de kluut, een zwart witte vogel met opgewipte snavel, is het IJsselmeergebied van groot belang. In ons drukke, efficiënt gebruikte land zitten die vogelsoorten behoorlijk in de knel en vragen aandacht Recreatiedruk Toenemende recreatiedruk, visserij, zandwinning en de vele plannen voor de komst van windmolens en zonnepanelen in het IJsselmeergebied baren Vogelbescherming ook zorgen. Bruinzeel: "Omdat het IJsselmeergebied zo belangrijk is voor vogels proberen we - met financiële steun van de Nationale Postcode Loterij - overheden en andere organisaties bij hun plannen en besluiten de vogelbelangen uitdrukkelijk mee te laten tellen. Zo is de visserij op spiering - voor veel vogelsoorten belangrijk voedsel - gestopt en wordt recreatie beter 'gezoneerd'. Natuur en recreatie kunnen prima samengaan, maar zonering is nodig om voldoende rust voor de vogels te waarborgen." Overal aandacht vragen voor het natuurbelang, maar ook voorbeeldprojecten, vertelt Bruinzeel. Zo worden samen met Staatsbosbeheer op twee plaatsen aan de Noord-Hollandse Markermeerkust, onder meer bij Schardammer Kogen, een vooroever met eigen peilbeheer ontwikkeld die kan dienen als paai- en opgroeigebied voor vis. Bruinzeel: "Zo wordt duidelijk dat flinke natuurwinst te behalen valt zonder de waterveiligheid of zoetwatervoorziening aan te tasten. Werk aan de winkel en werk in uitvoering. Het IJsselmeergebied verdient het." Bron: www.vogelbescherming.nl
 
 

De Kluut, elegante steltlopers in de modder

27 mei 2020
De kluut heeft een prachtig, strak getekend, zwart-wit verenkleed met groenblauwe poten. Ze zijn zo mooi hagelwit, dat je er niet direct aan denkt dat kluten het liefst de hele dag in dun slib lopen om voedsel te zoeken. Daarvoor hebben ze een unieke opgewipte snavel die ze voortdurend door het water of dun slib heen en weer zwenken. Kleine diertjes vormen het hoofdmenu. De snavel is afgevlakt en lijkt heel erg teer. Je zou denken dat hij snel breekt, maar de snavel is best flexibel, zoals een springplank. De poten hebben zwemvliezen zodat ze ook prima kunnen zwemmen en bijvoorbeeld garnaaltjes kunnen vangen. Een deel van de kluten blijft in de winter in Nederland, maar de meeste individuen trekken naar zuid Europa of West-Afrika. Ze broeden soms solitair maar het liefst in kolonies van 5 tot 100 paar. Al liggen de nesten nooit vlak bij elkaar. Ze draaien een kuil in het zand en bekleden die met schelpjes of sprietjes en leggen daar vier mooi gestippelde eieren in. De kuikens kunnen direct zelf eten en lopen of zwemmen met de ouders mee. Ze warmen zich onder de vleugels van de ouders, dan lijkt het soms of een kluut meer dan twee poten heeft. In het IJsselmeergebied hebben ze historisch gebroed op eilanden en zandplaten nabij ondiep en vooral slibrijk water. De Friese kust was destijds van belang en recenter hebben ze tijdelijk in flinke aantallen gebroed op de nieuw aangelegde eilanden in de Randmeren en op De Kreupel. Op dit moment is Marker Wadden een toplocatie met bijna 400 paren. Dat is 8 % van de Nederlandse populatie en bijna 1 % van de West-Europese populatie. Een welkome opsteker voor een soort die internationaal behoorlijk in aantal afneemt en bedreigd is. En we hebben vastgesteld dat ze op Marker Wadden al drie jaar veel jongen kunnen grootbrengen. Gemiddeld meer dan twee jongen per paar. Waarschijnlijk is dit een hogere reproductie dan in de hele Waddenzee. Dat helpt de soort internationaal dus ook enorm. Je kan ze op Marker Wadden prachtig zien vanaf de wandelpaden. Ook vanaf de boot naar Marker Wadden kan je groepjes kluten zien vliegen. Hoe maken kluten gebruik van het Blauwe Hart? Waar komen ze vandaan en waar gaan ze verder nog heen? Kluten met een unieke kleurringcode waardoor ze individueel herkenbaar zijn, worden wel eens gezien op Marker Wadden. Ze komen uit andere delen van Nederland, maar ook uit Bretagne! In 2020 starten we samen met Vogelbescherming, Sovon en Natuurmonumenten met het merken van kluten op Marker Wadden en ook elders in Nederland om te zien waar ze heen gaan en vandaan komen. Voor kluten in het IJsselmeergebied is het van belang dat elk jaar wel ergens een slibrijk gebied is met kale zandbodems in de omgeving om te broeden. Met plannen voor Wieringerhoek, Oostvaardersoevers en Marker Wadden fase 2 is er dan ook een rooskleurige toekomst voor deze landelijk bedreigde soort. Zo kunnen we nog lang genieten van elegantie in de modder. Jan van der Winden en Camilla Dreef
 
 

Vernieuwing bruggen Kornwerderzand kan beginnen

27 mei 2020
De vernieuwing van het complex bruggen en sluis bij Kornwerderzand kan van start in 2022. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en de provincie Fryslân sluiten hiervoor een Bestuursovereenkomst. Voorwaarde is dat Provinciale Staten de overeenkomst eerst goedkeuren. Minister Cora van Nieuwenhuizen en gedeputeerde Avine Fokkens-Kelder kunnen de overeenkomst dan nog voor de zomervakantie ondertekenen. Gekozen is voor een gefaseerde uitvoering. Het begint met de vervanging van de bruggen in de A7; uiterlijk in 2025 moet dit klaar zijn. Ondertussen start ook het verdiepen van de geulen in het IJsselmeer. Provincie Fryslân voert het werk uit. Dat gebeurt in nauwe samenwerking met Rijkswaterstaat die de eigenaar van de bruggen en de sluis is. Gedeputeerde Fokkens: “Ik ben ontzettend blij dat we eindelijk van start kunnen gaan! Het is geweldig dat we deze bruggen, die vaak problemen geven, nu kunnen vervangen. Niet alleen in Fryslân, ook in de Eerste en Tweede Kamer, bij andere provincies, gemeenten en marktpartijen hebben veel mensen zich sterk gemaakt voor het vernieuwen van de sluis en de bruggen. We zijn ook blij dat het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat heeft ingestemd met de fasering.’ Overheid en marktpartijen hebben de intentie dat er privaatrechtelijke regelingen komen voor het innen van de marktbijdrage. Een daarvan is dat de betrokken bedrijven betalen per passage van schepen die anders niet in de sluis zouden passen. Naar verwachting is de marktbijdrage in 12 tot 15 jaar betaald. Vernieuwen bruggen en sluis De lengte van de nieuwe sluis blijft gelijk en wordt toegankelijk voor schepen met een diepgang van 4,70 m. De breedte gaat van 14 naar 25 meter. In plaats van de huidige draaibruggen in de A7 komen er vier basculebruggen (‘klapbruggen’ met een contragewicht). De twee doorvaartopeningen zijn straks 21,5 en 25 meter. De bestaande vaargeulen op het IJsselmeer en Ketelmeer worden verdiept, zodat de havens van Makkum, Lemmer, Urk, Lelystad, Meppel en Kampen voor grotere zeeschepen beter bereikbaar zijn. Het vrijkomend zand wordt onder meer gebruikt voor projecten op de Afsluitdijk, zoals de Vismigratierivier. Planning De planning is dat de bruggen uiterlijk in 2025 zijn vervangen. Voor de geulen en de sluis is afgesproken dat deze uiterlijk in 2028 klaar moeten zijn, maar op nadrukkelijk verzoek van de deelnemende bedrijven blijft de ambitie overeind om gelijktijdig met de bruggen gereed te zijn.   Bron: www.fryslan.frl
 
 

Vogelvriendelijk genieten van het IJsselmeergebied

27 mei 2020
Langzaam zakt de zon onder in de verte. Een lange rij aalscholvers trekt voorbij. In de rietkraag roeren zich kleine karekieten en rietzangers; een visdiefje duikt naar vis. Het water schittert, het gevoel van ruimte en rust is overweldigend. Is het nodig meer te zeggen over het IJsselmeer? Een heerlijk meer voor watersporters. Maar óók een internationaal beschermd natuurgebied voor honderdduizenden vogels. Ze ruien, broeden, rusten, foerageren en overwinteren er. En al die vogels hebben rust nodig om gezond te blijven. Dat hoeft geen probleem te zijn. Mens en vogel kunnen prima samengaan mits watersporters zich aan de Gedragscode Recreatie IJsselmeergebied houden. Erg ingewikkeld is dat niet: Houd afstand van groepen watervogels Vaar nooit door groepen vogels heen Ontzie riet en oeverplanten Anker niet in buurt van rustende en ruiende vogels en geef vogels met jongen de ruimte Kitesurf alleen op de daarvoor aangewezen locaties. De gedragscode is niet alleen voor vogels belangrijk, maar is ons aller belang. Want zeg nou zelf, wat is een water zonder vogels, een lege lucht en stille rietkraag? Internationaal Natuurgebied Het IJsselmeergebied – IJsselmeer, Markermeer en Randmeren - is niet zomaar een natuurgebied. Het is door Europa aangewezen als internationaal belangrijk natuurgebied; een Natura2000-gebied. Een mooie titel en één met verplichtingen. Deze Europese wetgeving stelt doelen aan aantallen kwetsbare vogelsoorten. Zo moet het IJsselmeer bijvoorbeeld opvang bieden aan 3.300 visdief-broedpaartjes, en was er bij de laatste telling (2017-2018) slechts twee derde deel hiervan aanwezig. In de winter ‘horen’ er 180 nonnetjes (een kleine eenden soort) te zijn en zijn het er slechts de helft; in trektijd 70.000 zwarte sterns terwijl tellingen maar op 10.000 uitkomen. De doelen worden dus bij lange na niet gehaald. Een belangrijke oorzaak hiervan is voedseltekort. Er is te weinig kleine vis beschikbaar voor visetende vogels. Dit komt door de visserij, maar ook door het ontbreken van natuurlijke oeverzones waar vissen kunnen paaien en opgroeien. Dat maakt het kwetsbare evenwicht van het vogelleven nog kritieker. Alleen als het voedsel zoeken niet al te veel energie kost, lukt het ze om de enorme klus van broeden, voeden, ruien, trekken en overwinteren in barre tijden te volbrengen. Rust Maar voldoende voedsel alleen is niet genoeg. Vogels zijn heel gevoelig voor verstoring, blijkt uit onderzoek in binnen- en buitenland. Een paar voorbeelden. Het gemiddeld aantal per nest grootgebrachte jongen daalt bij verstoorde zwarte sterns van 1,1 naar 0,4. Aalscholvers die een half uur onrustig zijn moeten 23 gram vis extra eten. Kleine zwanen die geregeld verstoord worden, verlaten definitief het slaapgebied waar ze overdag rusten. Eenden vliegen op (en verspillen dus energie) als er op honderden meters afstand kitesurfers passeren. Watervogels die zes tot zeven uur per dag gestoord worden, verbruiken 20 tot 50% meer energie. Energie die in de – toch al sterk verminderde - resterende tijd bijeen geschrapt moet worden. Stress Als vogels niet opvliegen wanneer zeil- of motorboten of kitesurfers in de buurt komen, betekent dat niet dat de vogels ervan geen schade ondervinden. Elke dreiging veroorzaakt een enorme stressreactie. Onderzoek toont aan dat de hartslag van een verstoorde vogel duidelijk hoger ligt dan een vogel in een rustige omgeving. Een hogere hartslag kost meer energie. Net als bij mensen tast voortdurende min of meer ernstige verstoring en dus stress het immuunsysteem aan met (dodelijke) ziekten tot gevolg. Ruiende vogels zoals eenden, zwanen en ganzen kunnen tijdelijk niet vliegen en kunnen dus onmogelijk de dreiging ontvluchten en ook voor broedende vogels is wegvliegen niet zomaar een optie. Vluchten betekent immers onderkoeling van eieren of jongen met alle gevolgen van dien De afstand waarop vogels verstoord worden is vaak groter dan gedacht. Zo vliegen in groepen rustende meerkoeten al weg als op ruim 300 meter afstand een zeilboot passeert, stopt een grote zaagbek met foerageren en vliegt een kleine zwaan op. De afstand waarop vogels gestrest raken is nog veel groter. Al met al is een flinke afstand houden tot de vogels hard nodig. Gedragscode Recreatie IJsselmeergebiedDe Gedragscode Recreatie IJsselmeergebied is een initiatief van Watersportverbond, Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk, Vogelbescherming Nederland, Hiswa, Sportvisserij Nederland en de Vereniging voor Beroepschartervaart. De regels uit de gedragscode zijn eigenlijk heel eenvoudig: Groepen vogels zijn gevoeliger dan individuele vogels. Dat komt door het ‘kopieereffect’. Als één vogel schrikt en opvliegt is dat voor de rest vaak reden om ook maar op de wieken te gaan. Een groep vogels reageert al naar gelang het meest gevoelige individu. Onvoldoende afstand heeft daardoor extra impact. Houd afstand van groepen vogels en vaar nooit door groepen vogels heen Riet en oeverplanten zijn broedgebied voor onder meer de zeldzame roerdomp, grote karekiet en waterral. Plus natuurlijk futen, eenden, kleine karekieten en tal van andere soorten. Bovendien zijn de oevers belangrijk voor vissen. De jonge vissen kunnen tussen de waterplanten schuilen voor vijanden als grote snoeken. Ontzie riet en andere oeverplanten. Net als mensen hebben vogels rust nodig om bij te komen, voedsel te verteren en spieren te onderhouden. Ruiende vogels kunnen niet vliegen en zijn daardoor nog stressgevoeliger. Anker niet in de buurt van rustende vogels. Broedende en voedende oudervogels zullen zo lang mogelijk blijven zitten. Pas als ze ‘stijf staan van de stress’ gaan ze op de vleugels. Het effect is groot. De stress kost de oudervogel heel veel energie. In de steek gelaten eieren en jongen raken onderkoeld en zijn bovendien gevoeliger voor predatie. Geef broedende vogels en vogels met jongen de ruimte. Van alle watersporten blijkt dat kitesurfers (onbedoeld) de grootste verstorende werking hebben op vogels. Hier zijn speciale gebieden voor aangewezen. Belangrijk om als kitesurfer binnen deze aangewezen gebieden te blijven! Vogels zijn gevoelig voor verstoring. Gevoeliger dan u zich wellicht realiseert en waardoor u onbedoeld de vogels benadeelt. Dat hoeft niet. Door u aan de Gedragscode te houden, gaan vogels en mensen prima samen. Geniet van het mooie IJsselmeergebied en de vogelrijkdom om u heen, maar doe dat vogelvriendelijk. Klik hier als je de geheel gedragscode wilt downloaden. Tip: Benieuwd naar de vogels in het IJsselmeergebied? Vogelbescherming Nederland heeft een vogelherkenningskaart ontwikkeld, speciaal voor vogels die je in het IJsselmeergebied kan tegen komen. Daarop staan de meest voorkomende vogelsoorten alsook een aantal tips voor mooie vogelkijkplekken in het IJsselmeergebied.
 
 

Hoe groots bloeit de nieuwe natuur van Trintelzand en de Houtribdijk?

27 mei 2020
Rijkswaterstaat heeft in 2019 zandige oevers en een deel van natuurgebied Trintelzand in het Markermeer aangelegd, als onderdeel van de versterking van de Houtribdijk. Om de ontwikkeling van het gebied goed in de gaten te houden, wordt deze nieuwe natuur de komende 5 jaar intensief gemonitord. ‘De grootste uitdaging is om voldoende dynamiek in het gebied te bereiken én te behouden.’ In dit artikel legt RWS uit hoe ze dit aanpakken. De zandige oevers van de Houtribdijk liggen er al maandenlang groen bij. Op dit moment wordt er nog hard gewerkt aan de uitbreiding van Trintelzand. Het 1e deel van Trintelzand zat in 2019 tijdens de aanleg al vol met vogels. In de zomer van 2020 vertrekken de laatste schepen en kraanmachines en is het hele project klaar. En dan begint het werk van Ria Kamps, senior-adviseur watersystemen bij Rijkswaterstaat en vanaf het 1e uur betrokken bij Trintelzand. Kamps start in 2020 het monitoringsprogramma van Trintelzand, samen met specialisten en externe ecologen: ‘We gaan het hele gebied ecologisch monitoren. Dat betekent dat je kijkt naar de ontwikkeling van de biodiversiteit in een gebied. Voor de zandige oevers en voor Trintelzand hebben we een zeer intensief monitoringsprogramma opgesteld voor macrofauna, oever- en waterplanten, vogels, vleermuizen, watervlooien en vissen. Minimaal 4 keer per jaar voeren we veldinspecties uit en kijken we op locatie hoe het ervoor staat. Dat is nog best een klus, want niet elk deel van het gebied is even goed bereikbaar.’ We monitoren de komende 5 jaar hoe het moerasachtige gebied in Trintelzand zich ontwikkelt. Schuilen, paaien en groeien De Houtribdijk is ooit aangelegd om de Markerwaard in te polderen. Dat is nooit gebeurd, waardoor het Markermeer overbleef en hier de waterkwaliteit door het afgesloten karakter achteruitging. Bij de aanleg van de zandige oevers en met name Trintelzand lag de focus daarom op het herstellen van de waterkwaliteit en de ecologie in het gebied. Dit gebeurde met behulp van natuurlijke land-waterovergangen. In Trintelzand zijn verschillende natuurvriendelijke oeverzones aangelegd. Om te beginnen is er een zone waar de originele diepte is aan gehouden. Daar is het tussen de 2,5 m en 1,2 m diep. Dit wordt vooral een schuil- en opgroeigebied voor de vissen, aldus Kamps. ‘Daar liggen bomen in het water. Deze zorgen voor schuil- en mogelijk paaiplaatsen voor onder andere brasem en dienen als substraat voor speciale soorten macrofauna en algen. In de dammen hebben we gaten gemaakt zodat water in en uit kan stromen. Dit bevordert de dynamiek.’ Vervolgens is er een ondiepe zone, van 60 tot 20 cm onder water. Dat moet een gebied worden voor waterplanten, zoals kranswieren. Kattenstaart En als laatste is er nog het moerasgebied. Daar moet kreekvorming ontstaan en mag het afwisselend nat en droog zijn. Kamps: ‘Dit is het meest spannende gebied, omdat we niet weten hoeveel dynamiek hier ontstaat. Vorig jaar hebben we dit onder water gezet, om zo versnelde wilgengroei tegen te gaan. We willen namelijk rietmoerassen; het is niet de bedoeling dat het een wilgenbos wordt. Tot nu toe werkt dit goed, we hebben nog geen wilgen gezien in 2020. In een rietmoeras komt meer dynamiek voor. In dit gebied hebben we ook op drie plekken riet aangeplant. Nu staat er veel moerasandijvie. We monitoren dus zorgvuldig wat er gebeurt. Hopelijk ontwikkelt het aangeplante riet zich goed en mogelijk groeit hier aankomende jaren gele lis, rietgras, lisdodde, watermunt en kattenstaart. Dynamiek van Trintelzand en de Houtribdijk De grootste uitdaging volgens Kamps is voldoende dynamiek in het gebied te bereiken én te behouden. Alleen dan groeien en bloeien er verschillende flora en fauna. ‘Als er niet voldoende dynamiek in het gebied zit, dan is er een risico op blauwalg of botulisme,’ legt Kamps uit. ‘Dit houden we dus scherp in de gaten. We evalueren jaarlijks. Dat is ook een moment waarop we kunnen bijsturen op onderhoud en beheer. Bijvoorbeeld door de gaten in de buitenste dijk van Trintelzand groter te maken, zodat er meer water instroomt. Maar wat we in 2019 hebben gezien, is hoopgevend. We denken dat het wel goed komt.’ Waardevolle lessen De kennis en ervaring die Rijkswaterstaat dankzij de monitoring opdoet, is bruikbaar voor nieuwe aanlegprojecten en onderhoud en beheer van andere natuurgebieden. Kamps: ‘We kijken nu ook met een schuin oog naar de Marker Wadden. Het is een ander gebied, maar de ervaring die zij opdoen met ecologische monitoring komt zeker van pas. Bijvoorbeeld: hoe zorg je dat er voldoende dynamiek is? In hoeverre zal de waterbodem inklinken? De zandige oevers en Trintelzand zijn zo nieuw, we hebben hier als Rijkswaterstaat nog weinig ervaring mee. Dat zijn hele waardevolle lessen.’
 
 

Oeverzones cruciaal voor gezond IJsselmeergebied

27 mei 2020
Dat natuurlijke, geleidelijke landwaterovergangen een belangrijke rol vervullen in het ecosysteem van een zoetwatermeer is bij velen bekend. Maar welke functie vervullen ze precies voor het onderwater- en bovenwaterleven? Wat betekent dit voor het IJsselmeer en Markermeer waar deze natuurlijke oeverzones grotendeels ontbreken? En kunnen we ze daar, ondanks de harde dijken en het tegengestelde waterpeil, toch ontwikkelen? Sportvisserij Nederland bracht in opdracht van Vogelbescherming Nederland alle kennis bijeen over de betekenis van landwaterovergangen. In eerste instantie voor vissen, maar wanneer de visstand verbetert, zullen visetende vogels daar onmiddellijk van profiteren. Belangrijke inzichten op basis waarvan we samen verder kunnen bouwen aan een robuust en veerkrachtig IJsselmeergebied. Download hier het rapport. Het IJsselmeergebied Het IJsselmeer, Markermeer en de Randmeren waren voor de aanleg van de Afsluitdijk onderdeel van een overwegend brakke binnenzee; de Zuiderzee. Een zeer rijk gebied met natuurlijke land-water en zoet-zout overgangen. Het zuidelijk deel, de zogenaamde Kom, had een overwegend zoet karakter. Na de afsluiting - waarmee het IJsselmeer en de Waddenzee als gescheiden gebieden ontstonden, werd het IJsselmeer een zoetwatermeer met – vooral na de inpolderingen - overwegend harde randen van stortsteen. De dynamiek verdween, het peil strak gereguleerd. Zachte en graduele land-water overgangszones en verbindingen met het achterland verdwenen grotendeels, terwijl deze zo belangrijk zijn voor het ecologisch functioneren van een meer. Je zou het IJsselmeer kunnen vergelijken met een badkuip zonder oeverzones, terwijl bij een natuurlijk meer ruwweg 50% open water is en de andere helft oeverzones. Belangrijk vogelgebied Het IJsselmeer, Markermeer en de Randmeren (het IJsselmeergebied) vormen samen het grootste zoetwatermeer van West-Europa en zijn niet alleen voor het onderwaterleven belangrijk. Gelegen op de Oost-Atlantische trekroute is het ook voor vele vogels, zoals de zwarte stern en visdief een cruciale broed-, voedsel- en rustplek. Jaarrond gebruiken vele tienduizenden vogels het natuurgebied. Reden voor Europa om het IJsselmeergebied de internationale status Natura2000-gebied te geven. De status gebiedt Nederland om goed voor de vogels te zorgen. En dat kan beter. Voor veel soorten vogels worden de zogeheten ‘instandhoudingsdoelen’ niet gehaald. Zo moet het IJsselmeer bijvoorbeeld opvang bieden aan 3.300 visdief-broedpaartjes, en werden er bij de laatste telling (2017-2018) slechts twee derde hiervan waargenomen. In de nazomer ‘horen’ er 70.000 zwarte sterns te verblijven, terwijl tellingen maar op 10.000 uitkomen. Samen het tij keren Vis- en vogelstanden zijn helaas drastisch afgenomen in het IJsselmeergebied, maar we kunnen het tij keren. Er vinden veel goede ontwikkelingen plaats om het systeem ecologisch te verbeteren. Denk aan de projecten vanuit de Programmatische Aanpak Grote Wateren, zoals Wieringerhoek en Oostvaardersoevers. Vogelbescherming werkt met steun van de Nationale Postcode Loterij aan een viertal voorbeeldprojecten om, zonder afbreuk te doen aan de zoetwatervoorziening en waterveiligheid, zachte land-waterovergangen te ontwikkelen met voor- en achteroevers en de nodige visverbindingen. In dat kader heeft zij Sportvisserij Nederland gevraagd alle kennis te bundelen over de betekenis van land water overgangen. Belangrijke input voor alle ontwikkelingen in het IJsselmeergebied en onze samenwerking in de Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk. Belang landwaterovergangen Het kennisrapport van Sportvisserij Nederland geeft een belangrijke onderbouwing van het belang van zachte, graduele land-water zones voor vis. Dit soort zones zijn essentieel als paai- en opgroeigebied van vis en een belangrijke aanvulling voor het voedselweb. Voor visetende vogels, die vaak een functie hebben als toppredator in het voedselweb, wordt hiermee hun voedsel veiliggesteld. Maar de functie van land-waterovergangen is veel breder dan alleen vis en visetende vogels. Denk aan de Grote karekiet die haar laatste broedlocaties in oeverzones in het IJsselmeergebied vindt (Zwarte Meer). De soort is afhankelijk van grote insecten om haar jongen te voeren en stevige waterrietstengels om haar nest in te bouwen. Wanneer we meer zachte land-waterovergangen in het IJsselmeergebied kunnen ontwikkelen, ontstaat er voor deze ernstig bedreigde rietvogel meer broedgelegenheid. Tot slot zijn zachte land-waterovergangen die in verbinding staan met het achterland niet alleen van belang voor de in- en uitstroom van vis, maar ook voor uitwisseling van belangrijke nutriënten. Meer oeverzone-leefgebied en een sterker voedselweb resulteert in een gezonder systeem en een robuustere vis- en vogelstand.
 
 

’IJsselmeervogels verdienen beter’; Vogelbescherming tegen windmolens en zonnepanelen Markermeer en IJsselmeer

14 mei 2020
Overheid en energiebedrijven kijken verlekkerd naar het IJssel- en Markermeer om er windmolens en zonnepanelen te plaatsen. Hoewel ook Vogelbescherming Nederland het belang van de energietransitie volledig onderschrijft, is de organisatie hier faliekant op tegen. ’Windmolens zijn zeer verstorend voor vogels en er kunnen ook vogels zoals de zeearend tegenaan vliegen’, vertelt Vogelbescherming. Zonnepanelen en windmolens verkleinen bovendien het oppervlakte dat geschikt is als voedsel- en rustgebied voor vele vogels. Dat terwijl het IJsselmeer nu al niet aan de internationale beschermingsdoelen voldoet. Vogelbescherming vindt locaties langs bestaande infrastructuur en bedrijfsterreinen geschikter voor zonnepanelen en windmolens. Scharrelen: Het IJsselmeergebied in de lente. Eenden scharrelen op de oevers van het Markermeer, kleine karekieten en rietzangers zingen en krassen vanuit de rietkragen. Op het eiland De Kreupel zoeken visdiefjes krijsend een goede plek om te broeden. Topdrukte: Het is topdrukte in het IJsselmeergebied; het IJsselmeer, Markermeer en de Randmeren. En niet alleen nu. In de nazomer zijn er de honderdduizend futen, zwanen, eenden en ganzen die in de veiligheid van het open grote water hun verenpak verwisselen. ’s Winters arriveren vele tienduizenden vogels die in het hoge noorden broeden en in het IJsselmeergebied overwinteren. Nonnetjes, grote zaagbekken en de zeldzame kleine zwaan bijvoorbeeld. Een gebied zó waardevol dat het de internationale status Natura2000-gebied heeft. De internationale status verplicht Nederland goed voor de vogels te zorgen. En dat kan beter vindt Leo Bruinzeel, ecoloog van Vogelbescherming Nederland. Door het onnatuurlijk peilbeheer en de harde dijken zijn er nauwelijks geleidelijke, zachte landwaterovergangen met ondiep water waar vissen kunnen paaien en opgroeien en vogels voedsel kunnen vinden, zo legt de vogelkenner uit. „Gezonde rietzones met een gevarieerde begroeiing bieden vogels niet alleen voedsel, maar ook broedgelegenheid. Ook zeldzame soorten waaronder roerdomp en grote karekiet. En juist die oevers zijn er vaak beroerd aan toe.” Ook voor de vogels die niet in de begroeiing, maar het liefst op een kale vlakte broeden zoals de kluut, een zwart witte vogel met opgewipte snavel, is het IJsselmeergebied van groot belang. In ons drukke, efficiënt gebruikte land zitten die vogelsoorten behoorlijk in de knel en vragen aandacht Recreatiedruk: Toenemende recreatiedruk, visserij, zandwinning en de vele plannen voor de komst van windmolens en zonnepanelen in het IJsselmeergebied baren Vogelbescherming ook zorgen. Bruinzeel: „Omdat het IJsselmeergebied zo belangrijk is voor vogels proberen we - met financiële steun van de Nationale Postcode Loterij - overheden en andere organisaties bij hun plannen en besluiten de vogelbelangen uitdrukkelijk mee te laten tellen. Zo is de visserij op spiering – voor veel vogelsoorten belangrijk voedsel – gestopt en wordt recreatie beter ’gezoneerd’. Natuur en recreatie kunnen prima samen gaan, maar zonering is nodig om voldoende rust voor de vogels te waarborgen.” Overal aandacht vragen voor het natuurbelang, maar ook voorbeeldprojecten, vertelt Bruinzeel. Zo worden samen met Staatbosbeheer op twee plaatsen aan de Noord-Hollandse Markermeerkust, onder meer bij Schardammer Kogen, een vooroever met eigen peilbeheer ontwikkeld die kan dienen als paai- en opgroeigebied voor vis. Bruinzeel: „Zo wordt duidelijk dat flinke natuurwinst te behalen valt zonder de waterveiligheid of zoetwatervoorziening aan te tasten. Werk aan de winkel en werk in uitvoering. Het IJsselmeergebied verdient het.” Vijf vogels: Vijf veel voorkomende vogels in het IJsselmeergebied zijn: Grote zaagbekken, visdief, zwarte stern, toppereend en grote karekiet. Grote zaagbekken worden ook wel boterbuiken genoemd. Het zijn wintergasten. Visdiefjes zijn kale-grondbroeders. Ze maken niet veel werk van hun nest. Zwarte stern maakt net als visdiefjes snelle duikvluchten naar vis. Toppereend eet schelpdieren. Het opvissen daarvan kost veel energie. Grote karekiet is met slechts enkele tientallen broedparen in ons land een kwetsbare vogel. Ze weet haar grote nest hangend aan een paar rietstengels te maken en legt hier vier tot vijf eitjes in. Copyright foto: Hans Peeters
 
 

Oeverzones cruciaal voor gezond IJsselmeergebied

1 mei 2020
Dat natuurlijke, geleidelijke landwaterovergangen een belangrijke rol vervullen in het ecosysteem van een zoetwatermeer is bij velen bekend. Maar welke functie vervullen ze precies voor het onderwater- en bovenwaterleven? Wat betekent dit voor het IJsselmeer en Markermeer waar deze natuurlijke oeverzones grotendeels ontbreken? En kunnen we ze daar, ondanks de harde dijken en het tegengestelde waterpeil, toch ontwikkelen? Sportvisserij Nederland bracht in opdracht van Vogelbescherming Nederland alle kennis bijeen over de betekenis van landwaterovergangen. In eerste instantie voor vissen, maar wanneer de visstand verbetert, zullen visetende vogels daar onmiddellijk van profiteren. Belangrijke inzichten op basis waarvan we samen verder kunnen bouwen aan een robuust en veerkrachtig IJsselmeergebied. Download hier het rapport. [caption id="attachment_3418" align="alignleft" width="449"] Fotografie: Janny Bosman[/caption] Het IJsselmeergebied Het IJsselmeer, Markermeer en de Randmeren waren voor de aanleg van de Afsluitdijk onderdeel van een overwegend brakke binnenzee; de Zuiderzee. Een zeer rijk gebied met natuurlijke land-water en zoet-zout overgangen. Het zuidelijk deel, de zogenaamde Kom, had een overwegend zoet karakter. Na de afsluiting - waarmee het IJsselmeer en de Waddenzee als gescheiden gebieden ontstonden, werd het IJsselmeer een zoetwatermeer met – vooral na de inpolderingen - overwegend harde randen van stortsteen. De dynamiek verdween, het peil strak gereguleerd. Zachte en graduele land-water overgangszones en verbindingen met het achterland verdwenen grotendeels, terwijl deze zo belangrijk zijn voor het ecologisch functioneren van een meer. Je zou het IJsselmeer kunnen vergelijken met een badkuip zonder oeverzones, terwijl bij een natuurlijk meer ruwweg 50% open water is en de andere helft oeverzones.   Belangrijk vogelgebied Het IJsselmeer, Markermeer en de Randmeren (het IJsselmeergebied) vormen samen het grootste zoetwatermeer van West-Europa en zijn niet alleen voor het onderwaterleven belangrijk. Gelegen op de Oost-Atlantische trekroute is het ook voor vele vogels, zoals de zwarte stern en visdief een cruciale broed-, voedsel- en rustplek. Jaarrond gebruiken vele tienduizenden vogels het natuurgebied. Reden voor Europa om het IJsselmeergebied de internationale status Natura2000-gebied te geven. De status gebiedt Nederland om goed voor de vogels te zorgen. En dat kan beter. Voor veel soorten vogels worden de zogeheten ‘instandhoudingsdoelen’ niet gehaald. Zo moet het IJsselmeer bijvoorbeeld opvang bieden aan 3.300 visdief-broedpaartjes, en werden er bij de laatste telling (2017-2018) slechts twee derde hiervan waargenomen. In de nazomer ‘horen’ er 70.000 zwarte sterns te verblijven, terwijl tellingen maar op 10.000 uitkomen.                   Fotografie: Hans Peeters                                                       Visdief Samen het tij keren Vis- en vogelstanden zijn helaas drastisch afgenomen in het IJsselmeergebied, maar we kunnen het tij keren. Er vinden veel goede ontwikkelingen plaats om het systeem ecologisch te verbeteren. Denk aan de projecten vanuit de Programmatische Aanpak Grote Wateren, zoals Wieringerhoek en Oostvaardersoevers. Vogelbescherming werkt met steun van de Nationale Postcode Loterij aan een viertal voorbeeldprojecten om, zonder afbreuk te doen aan de zoetwatervoorziening en waterveiligheid, zachte land-waterovergangen te ontwikkelen met voor- en achteroevers en de nodige visverbindingen. In dat kader heeft zij Sportvisserij Nederland gevraagd alle kennis te bundelen over de betekenis van land water overgangen. Belangrijke input voor alle ontwikkelingen in het IJsselmeergebied en onze samenwerking in de Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk.                 Fotografie: Jelle de Jong                                           Grote Karekiet   Belang landwaterovergangen Het kennisrapport van Sportvisserij Nederland geeft een belangrijke onderbouwing van het belang van zachte, graduele land-water zones voor vis. Dit soort zones zijn essentieel als paai- en opgroeigebied van vis en een belangrijke aanvulling voor het voedselweb. Voor visetende vogels, die vaak een functie hebben als toppredator in het voedselweb, wordt hiermee hun voedsel veiliggesteld. Maar de functie van land-waterovergangen is veel breder dan alleen vis en visetende vogels. Denk aan de Grote karekiet die haar laatste broedlocaties in oeverzones in het IJsselmeergebied vindt (Zwarte Meer). De soort is afhankelijk van grote insecten om haar jongen te voeren en stevige waterrietstengels om haar nest in te bouwen. Wanneer we meer zachte land-waterovergangen in het IJsselmeergebied kunnen ontwikkelen, ontstaat er voor deze ernstig bedreigde rietvogel meer broedgelegenheid. Tot slot zijn zachte land-waterovergangen die in verbinding staan met het achterland niet alleen van belang voor de in- en uitstroom van vis, maar ook voor uitwisseling van belangrijke nutriënten. Meer oeverzone-leefgebied en een sterker voedselweb resulteert in een gezonder systeem en een robuustere vis- en vogelstand.
 
 

Terug van weggeweest: dwergstern en strandplevier

1 mei 2020
Wie had gedacht dat strandplevier en dwergstern terug zouden keren als broedvogels in het IJsselmeergebied? Beide soorten zijn rasechte pioniervogels van zandige en slibrijke kale vlaktes. Dwergsterns zijn de kleinste sterns van Europa. Ze broeden hier en overwinteren voor de kust van West Afrika. De volwassen vogels hebben een hagelwit verenkleed, felgele snavel en een zwart kopkapje. Sierlijk vliegen ze boven het ondiepe water om kleine visjes te vangen. Door hun schelle roepjes trekken ze de aandacht, waarna je moet letten op een sterntje dat biddend naar prooien zoekt. Zo ook op Marker Wadden waar een nieuw broed- en voedselgebied is ontstaan in het Markermeer. Hier vissen ze in het ondiepe water en broeden ze in kleine kolonies, het liefst op schelpenbankjes. En dat doen ze met succes; al twee jaar groeien er veel kuikens op. Om te weten of ze terug keren hebben we er een aantal een kleurring gegeven. Op deze wijze dragen de dwergsterns van het IJsselmeergebied bij aan een West-Europees kleurringproject om de verplaatsingen van dwergsterns in kaart te brengen. Dwergstern   Strandplevieren keren ook in het voorjaar terug uit West Afrika om in Europa te broeden. Hun rug is net zo zandkleurig als hun broedplekken. De mannetjes hebben bovendien een fraai roestbruin kopkapje. Op kale open plekken broeden ze het liefste, maar voor de nestplek wordt toch vaak de rand van een struikje of steenhoopje uitgekozen. Op Marker Waden doen ze hun naam geen eer aan. De kilometers lange stranden werden niet gebruikt als broedplek, maar wel de opgedroogde slibvelden grenzend aan slik. Ze vangen op die moddervlaktes insecten door er achteraan te rennen. Plevier   Landelijk zijn beide soorten ernstig bedreigd en staan niet voor niets op de Rode Lijst voor bedreigde broedvogels. In zoete gebieden is vrijwel nergens meer voldoende dynamiek om geschikte broedplekken te laten ontstaan, daarom zijn de Waddenzee en Delta favoriet. Zoute gebieden dus. In het verleden waren de grote rivieren en de Zuiderzee ook van belang. Als het waterpeil echter stabiel is, overstromingen tot het verleden behoren en zoutinvloed afwezig is, groeien open zandplaten snel dicht met vegetatie. In het IJsselmeergebied is dit goed te zien bij de Natuurboog en bij de Kinseldam. Zonder beheer begroeid het zand met bos. En zelfs met intensief maaibeheer kan je het  niet kaal houden. De laatste keer dat deze soorten in het IJsselmeergebied gebroed hebben was kortstondig op De Kreupel. Maar nu zijn ze teruggekeerd op Marker Wadden en Trintelzand met maar liefst 10 paar strandplevier en 10 tot 15 paar dwergstern. Dat lijkt weinig maar is toch meer dan 5-10 % van de landelijke populatie! Hoewel de huidige plekken waarschijnlijk niet geschikt kunnen blijven als broedplek, kunnen we nu nog een paar jaar van deze schitterende vogels genieten. Daarbij tonen deze nieuwe gebieden aan dat het mogelijk is om deze soorten leefgebied te bieden. Ga hier naar de andere IJsselmeergebied projecten. Jan van der Winden en Camilla Dreef  
 
 

RES uitkomst Noordholland Zuid en Noord

1 mei 2020
Gooimeer, Markermeer en IJsselmeer zijn aangewezen als zoekgebied voor wind- en zonne- energie De concept-Regionale Energiestrategie (RES) voor energieregio Noord-Holland Zuid en Noord-Holland Noord zijn klaar. Hierin staan de resultaten van vele gesprekken en bijeenkomsten met burgers en belangenbehartigers. Een RES is een strategie om een regio in Nederland te voorzien van duurzame elektriciteit en warmte. De energieregio Noord-Holland Zuid verwacht dat zij de komende tien jaar bijna vier keer zoveel wind- en zonne-energie kan opwekken. Zij zien ook veel mogelijkheden voor wind en zon in het Markermeer en het Gooimeer. Klik hier voor meer informatie over Res NH-Zuid.   In de Res Noord-Holland Noord heeft men ook zoekgebieden in het IJsselmeer aangewezen. Men ziet daar grote kansen voor wind en zon. Voor wat ‘zon op water’ betreft is er in Nederland nog te weinig bekend over de ecologische effecten van drijvende zonnepanelen. Uiterste voorzichtigheid is dus geboden. De Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk ziet het als een noodzakelijke voorwaarde dat er eerst goed ecologisch onderzoek wordt gedaan. Gepleit wordt voor landelijke regie op ecologisch onderzoek en het aanwijzen van/meedenken met, kleinschalige pilotprojecten op daarvoor geschikte locaties. Zo krijgen we meer inzicht in mogelijke ecologische effecten van drijvende zonnepanelen. Lees hier onze zonne-visie. Lees hier meer over de RES Noord-Holland Noord. De Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk maakt zich zorgen om de toenemende ruimtelijke druk op het IJsselmeergebied. Alle initiatieven voor het plaatsen van windturbines of zonneparken in dit bijzondere natuurgebied, zijn tot nu toe zonder enige samenhang of in afstemming met elkaar of met andere ambities en doelen voor het gebied tot stand gekomen. Wij vinden dat dit Natura 2000 gebied een goede bescherming verdient, juist ook bij de uitwerking van de regionale energiestrategieën - waarvan er minimaal 5 ook over een stukje van het IJsselmeergebied gaan. En dat er een integrale aanpak komt van de diverse ontwikkelingen, zoals is vastgesteld als ambitie in de Agenda IJsselmeergebied 2020-2050.
 
 

Nieuwsbrief maart 2020

1 april 2020
Ondanks het feit dat het Corona virus ons allemaal in de greep houdt en soms de voortgang van ons werk belemmert, hebben wij in deze nieuwsbrief toch een aantal interessante onderwerpen voor u geselecteerd. Veel bijeenkomsten en evenementen zijn op dit moment afgelast of uitgesteld naar een andere datum. Laten we hopen dat we deze pandemie snel achter ons kunnen laten zodat we weer vooruit kunnen kijken naar de toekomst waarin wij ons samen inzetten voor een vitaal en gezond IJsselmeergebied! In deze nieuwsbrief aandacht voor de zeearend uit de Oostvaardersplassen. Verder geeft Roef Mulder, Vogelbescherming Nederland een update over het Natuurwinstplan Grote Wateren, en hebben we een persoonlijk interview met Manon Tentij opgenomen. Klik hier om de nieuwsbrief te lezen! Veel leesplezier!
 
 

Project Wieringerhoek

1 april 2020
Coalitie Blauwe Hart natuurlijk ziet mooie kansen in het project Wieringerhoek. Het ecosysteem van het IJsselmeergebied is uniek, tegelijkertijd ook kwetsbaar en staat ernstig onder druk. Belangrijkste knelpunten zijn het ontbreken van essentiële leefgebieden van voldoende kwaliteit en omvang, en het ontbreken van voldoende verbindingen tussen de leefgebieden. Hierdoor kunnen verschillende soorten vissen en vogels die van groot belang zijn voor een goed functionerend ecosysteem hun levenscyclus niet voltooien. Rijkswaterstaat verkent de mogelijkheden om het IJsselmeer toekomstbestendiger te maken. Lees meer hierover in het persbericht van Rijkswaterstaat.   Foto: copyright Witteveen + Bos  
 
 

Natuur- en milieuorganisaties roepen op tot zorgvuldige locatiekeuze windmolens en zonneweides

1 april 2020
De Noord-Hollandse natuur- en milieuorganisaties (Natuur en Milieufederatie Noord-Holland, Landschap Noord-Holland, Natuurmonumenten en Goois Natuur Reservaat) presenteerden afgelopen maand hun visie en voorwaarden voor de Regionale Energietransitie in Noord-Holland. Ze geven daarin aan waar géén ruimte is voor windmolens en zonneweides vanwege natuur en waardevol landschap en waar plaatsing onder voorwaarden wél zou kunnen. Lees het hele artikel hier.
 
 

Dwaalfilm Wadden nu te zien op internet

19 maart 2020
Dwaalfilm Wadden is vanaf nu te zien op het internet. Deze 1e editie, gemaakt door Rombus natuurfilms, bestaat uit 60 korte films. Je vindt ze in bewegende landschapspanorama’s van het Waddengebied. De Wadden worden getoond zoals ze zijn in al hun bijzondere schoonheid maar ook herkenbaar, zoals je ze zelf kunt zien en beleven als je er bent. De filmpjes zijn zo gemaakt dat ze een breed publiek aanspreken. Kleine observaties, soms poëtisch dan weer informatief. https://www.dwaalfilmwadden.nl/
 
 

Bijeenkomst gedeelde waterplanten geannuleerd

13 maart 2020
De bijeenkomst gedeelde kennis waterplanten van 24 maart gaat niet door omdat de Provincie Flevoland heeft besloten om haar Provinciehuis i.v.m. het Coronavirus te sluiten tot in ieder geval 31 maart.
 
 

Programma 12 maart 2020 – Platform IJsselmeergebied

29 februari 2020
Thema: Onderwijs Locatie: Smedinghuis, Zuiderwagenplein 2, Lelystad 10.00 uur – Opening/Welkom (vanaf 9.30 uur staat de koffie/thee klaar) 10.00 - 12.30 uur thema:  Ambities Agenda IJsselmeergebied 2050 en Onderwijs Agenda IJsselmeergebied 2050 van ambities naar uitvoering. (Leen Kool, Ministerie LNV, trekker Agenda IJsselmeergebied 2050). Er gebeurt waanzinnig veel in het IJsselmeergebied, en als we de ambities van AGIJ 2050 willen realiseren dan staat er nog veel op stapel. Er zit dus nog veel meer werk aan te komen, en daarvoor hebben we kennis, deskundigheid en menskracht hard nodig. Technasium; vanuit de boeken in de klei. (Otto Kelderman, coördinator Technasium/Scholengemeenschap Lelystad). De wereld leer je pas echt kennen aan de hand van actuele en urgente vraagstukken, dit is de rode draad waarlangs het Technasiumonderwijs wordt vormgegeven. HAVO- en VWO- leerlingen werken aan werkelijke opdrachten van echte opdrachtgevers. Amsterdam Green Campus: maatschappij gestuurd multidisciplinair onderwijs: (Roos van Maanen, projectmanager Amsterdam Green Campus). Amsterdam Green Campus verbindt opdrachten uit de markt met lopend onderzoek, waarbij studenten van meerdere opleidingen en van verschillende niveaus kunnen samenwerken. Pauze Het MBO helpt om plannen in de praktijk te brengen.  (Karel Schoenaker, Directeur Recreatieschap Westfriesland). Er staan veel ambities, doelen en plannen op papier. Om de deze ten uitvoer te brengen moeten er mensen zijn die het gaan doen. Het MBO levert mensen met praktijkervaring die bij inrichting, beheer en onderhoud van cruciaal belang zijn. Het HBO slaat de brug tussen theorie en praktijk en van ambitie naar uitvoering. (Annet Pouw, docent Toegepaste Biologie, coördinator Int. Waterprogramma Aeres Hogeschool Almere). De HBO’er: breed inzetbare schakel tussen praktijk en onderzoek: (Hoe) sluit (je) de opleiding aan op de wensen van het werkveld? Vrije creativiteit van de geest hebben we hard nodig om de ambities voor het IJsselmeergebied te realiseren. (Harm van der Geest, docent/onderzoeker Universiteit van Amsterdam). Een wetenschappelijke benadering en goede kwantitatieve systeemanalyse op basis van concrete hypothesen moet leiden tot creatieve interpretaties om de ambities voor het IJsselmeergebied te realiseren. ZEEPKIST (gelegenheid voor max. 1 minuut pitchen) 12.30 – 13.30 uur: Netwerklunch 13.30 - 16.00 uur thema:  Workshop Onderwijs en Ambities voor het IJsselmeergebied Hoe kunnen we de ambities voor het IJsselmeergebied en de ambities vanuit de onderwijswereld met elkaar verbinden? Pauze We werken in groepjes kansrijke ideeën verder uit, en benoemen concrete vervolgstappen. We reflecteren op van de dag, maken afspraken met elkaar. 16.00 – 17.00 uur: Netwerkborrel Aanmelden: platformijsselmeergebied@rws.nl
 
 

Eerste natte kraamkamer in Amsterdamse polder in de maak

29 februari 2020
Meer vis in het IJmeer en het Markermeer kan de biodiversiteit in een groot gebied verbeteren. Twee paaiplaatsen in de polder moeten daarvoor gaan zorgen. Paling, spiering, baars, brasem, blankvoorn, snoekbaars: soorten vis genoeg in IJmeer en Markermeer. Maar het ontbreekt aan massa. De provincie Noord-Holland wil daarom in twee polders bij Amsterdam paaiplaatsen aanleggen, van waaruit jaarlijks honderdduizenden jonge vissen de weg naar de meren moeten kunnen vinden. Als alles meezit, kunnen de eerste natte kraamkamers in het voorjaar van 2021 operationeel zijn, vertelt projectleider Marc Schepers. “In het komende half jaar worden de laatste knopen doorgehakt. Het budget is binnen, maar we zijn gaan eerst in gesprek met omwonenden. We vinden het belangrijk hen te betrekken. Niet alleen bij de plannen, maar ook bij de uitvoering.” De paaiplaatsen komen in de polder IJdoorn bij Durgerdam en polder De Nes, even voorbij Uitdam. In de eerste maanden van het jaar zal daar het waterpeil flink worden opgezet. Schepers: “Sloten, greppels en oevers worden de paaiplaatsen. In de zomer valt de polder weer droog. De rest van het jaar kan het worden gebruikt als hooiland.” Lokstroom De kraamkamers maken deel uit van de inspanningen om de visstand in het Markermeer te verbeteren. Schepers vertelt dat de massa vis sinds de jaren tachtig met liefst zeventig procent is afgenomen. “Een van de maatregelen om die trend te keren is het creëren van gebieden waar de vis kan paaien en opgroeien. Vernat grasland is ideaal: het water warmt er snel op en er is voldoende voedsel te vinden.” Om de kraamkamers in werking te stellen, moet volwassen vis naar de polder worden gelokt. Dat gebeurt met een zogenoemde lok­stroom, legt Schepers uit. “Vissen trekken in de paaitijd op waterstroom. Met een gemaal kunnen we een stroming veroorzaken die de vissen verleidt de polder in te zwemmen. Daar zorgen we voor goede condities, met waterplanten en rietoevers om in te schuilen.” Bijzonder is dat er ook paaiplaatsen binnendijks worden aangelegd, omdat er buitendijks onvoldoende ruimte is. Het lijkt een hele toer om de vis over de dijk te transporteren, maar elders zijn goede resultaten geboekt met een grote vijzel, zoals die ook wel in waterspeeltuinen te vinden is. Als de paaitijd is afgelopen, wordt de vis in enkele dagen diervriendelijk overgeheveld. Het vernatten van de stukken polder betekent dat het gebruik van de grond verandert. De polders zijn natuurgebied, maar er lopen nu ook koeien rond. “Dat kan straks alleen na de zomer. De keerzijde is dat de natuur er sterker van wordt,” zegt Schepers. “Het gebruik als paaiplaats laat zich goed combineren met weidevogelbeheer. En de vis zal aalscholvers, duikeenden en andere viseters aantrekken.” Afgedijkte bak water De vissen moeten nu misschien maar even stoppen met lezen, want zij zullen uiteindelijk voornamelijk als voedsel dienen voor andere soorten in de keten. “Een van de problemen van het Markermeer is dat de basis van de voedselpiramide erg smal is,” vertelt Schepers. “De paaiplaatsen moeten helpen die te verbreden, ten gunste van de biodiversiteit.” Voor de versterking van de natuur is meer nodig. Het Markermeer wordt nu soms weinig eerbiedig omschreven als een afgedijkte bak met water. In de toekomst moet dat een meer natuurlijke omgeving worden, met land dat via moeras en oeverzones overgaat in water. Dat is een zaak van lange adem en veel geld. Schepers: “Met onze paaiplaatsen kunnen we snel beginnen. Het is goed om nu iets te dóén.” Bron: Parool  Beeld: Jan Pierre Jans
 
 

Bijeenkomst gedeelde kennis waterplanten in het provinciehuis Flevoland

27 februari 2020
U bent van harte uitgenodigd om aanwezig te zijn bij de bijeenkomst gedeelde kennis over waterplanten in het Zuidelijk IJsselmeergebied. Doel van deze bijeenkomst is om kennis over waterplanten te delen met u en te komen tot een gedeeld beeld hierover. Daarnaast willen we met u diverse gebruiksfuncties en plekken inventariseren, om zo de omvang scherper te definiëren. Programma: 09.00 uur inloop 09.30 uur start programma • Inleiding door Flos Fleischer • Nadere toelichting van het Rapport Ondergedoken waterplanten in het Markermeer door  Harm v.d. Geest • Kennisquiz Ed Buijs • Presentatie mogelijke oplossingsrichtingen/knoppen door Jaap Quak Pauze • Werksessie ophalen gebruik, inleiding diverse gebiedstafels, met gespreksleider Anja Ooms • Wrap-up. Wat doen we met de oogst? door Flos Fleischer en Anja Ooms Lunch na afloop van de bijeenkomst U kunt zich aanmelden via info@hetblauwehart.org  
 
 

Opening sluizencomplex op het Tulp eiland bij Zeewolde

27 februari 2020
Tulpeiland Zeewolde is klaar! Het Tulpeiland ligt ongeveer 1.500 meter verderop voor de kust van Zeewolde. Van dit tulpvormige nieuwe eiland is de haven zo goed als klaar. Recreatieschepen kunnen daar inmiddels aanmeren.  Van 10 april tot en met 5 mei, de periode van de Tulpenroute Flevoland, staat er een tijdelijk horecapaviljoen op het Tulpeiland, van horecabedrijf Moving Street Food uit Zeewolde. Op 18 april is het feest op het Tulpeiland en de naastgelegen sluis, die dan officieel wordt geopend. Op het eiland komt een 15 meter hoog lichtkunstwerk te staan, geschonken door de Rotaryclub Zeewolde. Opening sluizencomplex Zeewolde en opening Op zaterdag 18 april zal het sluizencomplex in Zeewolde officieel worden geopend. De sluis werd vorig jaar al in gebruik genomen. Dat gebeurt rond 11.00 uur met aansluitend een openingsfeest bij en rond de nieuwe schutsluis in Havenkwartier. Daarbij zullen (tot 15.00 uur) verschillende lokale koren en muziekgroepen optreden. Ook op het Tulpeiland is dan volop muziek en wordt er een kunst- en boerenmarkt georganiseerd. Afbeelding luchtfoto Tulpeiland copyright gemeente Zeewolde
 
 

Eilanden in Markermeer brengen nieuw leven

27 februari 2020
De natuureilanden van Marker Wadden brengen nieuw leven in het Markermeer. De eilanden met hun natuurlijke oevers zijn een duidelijke impuls voor de voedselketen. Uit onderzoek blijkt dat de afgelopen twee jaar de beschikbaarheid van voedingsstoffen in het water flink is toegenomen. Hierdoor kwamen er grote hoeveelheden insecten en ander klein leven zoals algen, watervlooien en vislarven. Zij zijn op hun beurt weer voer voor vogels en vissen. Dit zijn hoopvolle signalen uit lopend onderzoek naar de natuureffecten van Marker Wadden. Aan dit meerjarig onderzoek werken een groot aantal onderzoeksinstellingen mee. De onderzoekers gaan na hoe de natuur reageert op de aanleg van Marker Wadden, of het slib zich anders beweegt en het water helder wordt, hoe de moerassen zich ontwikkelen, welke vissen gaan paaien en welke vogelsoorten op Marker Wadden afkomen. De aanleg van de eilanden is nog niet afgerond en de natuur is nog in een pioniersstadium, maar de eerste resultaten zijn zeer hoopvol. Het rapport geef belangrijke informatie voor de volgende stappen in ontwikkeling Marker Wadden. In opdracht van de uitvoeringsorganisaties Marker Wadden is een eerste rapportage opgesteld. Lees hier het hele onderzoeksrapport 'Ecologisch onderzoek Marker Wadden 2016 – 2019'      
 
 

Vissen op de zoete zee

27 februari 2020
Hoeveel vis kun je verantwoord oogsten uit een watersysteem? Na jarenlange discussies – die vaak uitmonden in patstellingen – ondertekende minister Carola Schouten in 2018 een actieplan dat in de nabije toekomst moet leiden tot een gezonde visstand, een vitaal ecosysteem en een duurzame visserij. Hoe zien beroepsvissers zelf deze toekomst? Visionair voer mee met de UK55. Het is nog donker wanneer we in Broekerhaven aan boord stappen van de IJsselmeerkotter Paulus, het schip van de familie De Boer uit Urk. Schipper Jan de Boer, zijn broer Albert en neef Lub de Boer vissen met hoekwant op aal en met staande netten op snoekbaars. Deze morgen gaan we de netten ophalen die ze gisteren hebben gezet. De afgelopen dagen hebben ze goed gevangen en Jan is er van overtuigd dat het vandaag niet anders zal zijn: “De afgelopen jaren hebben we de vangsten van snoekbaars zien toenemen. Ik ben er bijna zeker van dat we vandaag ook weer goed gaan vangen. Je zult verbaasd zijn.” Lees meer in Visionair
 
 

Start werkzaamheden natuureiland

29 januari 2020
Voordat de bouw van Windpark Fryslân op het water start, legt aannemersconsortium Zuiderzeewind een groot werk- en natuureiland aan ten zuiden van de Afsluitdijk. Circa 2 hectare van het eiland ligt boven water en daarnaast wordt er een ondiepe waterzone aangelegd van circa 25 hectare. Het gebied wordt beschermd tegen golven en stroming door een luwtedam met een lengte van circa 800 meter. Het eiland kan tijdens de bouw van het windpark tijdelijk worden gebruikt als werkeiland. Zowel tijdens als na de bouw mag er niet worden gevaren door de ondiepe waterzones. Vanaf het moment dat de eerste rotor met bladen wordt geplaatst op een van de windturbines, heeft het eiland een natuurfunctie en mag het niet meer als werkeiland gebruikt worden. Door een aantrekkelijk foerageer- en rustgebied voor vogels, met ernaast een kunstmatig rif voor vissen te creëren, wordt er extra kwaliteit toegevoegd aan het IJsselmeer. Planning De werkzaamheden aan het werk- en natuureiland zijn in januari gestart. Zuiderzeewind is begonnen met de grondverbetering om een stabiele fundering te maken voor het eiland. Verwachting is dat de werkzaamheden na de zomer klaar zullen zijn. De Werkendam is inmiddels aangekomen op het IJsselmeer! Dit schip van Van Oord is gestart met de aanleg van het natuur- en werkeiland van Windpark Fryslân
 
 

Duik in de verhalen over het leven aan de voormalige Zuiderzee!

29 januari 2020
Bewoners uit de Zuiderzeeregio van rond 1900 vertellen over hun dagelijkse leven, kleding, huizen en avonturen. Over hun gebruiken en hun feesten. En over hun eeuwige strijd tegen het water, de betekenis van de watersnoodramp in 1916 en de aanleg van de dijk die alles veranderde: de Afsluitdijk. En de jonge bezoekers? Die reizen met Marretje de meeuw langs alle bewoners, verhalen en avonturen! Hard werken voor iedereen Het water en de visserij bepaalden het leven van veel mensen rond de Zuiderzee. Er waren niet alleen de vissers op zee – die schol, haring en ansjovis vingen – maar ook nettenbreiers, zeilmakers, scheepssmeden, mandenmakers en garnalenpellers op het vasteland. Ook de vrouwen en kinderen werkten mee om het huishouden gaande en het inkomen op peil te houden. Thuis Met hoeveel mensen kun je slapen in een bedstee? Probeer het zelf maar eens! En onderzoek daarna de verschillende voorwerpen in een Zuiderzeehuis. Het verschil tussen gebruiksvoorwerp en ‘pronk’ is niet altijd zichtbaar en vaak afhankelijk van de plaats van herkomst; in de ene plaats decoreerde men ook de gebruiksvoorwerpen rijkelijk, terwijl die elders juist een sober uiterlijk hadden. Maar ‘pronken’ deed men overal: de één met rijk beschilderde muren of sieraardewerk, en de ander met kleurrijke spanen dozen of juist prachtig gedecoreerde bedbankjes. Vergeet tot slot niet je kennis te testen in het toen-en-nu-memoryspel; maak jij de juiste combinatie tussen oude en nieuwe voorwerpen? Streekgebonden Klederdracht bestaat uit heel veel lagen kleding over elkaar en elk dorp, elke streek heeft eigen kleuren, vormen, sieraden en hoofddeksels. En was het feest? Dan werd qua kleding letterlijk alles uit de kast gehaald! De dorpen en streken rond de Zuiderzee hadden niet alleen hun eigen dracht, maar ook hun eigen streektaal. Kun jij horen waar iemand vandaan komt? Zee vol verhalen Het leven veranderde definitief in 1932, toen de aanleg van de Afsluitdijk werd afgerond. De ontembare Zuiderzee werd een rustig IJsselmeer; de gevaarlijke stormen en overstromingen waren voorgoed voorbij. Vandaag de dag zijn er nog steeds sporen van het Zuiderzeeleven terug te vinden. Kom naar deze boeiende nieuwe tentoonstelling en duik in alle verhalen van toen en nu, in Zee vol verhalen!
 
 

Nieuw: Podcast ‘Over Water & Klimaat’

29 januari 2020
Experts, wetenschappers en beleidsmakers namen in groepjes plaats achter de microfoons, om te praten over onderwerpen als zeespiegelstijging, de crisis van een overstroming, droogte en verzilting, ruimtelijke adaptatie en young professionals in de waterwereld. Onderwerpen die zowel voor de betrokkenen bij het Deltaprogramma als voor de mensen die wat verder af staan, interessant zijn. De podcastserie wil de bekendheid met het Deltaprogramma vergroten en antwoord geven op vragen als: Wat doet de overheid om ervoor te zorgen dat we in Nederland droge voeten houden? Hoe zorgen we voor voldoende water in droge tijden? En is Nederland wel voorbereid op een veranderend klimaat? Hoe te vinden? Wie al bekend is met podcasts zoekt in zijn of haar podcast-app naar Over Water & Klimaat. Als dit je eerste kennismaking met podcast is, kun je terecht op www.deltacommissaris.nl/podcast voor meer info en afluisteren.  
 
 

Gezamenlijke aanpak waterplanten in zuidelijk deel IJsselmeergebied

29 januari 2020
Op 6 december 2019 zijn afspraken gemaakt over het beheer van waterplanten die overlast geven voor de waterrecreatie in het Markermeer-IJmeer en de Randmeren. De provincies Noord-Holland en Flevoland, het Rijk (ministerie van I&W), de randmeergemeenten, verenigd in de gebiedscoöperatie Gastvrije Randmeren, de gemeenten Almere en Hoorn en de waterrecreatiepartijen Watersportverbond, Hiswa vereniging, Sportvisserij Nederland en Toerzeilers Nederland hebben hiertoe een samenwerkingsovereenkomst getekend op de landelijke waterplantenconferentie. Waterplantengroei neemt toe door betere waterkwaliteit Met de toegenomen waterkwaliteit in het Markermeer-IJmeer en de Randmeren is de afgelopen jaren de groei van waterplanten enorm toegenomen. Dat is goed voor de natuur. Echter, de tot aan het wateroppervlak groeiende waterplanten (Fonteinkruiden) zorgen ook voor hinder. Het vaargebied voor de waterrecreatie wordt beperkt, de bereikbaarheid van jachthavens wordt slechter, er ontstaan onveilige situaties doordat beroeps- en recreatievaart gedwongen worden om samen in de vaargeul te varen, hulpdiensten komen door de waterplanten soms lastiger ter plaatse en bij de kust hebben zwemmers en bezoekers last van de waterplantenresten. Verdiepen bodem als structurele oplossing Een werkgroep waarin alle partijen aan tafel zitten, werkt de komende jaren aan een structurele oplossing die in balans is met de natuurbelangen en de functie van de waterplanten voor de waterkwaliteit. Omdat in diepere wateren waterplanten niet kunnen groeien, zet de werkgroep in op een plan voor het verdiepen van de bodem in de vaargebieden in het Markermeer-IJmeer en de Randmeren. Het is mogelijk dat uit de werkgroep ook andere oplossingen naar boven komen. “We moeten maatregelen voor het beheer van de waterplanten in samenhang met elkaar inzetten voor het totale gebied. Ik ben dan ook blij dat we nu met elkaar aan de slag gaan om aan een structurele oplossing te werken”, aldus Cees Loggen, gedeputeerde van de Provincie Noord-Holland. Maatregelen voor korte termijn Voor de korte termijn willen de verschillende partijen zorgen dat het recreatief gebruik van het vaargebied goed mogelijk blijft. De waterplanten worden daarom in specifieke delen gemaaid en de gemaaide gebieden worden op een kaart weergegeven. Ook is er een website en een app Waterplantmelder ontwikkeld waarmee gebruikers overlast van waterplanten kunnen melden.  
 
 

Kabinet moet effecten van drijvende zonnepanelen op de natuur laten onderzoeken

29 januari 2020
Een meerderheid in de Tweede Kamer wil dat de regering in overleg met betrokken stakeholders een onderzoek in gaat stellen naar de effecten van drijvende zonnepanelen op de natuur.  Vervolgens moet het kabinet samen met decentrale overheden, het bedrijfsleven en natuurorganisaties een routekaart opstellen met kansen en risico’s van zonne-energie op water in Nederland. Dit staat in een motie van het CDA en D66 die op donderdag 19 december in het algemeen overleg over klimaat en energie werd aangenomen. De opstellers van de motie, Agnes Mulder van het CDA en Matthijs Sienot van D66, menen dat natuur, klimaat en biodiversiteit hand in hand kunnen gaan en dat zonne-energie op waterkansen biedt voor het halen van de hernieuwbare energiedoelen. Ze constateren echter dat gedegen, onafhankelijk onderzoek naar de potentiële effecten van drijvende zonnepanelen op de natuur momenteel ontbreekt. (bron: Tweede Kamer, 19/12/19) De Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk heeft een visie ontwikkeld op duurzame energie in het IJsselmeergebied.  De organisaties van de Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk (CBHN) staan voor het behalen van klimaatdoelen en biodiversiteitsdoelen. Hoewel de Coalitie voor duurzame energie is, wil zij dat de rol en de effecten op het IJsselmeergebied hierin vooraf nauwkeurig onderzocht worden. De coalitiepartners hechten er belang aan dat ontwikkelingen en plannen integraal getoetst worden aan de draagkracht van het ecosysteem. Zij vinden het onwenselijk dat, door een eenzijdige klimaatkeuze aanpak, de biodiversiteit en de landschappelijke waarden verder verslechteren. Het ecosysteem van het IJsselmeergebied functioneert momenteel niet optimaal en het is nodig dat er gewerkt wordt aan herstel en verbetering van de natuur in het IJsselmeergebied. Deze visie is overgenomen door het Regionaal Platform IJsselmeergebied, waar alle belangrijke stakeholders van het IJsselmeergebied 6 wekelijks bijeen komen. Lees CBHN_visie duurzame energie in IJsselmeergebied.
 
 

Een natuurlijkere toekomst voor Nederland

29 januari 2020
Nederland staat voor grote opgaven: de energietransitie, verduurzaming van de landbouw, herstel van de biodiversiteit, verstedelijking en klimaatadaptatie. Al deze opgaven hebben gevolgen voor de ruimtelijke inrichting van ons land. Het is onvermijdelijk dat Nederland er over honderd jaar anders uit zal zien. Grote veranderingen zijn nodig om opgewassen te zijn tegen een stijgende zeespiegel, perioden van extreem weer, een toenemende vraag naar voedselproductie en een noodzaak om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen. Deze opgaven vragen om een nieuw verhaal voor Nederland. Een verhaal waarin dit dichtbevolkte land zich ontwikkelt tot een gidsland waar natuur, duurzame economie, leefbaarheid en veiligheid voorop staan. Een verhaal gebaseerd op ‘nature based solutions’ waarin opgaven voor klimaat en biodiversiteit hand in hand gaan. Deze opgaven maakten inspireerden de onderzoekers van Wageningen University & Research, Tim van Hattum, Michael van Buuren, Martin Baptist en anderen tot het maken van een toekomstvisie voor Nederland. Een toekomstvisie voor Nederland in 2120, waarin natuur en natuurlijke processen een hoofdrol spelen. Over honderd jaar is Nederland in hun optiek een land met groene steden, een circulaire landbouw, en is er meer ruimte voor bos, water en moeras. Zo’n klimaatbestendig Nederland is niet alleen wenselijk, maar ook mogelijk, zo laten deze onderzoekers zien. Lees hier het volledige rapport.
 
 

Zesde Platformdag IJsselmeergebied: oefening met omgevingskwaliteit

29 januari 2020
De periodieke Platformdagen IJsselmeergebied zijn bedoeld om de bij het IJsselmeergebied betrokken partijen bij te praten en informatie uit te wisselen. De zesde Platformdag op 7 november 2019 in Lelystad kreeg een extra opdracht mee: het prototype van de Handreiking Omgevingskwaliteit testen. Handreiking Omgevingskwaliteit geeft stem aan de gebiedsagenda Het Bestuurlijk Platform IJsselmeergebied vindt zo’n handreiking nodig om de gezamenlijk in de Agenda IJsselmeergebied 2050 vastgelegde ruimtelijke waarden te laten doorwerken in elk ruimtelijk initiatief. Een Team Omgevingskwaliteit waarin zowel Rijk als provincies en maatschappelijke partijen zijn vertegenwoordigd, heeft in 2019 het gewenste instrument gemaakt. Het is de bedoeling dat het begin 2020 beschikbaar komt voor iedereen die in het gebied plannen heeft met mogelijke consequenties voor de omgeving. De handreiking is ook getest onder een groep experts en tijdens een bijeenkomst met bestuurders. Elders in deze nieuwsbrief is meer te lezen over de handreiking zelf. Dagvoorzitter Albert Remmelzwaal (RWS WVL) verwelkomt op de Platform dag ongeveer zestig deelnemers. Hij gooit meteen de knuppel in het hoenderhok. ‘We spreken zo gemakkelijk over gebiedskwaliteit, maar waar hebben we het dan eigenlijk over? Gaat het om een paar locaties of over het geheel? Gaat het om beleving of over iets tastbaars? Nog ingewikkelder wordt het als men “gebied” of “omgeving” ontleedt in kwaliteitscomponenten zoals ruimtelijke, natuurlijke of cultuurhistorische kwaliteit. Gaat het bij dat laatste dan om de cultuur of om de historie? En is de waardering voor dit alles objectief meetbaar af te wegen?’ Zijn schets geeft duidelijk aan dat een Handreiking Omgevingskwaliteit nooit een soort checklist kan zijn die projectmedewerkers alleen maar even hoeven te doorlopen. Voordat de ontwikkelaars van de Handreiking Omgevingskwaliteit hun test toelichten, krijgt provinciaal adviseur ruimtelijke kwaliteit van Noord-Holland Steven Slabbers het woord. Hij staat bekend als iemand die het landschap niet onder een glazen stolp wil plaatsen maar bij de tijd wil houden. De kern daarbij is volgens hem het samenspel tussen behoud van het landschap en meegaan in de ontwikkelingen van en voor het landschap. In zijn presentatie toont hij beelden van prachtige karakteristieke plekken, maar ook van foeilelijke spots. ‘Is het IJsselmeergebied wel één gebied?’, vraagt hij zich af. ‘Wat een ruimte zien we, maar wordt er met die ruimte niet erg veel gefröbeld vanuit allerlei deelbelangen en kan het gebied dat aan? Als we het beste uit het landschap willen halen, moeten we dan niet wat langer stilstaan bij de centrale vraag naar de identiteit van het gebied? Een vraag waar je antwoorden op kunt krijgen als je systematisch onderzoek doet langs de deelvragen: Wie ben ik? Waar kom ik vandaan? Wat kan ik worden? Wat wil ik worden? En wat moet ik doen om dat te bereiken?’ Slabbers geeft als zijn indruk dat te weinig bij die identiteitsvragen is stilgestaan en dat te snel de stap wordt gezet naar allerlei ontwikkelingsprojecten. Hij krijgt van een deel van de deelnemers duidelijke instemming, terwijl een ander deel zich niet herkent in het betoog: ‘Niet stilgestaan bij die identiteit? Waar zijn we dan de afgelopen drie jaar mee bezig geweest?’ Los van die gemengde reacties, de hoofdboodschap van Slabbers is dat je niet klaar bent als je een gezamenlijk geformuleerd toekomstbeeld in een agenda vastlegt. Bij elk initiatief of elke verandering moet je kritisch blijven vragen naar de eigenlijke bedoeling en of het gebied daar beter van wordt. Zesde Platform dag IJsselmeergebied: oefening met omgevingskwaliteit De periodieke Platformdagen IJsselmeergebied zijn bedoeld om de bij het IJsselmeergebied betrokken partijen bij te praten en informatie uit te wisselen. De zesde Platform dag op 7 november 2019 in Lelystad kreeg een extra opdracht mee: het prototype van de Handreiking Omgevingskwaliteit testen. ‘Bij elk initiatief of elke verandering moet je kritisch blijven vragen naar de eigenlijke bedoeling en of het gebied daar beter van wordt. Een mooiere opmaat voor hun presentatie kunnen de makers van de Handreiking Omgevingskwaliteit zich niet wensen. Bart Buijs (adviesbureau Het Oversticht) en Desiree Bokma (ministerie van BZK) presenteren de handreiking als een methodiek die grote waarde kan hebben in een verkenning of planproces. Uitgaande van de geest van de Agenda IJsselmeergebied 2050 heeft het Team Omgevingskwaliteit aan de ‘Tien gouden regels’ die Frits Palmboom opstelde voor de landschappelijke kwaliteit van het IJsselmeergebied, twintig gouden regels toegevoegd: tien voor ecologische kwaliteit en tien voor cultuurhistorische kwaliteit. Regels met de zeggingskracht van principes of uitgangspunten. Bart Buijs plaatst daar direct een voorbehoud bij: ‘Principes leiden niet vanzelf tot meer kwaliteit; ze vormen slechts een taal om over kwaliteit te kunnen discussiëren. De Handreiking Omgevingskwaliteit is dan ook niet meer dan een hulpmiddel om structuur te geven aan een discussie. Ze zorgt ervoor dat alle principes die aan omgevingskwaliteit bijdragen aan bod komen.’ Testcase Hoe terecht dit voorbehoud is, blijkt tijdens twee discussierondes over in het IJsselmeergebied te realiseren projecten. In de eerste sessie gaat het om een denkbeeldig aan te leggen resort met vakantiewoningen, winkels, restaurants, jachthaven en zo meer. Met als streven ‘het beste uit het landschap te halen’, krijgen zes gesprekstafels de opdracht om aan de hand van de drie sets van ‘gouden regels’ de vraag te beantwoorden óf zo’n resort er zou mogen komen en zo ja, waar en hoe het dan zou moeten worden ingericht en uitgevoerd. Discussie is er zeker, levendig en op het scherp van de snede. Aan sommige gesprekstafels leiden de nieuwe ‘gouden regels’ voor ecologie en cultuurhistorie tot een duidelijk omlijnde gedachtewisseling over de te maken keuzes. Maar aan andere tafels komen de principes maar ten dele aan de orde en spreken de deelnemers vanuit hun eigen werkelijkheid, standpunten en belangen. Met dit soort feedback kunnen de makers hun Leidraad Omgevingskwaliteit in wording verder aanscherpen. Ze hebben kunnen zien dat een cruciale rol is weg gelegd voor een goed ingevoerde en ervaren gespreksleider en ook dat de Handreiking minder goed werkt als er te veel vragen of opdrachten tegelijkertijd aan de orde zijn. Projecten op stapel In het IJsselmeergebied staan twee projecten op stapel waar een Handreiking Omgevingskwaliteit kan worden toegepast: Oostvaardersoevers en Wieringerhoek. Voor beide is dit najaar een startbeslissing genomen. Projecttrekker Petra van Konijnenburg (RWS-Midden-Nederland) geeft een korte presentatie van ‘haar’ project Oostvaardersoevers: een verbinding van het Markermeer met de Oostvaardersplassen en de Lepelaarplassen tot één toekomstbestendig zoetwaterecosysteem. Een project waarin innovatieve waterbouw wordt toegepast en een aantrekkelijker, meer beleefbaar en veilig merengebied wordt gerealiseerd. Dat is de hoofddoelstelling. Hieraan kunnen nog nevendoelstellingen worden gekoppeld, bijvoorbeeld voorzieningen die het project tot een interessante, beleefbare en recreatieve trekpleister maken voor bewoners en toeristen. De platformdeelnemers krijgen de gelegenheid hierover ideeën te ventileren. Een ad-hoc situatie waarvoor de Handreiking niet zomaar even is te gebruiken, maar die wel tientallen suggesties oplevert. Misschien dragen ze bij aan de discussie die begin 2021 moet leiden tot een voorkeursalternatief. Wilt u meer weten over de Agenda IJsselmeergebied, wat zij doen en wat er allemaal speelt in het IJsselmeergebied als Blauwe Hart van Nederland? Meer informatie kunt u hier vinden.
 
 

Grondel ten onder

29 januari 2020
In relatief korte tijd heeft de zwartbekgrondel het Nederlandse water gekoloniseerd – zozeer zelfs dat het tegenwoordig in veel wateren een van de meest voorkomende vissoorten is. Toch lijkt de lokale aanwezigheid van dit exotische visje de laatste jaren af te nemen. De zwartbekgrondel, Neogobius melanostomus, is één van de meest wijdverspreide invasieve vissoorten ter wereld. Via ballastwater van schepen en via het Rijn-Donaukanaal koloniseerde hij in hoog tempo grote delen van Europa. In 2004 bereikte het visje Nederland. Inmiddels heeft de zwartbekgrondel zich gevestigd in het hele Rijnstroomgebied, de kustzone van de Oostzee, de Oder (Duitsland en Polen) en de Moskva (Rusland). Zelfs in Amerika is de zwartbekgrondel sinds 1990 een invasieve exoot. Door zijn invasieve karakter kan de zwartbekgrondel zowel zoete als brakke ecosystemen enorm beïnvloeden. Het visje reageert agressief op alles wat zwemt, eet veel en gevarieerd én plant zich snel voort – tot wel zes maal per jaar, waarbij telkens 5.000 eieren gelegd kunnen worden. Een volwassen vrouwtje heeft daarmee de potentie om elk jaar 30.000 eieren te leggen. Deze hoge reproductiesnelheid resulteert in zeer plotselinge dichtheidstoenames en maakt de zwartbekgrondel een typische invasieve exoot. Lees het volledige artikel uit Visionair: 54 13 Grondel ten onder
 
 

Dijkversterking Marken krijgt vorm

29 januari 2020
Om Marken ook in de toekomst te beschermen tegen overstromingen gaat Rijkswaterstaat de dijk versterken. Deels gebeurt dat door een nieuwe dijk vóór de oude te leggen. De voorbereidende werkzaamheden zijn in overleg met alle betrokkenen volop aan de gang. Wel is er extra ecologisch onderzoek nodig en is de stikstofimpact nog niet duidelijk. De Westkade en Zuidkade om Marken voldoen niet meer aan de huidige veiligheidsnormen. Delen van de dijk kennen stabiliteitsproblemen. Ook is de dijk op een aantal plaatsen te laag en ligt de steenbekleding op veel plekken niet stevig. Daarom gaat Rijkswaterstaat de dijk om Marken versterken. De dijkversterking Marken is onderdeel van het Deltaplan Waterveiligheid en actueel project uit het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP). Na de versterking is de dijk weer voor vijftig jaar robuust en veilig. De Noordkade van Marken is voldoende sterk en hoeft de komende decennia niet aangepast te worden. Buitenwaartse dijkversterking Na uitgebreid onderzoek naar beschermingsmogelijkheden voor Marken en na overleg met bewoners, partners en andere betrokkenen heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat in 2016 gekozen voor een buitenwaartse dijkversterking. In het gekozen alternatief wordt de dijk aan de Westkade en de Zuidkade aan de buitenkant van de huidige dijk versterkt. Dit gebeurt door in het water naast de oude dijk een nieuwe dijk aan te leggen, waarna de oude dijk wordt weggehaald. Marken wordt dus in feite een stukje groter. Maar de nieuwe dijk moet niet alleen veilig zijn en aan de nieuwste normen voldoen, hij moet ook passen in het landschap en bij de historie van Marken. Binnen de dijkversterking zijn ook een vijftal plekken benoemd die vanwege hun bijzondere positie en ruimtelijke kwaliteit vragen om speciale aandacht: de haven, aansluiting Bukdijk, Paard van Marken, Rozewerf en aansluiting Verbindingsweg. Van deze ‘specials’ is een overzichtskaart gemaakt. Ontwerpprojectplan De buitenwaartse dijkversterking is beschreven in het ontwerpprojectplan Waterwet en in het Milieu Effect Rapport (MER). In het ontwerpprojectplan Waterwet staat beschreven waar de dijk aan moet voldoen, het maximale ruimtebeslag en waar bijvoorbeeld bankjes of natuurvriendelijke oevers moeten komen worden. Het MER geeft meer informatie over de impact van de werkzaamheden op de omgeving. Beide plannen zijn in het voorjaar van 2019 ter inzage gelegd. In totaal zijn er dertien zienswijzen ingediend. Het MER is in deze periode ook voorgelegd aan de Commissie m.e.r. Rijkswaterstaat werkt momenteel aan de zogenoemde Nota van Antwoord. In de Nota van Antwoord worden de dertien binnengekomen zienswijzen beantwoord en aangegeven of en zo ja hoe de zienswijze heeft geleid tot een aanpassing in het definitieve projectplan Waterwet. Ook staat hierin wat het advies is van de commissie voor de m.e.r. en hoe het advies is toegepast. Het definitieve projectplan Waterwet, het bijbehorende MER, de Nota van Antwoord en de vergunning Wet natuurbescherming leggen we na afronding van het ecologisch onderzoek en helderheid over het omgaan met stikstof in 2020 ter inzage. Extra onderzoek De Commissie m.e.r. heeft Rijkswaterstaat gevraagd nader te onderzoeken of de kuifeenden op met name de Gouwzee last hebben van de werkzaamheden aan de dijk. Dit onderzoek vindt deze winter plaats. De resultaten van dit onderzoek en eventuele nadere maatregelen worden opgenomen in het definitieve Projectplan Waterwet. Het is op dit moment nog niet duidelijk wat de precieze gevolgen voor het project dijkversterking Marken zijn van de uitspraak door de Raad van State over het Programma Aanpak Stikstof (PAS). De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) heeft in een brief aan de Tweede Kamer een lijst opgenomen van projecten die mogelijk gevolgen ondervinden van deze uitspraak. Daardoor is het nog niet duidelijk wanneer we de plannen in 2020 ter inzage kunnen leggen. De voorbereidingen op de dijkversterking kunnen wel doorgaan. Onderhoud aan de dijk Tot de dijkversterking gereed is, gaat het onderhoud aan de huidige dijk gewoon door. Het onderhoud is nodig om een veilige en stabiele dijk te houden, met oog voor natuur. De werkzaamheden bestaan uit maaien van de bermen, onderhouden van fiets- en voetpaden, verwijderen van onkruid en het inspecteren van de dijk. De aannemer controleert ook de waterkering en haalt riet uit de dijksloten weg, zodat het water goed blijft doorstromen. Ook worden er kleinere werkzaamheden uitgevoerd. Denk aan het weghalen van zwerfafval en het herstellen van verzakte bestrating. Voor al dit onderhoud zijn uitvoerders van de aannemer regelmatig op en rond de dijk aan het werk. ‘Dit is niet zomaar een dijkversterking, het is een voorbereiding op opnieuw leven met water.’ Samenwerken aan een veilig Marken Rijkswaterstaat werkt samen met de gemeente Waterland, de Provincie Noord-Holland, het Hoogheemraadschap Hollands-Noorderkwartier, de veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland en diverse maatschappelijke organisaties. Er is intensief overleg met de bewoners en organisaties op Marken, in het bijzonder met de werkgroep Dijkversterking, onderdeel van de Eilandraad Marken. Burgemeester Luzette Kroon van Waterland geeft aan heel blij te zijn met de samenwerking met bewoners: "Ik ben heel blij met dit proces van participatie. Met, door en daardoor ook vóór de inwoners van Marken is gezamenlijk gewerkt aan een prachtig project. Dit is niet zomaar een Dijkversterking, het is een voorbereiding op opnieuw leven met water."  
 
 

Hoe een natuurgebied door massale CO2-opslag meehelpt in de strijd tegen klimaatverandering

20 januari 2020
Door Monica Wesseling Ooit zorgde de doorgestoken zeedijk bij het Friese Hallem voor meer biodiversiteit. Maar in het kwelderlandschap gebeurt nog veel meer: massale opslag van CO2. Goudgeelgroen strekt de kwelder zich uit tot in de verre verte. Het winterzonlicht spiegelt in de smalle kreken en kleurt het schorrenkruid goudgeel. De wind loeit; duizenden ganzen grazen gretig. We zijn in het natuurgebied Fryslân Bûtendyks iets ten zuiden van Holwerd. Het is oogverblindend, dit landschap in de kop van Friesland. En meer dan dat. Hier, in deze nieuwe kwelder, wordt groots klein werk verricht in de strijd tegen de klimaatverandering. Hier worden ‘voor de eeuwigheid’ honderden tonnen van het broeikasgas CO2 (koolstofdioxide) vastgelegd. “Niet dat het ons daarom in eerste instantie te doen is geweest. Ons doel was en is het vergroten van de biodiversiteit door een zomerpolder te verkwelderen. Maar nu uit recent onderzoek blijkt hóe belangrijk kwelders zijn voor de opslag van CO2, is dat ook voor ons extra reden om door te gaan met de aanleg van nieuwe kwelders en behoud van de bestaande.” Licht trots en duidelijk genietend wijst Chris Bakker, hoofd natuurkwaliteit van ’t Fryske Gea op een groepje scholeksters, neergestreken in ‘zijn’ natuurgebied. Ecologische variatie genoeg Tot 2001 was dit 123 hectaren grote gebied een zomerpolder. Door gaten te maken in de buitenste dijk en slenken te graven door de polder, kreeg de zee weer vrij toegang. Zoet werd zout, gras werd schorrenkruid, margriet zeealsem, distel zeeweegbree. De biodiversiteit groeide flink dankzij het grote aantal gradiënten van zoet naar zout. Ecologische variatie genoeg. Dat kweldergebieden als Fryslân Bûtendyks bovendien een goede bijdrage kunnen leveren aan de opslag van koolstofdioxide, blijkt uit het rapport ‘Blue Carbon in Nederlandse kwelders’, opgesteld door ecologisch adviesbureau Waardenburg. Blue Carbon is de opslag van CO2 in ecosystemen met zout water. In Nederland zijn zulke zoute of brakke gebieden de kwelders en de zeldzame zeegrasvelden. Kwelders zijn ook prima klimaatbuffers. Doordat de zee elk jaar een laagje slib afzet, komt de kwelder steeds hoger te liggen en stijgt zo mee met de zeespiegel. Gezonde kwelders zorgen daarmee voor kustbescherming en dus veiligheid. Opdrachtgever voor onderzoek en rapportage was Natuurmonumenten, een van de organisaties die deelnam aan de zogeheten klimaattafels, de gespreksrondes als voorbereiding van het klimaatakkoord. De natuurorganisatie wilde meer informatie over de vraag hoeveel koolstof kan worden opgeslagen in kwelders. “Dat kwelders CO2 opslaan was ook ons wel bekend. Onze vraag was echter in welke mate, of de verschillende kwelders vergelijkbaar waren en vooral ook wat we kunnen doen om de klimaatfunctie te optimaliseren”, motiveert Paul Vertegaal, programmaleider natuurlijke klimaatbuffers van Natuurmonumenten, het onderzoek. Lees hier het hele artikel
 
 

Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk wenst u een vitaal en gezond 2020 toe!

8 januari 2020
 
 

Publieksprijs voor de Houtribdijk

18 december 2019
Een duurzame dijkversterking met aandacht voor het landschap, een rioolwaterzuiveringsinstallatie die grondstoffen terugwint, een weg die regenwater buffert en een slimme vispassage: dat zijn de 4 projecten die 12 december de Waterinnovatieprijs in ontvangst mochten nemen. De rode draad bij de winnaars? Hun bijdrage aan een toekomst- en klimaatbestendig Nederland. Op 12 december vond de jaarlijkse uitreiking van de Waterinnovatieprijs plaats tijdens het Waterinnovatiefestival in de Werkspoorkathedraal in Utrecht. De Waterinnovatieprijs is een initiatief van de Unie van Waterschappen en de Nederlandse Waterschapsbank (NWB Bank). Filmmaker en dagvoorzitter Suzanne Blonk maakte samen met de juryleden de winnaars bekend: Inspelen op actuele vraagstukken “De kwaliteit van de inzendingen was hoog en het viel vooral op hoe de innovaties inspelen op actuele vraagstukken. Zo zien we dat waterschappen hard bezig zijn hun bedrijfsvoering en projecten te verduurzamen,” blikt juryvoorzitter Lidewijde Ongering, secretarisgeneraal van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, terug op het jurytraject. “Ook de aandacht voor digitale transformatie past heel goed bij de tijdsgeest en de urgentie voor het inzetten van deze innovaties is dan ook groot.” Publieksprijs Na de eerste beoordeling door de jury werden op het Deltacongres van 14 november de 12 genomineerde inzendingen in de 4 categorieën bekendgemaakt. Op deze 12 genomineerden kon vervolgens gestemd worden voor de Publieksprijs. Bijna 6.000 mensen hebben hun stem laten horen en de meeste stemmen gingen uit naar het project Zandige Oevers Versterking Houtribdijk van Rijkswaterstaat. Dit project mocht op 12 december dan ook de Publieksprijs in ontvangst nemen uit handen van Hein Pieper, vicevoorzitter van de Unie van Waterschappen en portefeuillehouder innovatie. De Houtribdijk is gebouwd in de jaren 60 en 70 om het Markermeer in te polderen. Omdat de dam niet meer voldoet aan de waterveiligheidsnorm, wordt deze door Rijkswaterstaat versterkt. Dit gebeurt aan 1 kant van de dijk met grote zandpakketten tegen de dijk. Het zand breekt de kracht van de golven, zodat de dijk het hele IJsselmeergebied kan blijven beschermen tegen opstuwing en golven. Daarnaast komt er door deze zandige oevers meer biodiversiteit: de zachte overgang trekt ander waterleven aan dan de harde versterking die al volop in het IJsselmeergebied te vinden is. Dit komt ook de waterkwaliteit van het IJsselmeer ten goede. Lees hier over de andere  prijswinnaars        
 
 

Vissen zullen gaan houden van migratierivier

12 december 2019
In het Friesch Dagblad van 4 december 2019:  55 miljoen euro moet de vismigratierivier in de Afsluitdijk bij Kornwerderzand gaan kosten. Onderzoek wijst uit dat de vis ligt te wachten om het IJsselmeer op te mogen. ,,Dammen en dijken zijn altijd een ecologische ramp geweest. Dat kunt u hier zien.” Erik Bruins Slot van De Nieuwe Afsluitdijk toont op het symposium Nederland Verbrakt van de Waddenacademie een luchtfoto van de Afsluitdijk, met aan de noordzijde de Waddenzee die voortdurend in beweging is, en aan de onderzijde verstild en donker van kleur het IJsselmeer. ,,Het IJsselmeer is na 1932 een doods, geamputeerd ecologisch systeem geworden.” Dat klopt aan de ene kant wel, beaamt visstandonderzoeker Ben Griffioen van Wageningen Marine Research, want zoutwatersoorten als haring zijn compleet verdwenen uit de voormalige Zuiderzee. ,,Maar de habitat voor zoetwatersoorten en migrerende soorten als glasaal is natuurlijk vergroot.” Over die migratiesoorten gaat het deze dinsdagmiddag in een deelsessie van het symposium in NHL Stenden, dat in het teken staat van brakke mariene systemen als de Waddenzee en het IJsselmeer rond de spuisluizen bij Kornwerderzand en Den Oever, het project Holwerd aan Zee, het uitstroomgebied van het Haringvliet en de Lauwerskust. We moeten niet uit het oog verliezen dat het een vispassage is, geen leefgebied De Afsluitdijk wordt de komende jaren ingrijpend opgehoogd en versterkt om hem klimaatbestendig te maken. De aanleg van een vismigratierivier naast het sluizencomplex van Kornwerderzand, om vissen de mogelijkheid te bieden vrijelijk de dijk te passeren, hoort ook bij het project. ,,Ontwikkelen zonder ecologische component kan tegenwoordig niet meer”, zei Bruins Slot. Hij liet zien hoe de kunstmatige rivier van drie kilometer lengte, opgekruld in een stuk of tien bochten, aan de zuidkant van de dijk in het IJsselmeer komt. Er zitten zogenoemde wachtdeuren in, die bij vloed dichtgeduwd worden en bij eb automatisch openen. ,,De natuur doet zelf de deuren open en dicht.” Er ontstaat een brakwaterzone in de migratierivier; het zout van de Waddenzee dringt niet of nauwelijks door tot in het IJsselmeer, laat Bruins Slot met getijdenmodellen zien. Inclusief het ,,estuariene” deel van zeven hectare aan de noordkant - een natuurlijk in- en uitstroomgebied - beslaat het hele complex vijftig hectare. Er wordt 1,4 miljoen kuub zand gebruikt en 150.000 ton stenen. Bijkomstigheid waar vandaag nauwelijks bij wordt stilgestaan: de zoetwaterinlaat van de Friese boezem vanuit de IJssel zal mogelijk een stuk zuidelijker moeten komen te liggen dan het huidige Hooglandgemaal in Stavoren, dus meer bij Kampen in de buurt. De aanleg begint in 2020, al kan de PFAS-impasse misschien nog roet in het eten gooien, en dan moet de rivier in 2022 klaar zijn voor proeven. In 2023 moet hij helemaal operationeel zijn. Het systeem is berekend op een zeespiegelstijging van vijftig centimeter. Goede vraag Een van de aanwezigen op het symposium, een publiek van professionals en leden van de Waddenvereniging, vraagt of de kosten van 55 miljoen euro wel opwegen tegen het percentage migrerende vis dat juist op deze plek langs de Nederlandse kust ingangen naar zoet water zoekt. ,,Een goede vraag”, vindt onderzoeker Griffioen, want dat percentage is eigenlijk niet bekend. Wel zijn er zeer lokale soorten als stekelbaars en spiering die de Noordzee niet opkomen. Maar voor andere doelsoorten als zeeforel, zeeprik, bot en haring geldt dat niet. Griffioen deed onderzoek naar het visgedrag in de spuikom van de huidige spuisluizen. Migrerende vis blijkt zich te verzamelen in de kom. Er is een lokstroom van zoet water uit het IJsselmeer waar ze op afkomen. Zodra de sluizen opengaan kunnen ze naar binnen. Bij de vismigratierivier hebben ze geen wachttijden meer en kunnen ze vrij heen en weer zwemmen. Toeristen kunnen wandelen op begroeide zandplaten en kunnen onder de Afsluitdijk door een onderwaterraam kijken naar de langszwemmende vissen. Het publiek wil weten of de rivier niet predatiegevoelig is. Daar is volgens Griffioen nader onderzoek naar nodig, maar omdat de wachttijden in de spuikom verdwijnen, vervalt ook een groot huidig predatierisico. De lengte van de rivier kan dat dan weer (deels) opheffen. Bruins Slot: ,,We moeten niet uit het oog verliezen dat het een vispassage is, geen leefgebied, al proberen we met een zandig systeem wel gunstige omstandigheden te creëren voor soorten die niet binnen één of twee getijden naar binnen kunnen.”
 
 

Windpark Blauw goedgekeurd door de Raad van State

4 december 2019
Op 6 november 2019 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State de beroepen die zijn ingesteld tegen de aanleg van Windpark Blauw ongegrond verklaard.  De aanleg van dit windpark kan dus door gaan. De beroepen waren ingesteld door omwonenden van dit windpark. Windpark Blauw is een windpark in het noordoosten van Flevoland met 61 molens van meer dan 200 m tiphoogte. Ze komen deels op land, maar ook in twee rijen in het IJsselmeer, evenwijdig aan de dijk tussen de Maxima Centrale (Flevoland) en de Ketelbrug. De molens in het water staan 500 meter uit de kust. Vanaf de dijk is er een rustige zone voor vogels bedacht van 300 meter. Daar zal niet gevaren mogen worden. Deze nieuwe molens vervangen bestaande molens. Onderhandelingen tussen de initiatiefnemers en de IJsselmeervereniging hebben ertoe geleid dat er afspraken zijn gemaakt over een gedegen onderzoek naar de effecten van windparken op vogels in het IJsselmeergebied. De mitigatie die het windpark moet nemen omdat er nadelige effecten zijn voor vogels, vindt Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk niet ambitieus genoeg. Zij zien kansen om de Kamperhoek (van het Flevolandschap) sterker te maken voor natuur.
 
 

Brasem: De mus van het IJsselmeer

4 december 2019
Eén van de meest algemene vissoorten in het IJsselmeergebied is, of beter gezegd was de brasem, de ‘Abramis brama’. Vanwege zijn formaat is deze vis eigenlijk beter te vergelijken met een grauwe gans, want de brasem kan behoorlijk groot worden. In het IJsselmeer kunnen ze zelfs meer dan 70 centimeter lang worden. Brasems behoren net als de blankvoorn en de karper tot de karperachtigen. Het zijn vissen die in een school leven en waarbij zo’n school uit duizenden exemplaren kan bestaan. Later wordt zo’n school door natuurlijke sterfte en predatie uitgedund. De hele grote brasems leven uiteindelijk in kleine scholen van enkele tientallen vissen. Weinig eisen Brasems stellen relatief weinig eisen aan hun leefomgeving. Ze mijden het liefst wateren met veel waterplanten en komen in heel Nederland voor. Waterplanten zijn echter wel van belang tijdens de paaitijd omdat de vissen hun eitjes op de planten afzetten. Bij gebrek aan planten voldoen stenen en andere onderwaterobstakels ook wel, maar planten hebben de voorkeur. Brasems paaien meestal in mei en juni op ondiepe delen van het water en zijn ze op verschillende plekken langs het IJssel- en Markmeer is in het voorjaar te zien. De mannetjes die tijdens de paaitijd vol zitten met witte knobbels nemen een territorium in dat ze verdedigen tegen andere mannetjes. Voorbij zwemmende vrouwtjes worden dit territorium ingelokt. Als er een match is zetten de vrouwtjes hun eitjes af. Per kilo lichaamsgewicht kan een vrouwtje tot 300.000 eitjes leggen. Een brasem van 10 kilo kan dus wel 3 miljoen eitjes afzetten. De eitjes komen na een paar dagen tot een week uit. Door predatie van kreeftachtigen, vissen en andere organismen overleeft minder dan 1 procent de eerste paar dagen. Verbraseming In de jaren 80 van de vorige eeuw zorgde de vermesting van het binnenwater voor algenbloei en verdwenen de meeste waterplanten. Een ideaal milieu voor deze vissoort. Dit werd nog eens versterkt door het afnemen van hun natuurlijke vijand zoals de snoek. Deze houdt namelijk van helder en plantenrijk water. Brasems wroeten in de bodem op zoek naar muggenlarven, hun favoriete voedsel. Hierbij kunnen ze waterplanten loswoelen, waardoor algen nog meer ruimte krijgen. De Brasem hield hierdoor eigenlijk zijn eigen leefomgeving in stand. Na verloop van tijd nam het aantal brasems zo toe dat er voedselconcurrentie ontstond. Bij vissen leidt dit vaak niet tot sterfte maar tot het afnemen of zelfs stoppen van de groei. Dit verschijnsel wordt ook wel ‘verbraseming’ genoemd. Actief Biologisch Beheer Om de verbraseming te keren en algenrijke wateren weer helder te krijgen zijn in het verleden brasems op grote schaal weggevangen. Deze maatregel zou een ‘schok’ in het water teweegbrengen waardoor het ecosysteem zou omslaan van een troebel algenrijk water naar helder en plantenrijk water. Op lange termijn lijkt dit ook te werken. Het nadeel is echter dat bij het uitdunnen van brasems het water op den duur helder wordt en hierdoor de waterplanten kunnen gaan woekeren. De meeste waterbodems zijn namelijk zeer voedselrijk, een erfenis van een te intensieve landbouw en het gebruik van fosfaathoudende wasmiddelen. Inmiddels is duidelijk geworden dat het algenprobleem veel beter bij de bron kan worden aangepakt. Met andere woorden dat de overmaat aan voedingsstoffen wordt aangepakt. Gelukkig werken de waterbeheerders daar hard aan en worden steeds meer wateren helder. Bescherming Ooit was de brasem op het IJsselmeer de meest voorkomende vissoorten. Tegenwoordig heeft deze karakteristieke vis het moeilijk. Aalscholvers, concurrentie van de exotische zwartbekgrondel en een te intensieve visserij hebben de populatie een behoorlijke knauw gegeven. Gelukkig wordt er voortvarend gewerkt aan een duurzame visserij en lijkt het voorzichtig weer de goede kant op te gaan met de Brasem: de mus van het IJsselmeer.
 
 

Vier natuurprojecten in het IJsselmeer kunnen starten!

21 november 2019
De natuurambities van Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk komen dichterbij door toekenning investeringen aan Programmatische Aanpak Grote Wateren IJsselmeergebied van vijf natuurprojecten in het IJsselmeergebied. De ministers van I&W en LNV kennen de komende jaren 110 (van de 244) miljoen euro toe aan natuurprojecten in het IJsselmeergebied die vallen onder de landelijke Programmatische Aanpak Grote Wateren (PAGW). Met de PAGW werken de ministeries I&W en LNV samen met andere overheden en natuurorganisaties aan het realiseren van een stabiel en samenhangend ecologisch netwerk van grote wateren in Nederland. Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk zet zich al jaren in voor een robuust en duurzaam IJsselmeergebied en ziet met deze investeringen hun gezamenlijke ambities dichterbij komen. Bij de Friese kust, Den Oever, langs de Markermeerkust en bij de Oostvaarders- en Lepelaarplassen ontstaat meer natuur. Joop Bongers, voorzitter Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk: ‘Het zorgt voor grote meerwaarde van het IJsselmeergebied voor natuur en mensen. Wij zijn heel blij met de investeringen die in de vier IJsselmeerprojecten vanuit de PAGW wordt gestoken. Ook nu blijkt maar weer hoe belangrijk het is om met elkaar te werken aan een gezamenlijk beeld over een toekomstbestendig en robuust IJsselmeergebied.  Het versterkt de draagkracht van het ecosysteem. Wij willen dat meer mensen de komende jaren het gebied gaan ontdekken en kunnen genieten van dit gezonde watergebied met zijn specifieke natuur, prachtig culturele erfgoed en fantastisch landschap.’ aldus Bongers. Samenwerking loont binnen het IJsselmeergebied Partners van Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk initiëren en realiseren projecten die de kwaliteit van het IJsselmeergebied helpen verbeteren. Het indijken van de voormalige Zuiderzee heeft ons veiligheid gebracht, maar daarmee is de dynamiek uit het systeem verdwenen en zijn vis- en vogelstanden in het IJsselmeergebied flink afgenomen. Gelukkig kunnen we het tij keren en met behoud van zoetwatervoorziening en waterveiligheid natuurlijke oevers en verbindingen met de zee en het achterland creëren. Eerder zijn grote investeringen gedaan in het nieuwe belangrijke natuurgebied Marker Wadden, een icoon project van de Coalitie. Samenwerken doet de Coalitie ook met andere partijen, zoals de Agenda IJsselmeergebied 2020-2050 en vanuit een gedeelde visie over wat het IJsselmeergebied aan ecologische versterkingen nodig heeft. Deze ambities zijn benoemd in de Factsheet verkenning Grote Wateren – IJsselmeergebied. Dat samenwerken loont, blijkt nu met deze PAGW toekenningen aan projecten als de Friese Kust, Wieringerhoek, de Markermeerkust en Oostvaardersoevers. De provincies rond het IJsselmeergebied hebben een gezamenlijke brief aan de ministers gestuurd om te pleiten voor deze belangrijke natuurprojecten voor het gehele IJsselmeergebied. Dat deze investeringen nu ook door de ministeries zijn toegekend is een grote stap in de richting van het bereiken van onze gezamenlijke ambities: Een robuust en toekomstbestendig IJsselmeergebied als Blauwe Hart van Nederland! De ministeries stellen ook geld beschikbaar voor een tweetal nieuwe projecten: Wieringerhoek, waar mooie kansen liggen voor het creëren van natuurlijke overgangen tussen land en water én tussen zoet en zout; de Oostvaardersroevers waar een nieuwe verbinding komt tussen het water van de Oostvaarders- en Lepelaarplassen en het Markermeer. Zo krijgen vissen er een fantastisch leefgebied bij. Daarnaast ontvangen twee bestaande projecten: de Friese Kust en de Noord-Hollandse Markermeerkust cofinanciering. De partijen van Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk spreken wel hun teleurstelling uit dat de aanvraag voor de tweede fase van Marker Wadden vooralsnog niet gehonoreerd is.
 
 

De Grote Karekiet

31 oktober 2019
De grote karekiet is een karakteristieke rietvogel, waarvan de populatie sinds de jaren ’90 van de vorige eeuw helaas met 90% is afgenomen. Het aantal broedparen is gedaald tot minder dan 100 paren! De Noordelijke Randmeren in het IJsselmeergebied is een van de kerngebieden waar de grote karekiet nog voorkomt. Vogelbescherming Nederland werkt samen met vele partners aan een reddingsplan voor deze bijzondere IJsselmeerbewoner. Zo werd het broedgedrag afgelopen zomer gevolgd met wildcamera’s. Dat levert niet alleen veel kennis op, maar ook unieke beelden. https://www.facebook.com/grotekarekiet/videos/373978463503830/   De grote karekiet is bruin van boven en vuilwit van onderen. Een stuk groter dan de kleine karekiet, een krachtige snavel en een contrastrijkere, opvallende wenkbrauwstreep. De luide zang is zeer kenmerkend met harde rauwe "krrr-krrr-kiet-kiet"- tonen. Van alle rietzangers is de grote karekiet het meest gebonden aan stevig, overjarig riet aan de rand van open water. Dat heeft vooral te maken met het zware nest, dat door jong riet of andere vegetatie niet gedragen kan worden. Grote karekieten leven vooral van middelgrote insecten, die in riet en ruigtevegetaties verzameld worden. Het zijn trekvogels, die de winter doorbrengen in tropisch Afrika. De grote karekiet staat op de Rode Lijst van Nederlandse broedvogels als 'bedreigd'. Er resteren nog drie kernen: de Noordelijke Randmeren, Loosdrechtse Plassen en de Gelderse Poort. Sinds de jaren vijftig van de vorige eeuw is de populatie met 90% afgenomen. Het aantal broedparen is gedaald tot minder dan 100 paren. Om de neergaande lijn om te buigen is in 2015 op basis van het Actieplan bedreigde moerasvogels een start gemaakt met het project Reddingsplan grote karekiet. Aanvankelijk is begonnen in de Loosdrechtse Plassen. In 2017 is het project verbreed naar de Noordelijke Randmeren.  Doel van herstelproject is het achterhalen van de oorzaken van de achteruitgang in de populatie (onderzoek/monitoring) en uitvoeren van biotoopherstel (maatregelen). Omdat het vijf voor twaalf is, zijn bij wijze van experiment vanaf de start van het project maatregelen uitgevoerd om rietkragen lokaal te herstellen. Het onderzoek richt zich onder andere op de kwaliteit van het biotoop, het broedsucces en de trekroutes. Er zijn knelpuntenanalyses gemaakt van de rietkragen in Loosdrecht en de Noordelijke Randmeren. Daaruit blijkt dat het areaal aan geschikt overjarig waterriet afgelopen decennia drastisch is afgenomen. Vooral ten gevolge van een grote begrazingsdruk door met name grauwe ganzen, maar ook door opgaande begroeiing (bomen en struiken) en beschoeiing van oevers. Door middel van monitoring wordt de rietontwikkeling gevolgd op plaatsen waar geen maatregelen zijn genomen, en op locaties waar rietkragen zijn beschermd met gaasrasters. Daaruit blijkt dat de plaatsing van gaasrasters tegen begrazing van riet een positief effect heeft op de ontwikkeling van rietkragen; rietkragen lopen uit richting open water tot aan de rasters zodat bredere rietkragen ontstaan waar grote karekieten baat bij hebben. Er is ook onderzoek gedaan naar de trekroutes om meer te weten te komen over eventuele problemen in de overwinteringsgebieden en/of bij tussenstops. De variatie in de gekozen routes van individuele vogels, de grote geografische bandbreedte in het overwinteringsgebied en de relatief grote mate van terugvangst van gezenderde vogels lijken erop te duiden dat daar niet de oorzaken voor de achteruitgang liggen. In het najaar van 2019 is een onderzoeksrapport opgeleverd door B-ware/Radbouduniversiteit over de sturingsfactoren van waterriet. De voedselrijkom van bodem en waterkolom is van evident belang voor gezond en sterk waterriet. Te schrale bodems en voedselarm water leveren geen goed riet op voor de grote karekiet. Kijk hier voor meer info over de grote karekiet en het beschermingsplan op en volg de facebook pagina van De Grote Karekiet.  
 
 

Vismigratierivier

31 oktober 2019
Hoe komt de Vismigratierivier er straks uit te zien? Chris Bakker, adjunct-directeur bij It Fryske Gea, werkt samen met andere organisaties aan de Vismigratierivier. Hij licht vanaf de Makkumernoardwaard alvast een tipje van de sluier op hoe het landschap rond de Vismigratierivier er straks uit zal zien. Want ook daar kun je in de toekomst, net als op de Makkumernoardwaard, heerlijk ronddwalen tussen de wuivende rietpluimen en zandige oevers. En wat zou het mooi zijn als het rond de Vismigratierivier straks ook zo rijk wordt aan vogel- en plantensoorten. Partners van Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk - de Waddenvereniging, Sportvisserij Nederland en It Fryske Gea- en NetVISwerk zijn de initiatiefnemers van de Vismigratierivier. Dankzij de Nationale Postcodeloterij kon dit belangrijke project voor het herstel van de trekvisroute tussen Waddenzee en IJsselmeer worden ontwikkeld. Door de financiering van de laatste kilometer zorgt de Nationale Postcode Loterij er bovendien voor dat de Vismigratierivier in optimale vorm gerealiseerd kan worden en het mogelijk wordt om deze optimaal te beleven. Medio 2020 wordt gestart met de aanleg van deze nieuwe natuurverbinding die uniek is op wereldschaal. Voor de ecologie was de Afsluitdijk een harde klap, maar sinds 10 jaar komen er tal van maatregelen die vissen weer doorgang geven: visvriendelijke schut- en spuibeheer, een vispassage en straks ook een vismigratierivier. https://youtu.be/yar1y91vhIw   Lees meer in het artikel uit de Visionair
 
 

De zon schijnt op het water

31 oktober 2019
Het IJsselmeergebied is een Natura 2000-gebied. Dit betekent dat het valt onder een internationaal beschermingsregime vanwege zijn belangrijke functie voor de wereldwijde biodiversiteit en natuur. Realisatie van grootschalige gebieden met zonnepanelen in het IJsselmeergebied is dan ook geen optie, aldus het Regionaal Overlegorgaan IJsselmeergebied (ROIJ). Hier moet het voorzorgsbeginsel van kracht zijn: er dient preferent gekeken te worden naar locaties buiten het IJsselmeergebied voor de realisatie van zonnepanelen (de zogenaamde ‘ladderbenadering’). Experimenten met kleinschalige aantallen zonnepanelen kunnen alleen plaatsvinden na toetsing aan de Natura 2000-regels. Daarnaast is het van belang ze te koppelen aan een zorgvuldig monitoringsonderzoek dat de effecten op de natuur en de waterkwaliteit in beeld brengt. Ook vindt het ROIJ dat er voldoende regie moet komen op het aantal zonne-energie pilots, en de plaats daarvan. Ook de Vissersbond is tegen zonnepanelen op IJsselmeer.
 
 

Zoektocht naar energie in een landschappelijk waardevol gebied

31 oktober 2019
Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk heeft onlangs een duurzame energievisie gelanceerd. En dat is niet voor niets: Voor de uitvoering van de delen van het Klimaatakkoord over de opwekking van energie en over de verduurzaming van de gebouwde omgeving mogen de regio’s zelf met voorstellen komen. De komende anderhalf jaar gaan deze regio’s  werken aan een aanbod en leggen dit aanbod vast in hun Regionale Energie Strategie (afgekort de RES). Er zijn 5 regio’s die elk een stukje van het IJsselmeergebied onder hun hoede hebben. Het zal spannend worden of deze 5 regio’s voldoende met elkaar in gesprek zullen zijn om voor het IJsselmeergebied een samenhangende aanpak te ontwikkelen. Partners van de Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk zijn vanuit de Coalitie lid van het Regionaal Overlegorgaan IJsselmeergebied (ROIJ), waarin het maatschappelijk veld rond het IJsselmeergebied bijeenkomt. Het ROIJ is voor duurzame energie, maar wil, net als de Coalitie dat er goed gekeken wordt naar de effecten van opwekking van duurzame energie op het IJsselmeergebied. Een korte schets van de stand van zaken. Geen windenergie meer in het IJsselmeergebied De ROIJ-leden zien geen nieuwe mogelijkheden voor meer windenergie in het IJsselmeergebied. Het is een beschermd natuurgebied voor vogels en is ook voor de watersport een belangrijk gebied. Het overgrote deel van de nationale windopgave op land wordt op dit moment al gerealiseerd in het gebied en de grens voor nog meer windturbines lijkt bereikt. Deze bevindingen zijn tevens gebaseerd op studies van de Wageningen University & Research (WUR) en de Energieverkenning IJsselmeergebied  die in opdracht van de vier IJsselmeerprovincies (Noord-Holland, Friesland, Overijssel en Flevoland) door H+N+S-architecten is uitgevoerd.
 
 

Vechten tegen het Fonteinkruid is vechten tegen de natuur

31 oktober 2019
Fonteinkruid bestrijden? Dat heeft helemaal geen zin, dat is vechten tegen de natuur. De plant die wierig teelt in de Randmeren, het IJmeer en het Markermeer is juist nuttig. Je zult er mee moeten leren leven. Dat stellen twee wetenschappers van de Universiteit van Amsterdam in het jongste nummer van IJsselmeerberichten. Voor watersporters is het een plaag in de zomer. Het taaie fonteinkruid wikkelt zich om de schroef met alle risico’s van dien. Alleen in de vaargeul en op de diepste plekken in het Gooimeer - de zandwinputten ten noorden van Naarden - kan nog vrij gevaren worden. Twee keer per jaar verdienen vissers een boterham aan het maaien van de waterplanten. Maar of dat een goed idee is op de lange termijn? Nee, zeggen dr. Harm van der Geest en dr. Arie Vonk, beiden bentisch ecoloog en specialisten op het gebied van de waterbodem en alles wat daarmee te maken heeft. Ze doen al jaren onderzoek naar de gesteldheid van het Markermeer en IJmeer. Tientallen jaren was het Markermeer een troebele plas waarin weinig leven te vinden was. Eigenlijk alleen maar algen. De waterbodem speelt een belangrijke rol in de ecologie, zeggen de beide onderzoekers. Daar krioelt het leven dat de vissen eten, die op hun beurt de vogels tot voedsel dienen. Door het fonteinkruid wordt het water weer helder en kunnen kleine beestjes als slakken en kreeftachtigen gedijen in een gezonde leefomgeving. Het idee dat kranswieren als bodembedekkers uiteindelijk het fonteinkruid zullen verdringen is onzin, zeggen de beide wetenschappers. Beide planten groeien naast elkaar. Maaien is een kansloze missie stellen de geleerden. Je haalt tonnen voedsel uit het water en de plant groeit even hard weer aan. Zij vinden de negatieve benadering in de media van het fonteinkruid onterecht. Het is een voedselbron voor veel ongewervelden, zoals kleine kreeftachtigen en slakken, zien zij in hun onderzoek. Het fonteinkruid hoort er gewoon bij en moet niet worden bestreden, is hun stelling. Van der Geest: “Ontwikkel economische activiteiten eromheen, maar zorg natuurlijk wel dat de havens bereikbaar blijven, want ook de watersport hoort erbij. En als je die ontwikkelingen samen met de natuurontwikkeling doet, is dat veel kansrijker dan ertegen proberen te vechten”. Lees hier het interview van Jeroen Determan met dr. Vonk en dr. Van der Geest in de najaarseditie van de  IJsselmeerberichten 2019
 
 

Veenstrategie It Fryske Gea

31 oktober 2019
Henk de Vries, directeur It Fryske Gea: “Het behouden van onze prachtige en waardevolle veenlandgebieden kan alleen als we ook in de omgeving daarvan de veenbodems beschermen door ze natter te maken. Dat moet in goed overleg met de eigenaren en gebruikers van die gronden.” Veenstrategie It Fryske Gea Het afgelopen jaar heeft Henk de Vries - in nauwe samenwerking met bevlogen natuurbeheerders - mogen werken aan een 'Veenstrategie' voor de provinciale natuurorganisatie It Fryske Gea. Hoe kan je de positie en waarde van unieke natuurgebieden (veelal Natura 2000) in het laagveenlandschap versterken? Juist in de abrupte overgangszones tussen de natuurkernen ('moedermoerassen') en de omliggende landbouwgebieden ligt een belangrijke, gezamenlijke opgave in termen van belevingswaarde, ecologie en hydrologie. Dit betekent dat de opgave verder reikt dan de eigendommen van It Fryske Gea zelf en de veenstrategie zich ook richt op het omliggende land. Door middel van een stappenplan wordt de strategie 'Stean foar it fean' nader uitgelegd, resulterend in een droomscenario voor het jaar 2100. En daar kan een garantie van voldoende schoon, zoetwater uit het IJsselmeer ook aan bijdragen. Op 4 september j.l. is de veenstrategie gepresenteerd op een persbijeenkomst in Akkrum. Klik hier voor de presentatie. En klik hier voor een recent artikel in de Leeuwarder Courant; 'It Fryske Gea stroopt de mouwen op voor het behoud van veenbodems en -landschappen' Klik hier voor meer informatie
 
 

Masterclass Bas Haring: ‘Welke rol speelt de natuur in onze economie’

14 oktober 2019
In het kader van 100 jaar Zuiderzeewet organiseerde Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk een reeks van Masterclasses met als doel ons denken over oplossingen voor een vitaal en gezond IJsselmeer te vergroten. Vorig jaar nam Mark Mieras ons mee in de impact die natuur heeft op onze hersenen en ging Matthijs Schouten in op de vraag ´wie is die Zuiderzee?'. Gisteren sloot Bas Haring deze reeks af op forteiland Pampus en stelde pittige metaforen en aannames ter discussie over biodiversiteit. Een gezelschap van partners en stakeholders stelde kritische vragen over de filosofische insteek die Bas gaf over het verdwijnen van soorten en het verschralen van de natuur. Bas vroeg zich hardop af of het afnemen van biodiversiteit directe gevolgen heeft voor ons als mens. Hij constateerde dat het vaak ontbreekt aan ‘ blijmoedigheid’ en dat veranderingen op zich de mens vaak angstig maakt. De vraag is of die angst terecht is. ‘Wees niet alleen verdrietig om wat er verdwijnt,' aldus Bas 'maar ook blij met de goede dingen die deze veranderingen met zich meebrengen’. Los van zijn wetenschappelijke, filosofische benadering heeft hij als natuurliefhebber ook zorgen om bijvoorbeeld de klimaatveranderingen, maar ziet hij daarnaast meerwaarde voor de mens in een veranderend landschap, door het aanbrengen van ‘natuurlijke elementen’. Dit geeft ons namelijk een goed gevoel. Hij sloot zijn betoog af met de wens dat de invloeden van klimaatveranderingen grote consequenties heeft voor de biodiversiteit, maar roept op om niet te perfectionistisch vanuit de ecologie te blijven kijken en veranderingen positief te omarmen.
 
 

Eerste zand voor Vismigratierivier Afsluitdijk

11 oktober 2019
Kranen en shovels breiden op dit moment de Afsluitdijk een stukje uit met een berg zand aan de Waddenzeekant. Ter hoogte van het Kazemattenmuseum maken ze het werkterrein van de Vismigratierivier. Dit is nodig om ruimte te maken voor het bouwen van een opening in de Afsluitdijk, zodat vissen straks vrij kunnen zwemmen tussen zout en zoet water. De opening in de Afsluitdijk is een belangrijk deel van de Vismigratierivier. Vanaf 2023 kunnen vissen via een kilometerslange rivier ongehinderd van de Waddenzee naar het IJsselmeer zwemmen. Met het eerste zand zijn de voorbereidingen voor de bouw van de Vismigratierivier nu zichtbaar. Lees meer over project Vismigratierivier op de website
 
 

Team Vismigratierivier aanwezig bij Swimway Conferentie in Hamburg

2 oktober 2019
Swimway is groter dan Waddenzee Als er iets duidelijk is geworden tijdens de eerste dag van de Swimway Conferentie op 24 september in Hamburg is dat de Swimway niet ophoudt bij de Waddenzee. Dus moet de aandacht ook uitgaan naar de Noordzee en Atlantische Oceaan en dichterbij via de zoet-zout-overgangen landinwaarts of via het Rijnstroomgebied. En als als er dan toch gesproken wordt over ‘connectiviteit’, zoals een vrije vispassage in de Afsluitdijk, dan mag de verbinding met de leefomgeving van de verschillende migrerende vissoorten (vanuit onder andere het Blauwe Hart van Nederland), de habitat van de vaste bewoners van de Waddenzee en de mens en zijn activiteiten niet worden vergeten. Alles heeft met alles te maken: geïsoleerde en locatiegebonden oplossingen gaan niet het verschil maken. Maatregelen die in elkaars verlengde liggen, langs de Swimway, doen dat wel. Team Vismigratierivier was aanwezig bij de conferentie die georganiseerd is door de SWIMWAY Group van de Trilaterale Waddenzee Samenwerking met het Common Wadden Sea Secretariat. Deelnemers uit Nederland, Duitsland en Denemarken, maar ook uit België en Groot-Brittannië, spraken drie dagen over de (inter)nationale zwemroutes en de knelpunten die trekvissen ondervinden als ze via de Waddenzee landinwaarts trekken of juist het ruime sop kiezen. Ook richtte de internationale conferentie zich op genomen beheersmaatregelen, monitoring en wetenschappelijk onderzoek en de resultaten daarvan. Wetenschappers, managers, beleidsmakers, NGO's en andere betrokkenen bij vis(migratie) in kustgebieden wisselden kennis uit, keken waar ze kunnen samenwerken en dachten na hoe ze stakeholders en overheden kunnen betrekken bij hun werk. Team Vismigratierivier was aanwezig om de internationale deelnemers kennis te laten maken met de Vismigratierivier, die vanaf volgend voorjaar wordt aangelegd bij Kornwerderzand, Afsluitdijk. Zo sprak Katja Philippart (NIOZ, Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee) over concepten en ideeën voor het monitoren van vismigratie. Wouter van der Heij van de Waddenvereniging (één van de initiatiefnemers van de Vismigratierivier) over hoe 150 jaar onderzoek naar en de publieke bekendheid met de flyway als voorbeeld kan dienen voor het onderwaterleven in de Waddenzee. En Jeroen Huisman van Van Hall Larenstein liet ons de resultaten zien van 17 jaar onderzoek bij het gemaal van Roptazijl, waar tevens een vispassage is gevestigd. Alledrie zijn betrokken bij het ontwerpen of de uitvoering van de Vismigratierivier, die in het Waddengebied als één van de grotere investeringsmaatregelen geldt voor vismigratie van zoet naar zout en vice versa. Kijk hier voor meer informatie
 
 

De Visdief

30 september 2019
Het IJsselmeergebied is één van de grootste zoetwaterecosystemen van Europa. Het is van internationaal belang voor met name visetende watervogels, zoals de visdief. De visdief broedt met grote aantallen in het IJsselmeergebied, zoals op de Kreupel (2.500 broedparen in 2017) en de Markerwadden (1.800 broedparen in 2017). In totaal nestelen er zo’n 15.000 broedparen in ons land. Hoe herken je een visdief? De visdief behoort tot de sternen familie. De rug en vleugels van de visdief zijn zilvergrijs. Visdieven hebben een zwarte kopkap die doorloopt tot in de nek. De buitenste handpennen zijn iets donkerder waardoor er - vooral in de zomer - een donkere wig op de boven vleugel ontstaat. De visdief lijkt sterk op de noordse stern, maar heeft een langere snavel en hals, bredere vleugels, langere poten en meestal een zwarte punt aan de oranjerode snavel. De noordse stern is gebonden aan zout water en zul je bij het IJsselmeer niet snel zien. De visdief gedijt zowel in zoet als zout water en is een veel geziene vogel in het IJsselmeergebied. Kolonievogel Visdieven, visdiefkuikens broeden in kolonies en bij voorkeur op eilandjes en andere voor grondpredatoren moeilijk bereikbare plaatsen met een vrijwel kale tot grazige bodem. Ze eten graag kleine rondvis zoals de spiering, die meestal duikend bemachtigd wordt. Bij gebrek schakelen ze over op kleine platvis, garnalen, en kikkervisjes. De spieringstand is op dit moment helaas niet stabiel in het IJsselmeer en fluctueert ieder jaar sterk. ‘Onze’ visdieven overwinteren langs de West-Afrikaanse kust, van Mauritanië tot Nigeria. Herstel nodig In de jaren '50 van de vorige eeuw broedden er zo’n 50.000 paar visdieven in Nederland. In de jaren zestig stortte de populatie in vooral door lozing van landbouwbestrijdingsmiddelen tot zo'n 5.000 broedparen. Na een verbod volgde een herstel, maar de laatste jaren neemt de populatie helaas weer licht in aantal af. Het IJsselmeergebied is als Natura2000-gebied aangewezen, waarmee doelen zijn vastgesteld voor behoud en herstel van vogelpopulaties, waaronder de visdief. Herstel van het systeem is nodig om deze instandhoudingsdoelen te kunnen halen. Het IJsselmeer en Markermeer zijn omgeven door dijken. Het ontbreekt grotendeels aan natuurlijke land water overgangen, evenals de verbindingen met het achterland en zoute wateren. Ook het tegennatuurlijk peilbeheer in het IJsselmeer leidt tot overbevissing en dus tot een slechte voedselsituatie. Leefgebied verbeteren Vogelbescherming Nederland werkt samen met vele partners zoals in de Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk aan het verbeteren van het leefgebied van de visdief. Met steun van de Nationale Postcode Loterij werken we actief aan het verduurzamen van de visserij en het verbeteren van de land water overgangen ten behoeve van een betere visstand in het IJsselmeer en daarmee een betere voedselsituatie voor de visdief. Vorig jaar ontving Vogelbescherming een bedrag van € 4.158,50 van zwemevent rond Pampus voor de aanleg en het beheer van eilandjes bij de Eemmonding voor de visdief.
 
 

‘Rondje Pampus’: ruim 300 recreatie- en wedstrijdzwemmers zwommen mee voor de natuur!

30 september 2019
Voor de achtste keer heeft de Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk in samenwerking met Swimfantastic en Forteiland Pampus, ‘zwemevent Rondje Pampus’ georganiseerd. Op het zonovergoten Pampus waren de condities perfect. Zwemmers konden genieten van de natuur en de vrijheid in het water. Zwemmen in het openwater, speciaal in het IJsselmeergebied, is uniek. Naast het plezier dat de deelnemers ervaren vragen wij als organisatie ook aandacht voor de kwetsbare natuur in het IJsselmeergebied: voor het belang van schoon en gezond water voor vogels en vissen. Zwemmen voor de natuur Elk jaar gaat een deel van de opbrengst van deelnemers en sponsoren naar een goed doel. Dit jaar nam Joop Bongers, directeur van Sportvisserij Nederland een cheque in ontvangst ter waarde van € 4.728,57. Dit bedrag wordt besteed aan onderzoek dat zij in samenwerking met Wageningen Marine Research gaan doen naar de leefgewoonten van de brasem. Zij voorzien een aantal brasems van een zender en hangen sensoren in het water, bijvoorbeeld bij de Ketelbrug. Door de signalen op te vangen, krijgen zij meer inzicht in het gedrag van brasems. Deze nieuwe onderzoeken ondersteunen wij van harte, want de brasem is een echte IJsselmeer vissoort! Winnaars Onder de perfecte omstandigheden gingen de recreatie- en wedstrijdzwemmers met elkaar de strijd om de eer aan. Bij de recreatiezwemmers kwamen Mark van der Meulen en Claire de Bruijn als eerste aan. Bij de wedstrijdzwemmers gaat het er altijd pittig aan toe. Hans Poulis finishte als eerste man en niet veel later tikte Julia de Leeuw als eerste vrouw de finish aan. Sonja de Vries over zwemevent Rondje Pampus: Sonja de Vries heeft al zeven keer meegezwommen. “Prachtig is het zeker. Eerst wandel je door het mooie Muiden om dan met de boot naar het eiland te varen. Eenmaal daar aangekomen is het omkleden en de instructies ontvangen. Waar zwemmen we ook alweer voor, in welk natuurlijk gebied bevinden we ons en wat zijn de zwem- en veiligheidsregels. De waterhulpdienst en vele vrijwilligers zijn ieder jaar aanwezig om alles in goede banen te leiden. Je kunt per slot van rekening moe worden of kramp krijgen en er is dan geen kant waaraan je je kunt vasthouden zoals in het zwembad. Gelukkig is er nog nooit een incident geweest en dat houden we graag zo” Het zwemevent voor 2020 staat gepland op 30 augustus 2020.
 
 

Coalitiepartners brengen een bezoek aan Makkumer Noordwaard

30 september 2019
Woensdag 25 september brachten de partners van Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk een bezoek aan Makkumer Noordwaard, een prachtig natuurgebied aan de Friese Kust, dat straks het riet gaat leveren voor de Vismigratierivier. De Vismigratierivier door de Afsluitdijk is één van de vele projecten waarin de partners van de coalitie samen optrekken. Hiermee zetten zij zich gezamenlijk in voor een gezond en vitaal IJsselmeergebied. Ook dit jaar evalueerden zij de samenwerking, ontwikkelingen en projecten in het IJsselmeergebied en zien zij met o.a. de komst van de Vismigratierivier en Marker Wadden het succes van samenwerken en een integrale aanpak voor de natuur. Op Makkumer Noordwaard kregen de partners een prachtige rondleiding van Chris Bakker van It Fryske Gea. Zij beheren dit natuurgebied en zien dat het unieke gebied goed gedijt voor flora en fauna. Het is een rijk watervogelreservaat met grote rietvelden en moerasruigten. Het hele jaar door verblijven er verschillende soorten vogels en met de komst van de vismigratierivier, waar in 2020 gestart wordt met de aanleg, zal het nog beter gaan met de vogel- en visstand in het IJsselmeergebied!
 
 

Marker Wadden viert eerste verjaardag

30 september 2019
Marker Wadden vieren deze nazomer hun eerste verjaardag. Hoe gaat het op het nieuwste stukje Nederland? Roel Posthoorn: “Wat hier gebeurt is echt spannend. De natuur start vanaf nul. Dat zie je normaal alleen na een vulkaanuitbarsting.’’ Roel Posthoorn, projectmanager van Natuurmonumenten en mede initiator van Marker Wadden blikt in Eén Vandaag terug op het eerste officiële jaar van de Marker Wadden. Al na één jaar explodeert natuur op Marker Wadden Nieuwsgierige visjes duwen hun neus tegen de glazen wand van een verdiepte vogelkijkhut. Die ligt deels onder het wateroppervlak, waardoor je als bezoeker het gevoel hebt dat je naar een aquarium kijkt. Maar dit is geen aquarium. Dit is de echte natuur. En die is meedogenloos, blijkt als even later een visdiefje over het wateroppervlak scheert en zijn lunch voor vandaag in zijn snavel schept. Tot voor kort was dit gewoon een stuk van het Markermeer, het enorme zoetwatermeer dat zich uitstrekt tussen Lelystad, Amsterdam en Enkhuizen. Nu staan we op de Marker Wadden: een kunstmatig aangelegde archipel vol kreken en moerassen. Op 8 september vorig jaar ging het grootste eiland, waar een wandelpad overheen slingert, een recreatiestrand is en een jachthaventje bezoekers verwelkomt, open voor het publiek. In een jaar tijd is er weer veel veranderd. De zandduinen zijn nog steeds kaal, maar langs de oevers wuiven rietpluimen en lisdodden. In de kreken tiert moerasandijvie welig. Al meer dan tweehonderd verschillende plantensoorten hebben onderzoekers in dit nieuwe natuurgebied geturfd. De meeste zijn spontaan aan komen waaien of door vogels meegebracht, vertelt natuurgids Hans van Amstel, Er is alleen helmgras ingezaaid, om te voorkomen dat het nieuwe land meteen weer wegwaait. En met een hovercraft zijn rietzaden rond geblazen. Het slib is zo vruchtbaar, dat alles hier de grond uit schiet. Voor de aanleg van de Marker Wadden heeft aannemer Boskalis zo’n 30 miljoen kuub slib, klei, veen en zand opgebaggerd uit het Markermeer. Een enorme klus, die 3,5 jaar geleden begon en pas volgend jaar helemaal klaar is. En vooral een uniek project: voor het eerst in de Nederlandse poldergeschiedenis is niet primair voor de mens land op water gewonnen, maar voor de natuur. De vis- en vogelstand in het gebied zijn namelijk achteruit gehold sinds de aanleg van de Afsluitdijk en, vooral, de Houtribdijk. Die dijk tussen Lelystad en Enkhuizen was bedoeld voor de aanleg van de Markerwaard, een nieuwe Flevopolder die er nooit kwam. Het zuidelijke deel van de vroegere Zuiderzee veranderde door die afsluiting echter in een bak stilstaand water met harde, steile randen. Op de bodem ligt een 30 centimeter dikke laag slib als een verstikkende deken. Voor vissen en vogels valt er weinig te halen. Vogelparadijs De Marker Wadden moeten terugbrengen wat met de Zuiderzee verloren is gegaan: een vogelparadijs. Trekvogels kunnen er ongestoord bijtanken tijdens hun lange reizen tussen de poolcirkel en Afrika. De ondiepe wateren zijn voor vissen een lusthof waar ze voedsel vinden en kunnen paaien. Daarnaast moeten de eilanden gaan fungeren als natuurlijk waterzuiveringssysteem: bij storm overstromen ze, waarna er slib neerslaat. Voor de planten op de eilanden is dat een goede voedingsbodem terwijl het troebele Markermeer op den duur helderder wordt. Dat is althans de theorie. Of het allemaal ook zo gaat uitpakken? Biologen en vogelaars volgen de ontwikkelingen nauwgezet. De Marker Wadden, die deel uitmaken van Nationaal Park Nieuw Land (dat ook de Oostvaardersplassen en Lepelaarplassen omvat), zijn voor hen een opwindende casus., Wat hier gebeurt is echt spannend. De natuur start vanaf nul. Dat zie je normaal alleen na een vulkaanuitbarsting of op plaatsen waar een gletsjer is gesmolten’’, zegt insectenonderzoeker Yvonne Kahlert. Zij wacht na twee dagen in de regen op het eiland te hebben gebivakkeerd op de veerboot met een kar vol potten insecten. Die heeft ze verzameld uit de tientallen insectenvallen die zij en haar collega-onderzoekers van de universiteiten van Groningen en Nijmegen hebben geplaatst op het eiland. Geen eenvoudige taak: een deel van de vallen staan ín het water. Dat betekent dat ze er op een surfboard, liggend op haar buik, heen moet peddelen. Andere vallen staan in moerasgebied., Er is hier veel drijfzand. Je weet nooit precies waar, want alles is voortdurend in beweging. Soms lijkt de ondergrond stabiel, maar zak je ineens heupdiep in het water. Daarom trek ik altijd een wetsuit aan en neem ik een touw mee.’’ Insecten zijn de schakel in het succes van een nieuw ecosysteem, legt de jonge onderzoekster uit, “Insecten zijn heel belangrijk als voedsel voor vissen én voor vogels. Als er geen insecten komen, hebben vogels hier ook niets te zoeken.’’ En dus zeult ze straks weer tientallen potten in alcohol geconserveerde insecten mee naar haar laboratorium in Groningen, waar ze de inhoud zal analyseren: Worden het er meer? Komen er nieuwe soorten bij? Ze heeft de indruk dat op én onder het nieuwe land een gevarieerde insectenwereld ontstaat., Zo zien we hier opvallend veel zilveren priemkevers. Die zijn in heel Europa aan het verdwijnen, maar hier voelen ze zich blijkbaar thuis.’’ Dat geldt ook voor steeds meer vogels. Vogelspotters turfden al 146 verschillende soorten, variërend van kluten, strandplevieren en dwergsterns tot slechtvalken en zelfs een zeearend. “Het gaat boven verwachting goed, zegt projectdirecteur Roel Posthoorn van Natuurmonumenten, het toont aan dat ze hier genoeg rust en genoeg eten vinden. Vogels komen echt niet af op een mooi landschap.’’ Dat doen de mensen wel. Volgens Natuurmonumenten, de beheerder, brachten afgelopen jaar zo’n tienduizend mensen een bezoek aan het bijzondere gebied. De meesten met de veerboot die sinds dit voorjaar elk weekend, en in het hoogseizoen ook op donderdag en vrijdag, twee keer per dag vanuit Lelystad naar de Marker Wadden vaart. Op de ochtendvaart van vandaag zijn zo’n zeventig bezoekers aan boord, veelal uitgerust met stevige wandelschoenen, windjack en verrekijker. “De Marker Wadden zijn een heel positief, heel Nederlands project. En zo’n nieuwe eilandengroep in een weids meer, dat doet iets met mensen. Daar gaat je hart een beetje van open’’, verklaart Posthoorn de grote belangstelling. Tegenvallers Natuurlijk zijn er ook tegenvallers. De natuur doet niet altijd wat op de tekentafel is bedacht. “Zo zakken de moerasdelen sneller weg dan de computers hadden berekend, vertelt Posthoorn. Boskalis heeft ze extra moeten ophogen. Ook zijn er al behoorlijke stukken strand weggeslagen. Daarnaast blijkt het lastiger dan verwacht om het riet aan het groeien te krijgen.’’ Het eiland was al snel in beeld bij een groepje ganzen dat in de kleine rietplantjes een feestmaal zag. Daar is een praktische maar niet zo pittoreske oplossing voor gevonden: om de aanplant staan nu hekjes. De wind, vogels en bezoekers brengen ook zaden mee van planten die de makers liever níet op de Marker Wadden willen zien. Zoals wilgen. Uit angst dat de Marker Wadden veranderen in een dicht wilgenbos, worden opschietende boompjes daarom door vrijwilligers uit de grond getrokken., De Marker Wadden kunnen alleen een vogelparadijs worden al ze een moerasgebied blijven. Trekvogels kunnen niks met een bos’’, verklaart Posthoorn. Als de late veerboot weer koers heeft gezet naar Lelystad, blijven twee mensen achter die op het eiland overnachten: eilandwachters Peter van Dijk en Gina Plaggeborg. Zij maken deel uit van het vrijwilligersnetwerk van Natuurmonumenten dat beurtelings een week op het eiland bivakkeert om ook ’s nachts een oogje in het zeil te houden. Zij moeten zich nu nog behelpen met een simpel containerhuisje zonder sanitair. Dat is volgende zomer anders: vorige week is de bouw begonnen van een kleine nederzetting met een slaapverblijf en kantoor voor de eilandwachters, een schuur, onderzoeksstation, een bezoekerscentrum met kleine horecagelegenheid en vier vakantiehuisjes. Gekke dingen hebben ze nog niet meegemaakt, vertelt Van Dijk. ‘Uit voorzorg heb ik net twee mensen uit het slib gehaald. Veel te gevaarlijk, met al dat drijfzand. Ik wil geen ongelukken.’’ De natuurgids Van Amstel, die ook regelmatig fungeert als eilandwachter, zag zich wel een keer genoodzaakt om de politie te bellen vanwege problemen met een boot in de haven. ”De centrale begreep er niks van. De Marker Wadden? Die staan niet in ons systeem. Welke postcode is dat?” vertelt hij. “Een paar weken later stapten drie ambtenaren van de gemeente Lelystad van de boot. Met vier huisnummerbordjes. Sindsdien zijn de Marker Wadden ook officieel een nieuw stuk Nederland.”
 
 

Masterclass Bas Haring – 9 oktober 2019

4 september 2019
2018 stond in het teken van 100 jaar Zuiderzeewet, één van de meest ingrijpende wetten waarmee de basis werd gelegd voor de ontwikkeling van Nederland als Delta met grootschalige waterwerken. De afsluiting van de Zuiderzee en inpolderingswerken zijn voorbeelden van de uitwerking van Zuiderzeewet. Vorig jaar organiseerden wij in het kader van deze 100ste verjaardag een aantal Masterclasses met inspirerende sprekers. Mark Mieras en Matthijs Schouten daagden beleidmakers, beslissers, ontwikkelaars en onderzoekers rondom het IJsselmeergebied uit om te kijken naar dit grootste zoetwatermeer van West-Europa vanuit een niet alledaags perspectief. Wat betekent dit meer voor ons? Waar staan we nu? En hoe gaan we er mee om? Op 9 oktober a.s. organiseren we de derde en laatste Masterclass met Bas Haring op Forteiland Pampus. Een inspirerend verhaal op een inspirerende plek, midden in het Blauwe Hart van Nederland! Over Bas haring Bas is filosoof, wetenschapper, informaticus, hoogleraar en presentator van educatieve en inspirerende tv-programma’s. Hij wordt ook wel onze Nederlandse ‘volksfilosoof’ genoemd. Hij ziet het als zijn missie om de wetenschap toegankelijk te maken en weet relevante maatschappelijke thema’s vanuit verschillende invalshoeken te belichten. Hoe ziet hij de rol van de natuur in onze economie? Wie betaalt de rekening voor ons handelen? Wat kunnen we leren van 100 jaar Zuiderzeewet en wat doen we met onze kennis? ‘Welke rol speelt de natuur in onze economie?' Wilt u daarover meediscussiëren, kom dan naar deze Masterclass! Programma 15.15 – 15.30 uur Inschepen Muiden 15.30 – 16.00 uur Vertrek veerboot naar Pampus vanaf Muiden 16.00 – 17.00 uur Masterclass: Bas Haring ‘Wat is de rol van de natuur in onze economie?’ met aansluitend discussie 17.00 – 18.00 uur Hapje en drankje 18.00 – 18.30 uur Terugvaart Pampus - Muiden Aanmelden en locatie Meldt u zich hier aan voor deze Masterclass. De boot vertrekt vanaf de Herengracht (tegenover nr. 33) in Muiden. Vragen kunt u mailen naar info@hetblauwehart.org Wij hopen u te ontmoeten op 9 oktober!
 
 

‘Zwemevent Rondje Pampus’: 300 recreatie- en wedstrijdzwemmers zwommen mee voor de natuur!

29 augustus 2019
Voor de achtste keer organiseerde Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk in samenwerking met Swimfantastic en Forteiland Pampus, ‘zwemevent Rondje Pampus’. Op het zonovergoten Pampus waren de condities perfect. Zwemmers konden genieten van de natuur en de vrijheid in het water. Zwemmen in het openwater, speciaal in het IJsselmeergebied, is uniek. Naast het plezier dat de deelnemers ervaren vragen wij als organisatie aandacht voor de kwetsbare natuur in het IJsselmeergebied, voor het belang van schoon en gezond water voor vogels en vissen. Zwemmen voor de natuur Elk jaar gaat een deel van de opbrengst van deelnemers en sponsoren naar een goed doel. Dit jaar nam Joop Bongers, directeur van Sportvisserij Nederland een cheque in ontvangst ter waarde van € 4.728,57. Dit bedrag zal ingezet worden voor een onderzoek dat zij in samenwerking met Wageningen Marine Research gaan doen naar de leefgewoonten van de brasem. Zij voorzien een aantal brasems van een zender en hangen sensoren in het water, bijvoorbeeld bij de Ketelbrug. Door de signalen op te vangen, krijgen zij meer inzicht in het gedrag van brasems. Deze nieuwe onderzoeken ondersteunen wij van harte! Winnaars Onder de perfecte omstandigheden gingen de recreatie- en wedstrijdzwemmers met elkaar de strijd om de eer aan. Bij de recreatiezwemmers kwamen Mark van der Meulen en Claire de Bruijn als eerste aan. Bij de wedstrijdzwemmers gaat het er altijd pittig aan toe. Hans Poulis finishte als eerste man en niet veel later tikte Julia de Leeuw als eerste vrouw de finish aan. Krachten bundelen voor het Blauwe Hart Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk initieert en realiseert projecten die de kwaliteit van het IJsselmeergebied helpen verbeteren. Vanuit dit samenwerkingsverband zetten zij zich in voor een gezond en vitaal IJsselmeergebied. De Coalitiepartners partners Landschap Noord-Holland, Het Flevo-landschap, It Fryske Gea, Natuurmonumenten, Sportvisserij Nederland, Staatsbosbeheer, Vogelbescherming Nederland, PWN en de Waddenvereniging werken samen aan een integrale aanpak voor natuur. De Agenda IJsselmeergebied 2050 en het Programma Aanpak Grote Wateren zijn voorbeelden van integraal beleid waar de Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk nauw bij betrokken is. Het IJsselmeergebied heeft alles in zich om uit te groeien tot het Blauwe Hart van Nederland, met water als sterk verbindend thema. Zowel overheden als maatschappelijke organisaties, bedrijfsleven en kennisinstellingen hebben hierin een rol. Daarom: Krachten bundelen voor het Blauwe Hart.
 
 

Uitgelichte vissoort: de Baars

27 juni 2019
Een van de meest in het oog springende vissoorten in het Marker- en IJsselmeer is de baars. Een vis die goed is te herkennen aan de rode vinnen en de zes tot acht donkere dwarsbanden over de flanken. Baarzen vormen vaak grote scholen. De grootte van deze scholen hangt samen met het formaat van de vis. Oude, grote baarzen leven vaak ik kleine groepjes van 4 tot 10 vissen of leven zelfs solitair. Zowel voor de sportvisserij als de beroepsvisserij is de baars een belangrijke doelsoort. Na de paling en de snoekbaars is deze roofvis zelfs de belangrijkste soort voor de beroepsvisserij op het IJsselmeer. Door de verbeterde waterkwaliteit, de terugkeer van onderwatervegetatie en wellicht ook door de opkomst van exotische grondels gaat het goed met de baars. Deze opvallend getekende roofvis komt algemeen voor nagenoeg alle watertypes. Zelfs in brak water gedijt de baars goed. Baarzen paaien van april tot juni en zetten hun kuit af op waterplanten en andere structuren. Het kuit van baarzen heeft een kenmerkende vitrage-achtige structuur. Nadat de baarslarven uit het ei komen vullen ze meteen hun zwemblaas met lucht waarna ze richting het open water migreren. Hier groeien ze op tot een lengte van 8 millimeter. Vervolgens zwemmen ze terug naar de begroeide oeverzone waar verder opgroeien. De groei van baars wordt in sterke mate bepaald door de aanwezigheid van voldoende grote prooidieren. Bij de afwezigheid van voldoende prooivis blijven baarzen op zoöplankton foerageren en worden dan in de groei geremd. In dergelijke situaties kunnen baarzen al bij een lengte van 10 tot 12 centimeter geslachtsrijp worden. [caption id="attachment_2993" align="alignleft" width="300"] Foto's Janny Bosman[/caption] Baarzen kunnen een lengte van meer dan 50 centimeter bereiken en ouder dan 20 jaar worden.  De laatste jaren worden er zowel door sportvissers, beroepsvissers  als duikers opvallend veel grote exemplaren aangetroffen. Aangenomen wordt dat er een relatie is met de veel voorkomende zwartbekgrondels die graag door baarzen worden gegeten. Na een aantal slechte jaren lijkt het in het IJsselmeergebied beter te gaan met de baars. De reden hiervoor is niet bekend. Wellicht is dit het gevolg van de reductie in de staande netten visserij die sinds 2014 is ingevoerd. Wellicht heeft het ook te maken met de sterke opkomst van met name de zwartbekgrond in zowel het IJssel- als het Markermeer.  
 
 

What do we swim for?

5 juni 2019
Before the Afsluitdijk was built, you would have swum in the Zuiderzee if you swam around the Fort Island of Pampus. The Zuiderzee was a brackish water area, where fresh river water mixed with the salty sea water. There was a high tigh and low tigh, many different fish species lived there, some of them stayed permanently, some of them migrated to the fresh waterways to spawn there. For the safety of the coast, the Zuiderzee was closed off from the Waddenzee in 1932 by the Afsluitdijk. A historic moment, and a fine example of Dutch hydraulic engineering. And the construction of the Afsluitdijk created the largest continuous freshwater area in Western Europe! His freshwater supply is not only used for drinking water in North Holland, but also for example for agriculture. Agriculture in the provinces around the IJsselmeer benefits from freshwater, and even Groningen and Drenthe! The canals in Amsterdam are also flushed with water from the IJsselmeer. Fishermen, sand winners, energy producers and holidaymakers make grateful use of the IJsselmeer. There is a lot to get and a lot to enjoy in the IJsselmeer area. In December 2009, the IJsselmeer region was given the official status of Natura 2000. The management plan that is adopted every 6 years describes how we use and protect nature in this area. In addition to the fish that live there, it is also an important area for birds. Black terns, for example, love the IJsselmeer area. Did you know that half of the worldwide population of black terns use the IJsselmeer region as a 'roadside restaurant' during their migration from Siberia to Africa and vice versa? However, the construction of the Afsluitdijk greatly affected the ecology in the area. The number of migratory fish, such as eels, fell sharply. A number of brackish water fish, such as the Zuiderzee herring, even died out completely. This was partly due to the disappearance of the special brackish water areas, with which the Zuiderzee was richly bordered. Bird species disappeared, algae advanced. Government investigations showed that the water quality was really insufficient. Good water quality is crucial for nature. Striving for a well-functioning ecosystem, which is balanced and healthy, is a good basis for our use of the water. But this healthy system is not there yet. This requires a healthy food chain, with aquatic plants rich in fish and bird species. It is high time for a different type of hydraulic engineering… .it is time for natural construction! Blue Heart Coalition For years, it has been emphasized how important the IJsselmeer region is to the Netherlands. The partners who work together within the Coalition are It Fryske Gea (IFG), Landscape North Holland (LNH), Flevolandschap (FL), Natuurmonumenten (NM), Staatsbosbeheer (SBB), Vogelbescherming Nederland (VBN), Sportvisserij Nederland (SVN) and the Provincial Water Company North Holland (PWN). These partners develop and stimulate all kinds of nature projects to strengthen the ecological water quality and nature in the IJsselmeer region. Fortunately, the government has made 110 million euros available over the next 10 years to realize 5 fantastic nature projects in the IJsselmeer region (part of the PAGW projects, Program Approach Large Waters). A short impression of those 5 nature construction projects: In 2016, Natuurmonumenten started with the construction of islands in the Markermeer near the Houtribdijk. The aim of this “Marker Wadden” is to collect and retain sludge from the Markermeer, so that the Markermeer becomes less cloudy. That is better for ecology and water quality. The marshy island area also offers spawning opportunities for fish and breeding and foraging opportunities for birds. By participating in the Oostvaardersoevers project, Flevolandschap, VBN, SBB and SVN are helping to further improve the food chain in Markermeer, Oostvaardersplassen and Lepelaarsplassen. There will be a connection between these 3 areas and this will make it a much more attractive area for fishing, for example. It Fryske Gea and VBN are participating in the major Reinforcement of the Frisian Coast project. Nature construction protects the ecologically special Frisian coastline against calving. But there are also plans to strengthen nature. PWN VBN, SVN, SBB and LNH are cooperating in the Wieringerhoek project in North Holland near Den Oever to better connect the IJsselmeer and the Waddenzee. The intention is to make more "natural transitions" there: from water to land and from salt to fresh. This makes it easier for fish to spawn and grow from area to area, and gives birds more food. In the reinforcement of the Markermeer dikes, VBN, SBB, NM, SVN are helping to strengthen nature. For example, by building reed or floors to break waves, as well as by building 'back banks' behind the dike. Five projects in which the partners from the Blue Heart Coalition actively participate in making the ecological system in the IJsselmeer healthy again. You swim for this… to experience and tell how beautiful and special the IJsselmeer region is. And to further explain that nature in the IJsselmeer region needs support. With all nature projects becoming even more beautiful and varied, to ensure that we can continue to use the water for drinking in the future. But above all to enjoy our beautiful, unique IJsselmeer area.
 
 

Een dramatisch lage Spieringstand en de gevolgen voor de Visdief

29 mei 2019
De Spiering was traditioneel een vis zonder aanzien. Het gezegde ‘een spiering is ook vis als er anders niks is’ geeft aan dat deze soort alleen gegeten werd als al het andere voedsel op was. Op het dieetlijstje van de menselijke consumenten bungelde deze onderaan. In het voedselweb ‘bungelt ‘de Spiering ook onderaan, maar dan als een cruciale bouwsteen. De Spiering zelf eet plankton en wordt gegeten door een heel scala aan soorten bovenin het voedselweb: vissen en vogels. Voor vogels zoals de Visdief is de Spiering een favoriete prooi. Geen moeilijke vinnen, lekker vet en precies de juiste maat. Ook de Dwergmeeuw, Zwarte stern en de zaagbekken (Grote, Middelste en het Nonnetje) eten graag Spiering. Maar de Spieringstand is ingestort. Op dit moment ontbreekt de Spiering vrijwel in het IJsselmeer en Markermeer. In de lange historie van visserijonderzoek is de spieringstand nog nooit zo laag geweest. Gevreesd wordt voor de gevolgen… De warme zomer van 2018 heeft waarschijnlijk de Spiering de das omgedaan. Vermoed wordt dat de bovenste laag van het IJsselmeer te warm werd voor de jonge spiering. Die overleefde dat niet. Het laatste overgebleven restant van het Spieringbestand dat vanuit het IJsselmeer naar de Waddenzee trekt/uitspoelt, is daar vervolgens illegaal bevist het afgelopen seizoen. Foto: Spiering (boven) en baars (onder). De Spiering is het ideale vogelvoer in het IJsselmeer. Photo: Jan van der Winden Ecology uit Van der Winden, Dirksen & Poot 2017). De eerste tekenen van een dramatisch broedseizoen voor de Visdief beginnen zichtbaar te worden. Visdiefjes komen eind april terug uit hun overwinteringsgebieden in west Afrika. Op de broedkolonies op de eilanden Marker Wadden en De Kreupel arriveerden de Visdiefjes dit jaar wel erg laat, en in  veel lagere aantallen dan in vorige jaren. In onderstaande figuur staat het dieet weergegeven van de Visdieven van de Kreupel en de Marker Wadden in 2017 en eerder (2005-2016 van alleen De Kreupel). Duidelijk is dat Spiering van levensbelang is voor de visdief. Illustratie van de prooisoorten die Visdieven voerden aan hun jongen op De Kreupel (in 2005-2016) (90% Spiering!). En prooisoorten die ze 2017 aanvoerden op de Kreupel en op de Marker Wadden (respectievelijk 60% en 40% Spiering). Bron: Van der Winden, Dirksen en Poot (2017). De verwachting is dat er dit jaar geen Spiering is voor de visdiefkuikens van het IJsselmeer. Er zullen maar weinig jongen groot worden en zij zullen het moeten doen met kleine baarsjes. Als het niet beter gaat met de Spiering, blijft de Visdief het moeilijk houden. Bron: Van der Winden J., S. Dirksen & M. Poot 2018. Visdieven in het IJsselmeergebied. Aantalsontwikkeling, kolonisatie eilanden en broedsucces. Rapport 2018-02, Jan van der Winden Ecology, Utrecht.
 
 

Wat is TEO en biedt het kansen voor het IJsselmeergebied?

29 mei 2019
In 2018 is door onderzoeksinstituut Deltares in samenwerking met CE Delft de potentie voor TEO (thermische energie uit oppervlakte) voor heel Nederland bepaald. Er is gekeken naar de technische potentie: hoeveel warmte kan er uit het oppervlaktewater gehaald worden met een minimumtemperatuur van 15 graden, en een maximale afkoeling van 5 graden. Daarnaast is gekeken naar de potentie om de gewonnen warmte op te slaan in de ondergrond, om de seizoenen te overbruggen.  (zie verder https://www.deltares.nl/nl/projecten/nationaal-potentieel-van-aquathermie/ of https://www.hetblauwehart.org/wp-content/uploads/2019/05/TEO-magazine.pdf) Vervolgens is gekeken naar de warmtevraag: uitgangspunt was dat er voldoende warmtevraag moet zijn, in voldoende dichtheid, om een TEO warmtenet economisch haalbaar te maken. Ook moet de afstand tot het oppervlaktewater niet te groot zijn. In de studie is een maximum van 5 km gehanteerd. Dit is voor alle CBS wijken in Nederland bepaald. Vervolgens zijn vraag en aanbod gematcht. Dit leidt tot een nationale potentiekaart. Onderstaande kaart laat zien in hoeverre het stedelijk gebied rond het IJsselmeergebied voorzien kan worden van warmte uit de meren. Wat al valt te verwachten, is dat de meren een groot potentieel hebben om omliggend stedelijk gebied van warmte te voorzien. En aangezien het stedelijk gebied vooral rond het Markermeer te vinden is, ligt daar de meeste potentie. Steden als Hoorn, Lelystad, Volendam kunnen volledig van warmte voorzien worden uit het Markermeer. Als ook grote delen van Almere en delen van Amsterdam. Maar ook langs de randmeren, kan bijvoorbeeld Harderwijk vrijwel volledig worden verwarmd. Langs het IJsselmeerkust ligt veel minder stedelijk gebied. Urk en Enkhuizen lichten op als kansrijk. Daarnaast zijn er kleinere steden en dorpen in met name Friesland, die in de potentiestudie niet voldeden aan het criterium  van een voldoende warmtevraag. In de praktijk kunnen ook daar mogelijkheden zijn om wel kleinschaliger TEO systemen aan te leggen. Consequentie van warmtewinning uit het IJsselmeer in de zomer zal zijn dat het water iets afkoelt. Gezien het formaat van de meren zal dit een nauwelijks meetbaar effect geven. Wel zal lokaal een afkoeling optreden. Te verwachten ecologische effecten hiervan worden de komende tijd onderzocht. Dit kan positief uitpakken (minder opwarming van het water), maar mogelijk zijn er situaties en momenten in het jaar waar een nadelig effect kan optreden. Al met al kan het IJsselmeergebied een grote leverancier van warmte worden in het omliggend stedelijk gebied, en hiermee kan thermische energie een bouwsteen zijn in de energietransitie plannen in de omliggende regio’s.
 
 

Animatie over het IJsselmeergebied

29 mei 2019
Lang niet iedereen realiseert zich hoe belangrijk het IJsselmeergebied voor ons land is. Omdat beelden vaak meer zeggen dan woorden, is een animatie gemaakt die laat zien hoe veel verschillende belangen en functies in het IJsselmeergebied samenkomen. https://youtu.be/4OWoGO22pQ0 Ambitie van de Agenda In de agenda zijn drie ambities verwoord. Het IJsselmeergebied is: een landschap van wereldklasse, een toekomstbestendig water- en ecosysteem, van vitaal en economisch belang voor Nederland. Altijd bouwen aan de toekomst In het IJsselmeergebied is de arbeid van de mens zichtbaar. Dijken en dammen duiden op strijd met de elementen. Polders, gemalen en sluizen tonen onze drang om het gebied naar onze hand te zetten. We blijven beheren, aanpassen, bouwen en ontwikkelen, toen, nu en in de toekomst. Vragen en opgaven Een goed functionerend IJsselmeergebied is essentieel voor Nederland. Vele opgaven komen daar samen: recreatie en toerisme, natuurontwikkeling, ecologie, scheepvaart, nautische economie, klimaatadaptatie in relatie tot waterbeheer en land- en tuinbouw, duurzame visserij, verstedelijking, energietransitie, landschap en cultuur(historie). Het combineren van al deze opgaven in het gebied dwingt ons na te denken over de ruimtelijke samenhang. Agenda IJsselmeergebied 2050 geeft daarvoor de richting. Geen van de partijen kan het alleen! Agenda IJsselmeergebied 2050 In 2016 is een breed gedragen gebieds-proces gestart. Om de vele belangen en wensen goed op elkaar af te stemmen, is regie en samenwerken noodzakelijk. Een zeer diverse groep van overheden, maatschappelijke organisaties, bedrijfsleven en burgers is actief betrokken. In 2018 hebben ruim 60 partijen op bestuurlijk niveau de gebiedsagenda ondertekend, om zo de krachten te bundelen voor ons mooie IJsselmeergebied, het ‘Blauwe Hart’ van Nederland. Hoe verder? Een coördinatieteam werkt plannen voor uitvoering, kennis en innovatie uit, en probeert zo ambitie en realisatie te verbinden. We weten wat we hebben en we weten wat er allemaal op ons af komt. We weten dat we verder moeten kijken dan ieders eigen belang. En zo willen we samen werken aan ons IJsselmeergebied van wereldklasse; samenwerken aan ons Blauwe Hart!
 
 

Topografische tijdreis 1815 – 2018

6 mei 2019
  Maak via deze website een topografische tijdreis van 1815 tot en met 2018!   Over meer dan 200 jaar topografie Op 18 februari 1815 werd het Topographisch Bureau opgericht. Sinds die datum verzamelt en ontsluit de Nederlandse overheid geografische informatie: bijvoorbeeld over de ligging van wegen, water, bebouwing en landbouwgrond. Later ging het Bureau verder onder de naam Topografische Dienst. In 2004 werd de Dienst onderdeel van het Kadaster. Hiermee haalde het Kadaster jarenlange ervaring met het verzamelen van geo-informatie in huis. Een resultaat om trots op te zijn: meer dan 200 jaar topografische kaarten van topniveau. Om dit niveau te behouden investeren we in innovaties, waar mogelijk in samenwerking met overheden, het bedrijfsleven en de wetenschap. Door nieuwe methoden en technieken hebben gebruikers nog meer plezier van onze kaarten. Deze zijn actueler dan ooit. Om 200 jaar topografie te vieren is deze tijdreis-app gemaakt. Ontdek met de app meer dan 200 jaar aan topografische gegevens van nederland!
 
 

Werelderfgoed opent nieuwe attractie op Forteiland Pampus

25 april 2019
Het Nederlands Werelderfgoed is sinds gisteren een nieuwe attractie rijker. ‘Het geheime Wapen van Amsterdam’ werd gisteravond door de burgemeester van Gooise Meren en de gedeputeerde van de provincie Noord-Holland op Forteiland Pampus geopend. In ‘Het geheime Wapen van Amsterdam’ maakt de bezoeker een virtuele panoramavlucht over de Stelling van Amsterdam. De Stelling van Amsterdam mag zich rekenen tot een van de tien Nederlandse UNESCO-werelderfgoederen. Samen met de Nieuwe Hollandse Waterlinie (genomineerd om in 2020 eveneens de UNESCO-status te verkrijgen) vertelt het over verdediging van ons land met water als bondgenoot. Erfgoederen met deze status gelden wereldwijd als hoogst gewaardeerd. Forteiland Pampus staat te boek als het boegbeeld van de Stelling van Amsterdam en verhaalt over de Stellinggebouwen in de hoofdstad en de ring van forten rondom. Dankzij hypermoderne opnametechnieken en een groot panoramascherm kan de bezoeker op Forteiland Pampus de Stelling van Amsterdam nu beleven in een virtuele ballonvaart. De bezoeker maakt kennis met de Stelling aan het begin van de vorige eeuw en krijgt te zien hoe het huidige landschap rondom onze hoofdstad nog altijd beïnvloed wordt door die toenmalige verdediging. Met deze nieuwe attractie wordt een oer-Hollands verhaal eindelijk aan het grote publiek getoond op een manier die nog niet eerder bestond. Bovendien is de unieke attractie ook meertalig en daardoor toegankelijk voor het steeds verder toenemende internationale publiek dat naar ons land toestroomt. Gedeputeerde van de provincie Noord-Holland Joke Geldhof en burgemeester van Gooise Meren Han ter Heegde openden deze nieuwe attractie met een ferm kanonschot vanaf het dak van het fort. Met op de achtergrond, de zonsondergang boven de skyline van Amsterdam en een prachtig decor van uitgelichte vliegers, was het een sprookjesachtige avond. Forteiland Pampus is van april tot en met oktober geopend voor publiek van dinsdag tot en met zondag, alsmede 2e Pinksterdag. Kijk voor meer informatie op www.pampus.nl.
 
 

Vissen hebben nieuwe natuur snel gevonden

25 april 2019
Het Markermeer is op de meeste plaatsen 2-4 m diep en heeft nauwelijks natuurlijke, ondiepe oeverzones. Sinds 2016 wordt op initiatief van Natuurmonumenten gewerkt aan de aanleg van de Marker Wadden met als doel een natuurparadijs voor vogels en vissen. De eilanden worden aangelegd met zand, klei en slib en zorgen voor luwte en natuurlijk glooiende oevers in het meer. Van deze oeverzones kunnen planten en dieren profiteren, zowel onder als boven water. Naar verwachting ontstaan er meer mogelijkheden voor de paai (voortplanting) en opgroei van vissen en daarmee voor de hele visstand. Sportvisserij Nederland doet gedurende 5 jaar vismonitoring in de ondiepe oeverzones van de Marker Wadden. In 2018 is deze voor het eerst uitgevoerd. Er werden in totaal 16 vissoorten aangetroffen. Opvallend was dat meer dan de helft van de vangst bestond uit exotische grondelsoorten, met name de Pontische stroomgrondel en de zwartbekgrondel. Daarnaast werden marmergrondels en enkele kesslers grondels aangetroffen. Deze exoten hebben dit nieuwe leefgebied snel weten te veroveren. Daarnaast werden pos, spiering, blankvoorn, baars, aal en nog enkele exemplaren van zeven andere soorten aangetroffen. Opvallend was de vangst van twee jonge harders en twee kleine modderkruipers. Er zijn aanwijzingen dat de oevers van de Marker Wadden gebruikt worden als opgroeigebied van jonge vissen, zoals spiering en blankvoorn en mogelijk ook als paaigebied voor onder meer pos en spiering. Hoe de visstand zich verder gaat ontwikkelen zal de komende jaren moeten blijken.  
 
 

Eerste schep voor vismigratierivier

8 april 2019
Je zou het misschien niet zeggen, maar officieus is het werk voor de Vismigratierivier van start gegaan. Niet bij de Afsluitdijk, maar bij Harlingen. Hoe zit dat? Een groot deel van de Vismigratierivier bestaat straks uit zand en stenen.  In een depot bij Harlingen ligt al een flinke hoeveelheid zand klaar, afkomstig uit het opleverde werk N31 Harlingen. Dat zand is bedoeld voor de Vismigratierivier en wordt straks naar de Afsluitdijk gevaren. Maar voordat dit mogelijk is, moet het Van Harinxmakanaal ter hoogte van het depot breder worden gemaakt. De grootste binnenvaartschepen (klasse 5) moeten er kunnen aanleggen om hun lading te transporteren. Onlangs nam een kraan de eerste hap uit de kade. Zo is de eerste schep een feit! Lees hier meer over de vismigratierivier.
 
 

Duurzame IJsselmeer visserij in zicht

26 maart 2019
Joop Bongers, voorzitter Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk en directeur Sportvisserij Nederland over de doorbraak IJsselmeervisserij: “Wij zijn blij dat onder leiding van minister Carola Schouten door de betrokken ministeries en provincies de komende drie jaar kordate stappen worden gezet om tot verbetering van de visstand, de natuur, de recreatie en een duurzame toekomstbestendige beroepsvisserij in het IJsselmeergebied te komen. Aldus wordt uitwerking gegeven aan het beleid ‘Gebiedsagenda IJsselmeergebied 2050’. Vanuit onze coalitie zullen wij hieraan waar mogelijk onze bijdrage leveren.” Na meer dan 10 jaar discussie over een goede aanpak voor de verduurzaming van de visserij in het IJsselmeergebied, is er nu een historische doorbraak: Er ligt een actieplan inclusief stappenplan naar een toekomstbestendige oplossing. Dit actieplan is akkoord bevonden door alle samenwerkende partijen. Vogelbescherming Nederland en Sportvisserij Nederland zijn de trekkende partijen binnen Coalitie het Blauwe Hart Natuurlijk dat samen werkt aan het ecologisch herstel van het IJsselmeergebied. Daarnaast schreef minister Schouten onlangs in een brief aan de tweede kamer dat het kabinet en de provincies Flevoland, Friesland en Noord-Holland gezamenlijk 9,2 miljoen beschikbaar stellen voor de herstructurering van de schubvisvisserij in het IJsselmeergebied. Met alle partijen zijn afspraken gemaakt om de komende drie jaar toe te werken naar een ecologische- en economisch duurzame IJsselmeervisserij. Gezonde visstanden Visbestanden moeten weer een kans krijgen om te herstellen voor de natuur én de visser. De beroepsvisserij gaat in de toekomst ‘oogsten uit de rente’, d.w.z. de natuurlijke aanwas van de visbestanden, en vist niet meer uit het ‘kapitaal’ zo luidt het credo. Om de schubvisserij op het IJsselmeer toekomstbestendig te maken wordt herstructurering van de sector verder onderzocht. Een deel van de vissers zal blijven vissen, terwijl andere vissers die besluiten te stoppen gecompenseerd worden. Vogels en trekvissen De afgeslankte beroepsvisserij kan hierdoor in de toekomst meer rekening houden met de natuur. Dit betekent dat het verdrinken van vogels in netten gereduceerd wordt tot verwaarloosbare aantallen en dat bijvangst van trekvissen wordt geminimaliseerd. Daarnaast is er sprake van een gezonde visstand in balans: voldoende voedsel voor broedvogels (en hun jongen) en trekvogels, en voldoende vis voor de beroepsvissers. Ecologisch beter IJsselmeer is echter meer Een gezonde visstand is een vereiste voor vogels, maar dat is niet alles. Samen met andere partijen in de Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk zetten Vogelbescherming en Sportvisserij Nederland zich in voor een ecologisch gezond IJsselmeer. Zo werken we aan natuurontwikkeling rond land- en waterovergangen en ondersteunen we talrijke initiatieven die tot ecologische verbetering van het IJsselmeer leiden, zoals de vismigratierivier in de Afsluitdijk. Ons doel is verhoging van de biodiversiteit en daar hoort een gezonde en gevarieerde vis- en vogelstand ook bij!
 
 

Zandstort langs Houtribdijk succesvol afgerond

26 maart 2019
In het weekend van 9 en 10 maart 2019 is het laatste zand gestort langs de Houtribdijk tussen Lelystad en Enkhuizen. Hiermee is een belangrijke mijlpaal behaald in de versterking van deze primaire waterkering. De nieuwe zandoevers zijn in totaal 10 km lang. Ze beschermen de dijk, waar afgelopen weekend (9-10 maart 2019) stormkracht werd gemeten, tegen de kracht van de golven van het IJsselmeer en Markermeer. In enkele maanden tijd is er zo’n 10 miljoen m3 zand langs de dijk gelegd. Dat is meer dan er normaal gesproken in een jaar langs de gehele Nederlandse kust wordt gestort. Nu het benodigde zand succesvol langs de dijk is geplaatst, werkt de aannemer verder aan het op de vereiste hoogte afwerken van de oevers. De zandige oevers lopen geleidelijk af in het water van het Markermeer en het IJsselmeer, 70 m boven water en 70 m onder water. Ook wordt het zand de komende periode verder ingezaaid met een grasmengsel, met name om verstuiving van het zand tegen te gaan. Wereldwijde primeur Het gebruik van zandige oevers is wereldwijd niet eerder op deze manier toegepast in een binnenmeer zonder eb en vloed. Bij de Houtribdijk is deze innovatie mogelijk dankzij het relatief ondiepe water aan de kant van Enkhuizen. Richting Lelystad wordt de dijk juist met breuksteen en gietasfalt versterkt. Zandige versterking is een manier van wat wel Building with Nature wordt genoemd, ofwel bouwen met de natuur als uitgangspunt. De oevers zorgen voor meer biodiversiteit in het IJsselmeergebied, waar over het algemeen vooral harde, stenige oevers zijn. Rijkswaterstaat onderzoekt de komende jaren in samenwerking met de TU Delft verder hoe de onvoorspelbare golfslag in het IJsselmeergebied de zandige oevers beïnvloeden. Zandtransport versterking Houtribdijk Het zand voor de oevers is afkomstig uit de directe omgeving van de Houtribdijk. De aannemer heeft hiervoor een speciale winzuiger ingezet die het zand vanuit aangewezen zandwinputten uit het Markermeer naar de dijk transporteert over een afstand van zo’n 7 km, deels via drijvende pijpleidingen. Opgezogen bodemmateriaal dat niet geschikt was voor de dijkversterking, is ingezet bij de aanleg van Trintelzand, het nieuwe natte natuurgebied in het Markermeer dat net als de zandige oevers bijdraagt aan de biodiversiteit in het IJsselmeergebied.     Bron: www.rijkswaterstaat.nl
 
 

Johannes Kramer wil ‘regionale landschapsstrategie’ voor het IJsselmeer

26 maart 2019
Alle overheden die bij het IJsselmeer betrokken zijn, moeten een gemeenschappelijk plan opstellen, waarin staat wat er wel en wat er niet kan in het gebied. Met dat idee kwam Johannes Kramer van de Fryske Nasjonale Partij en gedeputeerde Fryslân 13 maart 2019 in een door het Comité Geen Zandindustrie IJsselmeer georganiseerd gesprek met de provinciale politiek in Leeuwarden. Kramer noemt zo’n aanpak een regionale landschapsstrategie. Gedeputeerde Johannes Kramer bepleitte 13 maart een landschapsvisie voor het IJsselmeer die gericht is op omgevingskwaliteiten van het gebied. (LC 14 maart). Er zijn genoeg visies en bestuursconvenanten voor het IJsselmeer, variërend van de recent gepubliceerde 'Cultuurhistorische IJsselmeer Landschapsbiografie' tot 'Agenda IJsselmeer 2050', maar het komt nog te weinig tot een gezamenlijke uitwerking. En daar ligt exact het probleem dat vergelijkbaar is met dat van de Waddenzee. Te veel overheden, te veel deelovereenkomsten en daarboven een rigide wetgeving met bijbehorende beheerplanning. Waar het aan schort is een gebiedsgerichte aanpak met een bestuurlijke autoriteit, zo vult Monique Boskma adviseur Leefomgeving en oud-VVD-statenlid aan in haar reactie in de Leeuwarder Courant van 14 maart jl. Zo’n autoriteit zou door het rijk moeten worden geïnstalleerd en grotendeels betaald moeten worden omdat het rijk een systeemverantwoordelijkheid kent voor Europese wetgeving. Denk daarbij bijvoorbeeld aan de Kaderrichtlijn Water, Natura 2000 en diverse klimaatverdragsteksten. Deze autoriteit zou meer moeten doen dan de huidige Deltacommissaris, die over de water gerelateerde zaken van het IJsselmeer gaat. De autoriteit zou enerzijds de grenzen en voorwaarden van de planvorming en wetgeving moeten bewaken en anderzijds de landschappelijke en natuurlijke kwaliteiten. Voorts zou er aandacht kunnen uitgaan naar realistische inspraak, waarbij inwoners op voorhand op de hoogte worden gesteld van de grenzen van bestaande wetgeving en planvorming. Dat laatste is hard nodig, want het voorkomt teleurstelling bij de inspraak door inwoners of onzinnige uitspraken door politici dat een natuurbeschermingsvergunning moet worden ingetrokken. Zijn daarmee het landschap, de vrije ruimte en de kustlijnen, kortom de omgevingskwaliteiten van het gebied veiliggesteld? Helaas in het geheel niet. Zelfs de strenge Naturawetgeving heeft niet kunnen voorkomen dat het algemeen belang van energievoorziening steeds weer prevaleert boven natuur. Het IJsselmeer is verworden tot een waterplas, ommuurd door een hek van windmolens en ook nog geschikt geacht voor zonneweides, volgens het rijksrapport Energieverkenning IJsselmeergebied. Arme waterrecreant, die overigens volgens Waterrecreatie Advies BV nog wel goed is voor een economische spin-off van een slordige 600 miljoen euro. Concluderend kan men stellen dat het alle (politieke) partijen, die (water)landschap en natuur een warm hart toedragen, ontbreekt aan munitie ter onderbouwing van het wezenlijke belang van het natuurlijk (water)landschap ten opzichte van energietransitie. Zolang Nederland deze transitie wil oplossen met kringlooponvriendelijke windmolens en (drijvende) zonneweiden, blijft het landschap vogelvrij - helaas letterlijk en figuurlijk. Tot slot doet Boskma een dringende oproep: Het zou goed zijn als het nieuwe college van gedeputeerde staten van Fryslân deze IJsselmeer autoriteit zou willen opnemen in het nieuwe provinciale regeerakkoord en komend jaar een lobby begint richting IPO en rijk. Dit laatste sluit mooi aan bij de oproep die Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk doet aan de nieuw te vormen colleges van de IJsselmeerprovincies: Zorg voor een eenduidige aanpak t.a.v. het IJsselmeergebied en benader het gebied als één dossier. Samen en integraal!
 
 

Tips voor een goede voorbereiding

3 maart 2019
Marjon Huibers van Swimfantastic is medeorganisator van Zwemevent Rondje Pampus. Met haar enthousiasme organiseert zij al jaren speciaal voor de deelnemers aan ons zwemevent trainingen voor het zwemmen in open water. Na een aantal intensieve trainingen ken je de geheimen van het openwaterzwemmen en kun je nog meer genieten van het IJsselmeer als Blauwe Hart van Nederland. Zwemcoach Marjon Huibers vertelt over het steeds populairder worden van het openwaterzwemmen en het belang van een goede voorbereiding. "Zwemmen in het open water geeft je vooral een groot gevoel van vrijheid", zegt Marjon enthousiast als haar gevraagd wordt naar de aantrekkingskracht van het zwemmen in de natuur. "Je zwemt in de open lucht, te midden van de vogels en de vissen. Bovendien is het water meestal veel helderder dan je denkt. Bij Pampus is het water kraakhelder en als de zon schijnt geeft dat onder water een fantastisch effect. Het is gewoon genieten.” In haar zwemschool signaleert ze een forse toename in het aantal openwaterzwemmers. Een van de oorzaken is volgens haar de populariteit van de triatlon. Daar wordt meestal in  open water gezwommen en om sneller te kunnen zwemmen, kloppen de triatleten aan bij Swimfantastic. Marjon: "Er is veel belangstelling in het leren van de borstcrawl. Dat is de snelste maar ook moeilijkste slag omdat je asymmetrisch zwemt. We leren de mensen om zo efficiënt mogelijk te zwemmen: zo stabiel en gestroomlijnd mogelijk waardoor je energie en kracht spaart. Bovendien veel vriendelijker voor je schouder dan aan het water trekken om naar voren te komen" Slim bewegen Dé methode om efficiënter te zwemmen heet Total Immersion (TI) en draait om 'slim bewegen'. TI gaat uit van een betere houding in het water. Er wordt gewerkt aan stabiliteit, stroomlijning en beweging, waarmee het zwemmen veel gemakkelijker wordt. "We maken mensen bewust van hoe ze in het water liggen en wat ze in het water doen. Het is een heel nieuwe manier van zwemmen die sterk afwijkt van wat ze ooit hebben geleerd. In onze lessen leren we de uitgangspunten die de zwemmers zich vervolgens in hun eigen tijd verder eigen moeten maken." Slimmer zwemmen Slimmer zwemmen in het open water zit niet alleen in een betere techniek, maar ook slim omgaan met het water en de omstandigheden. "In een van de trainingen leren we bijvoorbeeld hoe je omgaat met de stroming. Bij Pampus is de stroming aan elke kant van het eiland anders. Je moet die stroming voelen en je slag inkorten of juist verlengen. Ook moet je er rekening mee houden dat de windrichting steeds verandert. Om te vermijden dat je water in je mond krijgt is het dan nodig om je ademhalingsmoment te veranderen. Andere aandachtspunten zijn inhalen en jezelf kunnen oriënteren in woelig water." Wetsuits Moeten de zwemmers een wetsuit aan? Marjon: "Beginners zou ik aanraden om een pak aan te doen. Het is veel warmer in een pak. Dat is wel nodig als je een uur in water van 18 graden zwemt. Belangrijk is wel dat het lekker zit en je er goed in kunt bewegen. Vrijheid bij de schouders is vooral belangrijk. Voorbereiding Heel veel meters maken in het open water wordt in ieder geval aangeraden als voorbereiding voor Pampus. Laat je niet verrassen, want open water is echt anders dan een zwembad! Kosten en inschrijven trainingen De prijs is € 15,- per training, inclusief toegang tot het Flevoparkbad. Wil je voor een paar keer je deelname boeken? Gebruik deze link en zet de data in de opmerkingen. We vragen je ook dit formulier in te vullen. De trainingen vinden plaats op: 5 juni, 19 juni, 10 juli, 17 juli, 31 juli en 14 augustus van 19.00 tot 19.30 uur en gaan alleen bij onweer niet door.  Je kunt na boeking vooraf je melden om 18.30 uur bij de ingang van het Flevoparkbad. Daar kun je je omkleden, spullen kunnen voor 50 cent in een locker. Daarna loopt iedereen gezamenlijk naar het Nieuwe Diep. https://www.youtube.com/watch?v=gKAdBS0xjhs&t=6s  
 
 

Topvangsten in het IJsselmeer?

30 januari 2019
De IJsselmeervissers hebben vorig jaar topvangsten behaald op het IJsselmeer. Er werd ruim honderd ton méér zoetwatervis (met name paling en snoekbaars) gevangen, terwijl de algehele trendgegevens laten zien dat het niet goed gaat met de visstand in het IJsselmeergebied. Hoe is dit te verklaren? We legden deze vraag voor aan Jaap Quak, projectmanager IJsselmeer bij Sportvisserij Nederland. Onze vraag gebiedt direct een nuance: De aanvoer van snoekbaars en aal was zo hoog, dat de handel het niet aan kon. Alleen was de aal veel te mager en daarom onbruikbaar om te roken. Voor de verkoop van snoekbaars was er veel concurrentie uit het buitenland, met name Polen, waardoor de prijs kelderde. Ondanks hoge vangsten, dus toch geen hoofdprijs voor de vissers. Quak geeft aan geen eenduidig antwoord gebaseerd op onderzoek te hebben. Maar door zijn jarenlange kennis over de visstand en het ecosysteem IJsselmeergebied liggen zijn gedachten aannemelijk dicht bij de waarheid. De magere aal Quak: “Allereerst was 2018 een bizar jaar qua zon en watertemperatuur, een temperatuur dicht bij het biologisch optimum voor aal en snoekbaars. Dat is gunstig voor deze soorten, maar er is waarschijnlijk veel meer aan de hand. De aal – als buitenbeentje in de visstand – is biologisch gezien een heel ingewikkelde vissoort. Het gemiddelde gewicht van aal en de lengte is al lang aan het toenemen. Ook de verhouding tussen mannetjes en vrouwtjes is veranderd. Vroeger was het IJsselmeer echt mannetjes-aal water. Met een gemiddelde lengte rond 28 cm en een gewicht van 100 gram was deze aal de beroemde ‘vette IJsselmeeraal’. Tegenwoordig is het IJsselmeerwater steeds meer vrouwtjes-aal water. Dat is het gevolg van de achteruitgang van het bestand, zoals dat vanaf 1980 heeft plaatsgevonden. Vrouwtjes zijn veel groter en zwaarder. Dit betekent dat je nog wel dezelfde tonnen kunt vangen, maar met minder aantallen aal per ton. Grote aal wordt vaak vis-etend, daardoor daalt het vetgehalte.” Quak denkt dat ze vooral exotische grondels, een invasieve soort die de afgelopen jaren sterk in opkomst is in het IJsselmeergebied, zijn gaan eten, terwijl je de vetste aal krijgt als ze veel insectenlarven eten zoals muggenlarven die vroeger in grote getale voorkwamen. De toenemende hoeveelheid vrouwtjes en het afnemende aantal insectenlarven zijn een goede verklaring voor de magere aal. Dit in combinatie met de hoge watertemperatuur die de activiteit van de aal vergroot, wat meer energie en voedsel vraagt, wat leidt tot meer vetverbranding. Meer snoekbaars Quak heeft eigenlijk meer data nodig voor een correct beeld van de verhoogde aanvoer van snoekbaars, maar hij heeft wel een theorie: “Er zijn betere vangsten door de reductie van de visserij sinds 2015 (85% staande netten minder). Daarnaast is snoekbaars door hoge watertemperatuur meer actief met daarmee grotere kans om gevangen te worden. Ook lag de watertemperatuur in 2018 dichtbij optimum voor groei en is de aanwas van de snoekbaars afgelopen jaren gunstig (zogenaamde sterke jaarklassen). Ook denkbaar is dat de snoekbaars profiteert van de invasie van exotische grondels om twee redenen. Allereerst is er meer prooivis, wat meer productie inhoudt. Daarnaast zijn grondels kuitrovers maar veel minder van snoekbaars-eitjes, omdat de snoekbaars zijn nest bewaakt en omdat deze eitjes vies smaken. Dus de larven van snoekbaars en baars, die normaal ook concurrentie om voedsel (plankton) van andere soorten zoals blankvoorn en brasem ondervinden, hebben dat de laatste jaren veel minder. Dit betekent een hogere overlevingskans van de snoekbaarslarven en betere ‘rekrutering’, wat zorgt voor sterkere jaarklassen. Wat dit verder zal betekenen voor de toekomst van de snoekbaars stand, is echter moeilijk te voorspellen.”
 
 

Tentoonstelling over vismigratie in het Natuurmuseum Fryslân

30 januari 2019
Van 2 februari tot en met 25 augustus 2019 staat de tentoonstelling Swim Fish Swim! in het Natuurmuseum Fryslân. Deze interactieve tentoonstelling voor het hele gezin gaat over een zeer actueel onderwerp: vismigratie. Bezoekers gaan op reis en volgen de trekroutes die Harry de Haring, Steve de Steur en Sam de Zalm afleggen. Ook nemen ze zelf een kijkje onderwater in een echte helikopterduikboot! In de tentoonstelling Swim Fish Swim! krijgen trekvissen weer de ruimte. Ooit konden vissen ongestoord heen en weer zwemmen tussen zeeën en rivieren. Vissen trokken landinwaarts om eitjes te leggen, anderen zwommen juist naar zee om zich voort te planten. Tegenwoordig stoten ze regelmatig hun neus. Op hun trektocht tussen zoet en zout stuiten ze op dammen, sluizen, stuwen en dijken. Veel vissoorten hebben voor hun levenscyclus zout en zoet water nodig. Gelukkig is er steeds meer aandacht voor het lot van trekvissen en worden er slimme oplossingen bedacht die rekening houden met mens én vis. In de tentoonstelling zijn daarvan twee mooie voorbeelden uitgelicht. Zo krijgen vissen bij de Noordzee en de Waddenzee weer ruim baan door bijzondere projecten bij het Haringvliet en de Afsluitdijk. De Haringvlietsluizen bestaan al sinds 1970. Door de aanleg van de sluizen ontstond een harde scheiding tussen zoet en zout water. Sinds november 2018 worden de sluizen, als de waterstand van het Haringvliet lager is dan dat van de Noordzee, regelmatig op een kier gezet en hebben de trekvissen weer een vrije doorgang tussen de Noordzee en grote rivieren als de Rijn en de Maas. Een voorbeeld dichterbij huis zijn de vergevorderde plannen voor een vismigratierivier in de Afsluitdijk. Vroeger zwommen er zo’n 10.000 zalmen in de Zuiderzee (wat nu het IJsselmeer is), maar tegenwoordig is de zalm een zeldzame verschijning. Miljoenen vissen liggen nu in de Waddenzee als surfers te wachten voor de spilsluizen. Ze ruiken het zoete water en willen naar binnen. Maar de stroming is voor deze vissen vaak te sterk om tegenin te zwemmen. Een permanente opening via de vismigratierivier in de Afsluitdijk moet het weer mogelijk maken dat trekvissen vrij kunnen zwemmen tussen Waddenzee in IJsselmeer. In Swim Fish Swim! kunnen bezoekers zelf ervaren welke obstakels vissen tegenkomen. In het racespel over migratieroutes gaan ze samen met Harry de Haring, Steve de Steur en Sam de Zalm een lange reis maken. Aan een grote tafel, met de Alpen op de achtergrond, volgen ze de trekroutes die de vissen afleggen vanuit de Noordzee door het Haringvliet naar het achterland van Europa. Door goede antwoorden te geven, verzamelen ze steeds meer vissen op hun tocht. In de expositie staat ook een heuse ‘helikopterduikboot’. Hier kunnen bezoekers een kijkje in de toekomst nemen en vast met eigen ogen zien hoe de vismigratierivier eruit komt te zien. Ze stappen in het futuristische voertuig en zetten een VR-bril op. Dan stijgen ze op om een rondje over de Afsluitdijk te vliegen, waarbij je duidelijk ziet hoe de dijk Waddenzee en IJsselmeer van elkaar scheidt. Maar dan duikt het voertuig onder water en bevind je je ineens in een soort snelweg op de bodem van de zee! (Ook een tochtje maken? Kijk op www.natuurmuseumfryslan.nl voor de tijden). Swim Fish Swim! is een productie van HaarlemAmsterdam. Het Natuurmuseum Fryslân is voor het deel over de vismigratierivier in de Afsluitdijk een samenwerking aangegaan met De Nieuwe Afsluitdijk en de Vismigratierivier. Voor meer informatie: www.deafsluitdijk.nl/projecten/vismigratierivier.
 
 

Kansen en risico’s voor duurzame energie in het IJsselmeergebied

30 januari 2019
In Nederland wordt momenteel druk verkend hoe klimaatdoelen gehaald kunnen worden. De komende tijd zal in processen zoals de Agenda IJsselmeergebied 2050 en de Regionale Energie Strategieën (RES) gekeken worden naar de betekenis van het IJsselmeergebied hierin. Er zijn 5 Ressen die over een stukje IJsselmeergebied gaan. Het wordt mede daardoor een spannende zoektocht, want er zijn kansen maar zeker ook risico’s voor duurzame energie in het Blauwe Hart. Ontwikkelingen Agenda IJsselmeergebied 2050 Binnen de Agenda IJsselmeergebied 2050 zijn twee verkenningen geweest. De eerste verkenning, met als opdrachtvraag ‘Hoeveel duurzame energie kan je in het IJsselmeergebied kwijt?’ is uitgewerkt door POSAD & Ecofys (2017) Zij kwamen uit op een potentiële energieopbrengst in het IJsselmeergebied van 60 à 70 petajoule (PJ) per jaar. POSAD keek vooral naar windenergie, zonne-energie en aardwarmte als energiebronnen. Daarnaast hebben H+N+S-landschapsarchitecten een verkenning gedaan vanuit de invalshoek ‘ruimtelijke kwaliteit’, zoals deze gedefinieerd is door Frits Palmboom met zijn ’10 gouden regels’. In deze verkenning zijn scenario’s uitgewerkt op basis van ruimtelijke randvoorwaarden, zoals het openhouden van landschappelijke lengteassen, het voorkomen van effecten van wildgroei, asymmetrische opstellingen etc.. Verschillende ideeën voor gebiedsgerichte combinaties zijn onderzocht, waaronder grootschalige drijvende zonnepanelen en zonne-eilanden nabij de Oostvaardersplassen, maar ook combinaties van windparken en drijvende zonnepanelen. Deze verkenningen dienen als bouwstenen voor de invulling van de Regionale Energie Strategieën. Verkenning van verschillende energievormen De energievormen die veelal terugkomen in de verkenningen zijn: windenergie, zonne-energie en warmte uit bodem (geothermie) en uit oppervlaktewater (aquathermie). De laatste energiebron is nog niet erg bekend, maar Thermische Energie uit Oppervlaktewater (TEO), is wel een energievorm met veel potentie. TEO is het gebruik maken van de warmte of koude van oppervlaktewater gedurende de diverse seizoenen. De warmte kan met behulp van een warmtewisselaar ingezet worden voor het verwarmen van gebouwen. Voor het IJsselmeergebied biedt deze vorm van energie veel kansen. Meer weten over TEO? Zie de website van o.a. STOWA en Deltares. Visie Coalitie het Blauwe Hart De coalitie is een groot voorstander van duurzame energie en het behalen van klimaatdoelen. Tegelijkertijd maakt zij zich zorgen over de grote opgave en hoe dit kan passen binnen het prachtige landschap en de natuur van het Blauwe Hart. De coalitie betreurt het dan ook dat de IJsselmeer provincies binnen de verkenningen geen aandacht hebben geschonken aan de ecologische draagkracht van het IJsselmeergebied. Daarnaast zijn er nog veel kennishiaten en is meer onderzoek nodig naar (cumulatieve) effecten van diverse soorten energie opwekking en de impact daarvan op het ecosysteem. De coalitie benadrukt dat de uitrol van energietransitie zorgvuldig gebeurt, met inachtneming van de kernwaarden van het gebied, binnen de grenzen van de draagkracht van het ecosysteem en vanuit een  integrale benadering waarbij natuur, landschap en recreatie volledig worden meegewogen. Juist inzet op slimme win-win combinaties bieden de meeste kansen.
 
 

Agenda IJsselmeergebied werkt door in plannen voor versterking Friese kust

21 januari 2019
Het peilbeheer in het IJsselmeergebied heeft negatieve gevolgen, zoals erosie in de buitendijkse gebieden aan de Friese IJsselmeerkust. Het Rijk reserveert vanuit het Deltafonds 12 miljoen euro voor verbetermaatregelen. Provincie Fryslân, de gemeenten Súdwest-Fryslân en De Fryske Marren, Wetterskip Fryslân, It Fryske Gea én het Rijk werken vanaf 2016 samen aan een integrale visie en een projectenprogramma voor de Friese kust. Nadat het samenwerkingsverband van Rijk en regio in 2017 aansluiting vond bij de Agenda IJsselmeergebied 2050, heeft het nieuwe college van de gemeente Súdwest-Fryslân de IJsselmeeragenda in het coalitieakkoord opgenomen. Wethouder Maarten Offinga: ‘Daarmee is de IJsselmeerkust geen bijzaak, maar één van de vier speerpunten in onze gemeentelijke ontwikkelagenda.’ Essentieel is het vinden van kansen om de versterking van de Friese kust, waaronder de aanpak van erosie, te combineren met verbeteringen op het gebied van sedimenthuishouding, economie en natuur. De Agenda IJsselmeergebied 2050 is hierbij voortaan een leidraad. Regio en Rijk hebben op 22 november een voorkeursbeslissing vastgesteld. Er moet nog gewerkt worden aan een bestuursovereenkomst, en dan kunnen we verder met de uitwerking van de plannen. Lange kust, veel kansen De IJsselmeerkust heeft een lengte van zo’n 56 kilometer, waarvan 35 in de gemeente Súdwest-Fryslân. De totale oppervlakte van de gemeente is 908 km², waarvan 578 km² land en 330 km² water. Logisch dus dat Súdwest-Fryslân van meet af aan actief betrokken was bij het samenwerkingsverband Koppelkansen Friese IJsselmeerkust. Toen dat samenwerkingsverband tussen Rijk en regio in 2017 aansluiting vond bij de Agenda IJsselmeergebied 2050, had dat ook invloed op de gemeente Súdwest-Fryslân. Welke? Wethouder Maarten Offinga: ‘Als nieuw college hebben we begin 2018 de IJsselmeeragenda in ons coalitieakkoord opgenomen. Daarmee is de IJsselmeerkust geen bijzaak, maar één van de vier speerpunten in onze gemeentelijke ontwikkelagenda.’ IJsselmeer als speerpunt in het gemeentelijke ambitieprogramma Om een indruk te krijgen: het gemeentelijke ambitieprogramma beslaat vier prioritaire gebieden: Sneek, Bolsward, IJsselmeerkust en Út de mienskip. De gemeente heeft daarvoor vijf overkoepelende ambities geformuleerd: water, cultuur, natuur, energie en economie. Per ambitie zijn de beoogde effecten van mogelijke maatregelen in beeld gebracht. Dat is gebeurd op basis van de beoordelingstrits people, planet, profit. Om te beginnen ambieert de gemeente Súdwest-Fryslân een positie als wereldmarktleider op het gebied van waterkwaliteitstechnologie. Daarnaast blijkt de gemeente (internationale) bekendheid van de Friese IJsselmeercultuur en de bijbehorende regionale producten te willen vergroten. De gemeente Súdwest-Fryslân wil ook een maatgevend natuurontwikkelaar zijn voor het behalen van milieu- en klimaatdoelstellingen. Als vierde heeft de gemeente niet alleen de ambitie om een energie neutrale regio te zijn, maar ook een toonaangevend producent van duurzame innovatieve energietechnieken. Onder het kopje ‘Economie’ van de ambitieagenda staan drie parallelle thema’s genoemd. De gemeente wil Europees kampioen circulaire economie worden. Daarnaast wil de gemeente zich op internationaal niveau onderscheiden als duurzaam landbouwproductiecluster. Ten slotte wil Súdwest-Fryslân een internationaal befaamd recreatiecluster zijn. Werk met werk maken Aan ambities geen gebrek, maar nu komt het aan op de uitvoering. Offinga: ‘We zitten nog in de planvorming hoor, en dus moeten verschillende partijen er nog hun mening over geven. Maar we gaan de ideeën zo concreet mogelijk maken. Daarbij is het belangrijk dat we de koppelkansen goed in beeld brengen. Dat is ook een belangrijk signaal dat we uit het proces van de Agenda IJsselmeergebied 2050 hebben opgepikt: zorg dat je werk met werk kunt maken. Met onze projectenlijst willen we daar een voorzet voor geven.’ Offinga geeft een voorbeeld. ‘Neem de zeer noodzakelijke verbetering van de vaargeul van It Soal naar Workum. Dit kan duurzaam door de aanleg van een nieuwe strekdam en verlenging van de huidige strekdam, waarbij ook het Workumer strand baat heeft. Want dankzij de dam blijft het strand beter op zijn plek. Nu wordt bij stormachtig weer steevast strand weggeslagen, wat leidt tot verzanding van de vaargeul.’ Het zand dat vrijkomt bij het uitdiepen van It Soal kan deels gebruikt worden voor de erosie-aanpak van natuurgebied Workummerwaard, dat nu ieder jaar door storm en hoogwater kleiner wordt. ‘Dit gaat nu nog ten koste van duizenden grondbroeders en kolonievogels’, zegt Offinga. Ook natuurgebied Stoenckherne, aan de zuidkant van Workum, kan door de strekdam aan kwaliteit winnen. ‘Zo hebben we als gemeente een gezamenlijk belang met de provincie, de middenstand van Workum en de natuurbeschermers van It Fryske Gea en Staatsbosbeheer.’ Ook op het grondgebied van buurgemeente De Fryske Marren liggen mogelijkheden om werk met werk te maken. Het gaat daarbij om de Mokkebank (bij Mirns) en de Baai van Tacozijl (ten westen van Lemmer). ‘Erosieaanpak is bijvoorbeeld te combineren met het verbeteren van de infrastructuur, zoals de aanleg van een fietspad. Of met het verbeteren van de cultuurhistorische beleving van de IJsselmeerkust, denk aan de zichtbaarheid van de oude zeesluizen en de Joodse begraafplaats. En last but not least: de ontwikkeling van vis paai- en opgroeigebieden. Het herstel van het strand bij zowel De Hege Gerzen als Het Mirnser Klif is bovendien van economisch belang.’ Offinga geeft nog een koppelvoorbeeld langs de Friese IJsselmeerkust. ‘In een gebied waar veel vogels verblijven, moet je eigenlijk wel over de dijken heen kijken. Welke mogelijkheden biedt de ontwikkeling van natuur inclusieve landbouw in dat geval? Helpt die ontwikkeling de vogels in het IJsselmeergebied?’ Gebiedsoverstijgende samenwerking De gemeente Súdwest-Fryslân heeft nog meer ideeën. Offinga lacht: ‘Een kralensnoer van projecten, met de IJsselmeerkust als bindend lint. Zoals het herstel van de natuur in de Makkumerwaarden, of maatregelen in de bocht van Molkwar, in combinatie met de restauratie van het sluisje. Maar het gaat er nu eerst om de meest kansrijke opties op een rij te hebben. Als wij als gemeente klaar zijn met ons huiswerk, gaan we om de tafel met onze partners: de waterschappen, buurgemeenten en terreinbeheerders. Maar vooral ook met de provincie en het Rijk, zodat we kunnen beoordelen welke projecten in aanmerking komen voor cofinanciering. In het Noorden zoeken we elkaar steeds meer op om onze slagkracht te vergroten. Dat het Rijk daarbij transparant en open aan tafel zit, vind ik echt een compliment waard.’
 
 

Tijdlijn IJsselmeergebied

8 januari 2019
Het IJsselmeergebied heeft in de loop der eeuwen vele gezichten gekend. Deze lange geschiedenis heeft gezorgd voor een grote diversiteit aan cultureel erfgoed en bijzondere landschappen. De mens heeft zich in dit gebied voortdurend aangepast aan de steeds veranderende omstandigheden. Ook nu staan er weer grote veranderingen te wachten als gevolg van onder meer klimaatveranderingen en het energie vraagstuk. Om deze veranderingen in synergie met het karakter van het gebied te ontwikkelen, biedt ons culturele erfgoed inspiratie. Een tijdlijn biedt inzicht in de geschiedenis en de landschappelijke karakteristieken van het IJsselmeergebied. Een rijk verleden, dat de toekomst een geschiedenis geeft. Bekijk de tijdlijn (inclusief video's)
 
 

PWN officieel partner van Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk

18 december 2018
Na een aantal jaar aspirant-lid te zijn geweest van samenwerkingsverband het Blauwe Hart, heeft PWN besloten om officieel als partner toe te treden tot Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk. Voor hen is het IJsselmeer als natuurlijke bron voor drinkwater van groot belang. Deze feestelijke gebeurtenis vond plaats op 17 december j.l. voorafgaand aan de Masterclass van Matthijs Schouten. Met prachtig uitzicht over het IJsselmeer vanuit de waterzuivering in Andijk bij PWN tekende Joke Cuperus (Algemeen directeur PWN) de overeenkomst onder toeziend oog van Joop Bongers (voorzitter Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk). Wij heten PWN hartelijk welkom als officieel partner van de coalitie!
 
 

Sociaal-ecologisch systeem Markermeer – onderzoek

6 december 2018
Als waterland maakt Nederland veel gebruik van de ecosysteemdiensten die onze wateren ons leveren. Tussen het ecosysteem van het Markermeer en onze maatschappij bevinden zich daarom veel interacties. De ecologische ontwikkelingen die momenteel plaatsvinden in en rond het Markermeer hebben meer dan alleen een direct effect op de ecologische kwaliteit van het watersysteem. Een complex van interacties en feedbacks zal ook maatschappelijke gevolgen hebben. Denk hierbij aan de beroepsvisserij en recreatiemogelijkheden. Om een beter beeld te krijgen van deze interacties en feedbacks en hoe deze op de juiste manier te beheren, wordt er aan de Wageningen Universiteit onderzoek gedaan naar de sociaal-ecologische veerkracht van het Markermeer. Hiervoor worden inzichten verzameld van betrokkenen bij het Markermeer. Heeft u een relatie met het Markermeer, in welke vorm dan ook (woon-, werk-, recreatief- of anders gerelateerd)? Dan kunt u een bijdrage leveren aan dit onderzoek. Heeft u vragen? Stuur dan een e-mail. Alvast bedankt voor uw tijd!
 
 

Raadsfracties CDA, FNP en VVD stellen voor om besluit zandwinning uit te stellen

28 november 2018
In de Tweede Kamer zijn vragen gesteld over de zandwinning in het IJsselmeer. De fracties van de coalitiepartijen stellen voor om de besluitvorming in de gemeenteraad van De Fryske Marren door te schuiven. Op de agenda van de gemeenteraad van woensdag 28 november staat een wijziging van het bestemmingsplan. Die wijziging moet zandwinning mogelijk maken. Vragen in de Tweede Kamer Het onderwerp zandwinning heeft de afgelopen twee weken tot veel discussie geleid. Dit was aanleiding voor een aantal fracties in de Tweede Kamer om vragen te stellen aan de Minister van Infrastructuur en Waterstaat. Minister Van Nieuwenhuizen heeft aan de Tweede Kamer toegezegd een brief met aanvullende informatie te sturen over het proces dat tot nu toe gevoerd is. De fracties vinden het niet verstandig dat de gemeenteraad nu een besluit moet nemen over een dossier waarover in de Tweede Kamer nog vragen bestaan. Dit staat een zorgvuldige afweging van belangen in de weg. Doorschuiven naar 2019 De fracties van het CDA, FNP en VVD stellen daarom voor dat het voorstel tot wijziging van het bestemmingsplan woensdag niet behandeld wordt door de gemeenteraad. Zij stellen voor om deze pas te behandelen nadat de Minister de Tweede Kamer verder geïnformeerd heeft.
 
 

Hoe zit het precies met de waterplanten in het Markermeer?

31 oktober 2018
Het water in het Markermeer is de afgelopen jaren aanzienlijk helderder geworden. Mede daardoor kunnen waterplanten beter groeien. Met name de groei van fonteinkruid neemt ieder jaar toe terwijl de groei van kranswieren wat achter blijft. Fonteinkruid is een waterplantensoort die tot vlak boven het wateroppervlakte groeit. Daardoor heeft de recreatievaart met name ‘s zomers last van dit fonteinkruid, omdat deze waterplanten in de schroef verstrikt raken en de snelheid van de boten hindert. Helaas nog geen duurzame oplossing Het probleem van de waterplanten voor met name de watersportrecreatie is al een aantal jaren actueel, zonder dat er een duurzame oplossing in zicht is. Men kijkt kritisch naar Rijkswaterstaat (RWS) omdat zij de beheerder is in het IJsselmeergebied. In het Beheer en ontwikkelingsplan Rijkswateren (BPRW) is aangegeven op welke wijze RWS beheer voert. Omdat de toegankelijkheid van diverse havens slechter wordt in bepaalde perioden in het vaarseizoen, heeft bijvoorbeeld de Gemeente Hoorn de afgelopen jaren de pilot Maaien Hoornse Hop gefaciliteerd. Een gecoördineerde aanpak voor juiste antwoorden Bij de verschillende gebruikers van het Markermeer zijn er veel vragen over waterplanten. Hoe zal het gaan met de ontwikkeling van de waterplanten? Waar komen de planten vandaan en waar kunnen ze zich gaan vestigen? Kan het hele meer volgroeien met planten? Informatie om de antwoorden op deze vragen te geven is te versnipperd. Ook lijken er antwoorden rond te gaan die niet gebaseerd zijn op gegronde gegevens. Dit vraagt dus om een gecoördineerde aanpak, die nu uitgevoerd wordt door de Universiteit van Amsterdam, Rijkswaterstaat en Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk. De vragen van diverse gebruikers en beheerders zijn geïnventariseerd en ingedeeld per thema. Dit levert drie thema’s op: ecologie van waterplanten waterplanten in het Markermeer management van waterplanten Antwoorden op de vragen binnen ieder thema zullen worden onderbouwd met wetenschappelijke artikelen of toegepaste rapportages. Dit leidt tot een algemeen overzicht met antwoorden op de vragen die spelen met betrekking tot waterplanten in het Markermeer. Of dit geeft juist duidelijkheid over het ontbreken van antwoorden op sommige vragen en maakt kennishiaten zichtbaar. Het overzicht zal gepresenteerd worden en online beschikbaar worden gesteld. We streven hiermee naar een gemeenschappelijke werkelijkheid ten aanzien van de kennis over waterplanten in het Markermeer. Beheer en onderhoud Ook worden de onderzoeksresultaten en conclusies beleidsmatig besproken met de diverse overheden op rijks- provinciaal en gemeentelijk niveau, zodat er ook een vertaalslag komt  naar beheer en onderhoud van waterplanten en dit beleid getoetst en aangescherpt kan worden. Langlopend onderzoek en resultaten De Universiteit van Amsterdam doet langlopend onderzoek naar waterplanten in het Markermeer en verzamelt op deze manier veel kennis over de ontwikkeling van waterplanten en hun functie in het voedselweb. Dit onderzoek is belangrijk voor onder andere de prognose over de groei en het areaal van waterplanten in de toekomst. Zodra er resultaten beschikbaar zijn, berichten wij u hierover in onze nieuwsbrief.
 
 

Kennisgeving Windplan Blauw

31 oktober 2018
Van vrijdag 19 oktober 2018 tot en met vrijdag 30 november 2018 liggen het inpassingsplan en de besluiten ter inzage voor Windplan Blauw. Windpark Blauw bestaat uit 61 windturbines, waarvan er 2 rijen van totaal 24 turbines voor de kust in het IJsselmeer komen te staan. Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk constateert dat er weer een stuk van het IJsselmeer afgaat als leefgebied voor vogels en vissen. En het einde is nog lang niet in zicht. Binnen de Gebiedsagenda IJsselmeergebied 2020-2050 wordt er gekeken hoeveel energie we in het IJsselmeergebied kwijt kunnen, als we ook rekening houden met de ruimtelijke kwaliteit en de natuurwaarden. 15 november a.s. is het Platform IJsselmeergebied met als thema Energie. Meer informatie kunt u vinden via deze website. Belanghebbenden die een zienswijze hebben ingediend op het ontwerp-inpassingsplan en/of een ontwerpbesluit kunnen beroep instellen.
 
 

Sneak preview: gedrag van vissen in beeld gebracht bij vispassage Den Oever

31 oktober 2018
Voor het eerst is een onderwatercamera gebruikt in de vispassage bij Den Oever. Vis kan via een buis door de Afsluitdijk naar het IJsselmeer zwemmen. Maar hoe doet hij dat en wanneer? Kroes Brugman Technical Solutions (KBTS) testte op verzoek van Rijkswaterstaat de cameraopstelling bij de vispassage. Dit leverde verrassende beelden op. Martin Kroes en Jeffrey Brugman , eigenaren van KBTS, brachten optrekkende glasaal vanuit de Waddenzee in beeld. Ze ontwierpen een cameraopstelling met bewegingsdetector. Hiermee is het mogelijk vissen te filmen als ze tussen de camera en de achterwand zwemmen. Marianne Greijdanus, Rijkswaterstaat, wilde deze camera ook testen in de vispassage bij Den Oever. Vissen tellen De vispassage Den Oever is een verbinding tussen de Waddenzee en het IJsselmeer, speciaal ontworpen om kleinere vissoorten de Afsluitdijk te laten passeren. In 2016 is de passage voor het eerst gemonitord. Hiervoor werd de binnentrekkende vis met netten gevangen. In de drukste nacht zwommen zo’n 50.000 glasalen door de vispassage naar het IJsselmeer. Gedrag Om de vispassage Den Oever optimaal in te zetten is meer informatie nodig over het gedrag van de vissen. Hoe gebruiken ze de vispassage? Wanneer zwemmen ze naar binnen en naar buiten? Met deze informatie kunnen bijvoorbeeld de pompinstellingen worden geoptimaliseerd. Eerder werd al geprobeerd camera’s in te zetten om de moeilijk zichtbare glasalen in beeld te brengen. Die werkten prima in het laboratorium, maar niet in het veld. Zou de cameraopstelling van KBTS wel werken? Bij deze pilot lagen verschillende uitdagingen op de loer: algengroei in de camerabox, stroming en een internetverbinding behouden in een stalen bak. Succes Het lukte om de vissen goed in beeld te brengen! Ook na twee weken bleef het beeld van voldoende kwaliteit. Dit leverde interessante beelden op. Niet alleen van de glasaal, stekelbaars en botlarve, maar ook van spiering, pos en de baars. Greijdanus is enthousiast: “Met dit soort beelden kan het gedrag van de vissen worden geanalyseerd. Zo blijkt bijvoorbeeld meer vis door de passage te gaan als het water rustig is en als het donker is.” De wolhandkrab is de hele dag door te zien. Ook grote vissen als baars en volwassen aal maken dankbaar gebruik van de passage. https://youtu.be/WHYoljj4jAo Ruim baan voor vis De vispassage Den Oever is één van de vismigratiemaatregelen van Rijkswaterstaat en de Nieuwe Afsluitdijk. Daarnaast wordt visvriendelijk schut- en spuisluisbeheer uitgevoerd en wordt een vismigratierivier bij Kornwerderzand aangelegd. Het totaalpakket aan maatregelen zorgt ervoor dat de verschillende vissoorten die massaal liggen te wachten voor de Afsluitdijk weer ruim baan krijgen. Meer weten? Kijk dan hier.
 
 

Marker Wadden Café – 25 oktober 2018 in Lelystad

17 oktober 2018
In oktober organiseren Natuurmonumenten en de Natuur en Milieufederatie Flevoland weer een Marker Wadden Café in Lelystad. Een bijeenkomst om geïnteresseerden bij te praten over de voortgang van project Marker Wadden. Het eerste eiland is open en er zijn al enorm veel enthousiaste bezoekers. Deze winter zullen de faciliteiten voor onderzoek, beheer en ontvangst gebouwd gaan worden; een kleine nederzetting. Dit wordt op 25 oktober verder verder toegelicht. Iedereen is van harte welkom om te komen luisteren en mee te praten over dit project in het Markermeer. Locatie is de Duurzaamheidswinkel aan het Stadhuisplein van Lelystad. Het Marker Wadden Café begint om 20.00 uur en zal rond 21.30 uur zijn afgelopen. Programma: 19.30 uur        Inloop met koffie en thee 20.00 uur        Welkom door Natuur- en Milieufederatie Flevoland 20.05 uur        Presentatie over de  nieuwe Nederzetting op Marker Wadden door projectdirecteur 20.45 uur        Verslag van een eilandwachter 21.00 uur        Tijd voor vragen Locatie: winkel Duurzaam in Lelystad (het oude postkantoor), Stadhuisplein 51 in Lelystad. Aanmelden: Aanmelden is niet nodig, iedereen is van harte welkom. Marker Wadden Marker Wadden zijn een aantal natuureilanden in het Markermeer. Het ontwerp verrijkt het Markermeer met natuurlijke oevers en vangt slib in. Zo kan er weer een gezond evenwicht ontstaan waar dieren en planten in het Markermeer zich op een natuurlijke manier kunnen herstellen. Ook voor de economie zijn Marker Wadden een belangrijke impuls. De recreatiemogelijkheden in het meer nemen toe en het bouwen met klei en slib is een innovatieve techniek die over de hele wereld toepasbaar is. In het voorjaar van 2016 is gestart met de aanleg van het eerste eiland. Natuurmonumenten en Rijkswaterstaat zijn opdrachtgever voor het project Marker Wadden, dat uitgevoerd wordt door Boskalis. Kijk voor meer informatie op de website: www.markerwadden.nl of ga naar Marker Wadden op Facebook: www.facebook.com/markerwadden
 
 

Nederland is een nationaal park rijker: Nieuw Land

1 oktober 2018
Vandaag heeft minister Carola Schouten van LNV tijdens een bijeenkomst bij Provincie Flevoland bekendgemaakt dat zij de status van “nationaal park” heeft toegekend aan Nieuw Land. Nationale parken zijn het visitekaartje van de Nederlandse natuur. Nieuw Land, dat bestaat uit de Oostvaardersplassen, de Lepelaarplassen, het Markermeer en de Marker Wadden, is uniek én typisch Nederlands omdat het is ontstaan door de inpoldering van de Zuiderzee. In grote delen van het gebied kreeg de natuur alle ruimte. Hiermee ontstond een uniek samenspel van mens en natuur. Geen ander nationaal park ter wereld vertelt zo’n verhaal. Nieuw Land is voor Nederland een bijzonder en uniek nationaal park met vier natuurgebieden die ieder hun eigen karakter hebben maar wel bij elkaar horen. Ze waren nooit ontstaan zonder de mens – door het temmen van de Zuiderzee zijn de polder en het Markermeer ontstaan. Alle vier de gebieden zijn nog volop in ontwikkeling. Samen met Staatsbosbeheer, Flevo-landschap, Rijkswaterstaat, Natuurmonumenten, de gemeenten Almere en Lelystad werkt de Provincie Flevoland aan die ontwikkeling. Kernwaarden van Nieuw Land zijn toonaangevend, open, avontuurlijk, levendig en innovatief. Nieuw Land heeft zowel ecologisch als toeristisch en recreatief veel in haar mars. Nieuw Land biedt kansen voor toerisme, maar ook kansen voor werkgelegenheid en economische ontwikkeling – economische ontwikkeling die bijdraagt aan de ontwikkeling en beheer van de natuur. Minister Schouten: “Nieuw Land gaat over meer dan natuur ontwikkelen. Het is ook een aansprekend verhaal over, van en door Nederlanders. Het zet de regio op de kaart en het hoort bij de andere nationale parken die we graag internationaal uitdragen.” Gedeputeerde Michiel Rijsberman: “Samen met onze partners gaan we de komende jaren investeren om ervoor te zorgen dat economie en natuurontwikkeling elkaar versterken. Het is een nationaal park met prachtige, spectaculaire natuur op Flevolandse schaal: het is groot, uitgestrekt en je kan er enorm van genieten.” Door de partners is bureau Mecanoo van Francine Houben geselecteerd voor het ontwikkelen van de ruimtelijke visie van het Nationaal Park Nieuw Land.
 
 

Rondje Pampus, de mooiste natuur beleef je in het water

26 september 2018
Zondag 26 augustus organiseerde Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk voor de 7e keer een uniek zwemevenement, rond Pampus in het IJsselmeergebied. Hiermee wordt aandacht gevraagd voor dit bijzondere gebied, het grootste zoetwatermeer van West Europa en Blauwe Hart van Nederland, onder het motto: Natuur beleef je in het water! Zwemmen voor het goede doel Rondje Pampus is het enige ‘sponsor-zwemevent’ dat geld op haalt voor de verbetering van natuur, waternatuur wel te verstaan. En dat is best bijzonder! Dit jaar schreven ruim 300 mensen zich in voor het Rondje Pampus 2018. De prestatie zwemmers zwommen 1 of 2 rondjes om het eiland. De wedstrijdzwemmers zwommen er 3. Enthousiasme Elk jaar zijn de weersomstandigheden anders. Dit jaar hadden we een hele lange warme zomer, waarin het maandenlang droog was. Dit betekende voor het IJsselmeergebied dat de spuisluizen dicht werden gehouden om zoveel mogelijk water te sparen. Ook kwam er in het gebied blauwalg voor. En met blauwalg in het water is het risico voor de zwemmers te groot. Gelukkig constateerde Rijkswaterstaat 2 dagen voor het zwemevent dat er geen sprake was van blauwalg nabij Pampus en kon Rondje Pampus 2018 gewoon doorgaan. De weersomstandigheden waren dan ook goed. Niet teveel wind, zon en wolken wisselden elkaar af en de golven waren voldoende uitdagend om het voor alle deelnemers een onvergetelijke tocht te maken!
 
 

Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk blij met akkoord duurzame visserij IJsselmeer

20 september 2018
Een toekomstbestendige en duurzame IJsselmeervisserij, waarbij het herstel en behoud van de visstand bepalend is voor de hoeveelheid vis die gevangen mag worden. Minister Carola Schouten (Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit) heeft hierover overeenstemming bereikt met vissers en sportvissers, betrokken provincies, Vogelbescherming, Rijkswaterstaat en coalitie Blauwe Hart Natuurlijk. De sector moet ‘oogsten uit de rente’, de natuurlijke aanwas van de visbestanden, zo luidt het credo. Daar profiteren de visser en de natuur van. De afspraken over een kleinere vloot, beperking van de vangstcapaciteit en strengere regels staan in een brief die vandaag aan de Tweede Kamer is gestuurd. Minister Schouten: “Dit is een mijlpaal voor het IJsselmeer. Het begin is er en daarmee is de belangrijkste horde genomen. We hebben nu allemaal hetzelfde doel voor ogen: een gezonde visstand, een vitaal ecosysteem, duurzame visvangst en een kleinere, economisch gezonde groep IJsselmeervissers. Dat is waar we de komende jaren gezamenlijk aan gaan werken.” Het gaat nog altijd niet goed met de visstand in het IJsselmeer. Dit geldt in het bijzonder voor blankvoorn en brasem. Nadat een eerder plan (het zogenoemde plan B) van de sector niet tot een oplossing leidde, heeft minister Schouten de partijen opnieuw om tafel geroepen. Dat heeft geleid tot nieuwe afspraken voor de periode 2018-2021. De afspraken hebben tot doel dat de visbestanden in het IJsselmeer qua omvang, samenstelling en populatieopbouw weer gaan passen bij de draagkracht van het ecosysteem. Herstel vis, minder bijvangst vogels Een advies van Wageningen Marine Research om de vangsten te verminderen zal worden opgevolgd. Wageningen Economic Research onderzoekt hoe dat het beste kan. Bijvoorbeeld door het aantal toegestane netten te verminderen, of een gesloten periode of gesloten gebieden te introduceren. Met de provincies wordt gezamenlijk gekeken naar maatregelen die niet alleen bijdragen aan het herstel van de vis, maar ook naar maatregelen die het risico op bijvangsten van futen, aalscholvers en kuifeenden verminderen. Tegelijkertijd worden de regelgeving, controle en handhaving aangescherpt. De papieren logboeken van vissers worden vervangen door een verplichte, digitale vangstregistratie, en vissersschepen moeten voortaan een betrouwbaar volgsysteem aan boord hebben. Afspraken en maatregelen uitwerken De partijen zijn het eens geworden over herstructurering van de vloot. De financiering hiervan is nog onderwerp van overleg tussen de rijksoverheid en de provincies Flevoland, Friesland en Noord-Holland. Dit alles leidt tot een kleine, economische gezonde, sector met stabiliteit in de opbrengsten, en tot een duurzame IJsselmeervisserij die in balans is met natuur, milieu en recreatie. De betrokken partijen gaan nu samen aan de slag om de afspraken en maatregelen uit te werken. Joop Bongers (voorzitter coalitie Blauwe Hart Natuurlijk): “De coalitie is blij dat de nieuwe minister daadkracht toont en binnen drie jaar tot duurzame oplossingen wil komen. Er zijn op korte termijn wezenlijke veranderingen nodig om het IJsselmeergebied tot een natuurlijk en recreatief rijker Blauw Hart van Nederland te maken. De coalitie rekent er op dat de minister haar afspraken nakomt en zal haar waar zij kan steunen.”
 
 

Verzilting door aanhoudende warmte en droogte

19 september 2018
Een deel van het IJsselmeer en het Markermeer zijn door warmte en aanhoudende droogte zouter geworden dan wenselijk, wat gevolgen heeft voor de drinkwaterproductie. Met een aantal maatregelen wordt de verzilting tegengegaan. IJsselmeer Drinkwaterbedrijven gaan uit van een gewenste waarde van 150 milligram per liter voor het zoutgehalte van water dat wordt gebruikt voor de productie van drinkwater. Deze waarde is in een deel van IJsselmeer de laatste tijd periodiek overschreden door aanhoudende warmte en droogte. PWN Drinkwaterproductiebedrijf PWN heeft op haar productielocatie in Andijk een periode geen water uit het IJsselmeer kunnen innemen, omdat het zoutgehalte bij het innamepunt te hoog was. Dit is  opgevangen door voorraad van zoetwater in de eigen opslagbekkens en door de bedrijfsvoering aan te passen. Daarnaast zijn schepen ingezet om water aan te voeren uit andere delen van het IJsselmeer, met wel de juiste waarden. Hierdoor blijft de smaak van het drinkwater gegarandeerd. Rijkswaterstaat (RWS) en PWN blijven de zoutgehaltes monitoren. Markermeer Het Markermeer heeft een iets hoger zoutgehalte dan het IJsselmeer. Rijkswaterstaat is daarom gestopt met het spuien van water uit het Markermeer. Ook is in overleg met Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier en Wetterskip Fryslân zo weinig mogelijk water op het IJsselmeer geloosd. Maatregelen Rijkswaterstaat, PWN en enkele waterschappen rondom het IJsselmeer hebben meerdere maatregelen getroffen om de verzilting te lijf te gaan. Zo wordt er extra gespuid bij de schutsluis bij Kornwerderzand en bij Den Oever. Hiervoor wordt het doodtij in de Waddenzee benut, wanneer het verschil tussen hoog- en laagwater minimaal is. Door water uit het IJsselmeer te spuien wordt een belangrijk deel van het zout weggespoeld. De waterstand van het IJsselmeer is door deze maatregel gedaald. Dat is volgens de betrokken partijen geen bezwaar, omdat de watervoorraad in het meer op het ogenblik groot is. Het IJsselmeer wordt door regen aangevuld. Ook nemen waterschappen minder water in dan gebruikelijk. Bellenschermen In de schutsluizen bij Den Oever en Kornwerderzand zijn bellenschermen geplaatst, waardoor het zoute water aan de kant van de Waddenzee zoveel mogelijk buiten de sluizen blijft. Ook staat er een bellenscherm in het Amsterdam-Rijnkanaal om de verzilting vanuit het Noordzeekanaal tegen te gaan en in IJmuiden zijn twee extra bellenschermen bij de Noordersluis geplaatst. Zouthevels en pompen Tevens zijn zouthevels ingezet om het zout dat zich al heeft opgehoopt in zoutputten (diepe kuilen onder de bodem in water) achter de schutsluizen, terug te brengen naar de Waddenzee. Er zijn pompen geïnstalleerd om te voorkomen dat zout water opnieuw terechtkomt in de zoutputten.
 
 

In Memoriam – Marten Bierman

19 september 2018
Ons bereikte het droevige bericht dat Marten Bierman, de founding father van het eerste samenwerkingsverband rond het IJsselmeergebied, op 27 augustus jl. is overleden. Als prominente actievoeder tegen de Markerwaard, onder het motto: “Markermeer met water is meer waard voor later” lukte het uiteindelijk de inpolderingsplannen te stoppen. Na de oprichting van de Vereniging tot behoud van het IJsselmeer, de latere IJsselmeervereniging, ontstond het idee om breder samen te werken met andere natuurorganisaties rond het IJsselmeergebied om verrommeling een halt toe te roepen en meer planmatig met het gebied om te gaan vanuit een integrale visie. Op zijn initiatief werd op 17 februari 2005 de stichting Verantwoord Beheer IJsselmeer opgericht door 5 partijen: de IJsselmeervereniging, het Flevo-landschap, It Fryske Gea, de Waddenvereniging en Landschap NH. Marten Bierman was de eerste voorzitter van deze stichting. Hij vatte de doelstelling van de Stichting voor het IJsselmeergebied zelf zeer kort en bondig samen: ‘Gebruik mag, misbruik niet’. Wij zijn dankbaar voor alles wat Marten heeft gedaan voor het IJsselmeergebied en zullen zijn heldere analytische en kritische blik missen. Wij wensen de familie van Martin Bierman veel sterkte in de komende periode. Martin Bierman is 78 jaar geworden.
 
 

EEN VOLK DAT LEEFT BOUWT AAN ZIJN TOEKOMST

17 september 2018
Het Zuiderzeeproject van Cornelis Lely is nationaal en internationaal vermaard. Het is een van de grootste waterbouwkundige projecten in de wereld ooit. De afsluiting en droogmaking van de Zuiderzee voorzag in de bouw van een 32 kilometer lange Afsluitdijk en grote stukken nieuw land, de Wieringermeerpolder en Flevoland. De leus bij het monument op de Afsluitdijk vat het allemaal mooi samen: EEN VOLK DAT LEEFT BOUWT AAN ZIJN TOEKOMST. Ontdekken Zuiderzeegebied Die leus is ook de naam van een mooi project om de toerist, de recreant en de bewoners in aanraking te laten komen met de geschiedenis van dit wereldberoemde, reusachtige en bijzondere project dat in wezen een spiegel van de twintigste eeuw vormt. Samenwerkende partners* willen mensen verleiden het gebied te ontdekken, dat voor een belangrijk deel eigenlijk nog een onbekend stukje Nederland is. Enkele lijnen worden kriskras door het Zuiderzee- IJsselmeergebied uitgezet. De eerste lijn zoomt in op de waterbouwkundige aspecten en de spectaculaire ontwikkelingen daarin. Langs de tweede lijn ontdek je hoe het land werd ontgonnen en ingericht. De ambities waren enorm. ‘Op nieuw land, een nieuwe maatschappij’. Dat die maatschappij aan verandering onderhevig was, toont het landschap overduidelijk. De derde lijn volgt de sporen van de oude, roemruchte en gevreesde Zuiderzee. De vierde lijn toont de schoonheid en de glorie van het oude Zuiderzeegebied. De toekomst Maar de nadruk wordt gelegd op de toekomst. Door ondermeer de klimaatverandering en de zeespiegelstijging, de grotere betekenis van de natuur en de ruimtedruk blijft het gebied in ontwikkeling.  Met dit project wordt iedereen zich daar bewust van, want EEN VOLK DAT LEEFT BOUWT AAN ZIJN TOEKOMST. De natuur en cultuurhistorie – de landschappelijke kwaliteiten van dit omvangrijke gebied – moeten de ruimtelijke kwaliteit borgen en versterken. Het project spreidt zich uit over diverse provincies. De geschiedenis wordt verteld aan de hand van de mensen die het meemaakten. App's, boekjes en meer De bezoeker zal het gebied kunnen ontdekken met behulp van een app, boek(jes), folders, korte films en bijzondere markeringen in het landschap. Bij plekken waar nu al veel bezoekers komen worden hoofdankerpunten gecreëerd die het landschap versterken. Daar wordt het publiek verleid het gebied nader te verkennen. Het project wordt gerealiseerd in opdracht van de provincie Flevoland in het kader van de verduurzaming van 100 jaar Zuiderzeewet. De bedenker van dit mooie project is Dr. Willem van der Ham, sociaal geograaf en historicus, biograaf van Cornelis Lely en specialist op het gebied van de waterstaatsgeschiedenis.
 
 

Renovatie Afsluitdijk van start

13 september 2018
Rijkswaterstaat is van start gegaan met de grootste renovatie van de Afsluitdijk sinds aanleg. De dijk zal verhoogd en versterkt worden met speciaal ontwikkelde betonblokken. Ook komt er een nieuwe stormvloedkering, worden de huidige sluizen versterkt en komen er bij Den Oever nieuwe sluizen en twee grote pompgemalen om meer water af te kunnen voeren van IJsselmeer naar Waddenzee. De versterking van de dijk en de reconstructie van de A7, die hiermee samen zal gaan, zijn volgens de Rijkswaterstaat nodig om de dijk klaar te maken voor de toekomst. Verkeersoverlast Een nadeel van deze grote klus is de onvermijdelijke verkeersoverlast die hiermee gepaard gaat. Ondanks dat de dijk een lengte heeft van 32 kilometer is het werkvlak relatief smal, wat betekent dat de komende jaren de weg geregeld (deels) wordt afgesloten. Tijdens deze afsluitingen wordt het verkeer steeds over één rijbaan geleid. Als eerste is de A7 aan de Noord-Hollandse zijde voor 2 weken afgesloten. Daarna is de weg bij Kornwerderzand aan de beurt voor een paar dagen. Het fietspad blijft geopend. Lees hier alles over de renovatie en de verkeershinder.
 
 

Nieuwe recreatieve bestemming in het Markermeer

10 september 2018
Op zaterdag 8 september werd het eerste eiland van Marker Wadden geopend voor het publiek. Minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur & Waterstaat en de Flevolandse gedeputeerde Michiel Rijsberman onthulden samen met de projectpartners en onder grote publieke belangstelling een enorm welkomstbanier aan uitkijktoren de Steltloper. Het Markermeer is nu een nieuwe recreatieve bestemming met haven, strand en wandelpaden rijker. Bezoekers kunnen wandelen over kilometers lange zand- en vlonderpaden, ontspannen op het strand en vanuit de vogelkijkhutten en uitkijktoren genieten van de vogels. Genieten van strand, ruimte en natuur Tijdens wandelingen van 2,5 of 6 kilometer ervaren bezoekers de weidsheid en de natuur van het eerste toegankelijke eiland. Onderweg bieden een strategisch geplaatste uitkijktoren en vogelkijkhutten mogelijkheden om de talrijke vogelsoorten te spotten en het landschap te bewonderen. Waterrecreanten hebben er met Marker Wadden een nieuwe vaarbestemming bij. Zij kunnen hun boot in de haven afmeren waar plaats is voor 44 pleziervaartuigen en 4 charterboten. Komende winter gaat Natuurmonumenten, als nieuwe beheerder van dit natuurgebied, hier onder andere een havenkantoor en een klein informatiecentrum met horecafunctie opzetten om bezoekers nog beter te kunnen ontvangen. Marker Wadden is daarmee van betekenis voor de recreatie in de regio. Marker Wadden versterken natuur Markermeer De aanleg van Marker Wadden heeft het Markermeer zichtbaar veranderd en een sterke impuls gegeven aan de natuur in het gebied. De natuurlijke oevers van de eilanden zorgen voor helderder water met een goed leefgebied voor planten, vissen en vogels. Hoewel de eilanden nu nog bestaan uit veel zand en enorme slibvelden, hebben grote aantallen vogels de eilanden al ontdekt. Soorten zoals de visdief, kluut, meeuw en lepelaar komen er om uit te rusten, te eten of te broeden. De natuur ontwikkelt de komende jaren verder en versterkt zo het Markermeer. Kennisontwikkeling en bouwinnovatie In opdracht van Rijkswaterstaat en Natuurmonumenten startte Boskalis in 2016 met de aanleg. Eind 2020 is deze fase van Marker Wadden, bestaande uit 5 eilanden met een oppervlakte van 1.000 hectare, gereed. Bij de aanleg is een innovatieve techniek van bouwen met klei, slib en veen toegepast. Om kennis en ervaring op het gebied van natuurontwikkeling, bouwen met slib en samenwerkingsconstructies in kaart te brengen en te vergroten is het Kennis- en Innovatieprogramma Marker Wadden (KIMA) opgezet. De opgedane kennis draagt bij aan het wereldwijd versterken van de positie van Nederland op het gebied van ecologie, waterbouw en watergovernance. Unieke samenwerking Marker Wadden wordt gerealiseerd dankzij een unieke samenwerking tussen publieke en private partijen, in het bijzonder Natuurmonumenten en Rijkswaterstaat. Het initiatief van Natuurmonumenten voor aanleg Marker Wadden kon starten dankzij een eerste bijdrage vanuit het Droomfonds van de Nationale Postcodeloterij. De provincie Flevoland, het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, provincie Noord-Holland en de gemeente Lelystad hebben geld beschikbaar gesteld voor de realisatie van deze unieke eilanden waar bezoekers volop van de natuur kunnen genieten. Ook zijn enkele maatschappelijk organisaties en het bedrijfsleven betrokken. Een afvaardiging van deze samenwerkende partijen onthulde afgelopen zaterdag de 12 meter hoge welkomstbanier en verklaarde daarmee het eerste eiland publiek toegankelijk.
 
 

Zwemmen voor het goede doel: een vogelrijk IJsselmeergebied

20 augustus 2018
Voor de zevende keer organiseert Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk in samenwerking met Swimfantastic en Forteiland Pampus zondag 26 augustus, ‘Rondje Pampus’. Dat gebeurt onder het motto: Natuur beleef je in het water! Elk jaar gaat een deel van de opbrengst van de deelnemers en sponsors naar een goed doel dat bijdraagt aan de verbetering van de vogel- en visstand in het IJsselmeergebied. Tienduizenden vogels komen er overwinteren, ruien, voedsel zoeken of broeden. Eén van die broedvogels is de visdief, een stern die leeft van vis. Helaas gaat het aantal visdieven, door een tekort aan broedplaatsen en voedsel, achteruit. Daarom wordt dit jaar speciale aandacht gevraagd voor deze visdief in en om het IJsselmeergebied. Vogelbescherming Nederland werkt samen met Natuurmonumenten in het Gooi- en Eemmeer aan de verbetering van het leefgebied voor de visdief. Dit initiatief ondersteunen we graag! Luister naar de podcast van Business Radio waarin Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk en Vogelbescherming Nederland vertellen over het beleven van de natuur in het water en het gezamenlijk streven naar een natuurlijk en robuust IJsselmeergebied voor nu en later. http://www.newbusinessradio.nl/artikel/1213/rondje-voor-de-vogels
 
 

Masterclass Mark Mieras

17 juli 2018
Viering van 100 jaar Zuiderzee.. tijd voor bezinning! 2018 staat in het teken van 100 jaar Zuiderzeewet, één van de meest ingrijpende wetten, waarmee de basis werd gelegd voor de ontwikkeling van Nederland als Waterland met grootschalige waterwerken. De inpoldering van de Wieringermeer, de afsluiting van de Zuiderzee met de Afsluitdijk, de Noordoostpolder en de Oostelijke en Zuidelijke Flevopolder zijn voorbeelden van de invloed van de Zuiderzeewet op de vorming van ons land. De 100ste verjaardag van de Zuiderzeewet is daarom het herdenken waard, maar kijken we ook naar de toekomst, door ons te bezinnen op dieper liggende vragen: Wat is de waarde van het grootse zoetwatermeer van West-Europa? En hoe behouden we deze? Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk organiseert Masterclasses De Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk grijpt de viering van 100 jaar Zuiderzee in 2018 aan om een aantal Masterclasses te organiseren met bevlogen sprekers die onconventionele onderwerpen aansnijden en ons (her)nieuw(d)e inzichten geven over de waarde van groot open water, over natuur en indirect over de toekomstrichting van het IJsselmeergebied. Dit doen zij vanuit invalshoeken die niet direct met de dagelijkse inhoud van de IJsselmeeronderwerpen te maken hebben, maar die ons denken -als partners, beleidsmedewerkers en stakeholders van het IJsselmeergebied-  uitdagen om ontwikkelingen vanuit een breder perspectief te beschouwen! Op donderdag 5 juli startte de eerste Masterclass vanuit het Erfgoedpark Batavialand te Lelystad, met vergezichten op het Markermeer. Mark Mieras (wetenschapsjournalist en theoretisch natuurkundige,  gespecialiseerd in de werking van de omgeving op onze hersenen) nam ons mee in de werking van groene en blauwe natuur op de mens. Door de huidige samenleving en de toename van allerlei digitale middelen, laten we ons steeds sneller afleiden. Deze onvrijwillige afleiding van onze aandacht, geeft ons geen tevreden gevoel en put ons uit. Door verbinding te zoeken met de natuur (groen en blauw) kunnen we onze aandacht beter vasthouden en kunnen onszelf weer opladen. Mieras laat zien dat onderzoek naar de effecten van de natuur op de mens universeel is en ons aandachtsysteem positief beïnvloedt. Het effect verklaart waarom mensen vitaler zijn die dichter bij groen en blauw wonen. Het effect van de natuur op het systeem mens ontstond doordat mens en natuur co-evalueerden. Met andere woorden: de mens leeft niet ‘stand alone’ op deze wereld maar is voortdurend in interactie met zijn omgeving, de groene en blauwe natuur, omdat zij daar een onderdeel van is. Als we als mensen steeds verder verwijderd raken van de natuur, is de kans groter dat we ziek worden, een burn-out krijgen en/of te dik worden. Mieras noemt de natuur dan ook ‘de vluchtheuvel voor de geest’. Hij onderscheidt daarin 3 niveaus: Om stress te voorkomen hebben we kleine natuur nodig in de directe omgeving: een aquarium of je tuintje. Voor de middellange termijn is een wandeling door het park waardevol, het helpt om op te laden, en een gezond gedragspatroon te handhaven. Om de onvermijdelijke schade van stress die optreedt echt te verwerken, moet je je wekelijks kunnen onderdompelen in de natuur. Daarbij is de schaalgrootte van wezenlijk belang: een weids, intens en zuiver uitzicht zonder artificiële, door de mens aangebrachte obstakels werkt het best. Mieras zijn redenering geeft de discussie over het behoud van open landschap in het IJsselmeergebied een andere dimensie: het beleven van een open weidse horizon is goed voor de gezondheid van ieder mens! En dat is de belangrijkste waarde.  
 
 

Bezoek aan lake Peipsi

17 juli 2018
Van 7 tot 12 juni gingen Ruurd Noordhuis (Deltares), Jaap Quak (Sportvisserij Nederland), Roel Doef (RWS) Mennobart van Eerden (RWS) en Flos Fleischer (Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk) naar het Peipsimeer op de grens van Estland en Rusland. Lake Peipsi is het op 4 na grootste zoetwatermeer van Europa en heeft een oppervlakte van 3555 km2 en is gemiddeld 7 meter diep. In het meer monden 3 rivieren, waar de Emajõgi (‘de moederrivier’) de grootste is met een lengte van 260 km. In 2007 is er een gezamenlijk onderzoek geweest van de Estse Universiteit van Levenswetenschappen in Tartu en Rijkswaterstaat RIZA, waarin de gesteldheid van de beide meren zijn geïnventariseerd en met elkaar zijn vergeleken. Hoe funktioneerden beide meren in ecologisch opzicht? Gekeken werd o.a. naar de nutriëntenhuishouding, de vis- en vogelstand en naar de overstroombare gebieden van beide meren. Deze studie leidde tot een mooie publicatie: In the Mirror of a Lake. In Nederland ontstond mede door dit onderzoek een nieuw denken over de ecologie van het IJsselmeergebied. Concreet heeft dit geleid tot een aantal nieuwe natuurprojecten als de Marker Wadden, Trintelzand en de mogelijke toekomstige de verbinding tussen de Oostvaardersplassen en het Markermeer. Na een periode van relatieve stilte van 10 jaar constateerde RWS een aantal nieuwe ecologische ontwikkelingen in het IJsselmeergebied. Ook startte I&W de Gebiedsagenda IJsselmeergebied met een visie voor de toekomst van het gebied, inclusief ecologische ambities. Het werd tijd om de stand van zaken van beide meren wederom naast elkaar te leggen en te onderzoeken welke veranderingen beide meren in die 10 jaar hebben ondergaan en hoe die veranderingen geduid kunnen worden. Langlopend onderzoek en datasets zijn hierbij van cruciaal belang. Over het lake Peipsi bestaan deze datasets, als ook vele wetenschappelijke publicaties. (temperatuurmetingen sinds 1924, hydro-chemische data sinds 1050, statistieken over de visserij inspanningen sinds 1931) Zo kunnen parallelle en tegenstrijdige ontwikkelingen geconstateerd worden, maar ook nieuwe bedreigingen worden besproken in een breder, internationaal verband. Zo lijkt lake Peipsi aan het opladen qua nutriënten terwijl het IJsselmeergebied steeds verder aan het afschalen is. We zijn in gesprek gegaan met de betrokken onderzoekers van lake Peipsi, verbonden aan de universiteit van Tartu,  over een vervolg in de samenwerking rond de ecologische ontwikkelingen van de beide meren, inclusief de gevoelde visserijdruk. Zo wordt er op lake Peipsi ’s winters intensief aan ijsvissen gedaan, terwijl in het IJsselmeergebied de druk op de visstand groot is vanwege een teveel aan beroepsvissers. De Estse onderzoekers staan positief tegenover ons initiatief en een hernieuwde samenwerking lijkt voor de deur te staan. Opvallende verschillen 2 grote zoetwatermeren: het IJsselmeergebied in Nederland en het Lake Peipsi in Estland/Rusland. Hoe anders gaan we met beide meren om. In het IJsselmeer draait het vooral om watermanagement. Er zit geen druppel water in zonder dat die gemanaged wordt. In Estland is watermanagement nauwelijks van toepassing op het merenstelsel. Ook kent men geen natuur organisaties of samenwerkingsverbanden die opkomen voor bepaalde kernwaarden van het meer. In Estland zijn de randen van het meer veelal in privé bezit, en worden agrarisch gebruikt, terwijl er ook een Natura 2000 doelstelling op rust. Dit stelt de overheid voor problemen om de Natura 2000 doelstellingen te behalen, omdat de boeren andere, tegenstrijdige  eisen aan het gebied stellen.
 
 

Platform IJsselmeergebied

17 juli 2018
Op 17 mei ondertekenden 60 partijen de Agenda IJsselmeergebied 2050. Om de uitvoering van de plannen, projecten en ideeën op te pakken, wil het team Agenda IJsselmeergebied gezamenlijk verder bouwen aan een kennisbasis.  Drie keer per jaar organiseert het team bijeenkomsten onder de titel ‘Platform IJsselmeergebied’. In deze bijeenkomsten worden concrete vragen uit de praktijk verbonden aan wetenschappelijke inzichten en praktijkervaringen. Doel is het uitwisselen van kennis en ervaring voor de Agenda IJsselmeergebied 2050 en daarmee het vullen van de kennis- en innovatie- en uitvoeringsagenda. Een ander doel is het onderhouden en voeden van het netwerk zodat met de juiste kennis, innovaties en mensen kan worden gestart met de uitvoering. De eerste Platformbijeenkomst was op 21 juni. Thema’s van die bijeenkomst: Ecologie en Ruimtelijke Kwaliteit. In de ochtend waren er presentaties over ecologische ambitie voor het IJsselmeergebied en over Lake Peipsi in Estland, als ecologische referentie voor het IJsselmeergebied. Het ochtendgedeelte werd afgesloten met het onderdeel ‘de zeepkist’, waar iedereen die dat wilde aandacht kon vragen voor een onderwerp. Maximaal 1 minuut spreektijd! Er werd gretig gebruik van gemaakt: ·         Vooraankondiging van een Archeologische IJsselmeerkaart, gemaakt door RCE ·         Idee: een zone instellen waar we helemaal niets doen! ·         Nationaal Park Nieuw Land vergroten tot: Nationaal Park IJsselmeergebied ·         Veel kennis ontwikkelen in het gebeid in onzekere tijden vraagt een goed verhaal ·         Aanbod om een film te maken met 30 interviews met stakeholders Na de (netwerk)lunch vertelde Frits Palmboom over zijn boek IJSSELMEERGEBIED, een ruimtelijk perspectief. Aansluiten werd het boek door Hilde Blank, voorzitter van de Van Eesteren-Fluck & Van Lohuizen Stichting, aangeboden aan dijkgraaf Hetty Klavers en Donné Slangen van het ministerie I&W. Elders in de nieuwsbrief meer hierover. De eerstvolgende Platformbijeenkomst is op 6 september, ook weer in het Smedinghuis in Lelystad. Dan gaat het over recreatie & toerisme en over de aanpak van de waterplantenproblematiek.
 
 

IJsselmeergebied, een ruimtelijk perspectief

17 juli 2018
IJsselmeergebied, Een ruimtelijk perspectief. Onder deze titel verschijnt het langverwachte boek van Frits Palmboom op 21 juni 2018. Het boek vormt de afsluiting van zijn Van Eesteren Leerstoel aan de Technische Universiteit Delft en beslaat 364 pagina’s met vele kaarten, vogelvluchtperspectieven en doorsnedes. De tekeningen, kaarten en foto’s in het boek zijn niet louter illustraties, maar vormen een wezenlijk onderdeel van het betoog: ze beschrijven het landschap zoals het was, nu is en nog kan worden. Luister hier het interview van Frits Palmboom bij Vroege Vogels.
 
 

Onderwaterbeelden van Marker Wadden

16 juli 2018
Het water rondom Marker Wadden zit vol met microleven. Dat goed te zien op onderwaterbeelden van filmmaker Cees van Kempen. Hij maakt een film over de aanleg en natuurontwikkeling van Marker Wadden. In mei filmde hij de duikende boswachter André Donker en zijn duikmaatje Jackie Oomen. Het duo verkende het prille onderwaterleven van de nieuwe archipel in het Markermeer. Zij zagen allerlei kleine waterdiertjes, waaronder talrijke aasgarnaaltjes die goed op de filmbeelden zijn te zien.   https://www.youtube.com/watch?v=5Efkyij4r-8
 
 

Flexibel waterpeil IJsselmeergebied

18 juni 2018
Minister Van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat tekende donderdag 14 juni een nieuw Peilbesluit, waarin gekozen is voor een flexibel waterpeil voor het IJsselmeergebied. Hiermee komt een eind aan het vaste waterpeil in het IJsselmeergebied. Deze ingreep is nodig om ook in de toekomst voldoende zoetwater beschikbaar te hebben. Het IJsselmeer is een onmisbare waterbron voor bijna een derde van Nederland. Tot nu toe werd het peil gedurende de zomer op een vast niveau gehouden. Maar door het veranderende klimaat worden de zomers steeds droger en worden we steeds afhankelijker van het water van het IJsselmeer. Door te werken met een flexibel waterpeil kan er nu extra water worden vastgehouden, zodat ook in tijden van droogte voldoende zoetwater beschikbaar blijft. Het nieuwe zomerpeil in het IJsselmeer en Markermeer krijgt een natuurlijker verloop: een hoger peil in het voorjaar en een lager peil aan het einde van de zomer. Vanwege de waterveiligheid en de scheepvaart verandert het waterpeil in de winter niet. Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk Partners binnen de Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk zetten zich samen in voor een vitaal en gezond IJsselmeergebied voor nu en later. Vanuit deze ambitie zijn zij nauw betrokken geweest bij het aanpassen van het peilbesluit. ‘Een waterpeil dat gunstig is voor natuur, is vaak minder gunstig voor andere belangen, zoals watervoorziening en vaarrecreatie. Dat maakte het gesprek over een nieuw peilbesluit vaak ingewikkeld. Voor de natuur betekent dit besluit een - weliswaar bescheiden – stap in de goede richting, die past in het huidige streven naar natuurherstel. Daar moeten we gezamenlijk aan blijven werken, want het IJsselmeergebied is van internationaal belang voor broedvogels en trekvogels. En dat is voor recreatie uiteindelijk óók belangrijk.’ Alle partijen betrokken bij het beheer van het IJsselmeergebied gaan aanvullende afspraken maken over het uitvoeren van het Peilbesluit. Want het is belangrijk dat de regionale watervoorziening, de aan- en afvoer van water, en de waterpeilen van aangrenzende polders en meren goed op elkaar afgestemd blijven. De Rijksoverheid stelt vanuit het Deltafonds 12,1 miljoen euro beschikbaar als bijdrage aan maatregelen ter bevordering van de bevaarbaarheid voor de pleziervaart in het IJsselmeergebied. Het gaat bijvoorbeeld om het verdiepen van de toegangsgeulen van jachthavens. Peilbesluit 1992 Het nieuwe Peilbesluit vervangt het oude Peilbesluit uit 1992, waarin stond dat Rijkswaterstaat als beheerder een vast waterpeil moest aanhouden. Het nieuwe Peilbesluit is voorbereid door het Deltaprogramma en maakt het voor Rijkswaterstaat mogelijk beter in te spelen op de veranderende weersomstandigheden en de behoefte aan zoetwater. De afgelopen jaren is samengewerkt met provincies, waterschappen, gemeenten, de recreatieve sector en belanghebbenden om tot dit besluit te komen.
 
 

Instemmingsverklaring agenda IJsselmeergebied 2050

14 juni 2018
Onlangs ondertekende de directeuren van Het Flevo-landschap, It Fryske Gea, Landschap Noord-Holland, Waddenvereniging, Natuurmonumenten, Sportvisserij Nederland, Staatsbosbeheer, Vogelbescherming Nederland en PWN een instemmingsverklaring van de gebiedsagenda IJsselmeer 2050, een eerste belangrijke stap in een samenhangende visie voor het IJsselmeergebied. Samenhangende aanpak voor het IJsselmeergebied Jarenlang heeft de Coalitie er bij de overheid op aangedrongen dat er een integrale visie voor het IJsselmeergebied zou moeten komen, zodat de unieke kernwaarden van het gebied, landschappelijk, cultuurhistorisch en voor natuur, behouden blijven. Het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) heeft in 2017 aan dit gehoor gevolg geven en op 17 mei jl. hebben belangrijke partijen, waaronder die van de Coalitie, in het IJsselmeergebied hun handtekening gezet voor een gezamenlijke visie en ambitie die de koers bepalen voor de toekomst van het prachtige gebied als Blauwe Hart van Nederland. De ondertekening van de instemmingsverklaring was een feestelijk moment voor alle betrokken partners uit het IJsselmeergebied. Onder het motto ‘Krachten bundelen voor het Blauwe Hart’ ondertekenden ook vijf betrokken ministeries, vier provincies, 32 gemeenten, en zes waterschappen. de gezamenlijke agenda. Deze agenda biedt een richtinggevend perspectief voor het gebied en voorziet in een kennis- en innovatieagenda. De komende jaren zal er hard gewerkt worden aan de concrete invulling van de uitvoeringsagenda. Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk zal zich als partij inzetten om dit unieke gebied duurzaam, kwalitatief en integraal verder ontwikkelen in samenwerking met anderen, zodat natuur en economie weer in balans zijn. De Coalitie wil dat meer mensen de komende jaren het gebied gaan ontdekken en kunnen genieten van dit gezonde watergebied met zijn specifieke natuur, prachtig culturele erfgoed en fantastisch landschap. Joop Bongers, voorzitter Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk: ‘Wij zijn heel blij met deze eerste mijlpaal om het IJsselmeergebied als één geheel te benaderen, om meer samenhang te creeren tussen beleidsplannen van Rijk, gemeenten, provincies en waterschappen. Er zijn veel mogelijkheden om de ruimtelijke kwaliteit en natuurwaarden te vergroten en daarmee aanzienlijke maatschappelijke meerwaarde te realiseren. Dat zie je bij eerdere initiatieven zoals Marker Wadden, de zandige versterking van de Houtribdijk en de Vismigratierivier in de Afsluitdijk’.
 
 

Uitnodiging Platform IJsselmeergebied

7 juni 2018
De Agenda IJsselmeergebied 2050 streeft naar het gezamenlijk verder bouwen aan een kennisbasis, zodat ook de uitvoering van de plannen, projecten en ideeën opgepakt kan worden. Nu de instemmingsverklaring ondertekend is, kunnen we ook daarin verdere stappen zetten. Om daarbij te ondersteunen, organiseert Rijkswaterstaat per jaar drie bijeenkomsten onder de titel ‘Platform IJsselmeergebied’. In deze bijeenkomsten worden concrete vragen uit de praktijk verbonden aan wetenschappelijke inzichten en praktijkervaringen. Doel is het uitwisselen van kennis en ervaring voor de Agenda IJsselmeergebied 2050 en daarmee het vullen van de kennis- en innovatie agenda. Een ander doel is het onderhouden en voeden van het netwerk én het vullen van de uitvoeringsagenda zodat we daadwerkelijk, met de juiste kennis en innovaties en mensen, aan de slag kunnen. De eerste bijeenkomst in dit kader vindt plaats op 21 juni 2018. De thema’s zijn Ecologie en Ruimtelijke Kwaliteit. Tijdens deze bijeenkomst vindt ook de aanbieding plaats van het boek ‘IJsselmeergebied, een ruimtelijk perspectief’ van de hand van prof. Frits Palmboom. Het boek is na afloop van de bijeenkomst ter plekke te verkrijgen. Op 21 juni voor de speciale prijs van € 25! Meld je aan! Meld je zo spoedig mogelijk aan (vóór 15 juni).
 
 

Provincie stimuleert recreatieve vaarwegen

7 juni 2018
Het IJsselmeergebied wordt nog onvoldoende benut voor recreatie en toerisme, meldde de ANWB in 2017. Met een netwerk van snelle veerverbindingen worden toeristische bestemmingen beter ontsloten en zijn er meer mogelijkheden voor wandelen en fietsen. Voor de recreant is het belangrijk dat zijn fiets mee kan op een boot. Bureau BLOC en partners voeren dit voorjaar in opdracht van de provincies Noord-Holland en Flevoland en de gemeenten Amsterdam, Almere en Lelystad een onderzoek uit naar de haalbaarheid van een snelvervoernetwerk in het IJsselmeer / Markermeer-IJmeer. In deze verkenning staan de nautische, infrastructurele, ruimtelijke, economische, financiële en politiek-bestuurlijke mogelijkheden centraal. Daarnaast wordt naar mogelijke routes gekeken. Het resultaat van het onderzoek is een businesscase. Deze zal eind van de zomer 2018 worden opgeleverd. Dit kan leiden tot een vervolg door de samenwerkende overheden in de vorm van een pilot in 2019. Dit onderzoek past binnen het beleid van de provincie Noord-Holland. De provincie ziet kansen voor het personenvervoer over water naar recreatieve bestemmingen. Daarom heeft Noord-Holland eveneens een subsidieregeling in het leven geroepen die ondernemers, rederijen en gemeenten ondersteunt die zo’n vaarverbinding in Noord-Holland willen starten of verbeteren. Zij kunnen een financiële bijdrage krijgen voor recreatieve voorzieningen zoals een steiger of wachtruimte, of voor het ontwikkelen van een app over de vaardienst. In totaal is 3 miljoen euro beschikbaar. De regeling gaat op 1 juni a.s. in. Gedeputeerde Cees Loggen (Water): “Ik ben blij dat we deze impuls aan de waterrecreatie-sector kunnen geven. We hopen dat hierdoor ook nieuwe vaarverbindingen naar toeristische bestemmingen ontstaan. Vooral binnen de Metroloopregio Amsterdam ziet de provincie grote kansen”. Meer informatie over de subsidieregeling lees je hier.
 
 

Interview met Fred Wouters, directeur Vogelbescherming

7 juni 2018
Kansen voor herstel natuurlijk IJsselmeer ‘Meer vis, meer eten voor vogels’ De Agenda IJsselmeergebied 2050 is klaar. Het resultaat is een breed gedragen inhoudelijke visie met ambities voor het IJsselmeergebied als geheel. Donderdag 17 mei ondertekenden bestuurders en directeuren van de betrokken partijen het document. Zo ook Fred Wouters, van Vogelbescherming Nederland. “We zullen ons de komende jaren inzetten voor een natuurlijker IJsselmeer.” Hoe belangrijk is het IJsselmeer voor vogels? Fred Wouters: Het IJsselmeer is niet alleen een cultuurhistorisch gebied, maar juist ook een heel belangrijk vogelgebied. Dat was het al toen we nog spraken van de Zuiderzee, maar dat is nog steeds het geval. Als grootste zoetwatermeer van West-Europa heeft het een cruciale positie. Voor broedkolonies van de visdief, als cruciale stop in de internationale trekroute van de zwarte stern in de nazomer, voor krooneenden en kleine zwanen in de herfst maar ook als winterverblijf voor honderdduizenden vogels zoals futen en verschillende soorten eenden. We zijn wel kritisch over de staat van het IJsselmeer. Er is bijvoorbeeld veel te weinig vis waarmee visdieven hun jongen groot moeten brengen. Die zorg delen we gelukkig met vele anderen, getuige het document ‘Gedeelde Werkelijkheid*’. Er moet echt iets gebeuren om dit belangrijke natuurgebied met vele functies duurzaam te kunnen ervaren en (mede)gebruiken. Daar dragen we graag aan bij. Wat kan Vogelbescherming betekenen voor het IJsselmeer? We zetten ons in voor een gezond ecosysteem. Niet alleen vanwege de vogels, maar omdat we geloven dat natuur de basis is voor alle andere functies die het meer vervult. Daar hoort vis en onderwaterleven in thuis, maar ook de mens als veelzijdige benutter van het gebied. Als vogelliefhebbers ‘benutten’ we het gebied ook. In de afgelopen jaren hebben we laten zien een verbindende rol te kunnen spelen. Dat kan omdat we een duidelijke visie hebben, een integrale aanpak nastreven, ecologische kennis hebben en onze nek uitsteken voor de belangen van het IJsselmeer. Hoe kijkt u aan tegen de Gebiedsagenda? Die sluit heel erg aan bij de systeemgedachte, de integrale aanpak. Het sectoraal denken is in het doorlopen traject echt doorbroken en er is aandacht gegeven aan alle belangen. Het proces van de gebiedsagenda IJsselmeer is wat ons betreft een voorbeeld voor hoe de toekomstvisie voor de andere grote wateren in Nederland tot stand zou kunnen komen. We bevelen dat bijvoorbeeld graag aan voor het traject dat nu in de Delta loopt. U bent wel erg positief, we kennen Vogelbescherming toch ook als een kritische organisatie? We denken graag positief mee waar het kan. Maar we blijven het proces absoluut ook kritisch volgen. Dat is ook nodig. Het IJsselmeergebied is complex, niet alleen ecologisch, maar ook bestuurlijk. Het gebied houdt niet op bij een provinciegrens en de meest cruciale plekken zijn juist de overgangen van land en water, en daarmee tussen zeggenschap van provincie/waterschap en Rijkswaterstaat. Onderlinge afstemming is daarom heel belangrijk, maar moet ook niet verlammend en vertragend werken. Ook uitdagend zijn de verschillende belangen, variërend van beroepsvisserij tot duurzame energie en van recreatievaart tot natuur. Beleidsmatig is het IJsselmeergebied in de eerste plaats een natuurgebied. Maar vanwege de economische belangen wil dat nog wel eens op de achtergrond raken. Dat wil ik graag mede bewaken. Want in het IJsselmeer vormt het ecosysteem echt de basis voor benutting. Als dat niet op orde is, dan snijden we ons zelf in de vingers. Tenslotte nog. Wellicht is het goed om toe te lichten wat jullie doen binnen jullie IJsselmeerproject? Onze uiteindelijke ambitie is een ecologisch gezond en goed functionerend IJsselmeergebied, als grootste zoetwater-natuurgebied van West-Europa en als basis voor maatschappelijk en economisch medegebruik. Met steun van de Nationale Postcodeloterij werken we nu al aan een gezonder IJsselmeer. Dat doen we onder meer met concrete uitvoeringsprojecten waarin we samenwerken met Staatsbosbeheer, It Fryske Gea ,Natuurmonumenten en Sportvisserij Nederland. Het IJsselmeer heeft meer natuurlijkere oevers en visverbindingen naar het achterland nodig voor de verbetering van de visstand. In Friesland en in Noord-Holland gaan we op diverse plekken buitendijks land inrichten als overstromingsvlakte en moeras, en het waterbeheer aanpassen zodat er buitendijks natuurlijke oevers ontstaan. Daarnaast zetten we in op het creëren van visintrek naar watersystemen in het achterland. Op die manier pakken we de basis van het systeem aan. Heel concreet werken we momenteel met It Fryske Gea aan gebied Tacozijl. En met Staatsbosbeheer verkennen we de mogelijkheden om natuur in De Nes te ontwikkelen. We investeren ook in onderzoek en denken mee met oplossingen voor waterbeheer en beroepsvisserij. Het is onze ambitie om met onderzoek en de uitvoeringsprojecten innovatieve oplossingen te creëren die als voorbeeld kunnen worden gebruikt rondom het IJsselmeer. Wilt u de lezer nog iets meegeven? Ga er vooral eens op uit rondom het IJsselmeer om de nu al prachtige plekken en vogels te ontdekken, zoals langs de Randmeren, de Friese kust en de Markermeer kust van Waterland. Met nieuwe vis en vogelvriendelijke plekken gaat het IJsselmeer nog meer een gebied worden om trots op te zijn! *De Stichting Transitie IJsselmeer heeft het initiatief genomen om te komen tot een gemeenschappelijke feitenbasis over de staat van het IJsselmeer. Wetenschappers, maatschappelijke organisaties en beroepsvissers delen nu ‘de werkelijkheid’ over het wel en wee van de visstand en de visserij in onze grootste binnenwateren. De volledige titel van het rapport is: Gedeeld beeld werkelijkheid IJsselmeervisserij.
 
 

Interprovinciale gebiedsagenda

7 juni 2018
De vier IJsselmeerprovincies Noord-Holland, Flevoland, Fryslân en Overijssel hebben een interprovinciale gebiedsagenda opgesteld die over de provinciegrenzen heen kijkt en een bouwsteen vormt voor de Gebiedsagenda IJsselmeergebied 2020-2050. Door middel van deze interprovinciale visie willen de provincies de kracht en kwaliteiten van het IJsselmeergebied versterken vanuit hun eigen belangrijke kerntaken voor onder meer de ruimtelijke kwaliteit, de regionale economische ontwikkeling en een gezonde ecologie. Zij spreken de ambitie uit  om de samenwerking  te versterken, kansen te benutten en het beleid en de investeringen beter op elkaar af te stemmen. De vijf samenhangende agendapunten: Kracht van het water en kustlandschappen, waarbij provincies regisseur zijn voor integrale gebiedsontwikkeling op regionale schaal; Economie van het IJsselmeergebied, gericht op een krachtige lokale economische ontwikkeling passend bij het plaatselijk karakter; IJsselmeergebied als energiebron, met provinciale regie op een ruimtelijk kwalitatieve inpassing; Een ecologisch gezond IJsselmeergebied, met provinciale regie over de ecologische verbetering van het achterland, de kustzone en sterke ecologische verbindingen; IJsselmeergebied als zoetwaterbron, met de ambitie om de regionale afhankelijkheid van het gebruik van zoetwater niet verder te vergroten, opdat de zoetwatervoorziening geen reden hoeft te zijn om na 2050 het peil te verhogen. Gebiedsagenda IJsselmeergebied 2020-2050 Het Rijk heeft ook niet stilgezeten en heeft de visie in 3 lagen opgebouwd. Deze lagen benadering is overgenomen van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en helpt om de juiste focus in de visie te krijgen: Laag 1, Systeem laag (gaat Rijk ook over): het ecosysteem Laag 2, Netwerk laag (infra, energie, ruimtelijke inpassing) Laag 3, Gebruikers laag/occupatie laag (kansen voor visserij en innovaties) Daarnaast kent het IJsselmeeragenda een drietal ambities: Het IJsselmeergebied = landschap van wereldklasse Het IJsselmeergebied = toekomstbestendig water- en ecosysteem Het IJsselmeergebied = van vitaal economisch belang voor Nederland De ambities staan niet los van elkaar, maar zullen steeds in onderlinge samenhang worden ingezet. Voor de lange termijn liggen deze op het gebied van ecologie, cultuurhistorie, maar ook landschap en energie (waarin men spreekt van energiemixen) en vitaal economisch belang. Voor de Coalitie is energie-ambitie de meest spannende want zet vaak de ruimtelijke kwaliteit van het meer onder druk. De Coalitiepartners gaan in hun thema werkgroep Energietransitie actief aan de slag om daar een goede invulling te geven. Governanace Het Bestuurlijk Platform IJsselmeergebied (BPIJ) heeft een adviserende rol en werkt in het verlengde van het huidige BPIJ – het Bestuurlijk Platform Deltagebied IJsselmeer dat het nieuwe peil begeleidt. Kerntaken van de BPIJ zijn: Ondersteunen van bestaande initiatieven en projecten in het IJsselmeergebied tot bewust bijdragend aan, of in ieder geval tot goed passend bij de gezamenlijke principes en ambities. Initiëren van nieuwe (IJsselmeer brede) initiatieven/projecten/studies waar nodig om de ambities te behalen. Signaleren van hittepunten (waar botsen initiatieven?) en kansen (waar versterken ze elkaar?): ontwikkelingen mogelijk maken èn werken aan de gebiedskwaliteiten aan de hand van de gezamenlijke principes. Lessen trekken uit bestaande projecten (kennisuitwisseling) en leren werken aan de hand van de gezamenlijke ambities Voor de Coalitie is het belangrijk dat het BPIJ/de governance gaat werken vanuit kwaliteitsverbetering op alle fronten in een samenwerkingsmodel dat niet primair gestuurd wordt door machtsverhoudingen.De onafhankelijke voorzitter van de ROIJ vertegenwoordigt vooralsnog het maatschappelijk veld in het BPIJ. Download hier de agenda IJsselmeergebied
 
 

Zwemmen rond Pampus is……. (Jos Hubers)

30 mei 2018
'Als het lijf nog kan wat het hoofd wil, dan blijf ik om Pampus zwemmen.' Hij heeft zich al weer ingeschreven voor Rondje Pampus en hoopt dit jaar voor de derde keer zijn missie te volbrengen. Jos Huibers, één van de oudste deelnemers van Rondje Pampus vertelt over het plezier dat hij beleeft aan het zwemmen, hoe hij zich voorbereidt op zijn rondjes rond Pampus en over de voordelen van een goede effectieve zwembeweging. Jos is enige jaren met pensioen en deinst niet terug voor het zwemmen in open water. 'Ik heb m’n hele leven al gezwommen. Het is een sport waarbij je fit blijft en die je tot hoge leeftijd kan blijven beoefenen. Zolang het lijf nog kan wat het hoofd wil, hoef ik niet achter de geraniums te zitten.' Elke week gaat hij met zijn vrouw naar het zwembad en zwemt daar 40 baantjes. Daarnaast wordt er ook flink gefietst. Beide sporten zorgen ervoor dat ze fit en gezond blijven. De liefde voor het zwemmen is al in zijn jonge jaren ontstaan, waar hij veel heeft gedoken in het Middellandse zeegebied. Het is dan ook geen wonder dat zijn dochter Marjon dezelfde liefde deelt voor het zwemmen. Zij heeft zelfs van haar hobby haar beroep gemaakt en is Master Coach TI (Total Immersion) bij Swimfantastic. Jos is trots op zijn dochter, die hem de techniek van TI leerde. 'Mijn vader leerde mij zwemmen. Nu leer ik hem beter te zwemmen.' Hij heeft veel profijt van deze techniek. 'Je leert het zwemmen lang vol te houden doordat je efficiënt door het water gaat. Je moet zorgen dat je als een dolfijn in het water ligt. Je hoofd ontspannen in het water in het verlengde van je lichaam en tussen het ademhalen door zo min mogelijk je hoofd omhoog brengen.' Op de vraag, hoe hij zich voorbereidt op Rondje Pampus, moet hij wel lachen. 'Vorig jaar heb ik nog een paar keer in open water gezwommen ter voorbereiding, maar ik ben ervan overtuigd dat mijn voordeel bij het zwemmen vooral komt door mijn wekelijkse training.' Jos kijkt vooral weer uit naar de ‘kick’ die zwemmen rond het eiland Pampus met zich meebrengt. 'Zwemmen van A naar B of in dit geval rond het eiland is super en natuurlijk veel leuker dan de baantjes in een zwembad!'
 
 

Instemmingsverklaring van de gebiedsagenda IJsselmeergebied 2020-2050 getekend

18 mei 2018
In het Zuiderzeemuseum in Enkhuizen is op 17 mei 2018 de instemmingsverklaring van de gebiedsagenda IJsselmeergebied 2020-2050 getekend door alle betrokken overheden en door vertegenwoordigers van maatschappelijke partners en bedrijfsleven, waaronder de partners van Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk. Gebiedsagenda IJsselmeergebied De gebiedsagenda is op initiatief van het Rijk opgesteld met partners uit de regio: andere overheden, belangenorganisaties, burgers, kennisinstellingen en het bedrijfsleven. Deze agenda is gericht op het creëren van een richtinggevend perspectief voor het gebied, een kennis- en innovatieagenda en een gezamenlijke uitvoeringsagenda voor maatregelen en projecten voor de periode tot 2050. In februari 2018 werd de conceptagenda IJsselmeergebied al gepresenteerd. Ondertekening Met de ondertekening van de instemmingsverklaring van de gebiedsagenda  onderstreept de coalitie naar eigen zeggen ‘het belang van een gezamenlijke visie en ambities die de koers bepalen voor de toekomst van het prachtige gebied als het Blauwe Hart van Nederland’. Ook Cora van Nieuwenhuizen, Minister van Infrastructuur en Waterstaat, tekende de agenda.
 
 

In het Markermeer komt een nieuw natuurgebied: Trintelzand

17 mei 2018
In het Markermeer wordt gewerkt aan een nieuw natuurgebied: Trintelzand. Het gebied krijgt een omvang van 270 ha. Met Trintelzand brengt Rijkswaterstaat variatie aan in het onderwaterlandschap. Hierdoor komen er straks meer verschillende plant- en diersoorten voor in het Markermeer en verbetert de waterkwaliteit. Dit natuurgebied valt binnen het project om de Houtribdijk te versterken. Muggen als voedselbron Ria Kamps, programmamanager Waterkwaliteit en Natuur bij Rijkswaterstaat en Rosalie Heins, ecoloog, kijken vanaf de Houtribdijk bij Trintelhaven naar het Markermeer. 'Ik zie het al voor me, in plaats van de harde steile oevers zie je hier straks mooie, glooiende land-waterovergangen waar het krioelt van leven: microscopisch kleine dieren, jonge vis schuilend tussen de planten, volwassen vis paaiend en jagend en een dode boom als leefgebied', schetst Kamps het landschap. Heins vult aan: 'Een prachtplek voor waternatuur. Ik verwacht massa's muggenlarven. Dit is prima voer voor het waterleven maar ook voor de vleermuizen. Die gebruiken de Houtribdijk als oversteek als ze het IJsselmeergebied oversteken. Trintelzand is straks een plek waar we wel blij kunnen zijn met wolken muggen. Die leveren hier geen overlast voor bewoners maar zijn wel een heel belangrijke voedselbron.' Een gebied vol leven Trintelzand bestaat straks uit zandplaten, zogenoemde 'plas-drasmilieus' en ondiep water in de luwte van de zandige oevers. Samen vormen de leefgebieden een ondiepe baai met veel waterplantvelden en rietland. Een groot deel van deze nieuwe natuur is niet direct zichtbaar, omdat deze zich onder water bevindt. Van het nieuwe gebied profiteren macrofauna zoals mosselen, slakjes en insecten. Ook voor vissen zoals spiering en snoekbaars fungeert Trintelzand als kraamkamer. Vissen en mosselen zijn voedsel voor een grote diversiteit aan vogels zoals kuifeend, brilduiker, visdief en fuut. Trintelzand zorgt zo voor een gebied vol leven, met zandplaten, slikvelden en rietoevers. Slim gebruik van slib en zand In de oorspronkelijke plannen had Trintelzand een compensatieopgave van 90 ha. De Combinatie Houtribdijk maakt er nu zelfs 270 ha van. De uitbreiding is vooral mogelijk dankzij slim gebruik van slib en zand dat vrijkomt door het maken van de putten voor de dijkversterking. Het huidige ontwerp is in overleg met provincie Flevoland, provincie Noord-Holland en Natuurmonumenten geschikt gemaakt voor de Kaderrichtlijn Water-opgave in het Markermeer. De werkzaamheden aan de Houtribdijk en Trintelzand duren tot medio 2020. Efficiënt gebruik van grond De uitbreiding van Trintelzand is een mooi resultaat, want Rijkswaterstaat was nog op zoek naar een alternatieve locatie voor het leefgebied dat in eerdere plannen gerealiseerd zou worden in de Hoornse Hop. In 2018 keurde de minister de aanvulling goed, waardoor de Houtribdijk naast waterveiligheid ook een waterkwaliteitsopgave meekrijgt. Kamps is enthousiast over de combinatie van verschillende opgaven: 'Veel van de Kaderrichtlijn Water-maatregelen worden uitgevoerd in combinatie met andere projecten, zoals Natura 2000. Nu we een waterveiligheidsproject, natuurproject en waterkwaliteitsproject kunnen combineren is het eigenlijk een driedubbele winst.' https://www.youtube.com/watch?v=XbIHg2b8gR0
 
 

Het verhaal: 100 jaar Zuiderzeewet

16 mei 2018
Nederland 2018. Zonder Afsluitdijk, zonder IJsselmeerpolders. Met het aanvaarden van de Zuiderzeewet wordt het startschot gegeven om de plannen van ingenieur Cornelis Lely te gaan uitvoeren. Daarmee start één van ’s werelds grootste waterbouwkundige projecten ooit: de Zuiderzeewerken! Lees hier het hele verhaal
 
 

Start vlak dekkende weidevogelinventarisatie in Noord-Holland

16 mei 2018
Deze week zijn tien ecologen van Natuurlijke Zaken, de zakelijke dienstverlener van Landschap Noord-Holland, en ecologisch adviesbureau Van der Goes en Groot gestart met het monitoren van de weidevogelstand in een groot deel van de provincie Noord-Holland. Vanuit Natuurlijke Zaken zullen Jurgen Rotteveel, Carola van den Tempel en Rein Leguijt het veldwerk uitvoeren. Natuurlijke Zaken is daarnaast verantwoordelijk voor de coördinatie, afstemming met provincie en agrarische natuurverenigingen en de uiteindelijke rapportage. In 2018 wordt 15.500 hectare weidevogelgrasland vlak dekkend geteld, o.a. (delen van) Waterland, Spaarndam, Eilandspolder, Marken, Ilperveld, Ronde Hoep en de polders Beetskoog, Zeevang, Mijzen en Katwoude. Het onderzoek wordt uitgevoerd conform de BMP-methode van de Sovon. Dat betekent dat er in totaal vijf rondes worden uitgevoerd met een interval van 2 weken tussen begin april en half juni. De weidevogels worden voornamelijk vanaf de openbaar weg geteld met verrekijker en telescoop, waar nodig worden insteken in het land gemaakt of wordt er vanaf een boot geteld. Het doel van het onderzoek is het bepalen van de huidige populatie weidevogels in Noord-Holland en het volgen van de ontwikkeling in het aantal weidevogels door de jaren heen.
 
 

Succesvolle Wereld Trekvogeldag tijdens de Week van ons Water

16 mei 2018
Het belang van gezond en schoon water voor onze flora en fauna stond centraal tijdens de Week van ons Water en de Nationale vogelweek. Zaterdag 12 mei organiseerde Nationaal Park Nieuw Land de Wereld Trekvogeldag: een leuke dag voor iedereen die geïnteresseerd is in vogels. Voor de vroege vogels stonden er in de Lepelaarplassen en de Oostvaardersplassen gidsen klaar om vogels te spotten in deze prachtige vogelrijke natuurgebieden. Een unieke mogelijkheid om een ijsvogel over het water te zien scheren of de zeearend te zien jagen. Kinderen hebben hun hart op kunnen halen bij allerlei vogelactiviteiten zoals uilenballen pluizen en nestkastjes timmeren. Jong en oud hebben interessante lezingen over vogels bijgewoond en het onderwaterleven door een virtual reality bril kunnen ervaren. Wereld Trekvogeldag is het resultaat van nauwe samenwerking tussen de partners van Nationaal Park Nieuw Land in wording, natuur- en vogelorganisaties in Flevoland, Aeres vmbo Almere en wordt vooral mogelijk gemaakt door de inzet van heel veel vrijwilligers. Het doel van deze samenwerking is de bijzondere vogelrijkdom in het park en het belang van schoon water voor trekvogels onder de aandacht brengen van een breed publiek. Rijkswaterstaat Midden Nederland was ook van de partij in het kader van de Week van ons Water. “Ik kan het water bijna voelen”. Een bezoekster wees naar de grond. Ze waande ze zich op vogeleiland ‘De Kreupel’, een beschermd natuurgebied waar geen mensen mogen komen. In werkelijkheid zat ze op een bureaustoel bij bezoekerscentrum de Trekvogel. Dankzij de Virtual Reality bril van Rijkswaterstaat kon ze deze bijzondere plek toch bekijken. “Levensecht” vond zij. Met behulp van de VR brillen legde omgevingsmanager Sascha Oskam uit welke maatregelen RWS neemt om de Natura 2000 gebieden in het IJsselmeergebied te beschermen. Naast de VR-brillen trok ook het “Overstoom-ik” spel veel aandacht. Bezoekers kregen van communicatieadviseur Sylvia Bos te horen wat de kans is dat hun huis overstroomt en hoe hoog het water dan komt. Daarna hadden ze drie minuten de tijd om te kiezen wat ze meenemen. Hiermee werd aandacht gevraagd voor het belang van de maatregelen die Rijkswaterstaat neemt om gebieden te beschermen tegen hoog water. Het spel is niet alleen leuk, maar ook “erg leerzaam”, liet een bezoeker weten. Ook de lezing over trekvogeltellingen, gegeven door ecoloog Mennobart van Eerden, trok veel luisteraars. Hij legde uit hoe belangrijk een goede waterkwaliteit is voor trekvogels en belichtte hij de maatregelen die Rijkswaterstaat neemt inzake de Kaderrichtlijn Water om het IJsselmeergebied, een belangrijke rust- en broedplek van de trekvogels, gezond te houden.
 
 

Hoe zit het met de waterplanten in het Markermeer/IJmeer?

16 mei 2018
Het water in het Markermeer, IJmeer en de Randmeren is de afgelopen jaren aanzienlijk helderder geworden. Mede daardoor kunnen waterplanten beter groeien. Met name de groei van fonteinkruid neemt ieder jaar toe, terwijl de groei van kranswieren wat achter blijft. Fonteinkruid is een waterplantensoort die tot vlak boven het wateroppervlakte groeit. Daardoor heeft de recreatievaart met name ‘s zomers last van dit fonteinkruid, omdat deze waterplanten in de schroef verstrikt raken en de snelheid van de boten hindert. De roep om waterplanten op grote schaal structureel te maaien wordt steeds sterker. Effecten daarvan zijn echter nog niet voldoende in beeld gebracht. De aanpak waterplanten gaat langs 2 sporen, een korte termijn aanpak, die vooral gericht is om hinder te voorkomen door waterplanten te maaien en onderzoek om op de langere termijn de ontwikkeling van waterplanten te kunnen begrijpen en daar succesvol beheer aan te kunnen koppelen. Uitgaan van feiten Vergaren van kennis en inzicht in het ecosysteem is belangrijk. Om het ecosysteem en de ontwikkelingen van waterplanten in het IJsselmeergebied  beter te kunnen begrijpen is onderzoek nodig, dat gericht is op een aantal vragen: Welke rol spelen waterplanten eigenlijk in het totale ecosysteem? Hoe belangrijk zijn waterplanten voor het voedselweb? Stopt de groei op enig moment, of groeit straks het hele meer dicht? Wat zijn de ecologische gevolgen van maaibeleid (in relatie tot de 10% norm die nu gehanteerd wordt)? Het onderzoek dat uitgevoerd wordt door de Universiteit van Amsterdam, in samenwerking met RWS en Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk, richt zich met name op dit soort vragen. Zo krijgen we meer inzicht en kennis, die mogelijk iets zeggen over de toekomstige ontwikkelingen van waterplanten. Aanpak Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk heeft een aantal interviews binnen het veld van gebruikers, beheerders, beleidmakers en kennisexperts gehouden en alle vragen geïnventariseerd rond het thema Waterplanten in het Markermeer/IJmeer. Dit is nodig om een overzicht van bestaande kennisvragen uit dit veld te krijgen en is onderdeel van het pakket kennisvragen wat onderzocht wordt. Harm van der Geest en Arie Vonk, onderzoekers verbonden aan de UvA Freshwater and Marine Biology, zoeken op basis van feiten antwoorden op de vragen. Ze zijn met hun onderzoek te volgen op twitter: @EcologieMM Belangrijk onderdeel van dit onderzoek is dat de bevindingen ook worden gedeeld met stakeholders. Daarom organiseert de Coalitie samen met RWS een kennis community bijeenkomst waar de onderzoeksresultaten worden gedeeld, bediscussieerd en geduid. Het is voor een goede aanpak in de toekomst belangrijk dat we uitgaan van een gedeelde werkelijkheid rond waterplanten. Begin volgend jaar hopen we de kennis community bijeenkomst te kunnen organiseren. We houden u op de hoogte!
 
 

Natuurclubs in verzet tegen windmolens IJsselmeer

2 mei 2018
In het Friese deel van het IJsselmeer moet Windpark Fryslan verrijzen: 89 windmolens ten zuiden van de afsluitdijk. Deze locatie is groot genoeg voor een windpark dat alle Friese huishoudens van duurzame stroom kan voorzien. Toch is er veel verzet. Het gaat om een Natura2000-gebied, en dat verklaart direct de weerstand. Eén van de hoofdvragen is: hoeveel vogels mogen er doodgaan door de windmolens? ‘Het gaat niet goed met de vogels rond het IJsselmeer en dan komt daar middenin een groot windmolenpark. Dat werkt dan toch als een flinke gehaktmolen,’ zegt tegenstander Auke Wouda. De Monitor interviewde hem voor het onderzoek Klimaatconflict in de Polder. Wouda is woordvoerder bij de IJsselmeervereniging, één van de organisaties die zich heeft verzet tegen het windpark, samen met onder meer It Fryske Gea, de Waddenvereniging, Natuurmonumenten en Vogelbescherming Nederland. Deze natuur- en landschapsorganisaties vrezen een onaanvaardbare aantasting van vooral de vogels in het IJsselmeer- en Waddengebied. En dus zijn de clubs als coalitie bij de Raad van State in beroep gegaan tegen de vergunning die Windpark Fryslan heeft gekregen van de provincie. Het is een laatste kans om het windpark tegen te houden. Volgende week doet de hoogste bestuursrechter uitspraak. Lees hier het hele artikel
 
 

Acht natuurorganisaties tegen zandwinning bij Oudemirdum

17 april 2018
It Fryske Gea, Natuurmonumenten en Vogelbescherming Nederland keren zich ook tegen de zandwinningsplannen op het IJsselmeer voor de Friese kliffenkust. Vrijdag verliep de mogelijkheid om bezwaren of opmerkingen in te dienen bij Rijkswaterstaat. Projectleider Peter van Gelder van Rijkswaterstaat heeft zestien reacties ontvangen en enkele zijn nog onderweg. Er zijn acht natuurorganisaties die zich tegen de plannen keren, naast de visserijsector en verschillende particulieren. Na de zomer komt Rijkswaterstaat met een antwoordnotitie. Daarna moeten het ministerie van Verkeer en Waterstaat en De Fryske Marren en het Wetterskip Fryslân besluiten over de definitieve vergunningen. Bezwaarden kunnen tegen een besluit in beroep gaan.   Lees hier meer informatie
 
 

Interview over Rondje Pampus 2018 bij Allsports Radio

17 april 2018
Marjon Huibers (Swimfantastic) en Flos Fleischer (Coalitie Blauwe hart Natuurlijk) vertellen uitgebreid over Rondje Pampus 2018 en de zwemtrainingen die je daarvoor kunt volgen. Beluister hier het interview: [audio mp3="https://www.hetblauwehart.org/wp-content/uploads/2018/04/120418-FLOS-FLEISCHER-EN-MARJON-HUIBERS-RONDJE-PAMPUS-ERIMA.mp3"][/audio]
 
 

Lutz Jacobi nieuwe directeur Waddenvereniging

9 april 2018
Lutz is als directeur van de Waddenvereniging ook een gerenommeerd lid van de Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk.  Vanuit de andere kant van de Afsluitdijk heten we haar dan ook hartelijk welkom!
 
 

Het gaat goed met Marker Wadden!

5 april 2018
Het project Marker Wadden, waarmee een uniek natuurgebied in ontwikkeling is, wordt steeds zichtbaarder. De natuureilanden worden aangelegd met zand, klei en slib uit het Markermeer en dragen bij aan het natuurherstel van het Markermeer. Op deze nieuwe groep eilanden met natuurlijke oevers komt nieuwe natuur tot ontwikkeling. Zowel onder als boven water. Een natuurparadijs voor vissen en vogels en een heerlijke plek voor mensen om te recreëren . Dat de natuur zich nu al aan het herstellen is, blijkt uit de vele vogels die massaal zijn te zien op en rond Marker Wadden. In het voorjaar komen visdiefjes broeden, trekvogels zoals zwarte sterns komen aansterken voor hun grote tocht en in de winter komen nonnetjes beschutting zoeken na de barre kou van het noorden. Gesignaleerd zijn al de bonte strandloper, rosse en gewone grutto,  kemphaan, drieteenstrandloper, aalscholver, kleine plevier, kanoetstrandloper, witgatje, zilverplevier, wilde eend, wintertaling, bergeend, visdief, bontbekplevier, 4 soorten meeuwen en een slechtvalk, kortom, teveel om op te noemen! Nieuwsgierig naar Marker Wadden? Op dit moment wordt  volop gewerkt en is het nog een bouwplaats waar met groot materiaal gewerkt wordt en  veel ondieptes zijn. Daarom geldt er een vaarverbod.  Om nieuwsgierigen toch al een kijkje te bieden organiseren charters, samen met Natuurmonumenten in de maanden mei, juni  en augustus enkele exclusieve vaarexcursies naar Marker Wadden. Volg hier alle belangrijke ontwikkelingen rond de Marker Wadden. Met Marker Wadden herstelt de natuur zichzelf Prof. Piet Verdonschot, aquatisch herstelecoloog over het project Marker Wadden: “We proberen de bak water weer tot leven te wekken”. Lees hier zijn antwoord op de vraag waarom in het Markermeer de voedselrijkdom en daarmee de rijkdom aan vissen en vogels, terugliep.
 
 

Afsluitdijk Wadden Center geopend

28 maart 2018
Donderdag 22 maart openden Minister Cora van Nieuwenhuizen, Infrastructuur en Waterstaat en gedeputeerde Klaas Kielstra, provincie Fryslân en voorzitter van het samenwerkingsverband De Nieuwe Afsluitdijk - het Afsluitdijk Wadden Center bij Kornwerderzand. Het centrum, dat als een schuimkraag op de dijk is gebouwd, is nu klaar om bezoekers vanuit de hele wereld te ontvangen. Het biedt een interactieve beleving van de Afsluitdijk als internationaal toonbeeld van waterbouw en een plek van vele (nieuwe) verhalen. Minister Cora van Nieuwenhuizen is trots: “Het Afsluitdijk Wadden Center neemt bezoekers mee in de mooie geschiedenis en toekomst van de Afsluitdijk, een van de iconen onder de Nederlandse waterwerken. Een inspirerende en leerzame plek voor jong en oud.” Gedeputeerde Klaas Kielstra: “Ik ben verheugd te zien dat we in korte tijd dit prachtige centrum hebben gerealiseerd. Dit is mogelijk dankzij een goede en intensieve samenwerking tussen overheden, diverse maatschappelijke organisaties en het bedrijfsleven. Dit Afsluitdijk Wadden Center geeft een flinke impuls aan de regionale economie aan beide zijden van de dijk. En dat wordt nog beter als in de komende jaren ook de andere geplande projecten van De Nieuwe Afsluitdijk in uitvoering komen.” Met de opening is ook het jubileumjaar 100 jaar Zuiderzeewet ingeluid. Gedeputeerde Michiel Rijsberman van provincie Flevoland overhandigde aan gedeputeerde Kielstra een replica van de vlag die in 1932 gebruikt is bij het dichten van het laatste gat in de Afsluitdijk. Het Afsluitdijk Wadden Center opende op zaterdag 24 en zondag 25 maart haar deuren voor publiek. Er was voor jong en oud van alles te zien en te beleven. Interactieve beleving Naar verwachting trekt het Afsluitdijk Wadden Center jaarlijks tussen de 70.000 en 100.000 gasten uit binnen- en buitenland. Bezoekers kunnen in 10 talen meer te weten te komen over Unesco Werelderfgoed Waddenzee, de unieke Vismigratierivier, het IJsselmeergebied en de ontwikkelingen op en rond de Afsluitdijk. Vele verhalen zijn hier te ontdekken en te beleven, zoals een Stormtheater, een interactief aquarium, de werkkamer van ingenieur Cornelis Lely en medio 2018 volgt  een spectaculaire 4D-show waarbij de bezoeker in een hangglider een unieke vlucht maakt over de omgeving. Financiering Provincie Fryslân is opdrachtgever en hoofdfinancier van het Afsluitdijk Wadden Center. Daarnaast waren er financiële bijdragen van het Waddenfonds, Rijkswaterstaat, gemeente Súdwest-Fryslân, Nationale Postcode Loterij en de exploitanten. Het gebouw is gerealiseerd door Bouwgroep Dijkstra Draisma, GEAR Architecten en ITBB. De Nieuwe Afsluitdijk Het project Afsluitdijk Wadden Center maakt deel uit van het programma De Nieuwe Afsluitdijk. De Nieuwe Afsluitdijk is een samenwerking van de provincies Noord-Holland, Fryslân en de gemeenten Hollands Kroon, Súdwest-Fryslân en Harlingen. Samen werken ze aan een vernieuwde dijk op het gebied van duurzame energie, ecologie, recreatie en toerisme. Voor meer informatie, zie www.deafsluitdijk.nl  
 
 

Website Nationale Parken Bureau live

14 maart 2018
Afgelopen week is website van het Nationale Parken Bureau (NPB) live gegaan. De site vervangt de website nationaleparkenwereldklasse.nl, die in het leven was geroepen ter gelegenheid van de het Programma naar Nationale Parken van Wereldklasse.  Via deze website houden wij u op de hoogte over de ontwikkelingen op weg naar  Nationale Parken nieuwe stijl. De website van het NPB is rustig van opzet en gericht op u, de partners en shareholders van het Nationale Parken Bureau. Met de nieuwe vormgeving appelleert de site aan het gevoel van beleving en landschap dat wij met onze Nationale Parken Nieuwe Stijl nastreven. De website bestaat uit een homepagina met nieuws en agenda en een menu met bezoekersinformatie. Op alle menupagina’s komen het nieuws en de kalender terug. Interessant en vooral erg handig als naslagoptie is de menukeuze ‘Documenten en verslagen’.   Bekijk hier de website! 
 
 

Friesland vraagt Rijk om gebiedsfonds IJsselmeer

14 maart 2018
Friesland wil dat er een IJsselmeerfonds komt met 50 miljoen euro uit de landelijke pot voor regionale knelpunten. Dat geld is nodig voor nieuwe initiatieven op het terrein van economie, natuur, recreatie en energietransitie, vindt gedeputeerde Sander de Rouwe. Publieke en private partijen in de aangrenzende provincies kunnen voor co-finaniering zorgen van nog eens 50 miljoen euro. Friesland haakt hiermee in op twee actuele ontwikkelingen: de fondsen die het kabinet-Rutte III beschikbaar stelt voor de regio en de Agenda IJsselmeergebied 2050, waaraan meerdere ministeries en de provincies Friesland, Flevoland, Overijssel en Noord-Holland momenteel de laatste hand leggen. Die agenda kondigt onderzoek aan naar een gebiedsfonds.   Lees hier meer
 
 

Windpark Fryslân vormt bedreiging voor unieke natuur en landschap

5 maart 2018
Natuur en recreatie-organisaties zijn voor duurzame energie, maar vinden een windmolenpark van 89 windturbines op deze plek in het IJsselmeer onacceptabel. Het beoogde windpark vormt een bedreiging voor de unieke natuur en het weidse landschap van het IJsselmeer en Werelderfgoed Waddenzee. Juist hier ligt het meest open landschap van Nederland, waar veel natuurliefhebbers, watersporters en recreanten kunnen genieten. Het IJsselmeer en de Waddenzee zijn bovendien van internationaal natuurbelang en vormen het leefgebied van bijzondere en grote aantallen vogelsoorten en ook van vleermuizen en vissen. Onderzoek toont duidelijk negatieve effecten natuur aan Onderzoek toont aan dat de risico’s van dit windpark voor vogels onaanvaardbaar zijn. De windmolens leiden tot verstoring van de vogeltrek en vogels kunnen door de wieken worden geraakt. Hierdoor kan het voortbestaan van populaties van beschermde soorten, zoals de visdief en zwarte stern in het IJsselmeergebied in gevaar komen. Ook zijn er negatieve effecten te verwachten voor vleermuizen en vissen. De organisaties vinden dat de bescherming van de dieren in dit beschermde natuurgebied voorop moet staan. Grens is bereikt Windpark Fryslân is het zoveelste windpark in het IJsselmeergebied. Er staan al veel molens en de grens van het gebied is bereikt. Het overgrote deel van de Nationale windopgave op land wordt hier al gerealiseerd. Dat heeft gevolgen. Inmiddels zijn bijna overal in het IJsselmeergebied windmolens te zien. Helaas gaat het ook met de natuur in het IJsselmeergebied al een lange tijd slecht. De komst van een extra windpark betekent verdere verslechtering van die situatie, blijkt uit het onderzoek. De organisaties pleiten er juist voor dat er wordt geïnvesteerd in de kwaliteit van het gebied, in plaats van verdere aantasting van natuur en landschappelijke waarde. Alternatieven onvoldoende meegenomen in proces De beoogde plek in het IJsselmeer is aangewezen door het Rijk en de provincie Fryslân. De natuur- en recreatieorganisaties* hebben in de planfase meegedacht en alternatieve locaties voor windmolens aangedragen. Desondanks is er voor een locatie in het IJsselmeer gekozen. De organisaties willen een betere inhoudelijke afweging, waarbij het belang van natuur en landschap beter wordt meegenomen dan tot nog toe het geval is. Op donderdag 1 februari  vond de zitting plaats bij de Raad van State in Den Haag. Een uitspraak zal over ongeveer 3 maanden volgen. *De organisaties die zich tegen de plannen van Windpark Fryslân verzet bestaat uit: It Fryske Gea, Natuurmonumenten, Vogelbescherming Nederland, de Waddenvereniging, de IJsselmeervereniging, het Watersportverbond,  Don Quichot, De Toerzeilers en de Vereniging voor Beroepschartervaart BBZ.  
 
 

Eerste paal van nieuwe Reevesluis

5 maart 2018
Minister Cora van Nieuwenhuizen heeft onlangs de eerste heipaal van de nieuwe Reevesluis geslagen. Onder toeziend oog van tientallen bestuurders, ambtenaren en bouwvakkers zette ze de grote machine met een druk op de knop in werking. 'Een heel bijzonder project' Een bijzonder moment, aldus de minister: "Omdat ik een heel bijzonder project is. Niet alleen omdat er zoveel verschillende partijen samenwerken, maar ook omdat het een heel belangrijk project is voor de waterveiligheid. Een mooi duurzaam project, waar ook doelen voor natuur en recreatie heel goed in meegenomen worden. Een project uit het boekje." De bouw van de Reevesluis is onderdeel van het overheidsprogramma Ruimte voor de Rivier. Om de kans op overstromingen te beperken, wordt extreem hoogwater straks afgevoerd naar het IJsselmeer via het nieuwe Reevediep. Verbinding "De Roggebotsluis wordt verplaatst, hier naar het Reevediep", legt gedeputeerde Bert Boerman over de werkzaamheden uit. "Dat maakt een overgang het Vossemeer naar het Drontermeer. Dat wordt dus letterlijk opgeschoven en dat betekent dat de scheepvaart hier heel veel profijt van heeft. Die kunnen hier straks vlot geschut worden, hebben geen wachttijden meer voor de brug. Kortom: heel veel verbeteringen voor de beroepsvaart, maar ook voor de waterveiligheid." Meer werk In de omgeving van de nieuwe Reevesluis worden overigens de komende jaren nog meer werkzaamheden verricht. Een deel van de Drontermeerdijk wordt verhoogd, de Roggebotsluis wordt gesloopt en er komt een nieuwe, hogere brug in de N307 te liggen.
 
 

Martin Jansen verlaat het Flevo-landschap

5 maart 2018
Na ruim 8 jaar verlaat directeur Martin Jansen Het Flevo-landschap. Hij heeft de Raad van Toezicht opdracht gegeven een opvolger te zoeken. ''Het is schitterend werk en ik ga er helemaal in op. Toch zijn er ook veel andere mooie dingen in de wereld waar ik ook tijd en aandacht aan wil besteden'', zegt Jansen. Hij draagt zijn taken over als er een opvolger bekend is. Dat zal vermoedelijk in de zomer zijn. De organisatie heeft onder zijn leiding de afgelopen jaren vooral ingezet op meer verbinding van natuur met de inwoners. Flevolanders werden uitgenodigd om zelf activiteiten te organiseren en meer gebruik te maken van de terreinen die Het Flevo-landschap beheert.
 
 

Metropoolregio Amsterdam ziet grote potentie in gebied rond het Markermeer-IJmeer

5 maart 2018
In het gebied rond het Markermeer-IJmeer zijn volop mogelijkheden voor het versterken van zowel de natuur en het landschap als economische ontwikkeling, toerisme, vestigingsklimaat, energie en snelvervoer over water. Dit staat in de Verkenning Markermeer-IJmeer die het Platform Ruimte van de MRA in de laatste vergadering van 2017 heeft vastgesteld. Nog tijdens het opstellen van de verkenning zijn krachtige nieuwe initiatieven gestart, zoals het ontwikkelen van het Panorama voor het Markermeer-IJmeer, de Gebiedsagenda IJsselmeergebied 2050 van de provincies Noord-Holland en Flevoland en het Rijk, en verkenningen over de energietransitie en het (recreatief) personenvervoer. Een betere benutting van zand en grond is inmiddels geagendeerd in het Panorama Markermeer-IJmeer. Kwaliteitsslag kusten mogelijk Daarnaast laat de verkenning zien dat een flinke kwaliteitsslag van de kusten van het Markermeer-IJmeer mogelijk is, zowel in Noord-Holland als in Flevoland. Dat vergroot het kustaanbod van de MRA aanzienlijk, met de diversiteit van een zoetwatermeer en de zee. Betrokken partijen De verkenning is in samenwerking met betrokkenen opgesteld onder leiding van de provincies Noord-Holland en Flevoland en de gemeente Amsterdam, met medewerking van de gemeente Lelystad. Deze partijen nemen deel aan de Stuurgroep Markermeer-IJmeer en zijn actief in projecten in en rond het Markermeer-IJmeer. Zij blijven een oogje in het zeil houden waar het gaat om de verbinding van het Markermeer-IJmeer met de Metropoolregio Amsterdam. Momenteel wordt gewerkt aan de aanbeveling voor een nauwere bestuurlijke verbinding van de MRA met de Stuurgroep Markermeer-IJmeer.
 
 

Waterloopbos deelt Groene Pluim met Rivierduingebied

5 maart 2018
Een gedeelde eerste prijs dit jaar. Het historisch openluchtlaboratorium van het Waterloopbos en de historische activiteiten van de Natuur-en Milieucoöperatie Rivierduingebied winnen dit jaar de Groene Pluim van Natuur- en Milieufederatie Flevoland (NMFF). De pluim is aan de voorzitter van Natuur-en Milieucoöperatie Rivierduingebied en aan de beheerder en boswachter Norbert Kwint van het Waterloopbos overhandigd door NMFF-directeur Vera Dam. De Groene Pluim wordt elk jaar uitgereikt aan een persoon of organisatie die zich op bijzondere wijze inzet voor een groen Flevoland. Dit keer was het thema ‘Het groene erfgoed in Flevoland: Beschermen en zichtbaar maken van de groene geschiedenis van Flevoland’, geïnspireerd door het Europees Erfgoedjaar in 2018. Vera Dam: ‘De groene historische activiteiten van de Natuur-en Milieucoöperatie Rivierduingebied en het historische openluchtmuseum van het Waterloopbos maken op unieke wijze de geschiedenis van Flevoland in de natuur beleefbaar. Kortom twee toplocaties waar het groene erfgoed zichtbaar wordt voor de recreant. Beide zijn prachtige ambassadeurs voor Flevoland’. In totaal zijn dertien Flevolandse personen en organisaties genomineerd, vanwege de bijzondere bijdrage die ze leveren aan het behoud van het Groene Erfgoed in Flevoland. De wisselbokaal Groene Pluim is ontworpen door de Flevolandse kunstenaar Vincent van Ginneke. Vorig jaar won het project de Marker Wadden van Natuurmonumenten de Groene Pluim.
 
 

IJsselmeervisser wil compensatie

5 maart 2018
IJsselmeervissers willen compensatie voor zandwinningsputten en windmolens in het IJsselmeer. De Nederlandse Vissersbond wil dat er uit de opbrengst van economische activiteiten op het IJsselmeer een fonds komt ter compensatie van schade aan milieu en visserij. „De start van de zandwinning van Smals in het IJsselmeer leidt, net als een windmolenpark tot verdere inperking van de visserij. De overheid zou wijs zijn als het Smals vraagt om bij te dragen aan een fonds om de gevolgen te compenseren”, zegt voorzitter Johan Nooitgedagt van de Nederlandse Vissersbond. Volgens Nooitgedagt zou een omslag per kubieke meter zand bijvoorbeeld gebruikt kunnen worden om een tiental vissers zonder opvolgers vervroegd te laten stoppen. De overblijvers kunnen dan hun brood op het meer blijven verdienen. „Bij de gaswinning vergoedt de NAM ook de schade. Vissers ( er zijn nu ruim zeventig vergunninghouders) kampen met steeds minder mogelijkheden op het IJsselmeer gevolg van windparken en zandwinning. Door een bijdrage uit zo’n fonds kunnen vissers vrijwillig het veld verlaten.’’  Nooitgedagt denkt dat het fonds ook gebruikt kan worden voor verbetering van de waterkwaliteit. Hij zegt verbaasd te zijn dat het project in een Natura 2000-gebied zomaar mogelijk is. Hij wijst erop dat de industriële zandwinning uit de rivieren om die reden is ontmoedigd. Directeur Henk de Vries van het Fryske Gea steunt het idee van de vissers voor het opzetten van een fonds: „Wy tinke dat soks in hiel goed idee is. Dan giet it net allinnich direkt om de skea, mar ek om projekten op te setten. It Fryske Gea sil benammen sjen nei de gefolgen van de sânwinning foar de natoer ûnder wetter. Wy sille sjen welke beswieren de measte kâns fan slagjen ha.” Projectleider Cor de Nijs van Royal Smals zegt dat zo’n fonds een keuze van de rijksoverheid is. „Wij laten dat over aan het rijk. Zulke ideeën zijn eerder ingebracht. Het project beslaat ongeveer 3 promille van het totale IJsselmeer. Het effect voor het visgebied noem ik marginaal. Maar dat is een discussie die de Vissersbond met de overheid kan voeren”, aldus De Nijs.
 
 

Industriële zandwinning in het IJsselmeer

5 maart 2018
Na vijftien jaar voorbereiden vraagt aannemersbedrijf Royal Smals uit Cuijk vergunningen aan om jaarlijks miljoenen kubieke meters zand te winnen in het IJsselmeer voor de kust bij Oudemirdum. Deze industriële zandwinning zal plaatsvinden op een speciaal opgeworpen eiland, waarvandaan schepen het zand weer verder zullen transporteren. Het eiland bevindt zich op 5,5 kilometer uit de Friese kust en 7 kilometer buiten de Noordoostpolder. Gevolgen zandwinning Vanaf 2 maart 2018  ter inzage zal worden gelegd. Op donderdag 22 maart 2018 wordt er een informatieve inloopavond gehouden in het dorpshuis in Oudemirdum. Kijk hier voor meer informatie.
 
 

Nationale Postcode Loterij financiert laatste kilometer Vismigratierivier

5 maart 2018
De Waddenvereniging ontving uit handen van de Nationale Postcode Loterij een cheque van € 5.114.000 voor de laatste kilometer van de Vismigratierivier. Hiermee kan deze wereldwijd unieke migratievoorziening voor trekvissen door de Afsluitdijk in de meest optimale vorm worden aangelegd. De opening in de Afsluitdijk kan dan vierentwintig uur per dag open staan, zodat het getij rustig in de rivier kan doorwerken zonder dat het zoute water het zoete IJsselmeer bereikt. Dit definitieve ontwerp bootst de estuariumfunctie van de voormalige Zuiderzee na en levert de meest optimale doorgang voor honderden miljoenen trekvissen. Goed nieuws voor al die soorten vis die voor hun levenscyclus en voortbestaan afhankelijk zijn van zout en zoet water. Een totaal verraste Wouter van der Heij, die als marien bioloog bij de Waddenvereniging vanaf het begin betrokken is bij de Vismigratierivier: ‘Ongelofelijk en fantastisch! In 2013 was het de Nationale Postcode Loterij die met een eerste grote donatie het hele plan wist aan te jagen. Nu, vier jaar later leveren ze het sluitstuk van het ontwerp.’ Eind 2018 wordt er gestart met de aanleg van de Vismigratierivier. Een bescheiden deel van de bijdrage is bestemd voor de ontvangst en voorlichting van bezoekers. Hiermee wordt de Afsluitdijk met de Vismigratierivier zowel een ecologische als toeristische trekpleister. In de uitvoering werkt de Waddenvereniging nauw samen met de toekomstige beheerder van de Vismigratierivier, It Fryske Gea en het Afsluitdijk Wadden Center dat eind maart zijn deuren opent. https://www.youtube.com/watch?v=rgMNqwJR7J8
 
 

Presentatie concept agenda IJsselmeergebied

5 maart 2018
Op 22 februari 2018 is tijdens de zesde gebiedsbrede bijeenkomst in het WTC Almere de Agenda IJsselmeergebied 2050 als concept gepresenteerd. De aanwezigen/stakeholders mochten hun kansen, zorgen en kritische noten naar voren brengen t.a.v. deze gebiedsagenda. De definitieve versie zal binnen enkele weken op de site beschikbaar komen. Sinds 2016 werkt het ministerie van IenW hieraan, samen met andere departementen (LNV, EZK, OCW en BZK), provincies, waterschappen, gemeenten, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties. Doel is een gezamenlijke visie voor het gebied tot 2050, om goed te kunnen inspelen op urgente opgaven als waterveiligheid, zoetwatervoorraad, klimaatadaptatie, verbetering ecologische draagkracht, waterkwaliteit, verduurzaming energieproductie en visserij. De gebiedsagenda staat voor een integrale gebiedsbenadering waarbij water het verbindende element is. Alles draait als het ware om het IJsselmeergebied. Eind mei vindt een bestuurlijke bijeenkomst plaats waar de gebiedsagenda IJsselmeergebied 2050 zal worden ondertekend, en daarna zal de minister van IenW de gebiedsagenda aanbieden aan de Tweede Kamer. Uiteraard zijn we ook al bezig met de volgende stap: met alle betrokkenen de uitvoerings- en kennis- & innovatieagenda uitwerken. Kijk hier voor meer informatie.
 
 

Viering van 100 jaar Zuiderzeewet

5 maart 2018
Op 14 juni 2018 is het precies 100 jaar geleden dat één van de meest ingrijpende wetten van Nederland is vastgesteld: de Zuiderzeewet. Deze wet legde de basis voor de ontwikkeling van Nederland als waterland; inmiddels een sterk internationaal merk want Nederland staat bekend om haar grootschalige waterwerken. Ter viering vindt op 14 juni in Lelystad een (water)congres plaats waarbij de centrale vraag is: "Hoe ziet Nederland er uit in 2118?"  Naast het congres wordt een driedaags publieksevenement (14, 15 en 16 juni 2018) georganiseerd op het thema Waterwerken en werkschepen en staan de Marker Wadden, de 50ste verjaardag van de Oostvaardersplassen en de Houtribdijk centraal. Opening kunstwerken in kader van 100 jaar Zuiderzeewet Na de zomer vinden er ook andere activiteiten plaats: Natuurmonumenten organiseert van 27 tot 30 september een publiekevenement in het rijksmonument Waterloopbos. Op 27 september wordt tevens de tot monumentaal kunstwerk omgevormde Deltagoot geopend. Het laatste hoogtepunt vindt plaats in november in de gemeente Dronten met de opening van het Monument voor 100 Jaar Zuiderzeewet in de vorm van een landschapskunstwerk. Naast deze vier hoogtepunten vinden er gedurende heel 2018 in alle streken van het Zuiderzeegebied activiteiten plaats. Ook is er een educatie- en museumprogramma waar 14 musea in het Zuiderzeegebied aan meedoen. Kijk hier voor meer informatie.
 
 

Afsluitdijk Wadden Center opent deuren voor publiek

21 februari 2018
Op zaterdag 24 en zondag 25 maart is het feest op de Afsluitdijk. Dan opent het Afsluitdijk Wadden Center haar deuren voor publiek. Bezoekers kunnen van 11.00 tot 17.00 uur genieten van een geweldig natuur-dagje-uit waarbij in en rond het Afsluitdijk Wadden Center van alles is te doen. Geïnteresseerden kunnen zich (gratis) aanmelden voor één van de openingsdagen via de website van het Afsluitdijk Wadden Center. Het Afsluitdijk Wadden Center biedt bezoekers een totaalbeleving over Unesco Werelderfgoed Waddenzee, de voor de wereld unieke Vismigratierivier, het IJsselmeergebied en niet te vergeten de vele verhalen van de Afsluitdijk zelf. Bezoekers krijgen niet alleen een levendig en interactief beeld van de omgeving, maar ook van de vele waterbouwkundige en andere vernieuwende projecten die de komende jaren op en bij de Afsluitdijk worden gerealiseerd. Programma Tijdens het openingsweekend is er van alles te doen in en rond het Afsluitdijk Wadden Center. Zo worden er vanuit het beleefcentrum verschillende bootexcursies georganiseerd. Ga mee op pad naar het ‘toekomstige gat’ in de Afsluitdijk, doe een Zoet-Zout Safari of maak een plankton-trip op de Waddenzee. Ook zijn er tijdens de openingsdagen deskundigen aanwezig die jong en oud in lezingen en doe-activiteiten alles vertellen over vismigratie, onderwaternatuur en de Afsluitdijk. In een grote tent bij het centrum kunnen kinderen genieten van een speciaal voor hen samengesteld programma waarbij ze langs allerlei leuke proefjes en spelletjes op gebied van (onder)waternatuur stempels verzamelen. De dag wordt muzikaal opgeluisterd met gezellige muziek van Swoolish, een dj-act die het beste van de muzikale goeie ouwe tijd brengt vanuit een uiterst sfeervol mobiel decor. En natuurlijk is het centrum en de prachtige horeca aan het IJsselmeer de gehele dag toegankelijk. Aanmelden Wil jij als eerste een kijkje nemen in het Afsluitdijk Wadden Center? Meld je dan snel aan voor de openingsdagen via deze link. Want vol = vol!
 
 

Activiteiten met onze partners

12 februari 2018
In samenwerking met de partners van Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk ondersteunt het bureau bij de organisatie van activiteiten die partners opzetten en aansluiten bij hun ambities van het IJsselmeergebied. Bijna 250  recreatie- en wedstrijdzwemmers zwommen in 2017 ‘Rondje Pampus’. Centraal bij het zwemevent stond de aandacht voor de slechte visstand in het IJsselmeergebied. Van een deel van de opbrengt van dit event gaat Natuurmonumenten in nauwe samenwerking met Sportvisserij Nederland aan de slag met visbemonstering in oeverzones en ondiepe watergebieden. In het kader van de Week van het Water organiseerde Rijkswaterstaat (afdeling Natura 2000) in samenwerking met Coalitie partner Natuurmonumenten en ondersteund door het bureau op zaterdag 21 oktober een aantal activiteiten in het Waterloopbos. Hiermee werd aandacht gevraagd voor de (zoetwater)ecologie en is gewerkt aan de bewustwording van de waarde van natuur en water. Ruim 100 kinderen en volwassen kwamen naar het Waterloopbos. Voor het tweede jaar hebben de partners van de Coalitie en FOGOL de handen ineengeslagen voor de eerste vogelvaartocht in het jaar. Met de MS Friesland (de voormalige veerboot naar Terschelling)werd vanuit Enkhuizen gevaren naar de Kreupel. Tijdens deze excursie waren er pitches en lezingen. Icoonprojecten als Marker Wadden en Vismigratierivier kwamen uitgebreid aan bod. Visie ROIJ klankbordgroep Gebiedsagenda IJsselmeergebied 2020-2050 Het Regionaal Overlegorgaan IJsselmeergebied heeft in 2017 een visie aanbod neergelegd. Deze heeft de basis gevormd voor de inhoudelijke inbreng van de klankbordgroep (de stakeholders in het IJsselmeergebied) in de Gebiedsagenda 2020-2050. Door actieve participatie vanuit de coalitie is gezorgd dat de integrale wensenkaart in zeer grote mate is opgenomen in laag 1, de ecologische laag. De directeuren van de partners ondertekenden naast de bestuurders ook de Gebiedsagenda, en dat is winst!
 
 

Behaalde successen Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk

12 februari 2018
Het jaar werd afgesloten met het ondertekenen van een samenwerkingsovereenkomst door de directeuren van het Flevolandschap, It Fryske Gea, Landschap Noord-Holland, Waddenverenging, Natuurmonumenten, Sportvisserij Nederland en Staatsbosbeheer. Met ‘Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk’ zetten zij zich in voor de gezamenlijke missie: een gezond en vitaal IJsselmeergebied voor nu en later. Een samenwerking die vooral meer mensen willen laten genieten van dit grote zoetwatermeer met haar bijzondere waarden zoals natuur, cultureel erfgoed en een fantastische weids landschap. Waar hebben de partners met hun projecten successen behaald en bijgedragen aan een integrale aanpak en samenwerking gericht op het IJsselmeergebied? Herstel visstand Als ‘gedeeld’ resultaat geldt dat vissen het afgelopen jaar meer in beeld zijn gekomen als afspiegeling maar ook als streefbeeld van de ecologische toestand en natuurwaarden van IJsselmeer-Markermeer. Waar het tot voor kort uitsluitend de relatie vis-IJsselmeervisserij betrof, is het onderwerp nu stevig verbonden met ecologie (Gebiedsagenda IJsselmeer en Panorama Markermeer). Zelf hebben we als Coalitie een aantal icoonprojecten benoemd waarmee we ook vanuit de ecologie aandacht vragen voor de verbetering van de visstand. Deze icoonprojecten zijn: Marker Wadden (in uitvoering), de Vismigratierivier bij Kornwerderzand (bijna in uitvoering) en Koopmanspolder (voltooid) De Coalitie heeft een ‘Viskansenkaart’ gemaakt, met als doel om de gewenste samenhang van wensen en maatregelen ook in onderlinge samenhang te illustreren. De opbrengst (€ 3.540,50) van het zwemevent is geschonken aan Natuurmonumenten voor een onderzoek naar de meest optimale paai- en groeiplaatsen rond Marker Wadden. Recente ontwikkelingen in het gebied waarbij de Coalitie betrokken is, zijn het programma Ruimtelijke Kwaliteit versterking Markermeer dijken, aanpak Houtribdijk en Trintelzand, de Natura-2000 beheeropgave, Oostvaardersplassen, het nieuwe peilbeheer en natuurmaatregelen Afsluitdijk. De Coalitiepartners benadrukken in deze processen steeds de meerwaarde van de ingrepen voor de natuur en de vis. Coalitiepartner Sportvisserij Nederland, maar ook Vogelbescherming Nederland is en blijft sterk betrokken bij de gewenste transitie en verduurzaming van de IJsselmeervisserij. Een belangrijke stap was het bijdragen aan de ‘gedeelde werkelijkheid’ van de problematiek rond vissen en visserij in het IJsselmeergebied. Natuurontwikkeling In 2017 is er gestart met de versterking van de Houtribdijk. Succes is  behaald door de partners van de Coalitie door er voor te zorgen dat deze dijkversterking niet alleen bestaat uit breuksteen en gietasfalt, zoals men eerst van plan was, maar voor de helft uit zandige vooroevers. Daarnaast wordt Trintelzand als natuurgebied uitgebreid met ondiepten en rietplanten voor vogels en vissen. Dit draagt net als de Marker Wadden bij aan een verbetering van de waterkwaliteit van het Markermeer. Zo is door de lobby van de Coalitie bereikt dat bij de Markermeerdijken de oeverdijk als innovatieve oplossing overeind is gebleven, ondanks beperkt draagvlak bij bewoners. Een oeverdijk, als versterking, is een nieuwe lage dijk met een flauw talud die voor de bestaande dijk komt. Daarmee blijft de oude dijk gehandhaafd, maar verliest zijn functie als waterkering. De nieuwe dijk biedt kansen voor natuur en recreatie en levert tijdens de uitvoering minder overlast op vanwege de aanleg vanaf het water. Daarnaast is het belang van mee koppel kansen voor natuur uitgewerkt in de voorkeursalternatieven. Vooroevers, ondiepten en overstroombare graslanden en het belang van het verbinden van het achterland met het meer staan nu op de kaart. Provincie Noord-Holland is van plan om dit mede te financieren. Het nieuwe peil De huidige streefpeilen zijn steeds moeilijker te handhaven. Om in droge perioden voldoende water te kunnen leveren en om pieksituaties in de waterafvoer goed te kunnen opvangen, is meer flexibiliteit in de peilen nodig. In het nieuwe peil gaat men niet meer uit van een 1 dimensionaal peil, maar van een bandbreedte waartussen het peil zich kan bewegen. Voor de natuur gaat het peil in maart flink omhoog (NAP -10 cm), waarna het gedurende de zomer langzaam uitzakt tot september naar het winterpeil (NAP – 30 cm). De grootste winst is te verwachten bij de rietplanten en vorming van nieuw riet. Maar ook de natuur langs de randen is nu ingesteld op het onnatuurlijke peil en zal de tijd moeten krijgen om zich aan te passen. Het Deltafonds gaat investeren in de nodige aanpassingen rond de Friese kust. It Fryske Gea is actief betrokken bij deze ontwikkelingen, waarbij ook nagedacht wordt over zachte oplossingen (Building with Nature). Energietransitie Partners van de Coalitie zetten zich in voor duurzame energie, maar vinden een windmolenpark van 89 windturbines in het IJsselmeer onacceptabel. Windpark Fryslân vormt een bedreiging voor de unieke natuur en het landschap van het IJsselmeer en Werelderfgoed Waddenzee. De Coalitie heeft zich verzet tegen de plannen van Windpark Fryslân.
 
 

Raad van State buigt zich over Windpark Fryslân

31 januari 2018
Het plan voor Windpark Fryslân vormt een bedreiging voor het open landschap van het IJsselmeer en de Waddenzee en is nadelig voor de unieke natuur. Daarom hebben diverse natuur- en recreatieorganisaties in 2016 beroep aangetekend tegen de komst hiervan. Komende donderdag 1 februari buigt de Raad van State zich over het plan. Dit is de laatste kans om het windpark tegen te houden. Lees hier het gehele bericht.
 
 

Onzichtbare wordt zichtbaar op Afsluitdijk

14 december 2017
Een beleving toevoegen aan de Vismigratierivier bij Kornwerderzand, dat was de opdracht van de initiatiefnemers en samenwerkingsverband De Nieuwe Afsluitdijk. Landschapsarchitect en kunstenaar Bruno Doedens (bureau SLeM) vertaalde dit naar een concept dat bezoekers en toeristen het onbekende, maar fascinerende verhaal van migrerende vissen vanuit verschillende invalshoeken laat beleven. De Blije Vis, onder meer te zien in een installatie van grote roestvrijstalen vissen in de rivier, wordt hierbij ingezet als verhalenverteller. Het beleefconcept, dat 12 december op Kornwerderzand is gepresenteerd, werd financieel mogelijk gemaakt door een extra projectbijdrage van de Nationale Postcode Loterij. De Vismigratierivier is een opening in de Afsluitdijk waardoor de trekvissen weer 24/7/365 heen en weer kunnen zwemmen tussen zout en zoet, tussen de Waddenzee en het IJsselmeer. De Vismigratierivier staat voor een integrale aanpak die werkt aan natuurherstel, de veiligheid waarborgt en tegelijk een impuls geeft aan de recreatieve ontwikkeling van de Afsluitdijk en Kornwerderzand. Verbeelding Om de swimway van vissen als de zalm, aal en spiering, soorten voor wie de trek tussen zout en zoet essentieel is voor de levenscyclus, voor een breed bezoekers zo goed mogelijk ervaarbaar te maken, is meer nodig: verbeelding. Dàt is wat het beleefconcept van Bruno Doedens biedt: het onzichtbare zichtbaar maken. Niet alleen ter plaatse, maar met name ook het grotere ecosysteem van Noordzee-Waddenzee en het Rijnstroomgebied tot in Zwitserland. De Blije Vis is het beeldmerk van die vismigratie. Inmiddels is het geregistreerde merk ook internationaal het symbool voor vrije vispassage en wordt als Happy Fish ingezet tijdens de World Fish Migration Day in meer dan zestig landen. Daarmee is het op de Afsluitdijk geboren idee in korte tijd uitgegroeid tot wereldwijd symbool voor initiatieven van particulieren, natuurorganisaties en overheden die vispassage bevorderen en vismigratie weer mogelijk maken. Beleefconcept Het beleefconcept dat door Bruno Doedens is uitgewerkt bestaat uit vier met elkaar verbonden onderdelen: 1. de coupure oftewel het ‘gat in de Afsluitdijk, 2. twee kazematten, 3. het Blije Vissen-veld en 4. tijdkijkers. Alle vier belangrijk voor het overbrengen van het verhaal van de Vismigratierivier als je er fysiek rondwandelt. De coupure vertelt samen met twee beschikbaar gestelde kazematten (bunkers) het verhaal van de twaalf vis-doelsoorten en het belang van het grotere ecosysteem. De installatie van Blije Vissen in het estuarium maakt de werking van de Vismigratierivier zichtbaar door het visualiseren van de eb- en vloedbeweging. Dat de vissen weer blij worden, omdat ze heen en weer kunnen zwemmen tussen zout en zoet, dat is de kern van het verhaal. De tijdkijkers tenslotte plaatsen de ontwikkeling van de Vismigratierivier in een breder kader, namelijk de ontwikkeling van het landschap van Noord-Nederland in het tijdsperspectief van vele eeuwen, waarmee de logica van de landschappelijke ontwikkelingen begrijpelijk wordt. Deze worden geplaatst in het nieuwe, 22 maart 2018 te openen Afsluitdijk Wadden Center, waar onder andere een expositie over de Vismigratierivier, Werelderfgoed Waddenzee en het IJsselmeer is te zien. Opdrachtgevers Het beleefconcept is ontwikkeld in opdracht van de initiatiefnemers van de Vismigratierivier: Waddenvereniging, It Fryske Gea, Sportvisserij Nederland, Stichting het Blauwe Hart en netVISwerk. Het plan wordt uitgevoerd door De Nieuwe Afsluitdijk, een samenwerking van de provincies Fryslân, Noord-Holland en de gemeenten Hollands Kroon, Súdwest-Fryslân en Harlingen. Naar verwachting is de Vismigratierivier in 2022 zowel voor vissen als het publiek volledig toegankelijk. Wil je meer weten over de Vismigratierivier of vrienden worden van de Blije Vis? Klik dan hier. https://youtu.be/3Gf1vo_mRCQ
 
 

Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk te horen bij New Business Radio

11 december 2017
Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk gaat de ecologische waarden en het economische potentieel van het voormalig Zuiderzee gebied versterken.  Folkert Tempelman sprak erover met Flos Fleischer, manager bij de Coalitie Blauwe Hart, communicatie adviseur Kees Terwisscha van het project Vismigratierivier en Bert Kranendonk, mede eigenaar van het Wadden Center.      
 
 

Zonnepark op water bij Breezanddijk

7 december 2017
Rijkswaterstaat voegt land en water bij Breezanddijk toe aan de lijst van mogelijke plekken voor zonne-energie bij de Afsluitdijk. Zonne-energie is nodig om op termijn nieuwe waterpompen op de Afsluitdijk van elektriciteit te voorzien. Eerder dit jaar al werd duidelijk dat Rijkswaterstaat geschikte locaties zoekt. De dijk zelf en de koppen van de Afsluitdijk in Friesland en Noord-Holland waren toen in beeld. Nu komt ook Breezanddijk daarbij. Op land ziet Rijkswaterstaat daar ruimte voor 5,5 hectare. En op het water reserveert de dienst een strook van 30 hectare langs de dijk. Als daar daadwerkelijk panelen worden geplaatst gaat het eerst om een proef, die moet uitwijzen of ze de golfslag en eventueel kruiend ijs zonder problemen kunnen doorstaan. Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk pleit voor een kleinschalige pilot, waarbij het accent ligt op het onderzoek naar de effecten van drijvende zonnepanelen op het ecosysteem van vissen en vogels.
 
 

Directeur Waddenvereniging vertrekt en stort zich wereldwijd op vismigratie

6 december 2017
Directeur Arjan Berkhuysen van de Waddenvereniging vertrekt bij de Waddenvereniging. Hij wordt directeur van de World Fish Migration Foundation. Dit is een jonge organisatie die het belang van goede vismigratie wereldwijd op de kaart wil zetten. Hiermee geeft Berkhuysen internationaal vervolg aan het project vismigratierivier, waarbij hij voor de Waddenvereniging aan de basis stond. Berkhuysen wil het gedachtegoed achter de vismigratierivier wereldwijd uitbouwen en verwacht de bereikte resultaten van de Waddenvereniging daarbij goed te kunnen gebruiken. Arjan Berkhuysen: ‘Door de aanleg van dammen en dijken is er nog maar een fractie over van trekvissoorten als haring en ansjovis in de Waddenzee. De Vismigratierivier laat zien dat we de kennis hebben om het anders te doen en met oplossingen te komen waarbij kustveiligheid en natuurherstel samenkomen.’ De vismigratierivier bij Kornwerderzand wordt vanaf volgend jaar aangelegd. Die maakt permanente trek van sterke en zwak zwemmende vissen tussen IJsselmeer en Waddenzee mogelijk, zonder dat er een druppel zeewater in het zoete IJsselmeer komt.  
 
 

Afsluitdijk Wadden Center mikt op 100.000 bezoekers per jaar

5 december 2017
De bouw van het Afsluitdijk Wadden Centrum ligt goed op schema. De nieuwe toeristische trekpleister bij Kornwerderzand zal op 21 maart 2018 feestelijk geopend worden. Jaarlijks zullen er tussen de 70.000 en 100.000 op af komen, voorspelt provinciaal projectmanager Tjalling Dijkstra van 'De Nieuwe Afsluitdijk'. ,,Nu al komen er jaarlijks 300.000 toeristen naar de Afsluitdijk en daar hebben we zelfs nog nooit een foldertje voor gedrukt.'' Maandag bekeken Friese bouwers op uitnodiging van bouwgroep Dijkstra Draisma de vordering bij de bouw van het Afsluitdijk Wadden Center. De Leeuwarder Courant was er ook bij. Tot 2022 steken het rijk, de provincies Friesland en Noord-Holland, en de gemeente Harlingen, Hollands Kroon en Súdwest-Fryslân bijna 1 miljard euro in een grootscheepse revitalisering van de wereldvermaarde Afsluitdijk. Ook het Monument zal worden opgeknapt. Dat blijft een mooie attractie voor een kort bezoekje, terwijl het Wadden Center mikt op bezoekers die langer blijven. Bekijk de video voor een voorlopige indruk en meer bijzonderheden over het beleefcentrum en de andere projecten op de Afsluitdijk.   Bron: www.lc.nl
 
 

Icoon Afsluitdijk gelanceerd

4 december 2017
Icoon Afsluitdijk, het design innovatie programma van ontwerper en innovator Daan Roosegaarde en zijn team van experts is officieel gelanceerd. In aanwezigheid van Directeur-Generaal Rijkswaterstaat Michèle Blom is op 16 november 2017 het startschot gegeven van het programma. De met de hand gebouwde dijk, gerealiseerd in 1932, is een unieke plek in de wereld. Na 85 jaar intensief gebruik is het nu tijd voor een grootschalige renovatie. Met Icoon Afsluitdijk levert ontwerper Daan Roosegaarde, in opdracht van de Nederlandse overheid, een bijdrage aan het versterken van de iconische waarde van de Afsluitdijk. Alle ontwerpen van Icoon Afsluitdijk zijn vanaf heden voor iedereen na zonsondergang (vanaf 18.00 uur) gratis te bezichtigen. Windvogel en Glowing Nature zijn tot 21 januari 2018 te zien, Lichtpoort is een permanente installatie. Michèle Blom: “De Afsluitdijk is een nationaal symbool van de Nederlandse omgang met water, vroeger, nu en in toekomst. De ontwerpen van Daan Roosegaarde benadrukken de waarde van de Afsluitdijk als nationaal én internationaal visitekaartje voor de Nederlandse waterbouw, innovatie en Dutch Design. Ik kan iedereen aanraden dit met een bezoek aan deze bijzondere plek zelf te komen ervaren.” Daan Roosegaarde: “De Afsluitdijk staat voor een stuk Nederlandse lef en innovatie. We leven met het water, we vechten met het water, we zoeken een nieuwe harmonie. De Afsluitdijk is de Madonna hierin. Door een subtiele laag van licht en interactie eraan toe te voegen, versterken we de schoonheid van de dijk en ontstaan er nieuwe koppelingen tussen mens en landschap, duister en licht, poëzie en praktijk. De dijk als een 32 kilometer Zen-lijn in het water is een unieke ervaring die meer mensen zouden moeten zien." De werken van Icoon Afsluitdijk “Een volk dat leeft bouwt aan zijn toekomst.” Deze woorden staan sinds 1932 op het Monument, ontworpen door Willem Dudok, op de Afsluitdijk. Een tekst die toen stond voor de grote prestaties van een klein land. Nu is deze tekst voor Roosegaarde een bron van inspiratie. Met drie ontwerpen toont Icoon Afsluitdijk de kracht van de natuur als bron van energie en licht en vormt het een voorbeeld van een toekomstig groen landschap. Tentoonstelling Alle ontwerpen zijn voor iedereen gratis toegankelijk en na zonsondergang te bezichtigen op de Afsluitdijk. Glowing Nature en Windvogel zijn afhankelijk van de natuur, kijk daarom voor vertrek altijd even naar de actuele informatie. Tijdens de tentoonstelling is ook de film ’32 KM’ van Felix Kops te zien over de ontwikkeling van de concepten en is er een speciale podcast beschikbaar om de rijke context van het project te belichten.
 
 

Start 4 km diepte boring naar aardwarmte

30 november 2017
Op 6 november is de boring van een warmtebron op 4,5 km diepte begonnen. In januari moet blijken hoe goed de diepe bron warmte levert. Met de boring aan de Lange Broekweg in Naaldwijk gaat het eerste Nederlandse project met zogeheten diepe geothermie van start. Daarbij wordt op een diepte van 4 km een aardlaag van kolenkalk aangeboord. De verwachting is dat uit deze aardlaag  warm water van zo’n 140 °C kan worden gewonnen. Bij geothermieprojecten tot nu toe werden boringen uitgevoerd tot een diepte van ongeveer 2,5 km. Echter, hoe dieper in de aarde, hoe hoger de temperatuur. Dan moet er op grotere diepte wel een aardlaag beschikbaar zijn die geschikt is om er water doorheen te pompen. Dat geldt in ons land voor de zogeheten kolenkalklaag, een laag die vooral bestaat uit poreus kalksteen. Het is bedoeling dat de diepe geothermieput in Naaldwijk die laag gebruikt. Uiteindelijk moeten er twee boorputten komen op een afstand van 1,5 km van elkaar. Bij de ene put wordt het warme water omhoog gepompt waarna de warmte via warmtewisselaars wordt benut om kassen te verwarmen. Bij de andere put gaat het afgekoelde water terug de bodem in. Test in januari Bij de boring gaat de eerste sectie tot zo’n 1298 m met een diameter van zo’n 60 cm. Is die eenmaal geboord dan wordt een pijp ingebracht om vervolgens door te boren tot 2559 m diep met een doorsnede van 43 cm. Daarna volgen een derde sectie van 4204 m diep en 30 cm doorsnede en een vierde sectie gaat dan naar 4560 m. De boring gebeurt door het Duitse bedrijf KCA Deutag. De boring is een initiatief van Trias Westland, een combinatie van een kleine vijftig ondernemingen in het kassengebied. Met het Ministerie van Economische Zaken is een speciale deal gesloten, voor het geval de diepe geothermieput niet geschikt blijkt om warmte te produceren. ‘Op die diepte is weinig kennis van de Nederlandse bodem’, vertelt Trias-directeur Marco van Soerland. Mede daarom is er dus een soort 'verzekering' via het ministerie. Komende januari wordt de kwaliteit van de bron getest op geschiktheid voor geothermie. 'Valt die tegen, dan maken we met hetzelfde boorgat op een diepte 2,7 km een geothermiebron. Daarvan weten we al dat die geschikt is.' Geen aardwarmte in Groningen-Stad Afgelopen week werd bekend dat de gemeente Groningen afziet van zijn aardwarmteproject. Het was de bedoeling om op een diepte van 3,4 km water van 120 °C aan te boren. Doorslaggevend voor het besluit was de waarschuwing van het Staatstoezicht op de Mijnen voor de veiligheidsrisico’s van het boren naar geothermie. Het SodM noemt het onverstandig om boringen te doen naar geothermie waar ook sprake is van bevingen door gaswinning (Groningen) of natuurlijke aardbevingen (oostelijk Brabant en Noord-Limburg), nabij de Peelbreuken. 'In gebieden waar seismiciteit voorkomt als gevolg van gaswinning, zoals in en rondom het Groningenveld is gepaste terughoudendheid op zijn plaats. In deze gebieden is er een grote kans dat breuken door de gaswinning onder spanning zijn komen te staan, waardoor de geothermische activiteit bevingen kan veroorzaken. Naast het seismische risico kan er ook een aansprakelijkheidsdilemma ontstaan als gaswinning en geothermie in hetzelfde gebied plaatsvinden’, aldus het Staattoezicht. Lees ook: Aardwarmte heeft veiligheidsrisico’s
 
 

Belevingswaardenonderzoek Markermeer-IJmeer

29 november 2017
Overheden en verschillende organisaties werken volop aan de realisatie van het Toekomstbestendig Ecologisch Systeem (TBES) in het Markermeer-IJmeer. Onlangs is een Belevingswaardenonderzoek uitgevoerd onder omwonenden en bezoekers aan het gebied. Met dit onderzoek is de wijze waarop de mensen naar hun eigen gebied kijken in beeld gebracht. Wat zijn de waarden die zij zien en wat voor emoties voelen ze bij het Markermeer-IJmeer? Anders gezegd, wat maakt in hun ogen het Markermeer-IJmeer zo herkenbaar en bijzonder? En wat wordt het nieuwe beeld voor de toekomst? Om dit samen te brengen wordt in opdracht van de Stuurgroep Markermeer-IJmeer gewerkt aan een Panorama Markermeer-IJmeer. Hier komen beelden en projecten samen. Het Panorama geeft richting en dient als kompas en als aantrekkelijk ontwikkelingsperspectief voor beleidsmakers, belangengroepen, bewoners en gebruikers van het gebied. Conclusies uit het onderzoek Het Markermeer en IJmeer worden door de bewoners en bezoekers gezien als een oase van rust. Een oase van rust met drie duidelijk verschillende zijden. De westzijde bestaat uit een kronkeldijk met pittoreske dorpjes en een gezellige oud hollandse havensfeer. Voor de toekomst is het belangrijk voor de bewoners dat dit behouden blijft en er een goede balans tussen natuur en recreatie komt. De zuidzijde met het IJmeer heeft een meer besloten karakter. Er bestaat een groot contrast tussen stad en water met natuur, hierdoor wordt het IJmeer ervaren als een poort naar rust. Voor de toekomst is het belangrijk dat de vergezichten behouden blijven en dat de strandjes intiem en voor de Amsterdammer blijven. De oostzijde van het Markermeer bestaat uit een strakke moderne dijk door het onbereikbare kijkgroen. Bewoners gebruiken de dijk om overheen te rijden en er zijn weinig toegangspunten naar het water. Steden als Almere en Lelystad liggen als eilanden in de polder. In de toekomst zien bewoners graag een verbinding van Lelystad met de haven en het water, en ook Almere moet meer bekendheid krijgen. Tot slot zien bewoners de gehele kust graag als één recreatief lint met een open en toegankelijk water in het midden. Een samenvatting van het onderzoek en het uitgebreide rapport vind je op deze pagina.
 
 

De slag om de Afsluitdijk

28 november 2017
Het Nederlands Instituut voor Militaire Historie (NIMH) zet verslagen online rond de strijd om de Afsluitdijk Iedereen kan nu vanuit de luie stoel ontdekken wat er bij hem of haar in de buurt is gebeurd in het begin van de Tweede Wereldoorlog. Er wordt onder meer verslag gedaan van de strijd om de Afsluitdijk. Over deze slag ontstond later de mythe van een bloedbad (aan Duitse zijde). Het zat anders. De meeste verslagen zijn getypt of geschreven door Nederlandse militairen die zelf meevochten in de Tweede Wereldoorlog. Veel teksten zijn kort na de gevechten opgesteld, sommige pas jaren later. De slag bij de Afsluitdijk is berucht. Wat wordt daar over geschreven? Er zijn verschillende verslagen te vinden. Je kunt op www.archieven.nl zoeken op de term zelf - ‘Afsluitdijk’ dus - maar ook op bijvoorbeeld ‘Boers’, de landmacht kapitein die commandant was van de Stelling Kornwerderzand. Dit is een van de weinige plekken in West-Europa waar de Duitsers de strijd niet meteen konden winnen. Zijn er interessante onthullingen te vinden? Niet meteen grote onthullingen, zoals het nu lijkt. Wel bijzondere versies en eigen, gekleurde versies van bekende gebeurtenissen. Welk verhaal valt op? Bijvoorbeeld het verslag van kapitein en chef-staf van de landmacht I. L. Uyterschout. Hij was er bij in de meidagen van 1940, op en rond de Afsluitdijk. Uyterschout schrijft over de Duitse troepen in Friesland en Groningen, onder meer over de Duitse verliezen. Wat opvalt is dat op het eerste velletje van het verslag in de kantlijn met potlood het woord ‘onzin’ staat. Waar slaat dit woord op? Op de beschrijving door Uyterschout van de verliezen. De chef-staf schreef: ‘In totaal zijn 2000 à 2400 man aan Duitsche zijde gesneuveld of gewond bij de pogingen de toegang tot den Afsluitdijk te forceeren en bij het optreden tegen Kornwerderzand’. Mede hierdoor, en door aangedikte en verzonnen verhalen van de bevolking destijds, kon de mythe van een bloedbad met vele honderden doden ontstaan. In werkelijkheid waren maar zo’n 600 Duitse militairen betrokken bij de aanval op de Afsluitdijk. Er vielen aan Duitse kant slechts 5 doden en ongeveer 30 gewonden. Verder nog interessante zaken? Ja, genoeg. Zo stelde de Duitse divisiecommandant Kurt Feldt tijdens de capitulatie-onderhandelingen in hotel De Wijnberg in Sneek (in de nacht van 14 op 15 mei) ‘eigenaardige vragen’, schrijft Uyterschout. Feldt wilde onder meer weten ‘of er door de Nederlandse troepen op de Afsluitdijk van gifgas gebruik was gemaakt’. Uyterschout: ‘Ons antwoord was: Neen.’
 
 

Seabin, de eerste drijvende prullenbak in gebruik genomen in Marina Muiderzand

27 november 2017
Bij Marina Muiderzand is de eerste Seabin, een drijvende prullenbak, in gebruik genomen. Deze drijvende prullenbak zuigt plastic en andere troep op uit het water. Met de vinding wordt de strijd tegen ‘plastic soep’ en andere vervuiling aangegaan. Seabin The Seabin is een uitvinding van twee Australische surfers en botenbouwers: Andrew Turton en Pete Ceglinski. Zij zagen de toenemende vervuiling van de oceanen met lede ogen aan. “Als we op het land een vuilnisbak kunnen hebben, waarom dan niet ook eentje in het water?”, vroeg het tweetal zich af. Na vele jaren testen hebben ze een drijvende prullenbak ontwikkeld die je in het water van elke haven of dok kunt leggen. Meer details zijn te vinden op deze website. Waterpomp Met behulp van een elektrische waterpomp zuigt de Seabin plastic flessen, bekers, zakjes, kleine stukjes plastic, olieresten en ander afval dat drijft op het water naar binnen, terwijl vissen buiten schot blijven. Op die manier kan één drijvende vuilnisbak in een jaar tijd 83.000 plastic zakjes en 20.000 plastic flessen opruimen. In totaal een halve ton vuil. Al het ingezamelde plastic wordt gerecycled. Bewustwording Als de Seabin op Marina Muiderzand een succes is, wordt de drijvende prullenbak in meer havens ingezet. “Wij zijn op onze havens zeer begaan met mens en milieu en proberen het water zo schoon mogelijk te houden. Wij willen de schoonste havens van Nederland hebben,” zegt Nanke den Daas. “De Seabin past naadloos in die visie. Wij kunnen het plastic in de zeeën niet opruimen, maar willen het goede voorbeeld geven. Ons doel is meer bewustwording creëren rond de rol die watersporters en onze ligplaatshouders zelf spelen in het schoon houden van het water in onze jachthavens en het vaargebied. De echte oplossing is stoppen met het water te vervuilen. Dus simpel gezegd: je rotzooi opruimen. Daarom treden we ook als ambassadeur voor Seabin op bij lokale scholen en nodigen we scholieren uit om hen te laten zien hoe Seabins werken.” Samenwerking Seabin en Thuishavens Twee jaar geleden liep directeur Nanke den Daas van Thuishavens de twee ‘surfdudes’ tegen het lijf tijdens de internationale watersportbeurs METS in Amsterdam. Zij raakte zo enthousiast over hun verhaal dat ze besloot hun crowdfundingproject te steunen. Nu de productie klaar is mag het bedrijf daarom de eerste Seabin van Nederland in gebruik nemen. Wereldwijd In de afgelopen weken zijn er wereldwijd Seabins geïnstalleerd in verschillende jachthavens, half november was Nederland aan de beurt. CEO en co-founder Pete Ceglinski was zelf aanwezig in Almere om de eerste Seabin te lanceren. “Thuishavens was een van de eerste die onze crowdfunding campagne steunde. Daarom zijn mijn team en ik zeer verheugd met de ingebruikname van de eerste van naar we hopen vele Seabins in Nederland, die waterwegen schoner kunnen maken,” zegt hij. “Het enthousiasme dat we zien is geweldig. Niet alleen over het product Seabin, maar ook over het educatie- en onderzoeksaspect, zoals het praktische programma voor verschillende groepen in de maatschappij dat er aan gekoppeld is.”   https://www.youtube.com/watch?v=wHPc3yNpMAM&feature=youtu.be
 
 

Súdwest-Fryslân wil windmolenplan vooralsnog stopzetten

24 november 2017
Gemeente Súdwest-Fryslân wil dat de windmolenplannen voor Nij Hiddum-Houw vooralsnog wordt stopgezet. Het CDA heeft daar op 13 november een motie voor ingediend, die waarschijnlijk aangenomen zal worden. Dat zei CDA-wethouder Gea Akkerman in It Polytburo. De rechter verwierp vorige week nog zo'n verzoek van de actiegroep Hou Fryslân Mooi. Die pleitte voor het onderzoeken van alternatieven voor de negen megamolens die bij de kop van de Afsluitdijk moeten komen. Akkerman zegt verder dat ze in Den Haag probeert de politiek ervan te overtuigen dat het windpark Nij Hiddum-Houw er niet hoeft te komen. Als dat niet lukt, dan wil de wethouder dat de omgeving financieel wordt gecompenseerd, zoals bij Windpark Fryslân in het IJsselmeer ook de bedoeling is. Daar wordt twintig jaar lang jaarlijks een half miljoen euro door de exploitant beschikbaar gesteld voor het gebied.
 
 

Bouw Reevesluis in het Drontermeer van start

23 november 2017
Bestuurders van Rijkswaterstaat, provincies, gemeenten en waterschappen hebben op 9 november letterlijk de eerste schop in de grond gezet. Hiermee zijn de werkzaamheden voor het project IJsseldelta fase 2 ook officieel begonnen. “Dankzij alle maatregelen, die we samen nu nemen in dit gebied, is in 2022 de waterveiligheid in de regio Kampen-Zwolle-Dronten op orde”, zegt Ype Heijsman, directeur van Rijkswaterstaat Midden-Nederland. Door het Reevediep, de nieuwe waterverbinding (bypass) tussen de IJssel en het Drontermeer, wordt vanaf 2022 in extreme omstandigheden het hoogwater van de IJssel sneller afgevoerd via het Drontermeer en het Vossemeer naar het IJsselmeer. Om dit te realiseren nemen het Rijk, de provincie Overijssel, de provincie Flevoland en Waterschap Zuiderzeeland de komende jaren vier nieuwe maatregelen om de regio Kampen-Zwolle-Dronten beter te beschermen tegen hoogwater. Reevesluis De Reevesluis neemt de functie over van de huidige Roggebotsluis. Door de aanleg van de Reevesluis wordt het Drontermeer gesplitst in twee delen: een noordelijk deel met een dynamisch peil en een open verbinding tussen IJssel via het Reevediep naar het IJsselmeer. En een zuidelijk deel met een vast peil. De nieuwe schutsluis zorgt volgens Rijkswaterstaat voor een nog betere doorstroming van het water en houdt het waterpeil in het zuidelijk deel stabiel. Pas op het moment dat alle maatregelen in de IJsseldelta zijn gerealiseerd en het Reevediep klaar is voor gebruik, wordt de huidige Roggebotsluis verwijderd. Op die plek is dan een nieuwe brug beschikbaar voor de N307. In de aanlegperiode zijn daarom tijdelijk twee schutsluizen in gebruik. Maatregelen in deelprojecten De aanleg van de Reevesluis door Rijkswaterstaat is de eerste maatregel binnen IJsseldelta fase 2. Dit programma bestaat verder nog uit: Sloop van de Roggebotsluis, de bouw van een nieuwe brug over het Drontermeer, aanpassing van de vaargeul, in combinatie met een ongelijkvloerse kruising van de N306 en de N307. En vernieuwing van de N307 tot een stroomweg met parallelwegen, door de provincies Flevoland en Overijssel; Versterking en verhoging van de Drontermeerdijk, inclusief de provinciale weg op de kruin (N306) door het waterschap Zuiderzeeland; Hoogwaterbeschermingsmaatregelen voor het recreatieterrein Roggebot door provincie Overijssel. De andere deelprojecten zitten nog volop in de planfase, waarbij de omgeving is betrokken. Daarna moeten voor deze plannen nog de procedures worden doorlopen. Alle maatregelen in de IJsseldelta zijn in 2022 klaar. Daarmee is het gebied in de driehoek Kampen-Zwolle-Dronten dus waterveiliger, klimaatbestendiger, natuurrijker en verkeersveiliger. Deze integrale gebiedsontwikkelingsaanpak is één van de eerste projecten, dat binnen het landelijke Deltaprogramma wordt uitgevoerd.
 
 

Deltacommissaris: “Regie Deltaprogramma blijft ook onder meer ministers bij mij”

21 november 2017
“In het nieuwe kabinet krijg ik met meer ministers te maken, maar de regie blijft bij mij”, zei deltacommissaris Wim Kuijken op het 8e Deltacongres dat op 2 november in Leeuwarden plaatsvond. Hij reageerde nuchter op de herschikking van de portefeuilles in het nieuwe kabinet en de nieuwe naam voor het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. “Ik heb ooit eens voorgesteld om het ministerie Waterstaat, Infrastructuur en Milieu te noemen. Dan krijg je de afkorting Wim’, zei Kuijken schertsend bij de aanvang van het congres. Hem gaat het om de inhoud van het Deltaprogramma en die verandert niet. De Deltacommissaris leek er zich eerder op te verheugen dat hij nu, naast minister Cora van Nieuwenhuizen van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat te maken krijgt met nog twee andere ministers. Voor het omgevingsbeleid moet hij voortaan naar minister Kajsa Ollongren van Binnenlandse Zaken en voor het natuurbeleid naar minister Carla Schouten van het nieuwe ministerie van Landbouw, natuur en voedselkwaliteit. Kuijken: “Het is een feest daar als regisseur sturing aan te geven.” De nieuwe minister Cora van Nieuwenhuizen kon niet aanwezig zijn op het 8e Nationale Deltacongres omdat ze in de Tweede Kamer zat voor het debat over de regeringsverklaring. Ze stuurde wel een tweet waarop de 1.600 aanwezige congresgangers een video van henzelf terugstuurde. Continuïteit gewaarborgd De deltacommissaris wees erop dat rijk, waterschappen, gemeenten en provincies al lange tijd volop met elkaar samenwerken en dat daar niets aan zal veranderen. Sterker nog, de verankering van het waterbeleid in het Deltaprogramma met een eigen wet en een eigen fonds, heeft zich nu bewezen, stelt de Deltacommissaris. “Tijdens de onderhandelingen over een nieuwe regering lag 90 procent van het werk in Den Haag stil. Dat van ons ging gewoon door. Een regeringswissel heeft daar geen invloed op en dat precies de reden waarom we het waterveiligheidsbeleid destijds in de Deltawet hebben vastgelegd.” Voorzitter Hans Oosters van de Unie van Waterschappen benadrukte de handreiking van de lagere overheid met hun investeringsagenda aan de nieuwe regering en sprak de hoop uit dat daar extra geld voor wordt vrijgemaakt. De agenda zorgt ervoor dat 71 miljard euro schade wordt voorkomen, wat stelt het rijk daar tegenover, zo luidde zijn vraag. (foto: Jac van Tuijn). Bestuursakkoord in de maak Kuijken is wel blij met de opmerking in het regeerakkoord dat Nederland klimaatbestendig en robuust moet worden ingericht. “Dat geeft duidelijk richting en het ondersteunt ons werk.” Toch is het voor de watersector niet allemaal rozengeur en maneschijn. Namens de waterschappen, provincies en gemeenten, liet voorzitter Hans Oosters van de Unie van Waterschappen (UvW) weten dat het kabinet nog geen extra geld heeft vrij gemaakt voor het duurzaam en klimaatbestendig maken van Nederland. Eerder dit jaar presenteerden waterschappen, provincies en gemeenten aan formateur Gerrit Zalm een gezamenlijke investeringsagenda en de waterschappen vroegen het rijk om een bijdrage van 230 miljoen extra voor de uitvoering van Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie. Investeringsagenda Het nieuwe kabinet lijkt aan te sturen op een bestuursakkoord over een allesomvattende investeringsagenda, zowel voor de energietransitie, de circulaire economie en het klimaatbestendig maken van de infrastructuur.
 
 

Voor zandwinning snel diepere geulen nodig

20 november 2017
Het provinciebestuur vraagt het Rijk versneld groen licht te geven voor diepere geulen in het IJsselmeer. Het zand is volgend jaar nodig. Het Rijk koppelt verdieping aan een nieuw sluiscomplex bij Kornwerderzand, waarvan formeel nog niet bekend is of het er komt en wanneer. De provincie zoekt naar een verbinding met de vismigratierivier, waarvan de aanbestedingsprocedure in het eerste kwartaal van 2018 start. Het gaat in elk geval om de geul Kornwerderzand-Urk en de aftakkingen naar Makkum en Lemmer. De aannemer die het project gegund krijgt moet zand uit de geulen kunnen gebruiken voor de aanleg van de 6 kilometer lange vismigratierivier. Om de transportkosten te beheersen komt dat zand idealiter zo dicht mogelijk uit de buurt. De provincie verzoekt het Rijk om de verdieping alvast te benoemen als een beleidsopgave, liefst zo gauw mogelijk. De diepte moet dan vastgesteld worden op minimaal 5.20 meter, in plaats van 4.20 meter nu, zegt een woordvoerder van de provincie. 10 meter baggeren Op sommige plekken wil de provincie tot 10 meter kunnen baggeren. Bij de bestaande diepte van de geul is er niet genoeg zand te halen. Voordat de zandwinning echt kan beginnen, is eerst onderzoek nodig naar de kwaliteit van de bodem in de geulen. Ook kunnen naast de ecologische waarden, archeologische waarden in het geding zijn.
 
 

Verkenning Ecologische Maatregelen Markermeer

8 november 2017
Rijkswaterstaat heeft onlangs een update over het project “Verkenning Ecologische Maatregelen Markermeer” (het vervolg op het project Luwtemaatregelen Hoornse Hop) verzonden. Verkenning Markermeer De verkenning is het afgelopen jaar door Rijkswaterstaat uitgevoerd in opdracht van DG Ruimte en Water van het ministerie van Intrastructuur en Milieu. Het doel van de verkenning was om een investeringsbeslissing te nemen over de inzet van een budget van vijftien miljoen euro, dat voor het project Luwtemaatregelen Hoornse Hop ter beschikking stond voor één of meerdere kansrijke fysieke maatregelen die op korte termijn uitgevoerd konden worden. Dat besluit heeft Stuurgroep Markermeer-IJmeer (SMIJ) nu genomen. Negen miljoen euro naar maatregelen Noord-Hollandse kust en Trintelzand De SMIJ heeft op 28 september 2017 geadviseerd negen miljoen euro te investeren in twee gebieden in en rond het Markermeer. Drie miljoen euro is voorzien voor maatregelen van natuurvriendelijke oevers aan de Noord-Hollandse kust. Daarnaast is zes miljoen gereserveerd voor extra areaal ondiep en luw gebied op het Enkerhuizerzand, aansluitend op het project Trintelzand A+. Op 30 maart 2017 heeft SMIJ zich achter het plan van Rijkswaterstaat geschaard om in dit gebied zes miljoen euro te investeren van het budget voor de Kader Richtlijn Water (KRW). Voor het gebied Trintelzand-Enkhuizen is hiermee een totaalbudget van twaalf miljoen euro beschikbaar. Aan het eind van het jaar wordt dit besluit bekrachtigd in de Provinciale Staten van de provincies Noord-Holland en Flevoland en door de minister van Infrastructuur en Milieu. Trintelzand A+ Tevens werd er besloten een deel van het budget (zes miljoen euro voor KRW-maatregelen) te bestemmen voor de realisatie van een project voor ongeveer 180 ha luwte, ondiepte en land-waterovergangen op het Enkhuizerzand: Trintelzand A+. Uitvoering vindt plaats voor 2021, in combinatie met de versterking van de Houtribdijk. Daarnaast is het aantal zoekgebieden, voor de inzet van het resterende budget van negen miljoen euro voor een ecologische maatregel met recreatief medegebruik, ingekaderd tot vier zoekgebieden aan de randen van het Markermeer: –        Noord-Hollandse kust; –        Enkhuizen-Trintelhaven (Trintelzand B); –        Trintelhaven-Lelystad (Marker Wadden); –        Oostvaardersplassen-Lepelaarplassen. Lees verder over dit project in de verkenning-ecologische-maatregelen-markermeer van Rijkswaterstaat. (PDF) Hoe nu verder? Op basis van het advies van SMIJ zetten de provincie Noord-Holland en Flevoland de besluitvorming in gang over de inzet van de provinciale middelen. Naar verwachting nemen Provinciale Staten van beide provincies hierover eind 2017 een besluit. Daarna neemt de minister van Infrastructuur en Milieu het definitieve formele besluit over de besteding van de negen miljoen euro.
 
 

Afsluitdijk Wadden Center

1 november 2017
Het Afsluitdijk Wadden Center wordt de plek waar (buitenlandse) toeristen het verhaal van onder andere Dutch Delta Design, Unesco Werelderfgoed Waddenzee, het IJsselmeer en de Vismigratierivier kunnen beleven. Door de ontwikkeling van een toeristische toegangspoort op de Afsluitdijk wordt de toeristisch-economische structuur versterkt. Wat is het? Bij Kornwerderzand wordt het Afsluitdijk Wadden Center gerealiseerd. Hier vertellen we straks het verhaal van het UNESCO Werelderfgoed De Waddenzee, de Vismigratierivier, de vernieuwde, toekomstbestendige Afsluitdijk en het IJsselmeer als Blauwe Hart van Nederland. Het Afsluitdijk Wadden Center beperkt zich niet tot een traditioneel gebouw met daarin een informatiecentrum. Het wordt een totaalbeleving met daarin onderdelen die Kornwerderzand en de Afsluitdijk tot een bezienswaardigheid maken. Startpunt voor breder bezoek Zo wordt het Afsluitdijk Wadden Center het startpunt voor een bezoek aan het Kazemattenmuseum, de mogelijk verruimde schutsluizen, de te renoveren spuisluizen en de mogelijk te realiseren Vismigratierivier. In de aanloop naar Leeuwarden-Fryslân, Culturele Hoofdstad 2018 is Kornwerderzand bovendien één van de belangrijkste poorten naar Fryslân. Ontwikkelingen faciliteren De Nieuwe Afsluitdijk wil initiatieven - publiek en privaat - die gerelateerd zijn aan het verhaal van de Afsluitdijk faciliteren. Dit betreft verhalen over onder meer de ontstaansgeschiedenis van de dijk, de Vismigratierivier, zoet-zout, UNESCO Waddenzee en het IJsselmeer. De ontwikkeling van niet-Afsluitdijk gerelateerde concepten faciliteren we in het achterland (de halters). Dit zijn de gebieden waar de Afsluitdijk in Noord-Holland en Friesland weer aanlandt. Denk hierbij aan het op de Strip te ontwikkelen centrum in Den Oever en de huidige (maritieme) initiatieven in de Willemshaven te Harlingen. De (bouw)werkzaamheden zijn hier via de webcam te volgen. Bron: www.denieuweafsluitdijk.nl
 
 

Boek: Polderkoorts

1 november 2017
De aanleg van de Afsluitdijk en de inpoldering van Flevoland worden gezien als het grootste waterbouwkundig project ooit in Nederland. Maar de keerzijde van dit succes bleef lange tijd onbelicht. Emiel Hakkenes brengt daar verandering in brengen met zijn boek Polderkoorts. Daarin legt hij uit hoe de Zuiderzee verdween en wat de keerzijde daarvan betekende voor de ondernemers en vissers in met name Harderwijk en Elburg. Hakkenes (40) kwam enige tijd geleden op het idee om dit eens uit te zoeken, vertelt hij in de radiostudio van Omroep Gelderland. 'Toen mijn vorige boek verscheen, was er ook een boekje over Volendam dat uitkwam. Daar zat een hoofdstukje in wat de afsluiting van de Zuiderzee betekende voor de vissers. Toen kwamen we tot de conclusie dat daar wel een heel boek in zit.' En zo is Hakkenes over die vraag gaan nadenken en op onderzoek uit gegaan. De Afsluitdijk is het mooiste, beste en meest grandioze wat Nederland ooit gepresteerd heeft, maar er zat ook een andere kant aan het verhaal. 'Er moeten ook mensen zijn die daar de dupe van zijn geworden', zegt Hakkenes. En naast Volendam had je ook een hele Gelderse kust die daar iets van gemerkt heeft, zoals Harderwijk en Elburg en daar was weinig over terug te lezen. Volgens Hakkenes is deze keerzijde weggepoetst in de geschiedenis. De uiteindelijke aanleiding om de Zuiderzee aan te pakken, kwam in 1916 vanwege een grote overstroming. 'Nederland kon nu laten zien waar het toe in staat was. De slag in Verdun was in volle gang en terwijl andere landen met tanks en vliegtuigen hun grondgebied aan het uitbreiden waren,  deden wij dat met pompen op een vreedzame manier.' Verzet was hevig Er was een man die niet blij was met het plan: Eibert den Herder uit Harderwijk. 'Je vindt hem vooral terug in de voetnootjes waarin hij werd weggezet als die ene gek die er tegen was.' Daar geloofde Hakkenes niets van en hij ging dieper op onderzoek uit. Den Herder is toen een strijd begonnen tegen de drooglegging. 'Hij publiceerde boekjes waarom het zo'n slecht idee was en mocht overal door het land spreekbeurten houden.' Maar ondanks zijn protest ging de bouw van de Afsluitdijk gewoon door. 'Hoe langer de bouw doorging hoe radicaler zijn protest. Hij deed zelfs mee met de Tweede Kamerverkiezingen om zo de bouw te stoppen.' Veel gebracht De drooglegging heeft verschillende dingen gebracht. 'Je kan het op twee manieren bekijken, namelijk positief of negatief.' Volgens Hakkenes wordt die positieve manier erg vaak al gebracht. 'Veiligheid, minder kans op overstromingen, een extra provincie voor de landbouw. Maar daar stond wel iets tegenover. 'Het viswater is verdwenen en hele gemeenschappen raakten hun middelen van bestaan kwijt.' Ook het hele biologische leven is veranderd en dat besef dringt langzaam door bij de mensen die er nu over gaan. Zo moet er een nieuwe visgeul komen waardoor vissen zowel in de zee als in het IJsselmeer kunnen komen. 'Die lopen nu nog tegen een doodlopende muur van de Afsluitdijk aan.' Er is dus een verschuiving dat we meer om het milieu gaan geven. 'En er was al iemand in 1931 die daar al wat over heeft gezegd, dus eigenlijk krijgt Eibert den Herder nu gelijk.'   Bron: www.omroepgelderland.nl
 
 

Nieuws, achtergronden en resultaten onderzoek Wageningen University & Research IJsselmeergebied

1 november 2017
Het IJsselmeer, het Markermeer en de Veluwerandmeren worden sterk beïnvloed door regionale economische ontwikkelingen. Bovendien verandert het klimaat en is het effect van de Zuiderzeewerken nog steeds merkbaar. Extra maatregelen worden nu in overweging genomen om het water- en natuurbeheer toekomst- en klimaatbestendig te krijgen. In het oog springende voorbeelden zijn de aanleg van de Marker Wadden en de Vismigratierivier bij de Afsluitdijk. In dit dossier vindt u nieuws, achtergronden en resultaten uit onderzoek van Wageningen University & Research over het IJsselmeergebied. Onderzoek Wageningen University & Research voert meerjarig onderzoek uit in het IJsselmeergebied in opdracht van o.a. Economische Zaken, Rijkswaterstaat en stichting EcoShape. Hierbij werken ze nauw samen met o.a. Natuurmonumenten, Deltares en PBL in netwerken zoals het Kennis- en Innovatieprogramma Marker Wadden (KIMA), NKWK, LIFE IP Delta Natuur en het nationale Deltaprogramma. Ook zijn er verschillende NWO-projecten en vindt er advieswerk plaats voor omliggende provincies en waterschappen. Voor uitgebreide informatie klik hier.
 
 

‘Flevokust Haven’ verrijst uit IJsselmeer

1 november 2017
Lelystad goederenhaven, het zal even wennen zijn. Toch is dit binnenkort realiteit als de gloednieuwe kade opengaat en de eerste binnenvaartschepen aanmeren om hun lading stukgoed, bulk en containers af te zetten of op te pikken. Flevokust Haven gaat de economische basis voor Lelystad en Flevoland als geheel verbreden, helemaal als volgend jaar achter de kade de eerste logistieke en distributiebedrijven verrijzen. Vanaf de IJsselmeerdijk, een paar kilometer ten noorden van Lelystad, is goed te zien hoe het nieuwe land van Flevokust Haven vorm krijgt. Twee baggerschepen diepen de vaargeul uit tussen het haventerrein en de golfbreker. Schepen op de route Amsterdam-Lemmer varen nu nog de net opgespoten zandvlakte voorbij. Maar over een tijdje zal het hier gonzen van mechanische activiteit als containeroverslagbedrijf CTU Flevokust volop actief is. Aan de andere kant van de dijk wachten tientallen hectares maagdelijk groen met een grote visvijver op de transformatie tot bedrijven- en industrieterrein. De eerste distributiebedrijven die zich hier willen gaan vestigen, hebben zich al gemeld, laat projectleider bij de Provincie Flevoland Edwin Bos weten. Hij wijst naar de plek, precies in het verlengde van de containerterminal, waar de containers over de dijk en een nieuw kruispunt met de IJsselmeerdijk zullen rijden. De dijk is daar iets verlaagd. Uiteindelijk was dit de meest realistische optie om het plan voor een haven ten noorden van Lelystad te ontwikkelen, legt Bos uit. Lees hier het hele artikel
 
 

Markermeer krijgt nieuw natuurgebied: Trintelzand

1 november 2017
Naast de Marker Wadden, die volop in aanleg zijn, komt er nóg een natuurgebied in het Markermeer: Trintelzand. Het gebied langs de Houtribdijk krijgt een omvang van 270 hectare. Rijkswaterstaat wil met Trintelzand nog meer variatie aanbrengen in het onderwaterlandschap van het Markermeer. Hierdoor komen er straks meer verschillende plant- en diersoorten voor in het Markermeer, en dat is goed voor vissen, maar ook voor de waterkwaliteit. Een gebied vol leven Trintelzand bestaat straks uit zandplaten, zogenoemde 'plas-drasmilieus' en ondiep water in de luwte van de zandige oevers. Samen vormen de leefgebieden een ondiepe baai met veel waterplantvelden en rietland. Een groot deel van deze nieuwe natuur is niet direct zichtbaar, omdat deze zich onder water bevindt. Van het nieuwe natuurgebied profiteren macrofauna zoals mosselen, slakjes en insecten. Ook voor vissen zoals spiering en snoekbaars fungeert Trintelzand als kraamkamer. Vissen en mosselen zijn voedsel voor grote groepen vogels als kuifeenden, brilduikers, visdieven en futen. Trintelzand zorgt zo voor een bodem vol leven, met zandplaten, slikvelden en rietoevers. Gebruik van slib en zand In de oorspronkelijke plannen had Trintelzand een compensatieopgave van 90 hectare. De Combinatie Houtribdijk (waaronder Boskalis en van Oord) heeft een aanbieding gedaan voor een extra uitbreiding naar 270 hectare. De uitbreiding is vooral mogelijk dankzij slim gebruik van slib en zand dat vrijkomt door het maken van de putten voor de zandige versterking van de Houtribdijk. De werkzaamheden aan de Houtribdijk en Trintelzand duren tot medio 2020.  
 
 

Samen sterk voor het IJsselmeergebied

1 november 2017
De provincies rond het IJsselmeergebied willen de ruimtelijk-economische opgaven in dit gebied, zoals de overgang naar duurzame energie, gezamenlijk aanpakken. De provincies Flevoland, Fryslân, Noord-Holland en Overijssel hebben een gebiedsagenda opgesteld die over de provinciegrenzen heen kijkt. Met deze agenda willen de provincies de kracht en kwaliteiten van het IJsselmeergebied versterken en zij doen hiermee een aanbod aan het Rijk. Cees Loggen, gedeputeerde voor Water van de provincie Noord-Holland: “Ik ben ervan overtuigd dat we het IJsselmeergebied alleen goed kunnen versterken door samen op te trekken. Alle mogelijkheden zijn er, we moeten ze alleen nóg beter benutten.” Kustlandschappen en economie Kenmerkend is het grootse centrale wateroppervlak met gevarieerde kusten die het IJsselmeergebied aantrekkelijk maken om in te wonen, werken en te recreëren. De provincies gaan de waarden en identiteiten van het IJsselmeergebied vastleggen en toepassen bij de verdere ontwikkeling. Er liggen kansen voor economische groei in de sectoren watersport, recreatie en toerisme, transport, visserij en maritieme industrie. Daarvoor zetten de provincies in op verscheidenheid en het meer in balans brengen van vraag en aanbod van bezoekers aan het IJsselmeergebied. IJsselmeergebied als energiebron De  provincies nemen de ruimtelijke regie bij de overgang naar een duurzame energievoorziening in 2050. Daarvoor verkennen ze alternatieve en innovatieve mogelijkheden voor opwekking, opslag, en transport van duurzame energie, bijvoorbeeld koude-warmteopslag of zonne-energie. De gebiedsagenda bevat verder als hoofdpunten een ecologisch gezond IJsselmeergebied en het IJsselmeergebied als zoetwaterbron. Op basis van deze gezamenlijke gebiedsagenda werken de provincies rond het IJsselmeergebied samen met het Rijk aan de Nationale Agenda IJsselmeergebied 2050. Het IJsselmeergebied beslaat het IJsselmeer en Ketelmeer, Markermeer-IJmeer, Gooimeer, Eemmeer, het Zwarte Water en de Randmeren. Het gebied beslaat zes provincies: naast Fryslân, Overijssel, Flevoland en Noord-Holland ook Gelderland en Utrecht.  
 
 

Waterplantenproblematiek IJmeer en Markermeer

1 november 2017
Ook dit jaar was er weer veel overlast van waterplanten, misschien nog wel erger dan de jaren voor 2017. In de Randmeren is het Watersportverbond samen met o.a. Coöperatie Gastvrije Randmeren, Sportvisserij Nederland en HISWA Vereniging al enige tijd actief om de overlast van waterplanten tegen te gaan. Stichting Maaien Waterplanten Randmeren, een stichting speciaal in het leven geroepen door het Watersportverbond en HISWA vereniging, koopt jaarlijks bij beroepsvissers capaciteit in om het maaien met vissersboten uit te voeren. Ondanks het maaien klaagden waterrecreanten over de overlast op het Gooimeer. Ook op het IJ- en Markermeer en zelfs op het Alkmaardermeer en de Belterwijde was de overlast aan waterplanten dit jaar groot te noemen. Op maandag 25 september kwamen in Marina Muiderzand diverse mensen van jachthavens en watersportverenigingen uit IJmeer- en Markermeergebied bijeen om de ervaringen van dit jaar met elkaar te delen en na te denken over een mogelijk succesvolle strategie, voor de korte en de lange termijn. Net als bij de Randmeren is op waterkaarten van het gebied tussen Noord-Holland en Flevoland exact ingetekend waar welke gebruiker (wedstrijdzeiler, kitesurfer, toervaarder, etc.) dit jaar overlast heeft gehad. Naast vertegenwoordigers van het Watersportverbond en de Coöperatie Gastvrije Randmeren waren er ook vertegenwoordigers van havens en verenigingen uit Muiderzand, Muiden, Durgerdam, Monnickendam en Hoorn bij de bijeenkomst aanwezig. Alle opmerkingen worden door het Watersportverbond verwerkt tot één kaart die zal worden besproken met andere gebruikers van het gebied, o.a. sportvissers, reddingsbrigades, beroepsschippers, natuurorganisaties en genoemde provincies. Het doel is om voor 1 december 2017 een vergunning aanvraag in te dienen, op basis van de wensen van de havens en verenigingen, voor het maaien in de zomer van 2018. Meer informatie van het Watersportverbond over de overlast van waterplanten is hier te vinden. Als uw watersportvereniging of jachthaven mee wil praten, stuur dan een mail naar waterplanten@watersportverbond.com.
 
 

Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk zet een belangrijke stap in samenwerking rond het IJsselmeergebied

1 november 2017
Deze maand ondertekenden de directeuren van Het Flevo-landschap, It Fryske Gea, Landschap Noord-Holland, Waddenvereniging, Natuurmonumenten, Sportvisserij Nederland en Staatsbosbeheer een samenwerkingsovereenkomst van ‘Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk’. Vanuit deze samenwerking zetten zij zich actief in voor een gezond en vitaal IJsselmeergebied. Samenhangende aanpak voor het IJsselmeergebied Midden in Nederland ligt het IJsselmeergebied, met zijn karakteristieke polders, dijkzones en groot open water. In de tijd van de Zuiderzee was dit het kloppend hart van Nederland, met een goede visstand en een bloeiende handelsvaart. Door de aanleg van de Afsluitdijk en de inpoldering heeft het IJsselmeer te kampen met een aantal ecologische problemen. Bijvoorbeeld een slechte visstand, waardoor voedselgebrek voor diverse soorten watervogels dreigt. De functie van het IJsselmeer als trekvogelroute komt hierdoor in gevaar. De samenwerkende partijen zien het als een uitdaging om zowel de ecologische waarden als het economische potentieel van het voormalig Zuiderzee gebied te versterken. Projecten als de Vismigratierivier in de Afsluitdijk en de aanleg van Marker Wadden zijn daar goede voorbeelden van. Een gezamenlijke agenda De Coalitie Blauwe Hart wil echter meer en heeft hiervoor een gezamenlijke agenda opgesteld Het gebied als één geheel benaderen. Meer samenhang creëren tussen beleidsplannen van Rijk, gemeenten, provincies en waterschappen. Het gebied te beschermen door economie en recreatie in balans te brengen met het ecosysteem. Behoud van de ruimtelijke kwaliteiten Het verbeteren van de visstand. Meer openingen in de Afsluitdijk (vismigratierivier) en Houtribdijk; nieuwe paaiplaatsen en minder druk van de beroepsvisserij. Het verbinden van land en water. Stimuleren natuur en recreatie met zachte overgangen als rietzones en oeverdijken en een meer natuurlijk waterpeil. Het creeren van meer bekendheid en aandacht voor Het Blauwe Hart ende waarde voor Nederland. Beleving van de rijke cultuurhistorie en natuur voor recreanten.   Wensenkaart Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk wil de expertise, kwaliteiten en netwerk van alle partners bundelen en effectief inzetten.  Het vertrekpunt hiervoor is de wensenkaart voor een gezond en vitaal IJsselmeergebied voor nu en later.
 
 

Spetterende belevenissen in het Waterloopbos

28 oktober 2017
Zaterdag 21 oktober organiseerde Rijkswaterstaat in samenwerking met Natuurmonumenten en Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk allerlei activiteiten rond bezoekerscentrum Waterloopbos. Ruim 100 kinderen en hun (groot)ouders kwamen in het kader van de Week van ons Water de natuur en het water beleven. Waterdiertjes zoeken, vissen vangen, boogschieten, watergoot bouwen, kortom: er was van alles te doen en te beleven. Vele kinderen deden mee aan het stoere spel Expeditie Robinson. Zij bouwden een brug of deden mee aan de eetproef met natuurlijk lekkere beproevingen, maar ook wel een sprinkhaan of meelworm. Volwassenen gingen mee op excursie naar Gemaal Smeenge, welke speciaal voor deze dag geopend was. Tijdens de Week van ons Water vragen de waterpartners aandacht voor het werk aan ons water: zoals de bescherming van het water om ons heen en de zorg voor voldoende en schoon water. Initiatiefnemers Rijkswaterstaat, Natuurmonumenten en Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk vragen aandacht voor de ecologie in het IJsselmeergebied als het Blauwe Hart van Nederland en maken zich samen sterk voor het belang van natuur en water in dit gebied.
 
 

Gedeelde Werkelijkheid

18 oktober 2017
Visstand en visserij in het IJsselmeer en Markermeer: Met de visstand en de visserijmogelijkheden in het IJsselmeer-Markermeer is het al lang niet best gesteld. Een eensluidende mening over de oorzaken ontbrak echter. De Stichting Transitie IJsselmeer heeft het initiatief genomen om te komen tot een gemeenschappelijke feitenbasis. Wetenschappers, maatschappelijke organisaties en beroepsvissers delen nu ‘de werkelijkheid’ over het wel en wee van de visstand en de visserij in onze grootste binnenwateren. Met de visstand en de visserijmogelijkheden in het IJsselmeer-Markermeer is het al lang niet best gesteld. Een eensluidende mening over de oorzaken ontbrak echter. De Stichting Transitie IJsselmeer heeft het initiatief genomen om te komen tot een gemeenschappelijke feitenbasis. Wetenschappers, maatschappelijke organisaties en beroepsvissers delen nu ‘de werkelijkheid’ over het wel en wee van de visstand en de visserij in onze grootste binnenwateren. In de periode 1980- 2016 is de visstand in beide meren duidelijk veranderd. Op basis van data uit monitoring is voor het IJsselmeer de vangst per inspanningseenheid (van de zes meest algemene soorten) grofweg gedaald van circa 250 kilo per hectare naar ongeveer 90 kilo per hectare. Voor het Markermeer daalde de biomassa van circa 150 naar 40 kilo per hectare. Ofwel een daling van de biomassa van circa 70 procent. Snoekbaars had voor 1980 een wat betreft biomassa goed ontwikkeld bestand, daarna trad een sterke daling op. Het bestand schommelt in recente jaren, maar deze schommeling speelt zich af op een veel lager niveau dan in de jaren 70. Spiering is sinds het einde van de jaren 80 sterk afgenomen; voor baars, blankvoorn en brasem geldt dat sinds het begin van de jaren 90. Sinds 2006 is het brasembestand tot een zeer laag niveau gedaald. Klik hier voor het hele artikel. Klik hier voor het volledige rapport.   Bron: www.sportvisserijnederland.nl
 
 

Informatiecentrum Afsluitdijk verwelkomt 10.000ste bezoeker

9 oktober 2017
Ferrial Sofyan, voorzitter van het bestuur van de Indonesische hoofdstad Jakarta, is de 10.000ste bezoeker van het tijdelijke informatiecentrum ‘De Afsluitdijk, nieuwe verhalen’ op Kornwerderzand. De heer Sofyan werd feestelijk onthaald. Sinds de opening in april 2016 komen mensen vanuit de hele wereld naar het informatiecentrum op de Afsluitdijk. Naast bloemen en een boek, kreeg Sofyan een arrangement voor vier personen aangeboden voor het Afsluitdijk Wadden Center dat in maart 2018 haar deuren opent. De voorzitter was met leden van het stadsbestuur op bezoek om te leren over de Afsluitdijk, het waterbeheer en de Vismigratierivier. In Jakarta zijn ze bezig plannen te ontwikkelen om het land te beschermen tegen de stijgende zeespiegel als gevolg van klimaatverandering. Wereldwijd De komende jaren werken Rijkwaterstaat en regionale overheden, samenwerkend als De Nieuwe Afsluitdijk, aan de dijk. In het informatiecentrum worden bezoekers van over de hele wereld ontvangen. Ook scholen, overheden en bedrijven, vinden hier informatie over het verleden, heden en toekomst van de Afsluitdijk. Het informatiecentrum is sinds april 2016 gemiddeld twee dagen per week geopend. Vanaf 1 november 2017 is het informatiecentrum nog één dag per week open voor bezoek op woensdag van 10.00 tot 17.00 uur. Afsluitdijk Wadden Center Vanaf maart 2018 wordt het nieuwe Afsluitdijk Wadden Center dé plek waar bezoekers de verhalen van de Afsluitdijk kunnen beleven. Deze publieksattractie met educatief karakter en horecavoorziening vervangt vanaf het voorjaar 2018 het tijdelijk informatiecentrum. In het Afsluitdijk Wadden Center ervaren bezoekers onder andere het verhaal van de Afsluitdijk, UNESCO Werelderfgoed De Waddenzee, de Vismigratierivier en het IJsselmeer. Verder biedt het Afsluitdijk Wadden Center prachtige uitzichten over het water, het landschap en de dijk. Het Afsluitdijk Wadden Center is gratis toegankelijk.
 
 

Grootschalige oefening op het IJsselmeer

4 oktober 2017
Er was volop drukte op en rondom het terrein van het KNRM-station Urk en Rijkswaterstaat op Urk zaterdag 23 september. Op het IJsselmeer, vlakbij de Ketelbrug en Urk, vond een rampenoefening plaats waar KNRM Urk en bijna alle andere hulpdiensten aan meededen. Voor de oefening werd een aanvaring tussen twee schepen in scene gezet. De fictieve aanvaring tussen de Zeeleeuw, van Kapitein Maritiem uit Urk, en het ‘blauwe kegelschip’ Eemstroom leverde enkele zware en minder zware gewonden op. Er was een beginnende brand aan boord van de Zeeleeuw en er waren personen te water geraakt. Ook twintig cilinders, gevuld met een onbekende substantie, lagen in het water. Tot slot had één van de bemanningsleden sabotage aan de voortstuwingsinrichting van de Eemstroom gepleegd. De politie mocht de tanden zetten in dit laatste probleem. Naast de KNRM van Urk en Lelystad namen onder andere de brandweer van Urk en Marknesse, GGD, SAMIJ, Nederlandse Kustwacht, Kapitein Maritiem, HEBO Maritiem Service, Politie en Rijkswaterstaat deel aan deze groots opgezette oefening.  
 
 

Vlissinger zwemt het IJsselmeer over

4 oktober 2017
Vlissinger Jan Brink zwom zondag samen met zijn vrienden Bob de Vries, Joan Mudde en Johan Remmits heen en weer tussen Medemblik (Noord-Holland) en Stavoren (Friesland). Dat deden ze in estafettevorm. Elk half uur sprong één van hen het water in om verder te zwemmen en zo het IJsselmeer heen en terug over te steken. Ze deden bijna tien uur over de tocht van ruim 44 kilometer. Brink is een bekende zeezwemmer. Zo won hij vorig jaar de eerste editie van de Breskensbeker. Dat is een zwemwedstrijd over ruim zeven kilometer langs de kust van West-Zeeuws-Vlaanderen. De andere drie zijn ook ervaren zeezwemmers. Brink: ,,We komen elkaar altijd bij wedstrijden tegen. Na afloop van een wedstrijd ontstond het idee om dit te doen.” Het IJsselmeer overzwemmen is hét grootste doel wat zwemmers in Nederland kunnen bereiken. Deze zomer worden er oversteken tussen de beide havens gehouden onder de naam Sport-Active IJsselmeer Challenge, zowel individueel als in estafettevorm. https://youtu.be/kjGLRii1CFc
 
 

Technasium scholieren aan de slag met Marker Wadden

4 oktober 2017
Hoe kun je middelbare scholieren interesseren in geo-informatie en complexe projecten zoals Marker Wadden? Een computerspel biedt mogelijk uitkomst. De komende 14 weken werken 120 leerlingen van 2 middelbare scholen aan nieuwe, innovatieve ideeën voor een 2e eilandengroep in het Markermeer of een verbeterde versie van de huidige Marker Wadden. Rijkswaterstaat en Natuurmonumenten werken in het Markermeer aan een van de grootste natuurprojecten van West-Europa: Marker Wadden. Zij leggen nieuwe eilanden aan waar vogels, vissen en planten de kans krijgen zich te vestigen. De aanleg van dit natuurgebied biedt kansen voor nieuwe kennis en innovatie. Die gaan de leerlingen van het Technasium van Scholengemeenschap Lelystad en het Technasium van het Almere College uit Dronten ontdekken. Woensdag 20 september vond in Lelystad de presentatie plaats van dit project dat voortkomt uit het Kennis- en Innovatieprogramma Marker Wadden. Programmamanager Wiegert Dulfer van Rijkswaterstaat is hoopvol over de samenwerking: 'Door jongeren in een zo vroeg mogelijk stadium voor zulke projecten te interesseren, investeren wij ook in onze toekomst', zegt hij. 'Wij hopen hiermee hun interesse en betrokkenheid zodanig te wekken dat zij gaan kiezen voor het werken met geo-informatie.' Minecraft De opdracht aan de scholieren luidt kortgezegd: pas de ‘building with nature-filosofie’ nogmaals toe voor het ontwerp van een 2e eilandengroep in het Markermeer en kom daarbij met nieuwe creatieve en innovatie ideeën op het gebied van natuur, energie en recreatie. Een groep leerlingen gaat de komende weken in Minecraft, een spel waarin werelden gebouwd kunnen worden, aan de slag met data van Rijkswaterstaat en Deltares over stroming, wind en waterdiepte. Via een website downloaden ze de Rijkswaterstaat-infrastructuur in Minecraft. De Technasium-scholieren moeten met innovatieve ideeën komen op het gebied van natuur, recreatie en energie. Dulfer: 'De groepen waren enorm geïnteresseerd; er was veel interactie. Zij waren duidelijk goed voorbereid en hadden heel veel, maar ook goede vragen.' De leerlingen zelf kijken ernaar uit om echt te beginnen en zien het ook als een uitdaging: 'Het is een leuke opdracht, waarbij wij veel zelf moeten bedenken', zegt Zoë de Roode van de Scholengemeenschap Lelystad. Haar schoolgenoot Luuk Kapteijn vult aan: 'Het is erg interessant om de opdracht vanuit het oogpunt van de opdrachtgever te bekijken.' De ambitie van Rijkswaterstaat is het verstevigen van de relatie met de kennisinstituten om de denkkracht van de universiteiten beter te richten op onder meer kennisontwikkeling. Rijkswaterstaat en het SPINlab van de Vrije Universiteit Amsterdam begeleiden de jongeren bij deze opdracht. Medio december presenteren de leerlingen hun adviezen en hun bedachte eilanden.
 
 

Deltaplan Ruimtelijke Adaptie

4 oktober 2017
De Deltacommissaris presenteerde vandaag voor het eerst het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie. Daarin staat dat gemeenten voor 2019 een verplichte stresstest moeten uitvoeren om wateroverlast te voorkomen. Ook vraagt de Deltacommissaris het nieuwe kabinet om jaarlijks een fors bedrag toe te voegen aan het Deltafonds. In de begroting van het demissionaire kabinet is (nog) geen geld gereserveerd voor de uitvoering van het nieuwe Deltaplan. Uit de presentatie van het Deltaprogramma 2018 blijkt dat het rijk een kader schetst, maar dat de gemeenten het deltaplan moeten gaan uitvoeren. Voor gemeenten is met name een juiste uitvoering van een brede riooltaak van belang, zodat er in de bebouwde omgeving meer water kan worden opgevangen. Extra geld nodig Minister Schultz van Infrastructuur en Milieu en Deltacommissaris Wim Kuijken zijn voor extra financiering van het Deltafonds aangewezen op het nieuwe kabinet. De boodschap van de Deltacommissaris is klip en klaar. Voor de uitvoering van het Deltaprogramma is extra geld nodig. Naast een investering in het nieuwe Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie is het volgens hem nodig om extra geld te reserveren voor rivierverruimingen en zoetwatermaatregelen. Op Koers? De Deltacommissaris houdt er rekening mee dat dat ook de voorspelde zeespiegelstijging sneller gaat dan eerder werd verwacht. Het Deltaprogramma 2019 zal de mogelijke impact van de versnelde zeespiegelstijging daarom concreter in beeld brengen. In het Deltaprogramma 2018 wordt voor de eerste keer volgens de methodiek van ‘Meten Weten Handelen’ over de voortgang gerapporteerd. Hierbij volgt het Deltaprogramma nauwgezet of externe ontwikkelingen – bijvoorbeeld in het klimaat of sociaaleconomische omstandigheden – aanleiding geven om van richting te veranderen of om vast te stellen dat het Deltaprogramma nog ‘op koers’ ligt. Adaptief Het Deltaprogramma volgt een adaptieve strategie. Op basis van de klimaatverandering worden maatregelen genomen om droge voeten te houden. Of de versnelde klimaatverandering aanleiding geeft tot versneld ingrijpen in het hoofdwatersysteem is nog niet duidelijk.
 
 

Landschap is belangrijker dan je denkt

4 oktober 2017
Nederland is beeldschoon. Maar de standaard uitdrukking op momenten dat we onder de indruk zijn van ons landschap? 'Ik waan me even in het buitenland.' Natuurjournalist Caspar Janssen schreef het op zijn tocht door Friesland. Wie er op let, hoort het voortdurend. In Frankrijk staan elke vijftig kilometer trotse borden die de voorbijganger wijzen op het lokale landschappelijke schoon en cultureel erfgoed. De Engelsen koesteren hun 'areas of outstanding beauty' met een ragfijn web van boerenlandpaden. En iedereen heeft weleens één van de magnifieke Nationale Parken in Amerika bewonderd, met eigen ogen of op film. Onze landschappen zijn het fundament van onze samenleving. Hoe anders is het gesteld met onze Nederlandse landschappen, we gaan er vaak achteloos mee om. Ze dreigen ons door de vingers te glippen, de bescherming ervan is minimaal. Dat schept problemen die ons allemaal raken. Onze landschappen zijn het fundament van onze samenleving. Zij zijn letterlijk en figuurlijk de grond onder onze voeten, vormen de bodem die ons voedt en bieden ontspanning, rust en ruimte die we nodig hebben. En ze zijn uniek. In de driehonderd kilometer die je nodig hebt om ons land van zuid naar noord te doorkruisen kom je door het Limburgse heuvelland, de Brabantse zand- en heidegronden, rivieruiterwaarden, laagveenmoerassen, veenweidepolders en duinlandschappen. Op zo'n kleine oppervlakte zo'n verscheidenheid aan landschappen, dat zie je nergens ter wereld.   Bron en het gehele artikel: www.volkskrant.nl
 
 

Bodemonderzoek Vismigratierivier

4 oktober 2017
Door de aanleg van de Vismigratierivier Afsluitdijk gaat de bodem flink op de schop, vooral aan de IJsselmeerkant van de Afsluitdijk. Om volgens planning met de realisatie te kunnen starten, is in het afgelopen jaar uitgebreid bodemonderzoek gedaan. ‘Dat is vooral van belang om risico’s uit te sluiten en niet voor verrassingen te komen staan’, zegt Jolies Dortland van MUG ingenieursbureau die het bodemonderzoek heeft begeleid. Waarom bodemonderzoek? Het bodemonderzoek bestond in feite uit drie deelterreinen licht Dortland toe: ‘We hebben onderzoek gedaan naar de aanwezigheid van niet-gesprongen explosieven uit de Tweede Wereldoorlog, er is archeologisch onderzoek uitgevoerd en we hebben milieukundig onderzoek gedaan. ‘Wanneer je gaat graven in een waterbodem en de grond verplaatst, zie je eigenlijk helemaal niet wat je doet’, zegt Dortland. ‘Je bent als het ware geblinddoekt. Juist daarom is het van belang dat je de bodem vooraf goed hebt ‘bekeken’. Dan kom je later niet voor verrassingen te staan die tot vertraging van het project kunnen leiden. Niet blind aan het werk gaan dus. Daarnaast brengen we ook het zoutgehalte van het IJsselmeer in kaart. Met die gegevens kunnen we de situatie van voor en na de aanleg van de Vismigratierivier met elkaar vergelijken.’ Vooronderzoek en opstellen verwachtingenkaart Niet blind aan het werk gaan, geldt overigens ook voor de uitvoering van de verschillende deelonderzoeken zelf, benadrukt Dortland. ‘Alle deelonderzoeken beginnen altijd met een vooronderzoek. Wat is er al bekend uit het verleden? Ten behoeve van het onderzoek naar niet-gesprongen explosieven verzamelen we bijvoorbeeld oude luchtfoto’s en verhalen. Op basis van de vooronderzoeken maken we voor elk deelaspect een zogeheten verwachtingenkaart. Pas daarna starten we met daadwerkelijk veldonderzoek.’ Veldonderzoek: niet gelijk boren of graven In het geval van niet-gesprongen explosieven vindt veldonderzoek in eerste instantie plaats met behulp van een detectieboot met magnetometers. ‘Daarmee kijken we of er iets te vinden is. Ook ten behoeve van archeologisch onderzoek wordt de bodem gescand en wordt een 3D-weergave van de bodem gemaakt. Je gaat niet gelijk graven of boren. Want als er iets ligt van historische waarde, wil je dat natuurlijk niet beschadigen. Milieukundig onderzoek vindt plaats door middel van boringen. Dat levert bodemmonsters op die we vervolgens analyseren en toetsen aan de verschillende normen.’ Iets gevonden? Al met al heeft het bodemonderzoek dat door MUG ten behoeve van de Vismigratierivier Afsluitdijk is uitgevoerd geen verrassende zaken boven water gebracht. ‘De milieukundige kwaliteit van de bodem is redelijk tot goed, we hebben geen duidelijke aanwijzingen gevonden voor de aanwezigheid van bommen en granaten en ook niets van archeologische waarde aangetroffen. Even dachten we een scheepswrak te pakken te hebben. Maar aanvullend onderzoek door duikers met camera’s maakte duidelijk dat het slechts ging om een zijzwaard van een schip zonder archeologische waarde en een ketting. Voor schatgravers is dat misschien enigszins teleurstellend; voor de voortgang van het project is het alleen maar gunstig.’
 
 

Wieringermeer heeft primeur in Europa: eerste kwekerij van Chinese wolhandkrab

4 oktober 2017
De eerste kwekerij van Chinese wolhandkrab in Europa staat aan de Noorderdijkweg in Wieringerwerf. In bassins met zoet water uit het IJsselmeer is het Meromar Seafoods uit Harlingen gelukt deze Aziatische exoot achterdijks te voeden en te laten uitgroeien tot delicatesse voor consumptiedoeleinden. 'We zijn er in geslaagd deze krabsoort onder zo natuurlijk mogelijke omstandigheden voor het eerst in Europa te laten verschalen’, vertelt Ferdinand Seinen van het Friese aquacultuurbedrijf. 'We hebben vier bassins, waar per bassin 3200 krabbetjes ter grootte van een duim in gaan. Die komen uit het IJsselmeer, waar ze in het vroege voorjaar naartoe trekken, en nemen wij af van vissermannen’, licht hij toe. Geëxporteerd Eens in de 25 dagen verschalen ze, na zeven of acht groeistadia zijn ze volwassen en geschikt om te eten. Ze worden vooral geëxporteerd naar Azië, waar ze dol zijn op wolhandkrab. De krabkwekerij is een van de experimenten binnen het project Achteroever Wieringermeer van Rijkswaterstaat, Deltares, Meramar, Zilt Proefbedrijf (Texel) en Sportvisserij Nederland. Sla Op dezelfde locatie (tien hectare) wordt ook gekeken of sla en andere gewassen op ’eilandjes’ in brak water kunnen worden geteeld. Daarbij wordt geëxperimenteerd met inzet van karpers en worden eiwitrijke larven van de tropische vliegensoort Black Soldier Fly gekweekt om vissen en krabben mee te voeren. Dat gebeurt sinds 2015 met een budget van circa 2,8 miljoen euro, onder meer afkomstig uit Europese en provinciale subsidiepotten. Proeftuin 'Alles wat in deze proeftuin gebeurt, grijpt in elkaar’, stelt Roel Doef namens Rijkswaterstaat. 'We zijn eigenlijk bezig met een zoektocht naar manieren om schoon, zoet water dat wordt afgevoerd naar de Afsluitdijk en zout kwelwater in de grond beter te benutten.’ Graanschuur Naast de ’graanschuur’ van Europa kan de Wieringermeer met deze manier van waterbeheer van toegevoegde waarde zijn voor innovatieve aquacultuur en drijvende tuinbouw. Dat hopen zij in deze omgeving met diverse overheden en tal van andere betrokken ondernemers van de grond te trekken. Het project loopt tot eind 2018, dan moet blijken welke onderdelen economisch rendabel zijn. Drijvende tuinbouw 'Per bassin waarin we experimenteren met drijvende tuinbouw zetten we 72 kilo aan vissen uit’, licht Martin Hoorweg van Sportvisserij Nederland toe. De karpers zorgen voor bodemwerking, woelen in de grond, waardoor voedingsrijke stoffen naar boven komen en door de sla kunnen worden opgenomen. Daarnaast bevorderen Karpers de slateelt. Dat bewijst een van de experimenten in de proeftuin aan de Noorderdijkweg. Aalscholvers Bijkomend voordeel van de drijvers of ’eilandjes’ die voor de zilte teelt worden gebruikt, is dat het aalscholverprobleem vermindert. Aalscholvers eten vis weg. Die drijvende constructies waarop de gewassen staan, werken preventief: de vissen zwemmen eronder, vogels kunnen niet bij hun prooi. De karpers en Chinese wolhandkrabben die een bassin verderop worden gekweekt, worden onder meer gevoerd met eiwitrijke larven van de tropische vliegensoort Black Soldier Fly. Die worden in de boerderij bij de proeftuin gekweekt onder kunstlicht/led-lampen. Ontlasting De ontlasting van vissen is een grondstof voor sla. Het afval van de geteelde sla is weer voedsel voor de larven. Net als ander gft-afval, dat van elders wordt aangevoerd en zij afbreken. 'In deze bruisende proeftuin worden allerlei organische, natuurlijke processen verbonden’, aldus projectmanager Henk Senhorst van Rijkswaterstaat. 'Of die projecten of experimenten toekomst hebben, moet blijken en is voor iedereen spannend. De eerste signalen zijn op zich positief.’
 
 

Vissen worden kleiner door klimaatverandering

4 oktober 2017
Omdat er te weinig zuurstof in het water zit, moeten vissen wel stoppen met groeien. Dat schrijven onderzoekers in het blad Global Change Biology. Ze doen in hun paper ook uitgebreid uit de doeken waarom vissen in de toekomst – naar verwachting – tot wel 30 procent kleiner zullen zijn dan nu het geval is. 'Vissen kunnen – omdat het koudbloedige dieren zijn – niet hun eigen lichaamstemperatuur reguleren,' legt onderzoeker William Cheung uit. 'Wanneer de wateren warmer worden, versnelt hun stofwisseling en hebben ze meer zuurstof nodig om hun lichaamsfuncties gaande te houden. En er komt een punt waarop de kieuwen niet genoeg zuurstof kunnen leveren voor een groter lichaam en dan stopt de vis gewoon met groeien.' Groeien Wanneer een vis groeit, neemt ook zijn behoefte aan zuurstof toe. Maar het oppervlak van de kieuwen – die zuurstof binnenharken – groeit niet zo snel als de rest van het lichaam. Een voorbeeldje: als het lichaamsgewicht van een kabeljauw met 100% toeneemt, worden de kieuwen maar 80% (of zelfs minder) groter. En dat wordt een serieus probleem als de omgeving van de vis opwarmt. Want in warmer water heeft de vis – vanwege een versnelde stofwisseling – niet alleen meer zuurstof nodig. Hij heeft ook te maken met een afname van de hoeveelheid zuurstof in het omringende water. Want klimaatverandering resulteert in zuurstofarmere oceanen. Heel concreet komt het op het volgende neer: de kieuwen kunnen minder zuurstof leveren aan het vissenlijf dat toch al veel sneller groeit dan de kieuwen zelf. Uiteindelijk dwingt het de vissen om te stoppen met groeien. Simpelweg omdat ze met het weinige zuurstof in hun omgeving alleen een kleiner lijf draaiende kunnen houden.   Bron: www.sportvisserijnederland.nl
 
 

Start versterking Houtribdijk

4 oktober 2017
Rijkswaterstaat is officieel gestart met de versterking van de Houtribdijk tussen Lelystad en Enkhuizen. Aan weerszijden worden zand en stenen aangebracht. Dat moet gebeuren omdat de dijk niet meer aan de hedendaagse veiligheidsnormen voldoet. 'Wereldprimeur' Aan de Enkhuizer kant van de dijk worden aan weerszijden zandplaten van 150 meter aangelegd. Daarvan zal zo'n 70 meter zichtbaar zijn, de rest loopt onder water schuin af. De zandplaten breken de golven bij harde wind en beschermen zo de dijk. Met deze techniek zijn langs de Nederlandse kust de afgelopen jaren goede resultaten geboekt. Uit een proef bleek dat de techniek ook in binnenwateren kan worden toegepast. Volgens Rijkswaterstaat gaat het om een wereldprimeur. Aan de Lelystadse kant worden voor de versterking van de dijk vooral stenen gebruikt. Dat is nodig, omdat het water aan de Flevolandse kant dieper is. Het is daarom te duur om met zand te werken. Ter hoogte van Trintelhaven wordt Trintelzand aangelegd. Daar kan de natuur zich ontwikkelen. Het gebied wordt 270 hectare groot. Aan de kant van Lelystad wordt een strand aangelegd. De totale kosten van de dijkversterking worden geraamd op 88 miljoen euro. Dijk blijft open De versterking van de dijk moet in 2020 afgerond zijn. Omdat de meeste werkzaamheden op het water plaats vinden, kan de dijk open blijven voor het wegverkeer.   https://youtu.be/XbIHg2b8gR0
 
 

Hoogste punt nieuwe Afsluitdijk waddencentrum

4 oktober 2017
Bij Kornwerderzand is het hoogste punt bereikt van het nieuwe Afsluitdijk waddencentrum. Dat gebouw wordt ruim negen meter hoog. Vanaf het dak kunnen bezoekers uitkijken over het IJsselmeer en de Waddenzee. Volgens de provincie ligt de bouw van het waddencentrum goed op schema. Als dat zo blijft, kan het gebouw eind dit jaar worden opgeleverd. De nieuwe exploitanten kunnen daarna de inrichting voor hun rekening nemen. In maart 2018 volgt dan de opening voor bezoekers. In het Afsluitdijk waddencentrum wordt het verhaal verteld van de geschiedenis van de Afsluitdijk, maar ook de toekomstplannen worden uit de doeken gedaan. Er worden tussen de 60.000 en 100.000 bezoekers per jaar verwacht.
 
 

Ga je mee op expeditie in het Waterloopbos?

2 oktober 2017
Tijdens de Week van ons Water organiseert Rijkswaterstaat in samenwerking met Natuurmonumenten en het Blauwe Hart Natuurlijk leuke activiteiten voor jong en oud. Op zaterdag 21 oktober is er van alles te doen en te beleven in het Waterloopbos: bruggenbouwen, waterdiertjes vangen, paddenstoelen ontdekken, boogschieten, eetproefjes. Door deze expeditie vragen we aandacht voor de ecologie in het IJsselmeergebied als Blauwe hart van Nederland en werken we aan de bewustwording van  het belang van natuur en water. Op Expeditie! Jonge kinderen kunnen op onderwatersafari en allemaal waterbeestjes vangen. Of meedoen aan een vis spel. Vanuit het Bezoekerscentrum zijn er ook verschillende ontdekkingsroutes te bewandelen. Stoere ontdekkingsreizigertjes worden uitgedaagd om mee te gaan op Expeditie Robinson. Onder begeleiding kan je meedoen aan een tocht vol avonturen en ga je bruggen bouwen, boogschieten, een watergoot maken, eetproeven uitvoeren…. “Beleef de natuur en het water in het Waterloopbos”. Voor de volwassen avonturiers staat er een begeleide excursie op het programma. Het waterschap Zuiderzeeland heeft een wandelroute uitgezet vanuit het Bezoekerscentrum naar het Gemaal Smeenge, die zij voor deze dag speciaal hebben opengesteld. Aanmelden kan via www.natuurmonumenten.nl. Het Waterloopbos Dit is een prachtige locatie van Natuurmonumenten waar de schaalmodellen van ruim dertig waterwerken verborgen liggen. De natuur neemt steeds meer bezit van deze schaalmodellen. Het ondiepe, stromende water in de modellen zorgt voor unieke natuur. Het Bezoekerscentrum is het vertrekpunt voor alle activiteiten. Waar en wanneer? Zaterdag 21 oktober 13.30 – 16.30 uur Bezoekerscentrum Waterloopbos, Voorsterweg 36, 8316 PT  Marknesse Week van ons Water Werk aan Ons Water is nooit af. Elke dag weer wordt er hard gewerkt om ons land te beschermen tegen het water om ons heen. En om te zorgen voor voldoende en schoon water. Twee maal per jaar organiseren de waterpartners (*) een Week van Ons Water. Dit najaar worden er in de week van 18 oktober t/m 25 oktober in het hele land activiteiten georganiseerd waarin de beleving van de natuur en het water centraal staan. Samenwerken aan de waarde van water en natuur Initiatiefnemers Rijkswaterstaat (**), coalitie Blauwe Hart Natuurlijk en Natuurmonumenten vragen aandacht voor de ecologie in het IJsselmeergebied als Blauwe hart van Nederland en maken zich samen sterk voor het belang van natuur en water. Het IJsselmeergebied, als Blauwe Hart van Nederland, is ook een Natura 2000 gebied en heeft het moeilijk. Met z’n allen werken we aan een gezond en vitaal IJsselmeergebied voor nu en later!   (* ) Week van ons Water ons water is een samenwerkingsverband van: Waterschappen, waterbedrijven, watermusea, Rijkswaterstaat, provincies, gemeentes, ministerie van Infrastructuur en Milieu, Unie van Waterschappen, Vewin, VNG en IPO. (**) Rijkswaterstaat is voortouwnemer van het beheerplan Natura 2000 IJsselmeergebied, een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden
 
 

Oud-VN-baas Annan houdt toespraak op ‘iconische Afsluitdijk’

13 september 2017
"Ik kan geen betere locatie bedenken die zo symbolisch en inspirerend is om innovatieve oplossingen te promoten rondom water, voedsel en energie dan de iconische Afsluitdijk. Ik hoop dat ik het correct uitspreek." Zo begon Kofi Annan zijn toespraak bij het symposium 'Making Waves'. Het congres over milieu en duurzaamheid is een initiatief van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu en wordt gehouden op de 'Iconic Afsluitdijk', zoals de oud-secretaris general van de Verenigde Naties zei. De hele dag wordt gesproken over innovatieve oplossingen om mondiale problemen aan te pakken. Zoals water, klimaat, gezondheid, voedsel en veiligheid. Sprekers zijn onder andere Kofi Annan, milieuminister Schultz van Haegen en Commandant der Strijdkrachten generaal Tom Middendorp. Ook waterinstituut Wetsus houdt er een presentatie, over hun uitvinding om fosfaat uit het water te halen. De grootste naam is natuurlijk de oud-baas van de VN. Hij is blij dat hij zoveel jonge innovatoren ziet zitten in het publiek. Hij noemt de Afsluitdijk een 'masterpiece of Dutch engineering'. "Jullie ingenieurs beseften al vroeg dat je met de natuur moet werken. In plaats van tegen de natuur door alleen zeewater tegen te houden."
 
 

Waterrecreatie Advies: waterplantenprobleem IJsselmeergebied

13 september 2017
Waterplanten leveren een positieve bijdrage aan de waterkwaliteit en aan de voedselketen. De kwaliteit van het water in kanalen, plassen en meren is eenvoudig af te lezen aan de planten die in het water groeien. Schoon, gezond water willen we allemaal, maar de planten brengen ook overlast met zich mee. Grote delen van het vaarwater in Nederland raken zo onbevaarbaar, vooral voor de pleziervaart. Er zijn verschillende oplossingen om overlast van waterplanten tegen te gaan, maar is er onduidelijkheid over de te nemen maatregelen en welke op korte en lange termijn succesvol zijn. Maaien is kostbaar, beperkt in de omvang en kan op verschillende manieren. Ook is het niet altijd duidelijk wie er verantwoordelijk is voor het probleem. Over het waterplantenprobleem zijn inmiddels verschillende rapporten verschenen. Soms met tegenstrijdige beweringen. Waterrecreatie Advies heeft na een presentatie in het Platform jachthavens IJsselmeergebied geconcludeerd dat er soms achterhaalde gegevens in de rapporten staan. Ook worden er soms bijzondere en tegenstrijdige conclusies getrokken. Verschillende partijen hebben aan Waterrecreatie Advies gevraagd deze informatie in begrijpelijke taal in een rapport samen te vatten. Wat is er werkelijk aan de hand met het waterplantenprobleem en wat is het perspectief op termijn? Het Watersportverbond is blij dat het onderzoek naar het te verwachten overlast van waterplanten IJsselmeergebied is mogelijk gemaakt en dat het rapport inzicht levert in de achtergronden van het probleem. Het rapport geeft op deze manier belangrijke informatie voor het overleg tussen alle betrokkenen. Extra bijzonder is de totstandkoming van het onderzoek en het rapport. Via crowdfunding en door de bereidwilligheid van partijen die niet direct met de problematiek te maken hebben is het onafhankelijke onderzoek gefinancierd.   Bron: www.watersportverbond.nl
 
 

De provincie Noord-Holland coördineert besluiten versterking Markermeerdijken

13 september 2017
De provincie Noord-Holland coördineert de besluiten die nodig zijn voor de vergunningen en ontheffingen voor het project versterking Markermeerdijken tussen Hoorn en Amsterdam. Dit gebeurt op verzoek van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK). In deze fase gaat het om de ontwerpbesluiten die naar verwachting eind dit jaar ter visie worden gelegd voor de formele inspraak. De coördinatieregeling zorgt ervoor dat alle besluiten op tijd en tegelijkertijd klaar zijn. Hierdoor wordt tijd en geld bespaard. Het gaat om de omgevingsvergunning, de vergunning Wet natuurbescherming gebiedsbescherming (Natura 2000), de ontheffing Wet natuurbescherming soortenbescherming (Flora en Fauna) en de ontgrondingenvergunning. Ook het dijkversterkingsplan en de bijbehorende milieueffectrapportage (MER) horen bij de coördinatieregeling. Vervolgprocedure Voor inspraak door belanghebbende legt de provincie alle besluiten over deze vergunningen en plannen eind 2017 ter inzage. Tijdens deze zogenaamde tervisielegging worden meerdere inloopbijeenkomsten georganiseerd. Ook is er periodiek spreekuur in het projectkantoor van de Alliantie Markermeerdijken in Katwoude. Naar verwachting kan de uitvoering van de dijkversterking dan medio 2018 van start gaan. Ook wordt er een toetsingsadvies gevraagd aan de commissie MER. De inspraak op het dijkversterkingsplan en de MER wordt behandeld door het HHNK en de vergunningen door de provincie Noord-Holland. Alleen de ontgrondingenvergunningen wordt behandeld door het ministerie van Infrastructuur en Milieu. Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier versterkt ruim 33 kilometer Markermeerdijken tussen Hoorn en Durgerdam. De dijk is niet stabiel genoeg om ruim 1,2 miljoen Noord-Hollanders te beschermen tegen het water. Samen met partners en omwonenden zoekt het HHNK naar een maatwerk oplossing, passend in het gebied.   Bron: www.rijkswaterstaat.nl
 
 

Plan B voor IJsselmeervisserij

11 september 2017
IJsselmeervissers kopen met plan B tijd om belangrijke maatregelen voor verduurzaming van de visserij door te voeren. Het komende jaar moeten zij de registratie van hun visvangsten aan boord digitaal opslaan en doorgeven. Ook moeten hun schepen uitgerust worden met een ‘track and trace’ systeem. Het is belangrijk dat er een goede registratie komt waarbij de vangstresultaten gekoppeld worden aan de vangstinspanningen. Daarnaast moet de illegale visserij drastisch teruggedrongen worden. De afgelopen maanden werd gesproken over een alternatief plan voor het beheer van de schubvis. Dat plan kwam van visserijvereniging Producentenorganisatie (PO) IJsselmeer, als reactie op het oorspronkelijke plan van Wageningen Marine Research (WMR). In dat plan van WMR werd geadviseerd om de toegestane visserij-inspanning op schubvis te reduceren met 36 procent, wat tot kritiek van veel vissers leidde. In plan B wordt de reductie geschrapt, en worden andere maatregelen geopperd. Zo mag er niet met staande netten worden gevist zonder een vergunning volgens de Natuurbeschermingswet, en wordt het gebruik van ladders - touwtjes die ervoor zorgen dat het net gaat warrelen, waardoor meer vis gevangen kan worden - bij staande netten deels aan banden gelegd. Ook moeten levende karpers worden teruggezet. Recent gestopte staatssecretaris Martijn van Dam (Economische Zaken) meldde in juni al dat hij akkoord was met het alternatief. Wel moest aan twee voorwaarden worden voldaan. Zo moesten leden en niet-leden van PO IJsselmeer instemmen en de visserij eigen controle en handhaving opzetten en financieren. In een brief meldt Van Dam dat PO er in geslaagd is een private overeenkomst te bereiken met leden en niet-leden over plan B. De bevoegde gezagsdragers, waaronder de provincie Fryslân, hebben de Natuurbeschermingswet-vergunning inmiddels gegeven voor 2017/2018. Vissers die het akkoord niet tekenden, kregen die niet. De PO ziet toe op naleving van de maatregelen, naast het reguliere toezicht van onder meer de politie.
 
 

Woudagemaal in Lemmer op volle toeren!

11 september 2017
Wetterskip Fryslân heeft preventief het historische Woudagemaal in Lemmer in werking gezet. Dit vanwege de vele regen van vorige week in Friesland en de verwachte neerslaghoeveelheden komende week, zo meldt het waterschap op zijn website. Het ir. D.F. Woudagemaal is het grootste nog functionerende stoomgemaal ter wereld. De voorbereidingen voor de inwerkingstelling zijn spectaculair. De stoomketels worden opgestookt totdat er voldoende druk is opgebouwd. Het gemaal is dan gedurende korte tijd in een grote stoomwolk (afblazen van de ketels) gehuld, totdat het gemaal daadwerkelijk draait. Friese boezem Het Woudagemaal, dat sinds 1998 op de Unesco-Werelderfgoedlijst staat, moet vanaf vandaag water gaan afvoeren uit de Friese boezem, het stelsel van meren en kanalen in Fryslân. Hiermee wil het waterschap de waterstand tijdelijk verlagen om later deze week meer neerslag te kunnen opvangen. In de loop van deze week is er kans op veel neerslag en zijn de spuimogelijkheden slecht, zo luidt het op de website. De afgelopen dagen viel er veel regen in Friesland. Plaatselijk 90 mm. De poldergemalen draaien op volle toeren om het water af te voeren vanuit de polders naar de Friese boezem. De waterstand in de Friese boezem, die al preventief was verlaagd, loopt daardoor weer op. Ook de bodem is behoorlijk verzadigd en kan weinig regen meer opnemen. In combinatie met de verwachte slechte spuimogelijkheden vindt Wetterskip Fryslân inzet van het Woudagemaal noodzakelijk. Spuien en pompen Wetterskip Fryslân reguleert de waterstand in de Friese boezem door bij veel neerslag water via spuisluizen te spuien naar het IJsselmeer en (via het Lauwersmeer) naar de Waddenzee. Daarnaast pompt het waterschap water met het elektrische Hooglandgemaal (Stavoren) naar het IJsselmeer en met enkele kleinere gemalen (Zwarte Haan en Roptazijl) naar de Waddenzee. Het Woudagemaal wordt nog incidenteel ingezet om het Hooglandgemaal te ondersteunen. Bij hoge waterstanden op zee kan Wetterskip niet spuien en is extra pompcapaciteit nodig. Ook het Woudagemaal pompt water naar het IJsselmeer. Het gemaal is ook te bezoeken! Kijk voor meer informatie op www.woudagemaal.nl.
 
 

Molens in windpark IJsselmeer 10 meter lager

10 september 2017
De nieuwe inspraakronde op de plannen voor een windpark in het IJsselmeer, voor de kust van Makkum  heeft inhoudelijk weinig nieuws opgeleverd. Wel mogen de molenwieken 10 meter lager worden. De tiplaagte van de wieken boven het water was aanvankelijk op 50 meter gesteld ter bescherming van vogels. Maar nu is door het Friese provinciebestuur bepaald dat de wieken niet lager dan 40 meter boven het wateroppervlak mogen reiken. Ook dan zou er geen nadrukkelijk negatief effect optreden voor vogels. Het windpark gebruikt die bepaling niet om de diameter van de wieken groter te maken maar krimpt de mast van de molens 10 meter in. Vijf zienswijzen Een nieuwe inspraakronde was nodig omdat het plan voor het park was aangepast. Daarop kwamen vier zienswijzen van particulieren binnen maar deze gaven geen aanleiding tot aanpassingen. Een vijfde zienswijze, van een collectief van belangengroepen, kwam te laat binnen om nog mee te nemen en is doorgestuurd als beroepschrift naar de Raad van State.
 
 

Riet inzaaien met een hovercraft

5 september 2017
Riet inzaaien met een hovercraft. Het klinkt misschien gek, maar dat gebeurt op dit moment op de opgespoten eilanden van de Marker Wadden voor de Lelystadse kust. Het riet moet er voor zorgen dat het water uit de bodem van de eilanden in het Markermeer wordt onttrokken. Volgens baggerbedrijf Boskalis, dat de Marker Wadden aanlegt, is een hovercraft ideaal voor het zaaien. De bodem is nog erg drassig en met het luchtkussenvoertuig zweef je over de modder.   Boskalis heeft de zaaimethode zelf bedacht. Een andere optie om het riet te zaaien, was met een helikopter. Maar die heeft het bedrijf zelf niet. Daarom is gekozen voor de hovercraft. "Tussen de cabine en de propeller zit een PVC-buis. In de cabine zit dan een bakje waar het riet in gestopt wordt. De propeller zuigt dat aan en verspreidt het over de oppervlakte," legt Willem Kegge van Boskalis uit.   Eerder deze zomer is ook al riet gezaaid en het resultaat is al een beetje te zien. Kleine rietplantjes geven een beetje kleur aan de kale eilandjes. Ook groeit hier en daar al moerasandijvie, doordat pluisjes met zaadjes van die plant er in het voorjaar naartoe zijn gewaaid. Het zijn nu nog plantjes van zo'n 20 centimeter, volgend jaar is de moerasandijvie met zijn gele bloemen nadrukkelijker aanwezig.   Waar Oostelijk Flevoland vroeger wél met een vliegtuig werd ingezaaid met riet, is dat nu dus niet meer het geval. Dat riet werd toen na enige tijd afgebrand. Het gewas op de Marker Wadden wordt niet vernietigd, maar is het een blijvende vegetatie.   https://www.youtube.com/watch?v=LYbMXuyA_rw&feature=youtu.be   Bron: www.markerwadden.nl
 
 

Recreatie- en wedstrijdzwemmers zwemmen voor de vis rond pampus

30 augustus 2017
Zondag 27 augustus organiseerde samenwerkingsverband het Blauwe Hart voor de zesde keer ‘Rondje Pampus’. Op het zonovergoten Pampus sprongen tegen de 250 recreatie- en wedstrijdzwemmers het water in. Zwemmen in open water is genieten van de vrijheid in het water, maar ook om de natuur te beleven. Naast het plezier dat deelnemers ervaren rond het eiland Pampus, vraagt de organisatie met dit zwemevent aandacht voor de waarde van het IJsselmeergebied onder water en vooral de slechte visstand. Winnaars Ook dit jaar meldden zich weer meer recreatie- en wedstrijdzwemmers. Onder perfecte omstandigheden gingen de recreatie- en de wedstrijdzwemmers met elkaar de strijd om de eer aan. Bij de recreatiezwemmers kwamen Jeroen de Zinger en Margriet Bisschoff als snelste zwemmers weer aan land. Bij de wedstrijdzwemmers ging het er hard aan toe. Gerben Bontekoe finishte als eerste man en vlak achter hem kwam Mirjam Belderbos als eerste vrouw binnen. Zwemmen voor het goede doel Elk jaar gaat een deel van de opbrengst van de deelnemers en de sponsors naar een goed doel. Dit jaar wordt het gebruikt voor onderzoek naar de meest optimale paai- en groeiplaatsen rond Marker Wadden, een groot project van Natuurmonumenten in het Markermeer. Met de aanleg van Marker Wadden wordt een zo natuurlijk mogelijke omgeving gemaakt voor opgroeiende vissen. Natuurmonumenten wil samen met Sportvisserij Nederland aan de slag met visbemonstering in de oeverzones en ondiepe watergebieden. Hierbij zetten zij deels in op nieuwe technieken zoals het gebruik van een onderwater drone. Teo Wams, directeur Natuur van Natuurmonumenten kreeg uit handen van voorzitter Joop Bongers van samenwerkingsverband het Blauwe Hart een cheque ter waarde van € 3.540,50 voor dit onderzoek. Een aantal icoonprojecten in het Blauwe Hart van Nederland, zoals de aanleg van Marker Wadden en de Vismigratierivier Afsluitdijk zorgen voor een enorme verbetering van het leefgebied van de vissen. Het Blauwe Hart van Nederland Het IJsselmeergebied als het Blauwe Hart van Nederland is het grootste zoetwatermeer van West-Europa en is een uniek natuurgebied. Een plek waar zwemmers, sportvissers, zeilers en andere recreanten volop van de rust en de ruimte kunnen genieten. En dat moet zo blijven. Samenwerkingsverband het Blauwe Hart bestaat uit verschillende organisaties die zich inzetten voor een gezond en vitaal IJsselmeergebied voor nu en later. Dit samenwerkingsverband bestaat uit de volgende partners: Waddenvereniging, Landschap Noord-Holland, Flevo-landschap, It Fryske Gea, Natuurmonumenten, Sportvisserij Nederland, PWN (aspirant-lid) en Staatsbosbeheer. [unitegallery rondjepampus2017 catid=1]
 
 

Bezoek de Marker Wadden!

30 augustus 2017
De Marker Wadden zijn op 23 en 24 september geopend voor publiek. Op 23 en 24 september kan iedereen kijken en voet aan wal zetten op dit nieuwste stukje Nederland in het Markermeer. Vanuit de haven van Lelystad vaart - alléén op 23 en 24 september - elk uur een veerdienst naar het nieuwe eiland in aanleg. Ook met een eigen bootje kan het publiek dit weekend de bouwlocatie binnenvaren. Aanmelden Om de Marker Wadden te bezoeken moet men zich aanmelden. Voor de veerdienst kan dit via www.markerwadden.nl/expeditie. Als men met eigen boot wil komen is aanmelden verplicht, dit kan via een mail naar expeditie@markerwadden.nl, o.v.v. datum, naam boot, aantal opvarenden en contactgegevens van de schipper. Bezoek aan een uniek project in aanbouw Het publiek kan al een flinke een rondwandeling maken langs de slibcompartimenten. Er zijn vele gidsen aanwezig voor uitleg over het project en de natuurontwikkeling en de vogels. De aanleg van de eilanden is in volle gang en doorgaans afgesloten als bouwlocatie. De aanleg gaat voortvarend de contouren van drie eilanden zijn al te zien vanuit de lucht. Het riet gaat langzaam groeien en vogels hebben de eilanden al massaal ontdekt. Voor het winterseizoen wil Natuurmonumenten samen met Rijkswaterstaat en uitvoerder Boskalis zoveel mogelijk mensen de mogelijkheid bieden om zelf te komen kijken naar dit unieke project. In het kader van het jubileumjaar 50 jaar Lelystad, zal de gemeente ook meewerken met de expeditie naar Marker Wadden. Over Marker Wadden Met de aanleg van Marker Wadden herstellen Natuurmonumenten en Rijkswaterstaat de natuur in het Markermeer. Met zand, klei en slib uit het meer worden paaiplaatsen, eilanden en natuurlijke oevers gemaakt. Bedreigde dieren en planten profiteren daarvan. Met dit project creëren we een robuust natuurgebied dat voor de hele Nederlandse natuur van groot belang is. Op dit moment wordt er hard gewerkt aan de aanleg van de natuureilanden en geldt in het gebied een vaarverbod. In de loop van de zomer van 2018 wordt de haven van het eerste eiland toegankelijk voor het publiek. In 2016 is Boskalis gestart met de eerste fase van Marker Wadden: de aanleg van vijf eilanden. Samen met het onderwaterlandschap zal de oppervlakte hiervan 1000 hectare worden. Natuurmonumenten wil van de Marker Wadden een grote archipel maken van in totaal 10.000 hectare. Het is daarmee een van de grootste natuurherstelprojecten van West-Europa. Marker Wadden worden mogelijk gemaakt door bijdragen uit het Droomfonds van de Nationale Postcodeloterij en Natuurmonumenten. Vanuit de overheid dragen het ministerie van Economische Zaken, Ministerie van Infrastructuur & Milieu, provincie Flevoland en provincie Noord Holland bij aan het realiseren van eerste fase Marker Wadden. Ook zijn enkele maatschappelijk organisaties en het bedrijfsleven betrokken.
 
 

Eerste editie IJsselmeerchallenge een feit

28 augustus 2017
Zondag 27 augustus vond de eerste editie van de IJsselmeer Challenge plaats, een toertocht waarbij deelnemers zoveel mogelijk geld ophalen voor sporters met een handicap. Leden uit het team Sterrenfietsen als Frits Barend en Nicolien Sauerbreij fietsten ook mee om zo aandacht te vragen voor het feit dat sporten nog steeds niet voor iedereen vanzelfsprekend is. Dat meldt Fonds Gehandicaptensport. Ruim 250 deelnemers hebben al fietsend heel wat kilometers afgelegd voor sporters met een handicap. Deelnemers konden kiezen uit afstanden tussen de 50 km en 250 km en fietsten met elke route langs of rond het IJsselmeer. De eerste deelnemers vertrokken rond zes uur ’s ochtends en de laatste deelnemers arriveerden weer in Lelystad rond acht uur ‘s avonds. Esther Crombag, voormalig Nederlands Kampioene op de tandem, fietste samen met Nicolien Sauerbreij de IJsselmeer Challenge om te laten zien hoe belangrijk sport is voor mensen met een handicap. Esther werd op 11-jarige leeftijd van de ene op de andere dag volledig blind en heeft dankzij sport haar blindheid beter kunnen accepteren en haar passie voor fietsen gevonden. Nicolien en Esther vormden tijdens de IJsselmeer Challenge een team op de tandem waarbij Nicolien Esther mee liet kijken met haar ogen door zoveel mogelijk te beschrijven van wat ze zag. Ruim 250 enthousiaste wielrenners hebben zich vol toewijding ingezet voor sporters met een handicap om met elkaar zoveel mogelijk geld op te halen. Er is tot nu toe ruim 24.000 euro opgehaald en mensen kunnen nog doneren tot en met 15 september op www.ijsselmeerchallenge.nl. Alle donaties worden geschonken aan Fonds Gehandicaptensport zodat sport voor iedereen vanzelfsprekend kan worden. Kijk hier voor meer informatie.
 
 

Brochure ‘aandacht voor de natuur’

17 augustus 2017
Wat is de relatie tussen project Afsluitdijk en de natuur? Hoe wordt er tijdens de werkzaamheden aan de dijk en in de definitieve situatie rekening gehouden met de flora en fauna? Dit is samengevat in de brochure 'aandacht voor de natuur'. De Afsluitdijk is een natuurlijke leefomgeving van veel soorten planten en dieren en beschikt over een aantal ecologische kernkwaliteiten: De Afsluitdijk vormt een ecologische verbindingszone. Hoewel de Afsluitdijk zelf geen natuurgebied is, grenst hij aan twee Natura 2000-gebieden. Daarom beschouwen we de Afsluitdijk niet ‘slechts’ als een steenverharding, maar als onderdeel van een groter ecologisch systeem. De Afsluitdijk biedt spontane natuur op een kunstmatige structuur. Het natuurvriendelijke karakter van het dijkprofiel, de open structuur van stortsteen en basalt en grote oppervlaktes grasland bevorderen deze ontwikkeling. De Afsluitdijk brengt luwte in een dynamisch milieu waar weer en wind vrij spel hebben. In de plannen voor de versterking van de Afsluitdijk respecteren we deze bijzondere kwaliteiten. Daarnaast bepaalt de Wet Natuurbescherming dat we rekening moeten houden met beschermde soorten en Natura 2000-gebieden. Zowel tijdens de renovatiewerkzaamheden als in de nieuwe situatie, wanneer de Afsluitdijk klaar is. In deze brochure laten we zien om welke soorten het gaat en welke maatregelen we hiervoor treffen. Lees hier meer over het bestellen of downloaden van de brochure.
 
 

Icoon Afsluitdijk kweekt lichtgevende algen

17 augustus 2017
Iconisch is het, de 32 kilometer lange dijk die Nederland al sinds 1933 beschermt tegen het water. Met het project Icoon Afsluitdijk probeert de overheid de dijk op recreatief gebied aantrekkelijker te maken. Bovendien is het gestelde doel van het Rijk dat de dijk in 2022 volledig energieneutraal moet zijn. Een doel waar dit kunstwerk op aansluit. Tijdelijke en permante projecten, bedacht door Studio Roosegaarde, vertegenwoordigen functies van de dijk, zoals waterbescherming, erfgoed, energie en mobiliteit. Zo wordt er op een speciale manier een verbinding gemaakt tussen de mens en het landschap. Het begon met Waterlicht in 2016. Een lichtinstallatie die de rol die de dijk speelt bij de bescherming tegen het water moest symboliseren. Een soort van Noorderlicht werd getoond door middel van de nieuwste LED-technologie, software en lenzen. Windvogel [JB1] is het volgende project. Vliegers die energie op kunnen wekken zullen boven de dijk komen te hangen. Aan deze vliegers zitten kleine LED-lampjes, zodat ze goed te zien zijn. De vliegers vliegen op 120 tot 300 meter hoogte en door te vliegen, wordt er energie opgewekt. Een dynamo genereert elektriciteit, die 400 huishoudens daarvan kan voorzien. Dit om de Afsluitdijk innovatiever en groener te maken. Om de kracht van de natuur als bron van energie en lichten als nieuwe energieoplossing voor de steden van morgen te representeren, kwam het project Glowing Nature. Studio Roosegaarde kweekt hierbij een van de oudste micro-organismen, lichtgevende algen. Als deze algen in beweging komen, geven ze licht. De bezoeker mag deze dan ook aanraken, om zo licht te creëren. Lichtpoort is het enige project dat er permanent zal blijven. De sluisgebouwen, die er al sinds 1932 staan, worden bedekt met reflecterende strips. Hierdoor geven ze alleen licht als de koplampen van auto’s erop schijnen. Er is dus geen sprake van een toename in lichtvervuiling.
 
 

Eerste flessenpost bereikt Marker Wadden

17 augustus 2017
Afgelopen weekend spoelde op Marker Wadden voor het eerst flessenpost aan. Boswachter André Rijsdorp van Natuurmonumenten vond op het strand van het eiland een fles met daarin de brief van een Duitse schoolklas. Voor hun studiereis aardrijkskunde bezochten de leerlingen Nederland en maakten daarbij een zeiltocht over het Markermeer. De school was wegens de zomervakantie niet bereikbaar, maar had een verslag van de zeiltrip op hun website staan. Als het eerste eiland straks afgerond is, ontvangt Natuurmonumenten de klas graag een keer op Marker Wadden! Over Marker Wadden Met de aanleg van Marker Wadden herstellen Natuurmonumenten en Rijkswaterstaat de natuur in het Markermeer. Met zand, klei en slib uit het meer worden paaiplaatsen, eilanden en natuurlijke oevers gemaakt. Bedreigde dieren en planten profiteren daarvan. Met dit project creëren we een robuust natuurgebied dat voor de hele Nederlandse natuur van groot belang is. Nog niet toegankelijk Op dit moment wordt er hard gewerkt aan de aanleg van de natuureilanden en geldt in het gebied een vaarverbod. In de zomer van 2018 wordt de haven van het eerste eiland toegankelijk voor het publiek. In 2016 is Boskalis gestart met de eerste fase van Marker Wadden: de aanleg van vijf eilanden. Samen met het onderwaterlandschap zal de oppervlakte hiervan 750 hectare worden. Natuurmonumenten wil van de Marker Wadden een grote archipel maken van in totaal 10.000 hectare. Het is daarmee een van de grootste natuurherstelprojecten van West-Europa. Met dank aan Marker Wadden worden mogelijk gemaakt door bijdragen uit het Droomfonds van de Nationale Postcodeloterij, Natuurmonumenten, de Rijksoverheid, de provincies Flevoland en Noord-Holland.
 
 

Gaan de visdieven weer eens een goed jaar beleven?

17 augustus 2017
Het IJsselmeergebied is in potentie een prachtig vogelgebied. Maar het ontbreekt aan ondieptes en natuurlijke overgangen. Ook de aansluiting van vissen met de Waddenzee en het binnenland laat te wensen over. Vogelbescherming, Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer hebben daarvoor de handen ineen geslagen en onderzoeken het broedsucces van visdieven in het IJsselmeergebied. Jarenlang hield het broedsucces van de visdief in en om het IJsselmeer niet over. Daarom doet Vogelbescherming Nederland in samenwerking met andere natuurorganisaties onderzoek naar deze fraaie sternsoort. We onderzoeken kolonies in Wieringermeer, De Kreupel, de sluizen van Lelystad, de Marker Wadden en een eiland in het Eemmeer. Op de Kreupel (2500) en Marker Wadden (1800) bevinden zich de grootse kolonies. Elders zijn de aantallen veel kleiner met enkele tientallen tot ongeveer 175 paar op een fraai nieuw eiland in het Eemmeer. Twee geboortegolven In de afgelopen jaren was het broedsucces meestal slecht, maar dit jaar zijn de eerste indrukken goed. Er zijn duidelijk twee reproductiegolven. Vanaf mei vestigden zich veel visdieven en in de loop van juni volgde een tweede ‘golf’ legsels. Wellicht omdat op 7 juni een storm over Nederland raasde en vele visdiefparen hun nesten verloren. Op de Marker Wadden kwamen diverse nesten onder het zand. Van de eerste golf zijn de eerste jongen al vliegvlug, terwijl die van de tweede golf begin juli uitgekomen zijn. De komende weken zal blijken of deze jongen ook voldoende vis krijgen en of er wezenlijke verschillen in broedsucces zijn tussen de kolonies. Visdief is een ambassadeur Als visdieven veel jongen kunnen grootbrengen weten we dat er veel kleine jonge vis aanwezig is, bijvoorbeeld spiering in het diepe water of jonge witvis in de ondiepe zones langs de oever. Daarvoor zijn onderzoekslocaties van noord naar zuid in diepe en ondiepe delen van het gebied gekozen. We hopen er zo achter te komen waar het goed of slecht gaat met visdieven en wat we kunnen verbeteren. De visdief is daarbij een fijne ambassadeur voor een natuurlijker IJsselmeer. Als het goed gaat met visdieven, gaat het ook goed met andere watervogels als futen, nonnetjes, zwarte sterns en grote zaagbekken. Visdiefjes broeden op kale eilanden die van nature thuishoren in zoetwaterwetlands met veel dynamiek. Ze eten kleine vis die volop aanwezig zou moeten zijn in een natuurlijk zoetwatermeer dat aansluit op de zee en rivieren. Instant succes in het Eemmeer Met veel sterns in ons land, waaronder de visdief, gaat het niet goed. Vogelbescherming werkt daarom, mede dankzij de financiële steun van de Stern Groep, aan het herstellen van broedeilandjes in voedselrijke gebieden. Sterns houden van onbegroeide maar voldoende hoge eilanden, zandplaten en strandjes, bij voorkeur moeilijk bereikbaar voor predatoren en recreanten. Soms komt natuurbeschermingssucces snel. Eind 2016 hebben Vogelbescherming en Natuurmonumenten drie dichtbegroeide eilandjes in het Eemmeer weer geschikt gemaakt voor broedvogels als de visdief. Het was een instant succes: er werden dit jaar maar liefst 175 visdiefnesten geteld, tegen slechts één vorig jaar! Het is daarmee meteen een van de grootste kolonies van de Randmeren.   Tekst en foto's: Vogelbescherming Nederland
 
 

Tjalling Dijkstra, programmamaker De Nieuwe Aflsuitijdk

17 augustus 2017
Tjalling Dijkstra (52) is een rechtdoorzee-Fries en nu al een aantal jaren programmamanager van het samenwerkingsverband De Nieuwe Afsluitdijk (DNA). Een koel hoofd is daar wel nodig. Hij zegt schertsend dat hij vijf werkgevers heeft en dan is er natuurlijk ook nog Rijkswaterstaat. Dijkstra’s werkgevers zijn de provincies Noord-Holland en Friesland en de gemeenten Hollands Kroon, Súdwest-Fryslân en Harlingen. Zij organiseren de funding (250 miljoen) van de projecten rond de Afsluitdijk, die moeten zorgen voor een verbetering van de ecologie én de toeristische aantrekkingskracht. Zijn samenwerkingspartner is Rijkswaterstaat, dat sterke eigen opvattingen heeft over hoe het de 800 miljoen overheidsgeld moet aanwenden in het versterken van de Afsluitdijk. Het is een “uitdagende” samenwerking tussen de Rijksoverheid en lagere overheden, maar het gaat ook over heel oprechte zorg om de waterveiligheid en aandacht voor de regionale economische ontwikkeling. En de clash tussen twee bedrijfsculturen natuurlijk. Om het simpel te houden: Rijkswaterstaat wil vooral de waterveiligheid regelen. DNA wil vooral de regio ontwikkelen. En dat botst soms. Dijkstra ontvangt ons in het kantoor van DNA op Kornwerderzand, waar ook een tijdelijke expositie is ingericht over historie en toekomst van de Afsluitdijk. Dijkstra: “In 2006 begon het project met de minister die zei dat de Afsluitdijk niet langer veilig genoeg was. Er kwam een prijsvraag en vier consortia gingen aan het werk. Dat proces is in 2010 gestrand. De crisis brak uit en er was geen geld voor een grootschalig project. Het Rijk wilde ook weer back to basics. Het moest gaan over waterveiligheid en watermanagement.” De regio protesteerde, zegt Dijkstra, want we hadden immers niet voor niets allemaal leuke dingen bedacht die de economische en ecologische ontwikkeling verder zouden helpen. “Er waren kansen voor de regio en die wilden we ook verzilveren”, aldus Dijkstra. Hele Afsluitdijk gewoon asfalteren Zo was daar ook het nu niet meer te begrijpen idee van Rijkswaterstaat om de hele Afsluitdijk gewoon te asfalteren. Dat zorgt voor een sterke dijk en weinig onderhoud (“geheel overslagbestendig”), vonden de ingenieurs. “Dat was niet zo fijn”, zegt Dijkstra. “We hebben stevig geprotesteerd en Ed Nijpels heeft er nog een advies over afgegeven: de dijk moest vergroenen. Dat hebben we ook vastgelegd.” Dijkstra, diplomatiek: “Ik vermoed dat ze dachten dat al die plannen van ons zouden afleiden van wat nu echt belangrijk was. En dat ze tot vertragingen en risico’s zouden leiden. Waterveiligheid is toch het grootste goed wat we in Nederland hebben en ze wilden niet dat onze plannen dat streven aantastten.” In 2011 is er dan toch een bestuursovereenkomst waarin de regio zijn rol kon spelen. Dijkstra: “Er is toen een afspraak gemaakt dat we tot 2014 de tijd kregen om met projecten te komen die een directe fysieke planologische relatie hadden met de Afsluitdijk. Dat was vrij kort, DNA kreeg 2,5 jaar om met concrete ideeën te komen. Het Rijk was toen al een eind op weg. En zij maken heel fijnmazig hun plannen. Onze projecten waren heel anders: wij hadden wel een goed idee, maar geen concreet projectplan.” Vismortaliteit is issue Het Rijk ontwikkelt ook anders, zegt Dijkstra. “Wij regelen het geld werkende weg”. DNA komt Rijkswaterstaat voortdurend tegen op de dijk. Zo moet een ander loket van Rijkswaterstaat de vergunningen verlenen voor de proeven met bijvoorbeeld energie uit de waterstroom die twee keer per dag uit het IJsselmeer naar de Waddenzee gaat. Dijkstra: “We willen een democentrale met 18 stromingsturbines bouwen bij Kornwerderzand, maar dat blijkt een zwaar traject. Vismortaliteit is hier het issue. Ecologie en duurzaamheid gaan niet altijd samen”. DNA moet aantonen dat de vissen niet fijngemalen worden. Rijkswaterstaat wil daarvoor bewijzen voordat er een vergunning komt. Dijkstra: “Je wilt dat testen, maar dat mag niet want je moet eerst aantonen dat je testfaciliteit geen vissen hindert. Dat is een soort catch22.” De vismigratierivier zorgde ook voor discussie. De dijk moet natuurlijk sterker, maar mag er ook een gat in?, vroeg DNA. Dat lag gevoelig. Het gat alleen al kost 19 miljoen, maar het gehele project ging om versterking. Een gat in de dijk is geen versterking, vond Rijkswaterstaat. De man van DNA wil benadrukken dat het uiteindelijk allemaal wel lukt. Je moet respect hebben voor elkaars rol, zegt hij. “Gelukkig weten we elkaar toch altijd weer te vinden”, zegt Dijkstra. “Terugkijkend hebben we een aantal zaken goed gedaan. We vormden een gezamenlijke stuurgroep en we hebben erop aangedrongen dat Den Haag daar ook in zat. Jan Hendrik Dronkers, de toenmalige directeur-generaal van Rijkswaterstaat, werd voorzitter van de stuurgroep. En dat maakt dingen al een stuk makkelijker. We maken echt wel meters.” Luxe jachten En dan is er nog het vergroten van de sluis en bruggen bij Kornwerderzand. Er zijn veel storingen en de sluis is nu te klein voor de supergrote en luxe jachten die door Feadship en anderen gebouwd worden aan het IJsselmeer. Wim Boogholt, projectleider van de sluis Kornwerderzand en werkzaam voor DNA: “Ook steden als Kampen, Urk en Zwolle hebben belang bij een grotere doorgang. Wij moeten daaraan trekken. Het Rijk gaat het echt niet voor ons doen. Zij zeggen: ‘De bestaande sluis kan qua maatvoering nog tot 2050 mee’. Wij betwijfelen dat. We kennen de belangen van het achterland. Wij willen een nieuwe sluis en bruggen. DNA doet nu de projectvoorbereiding en moet de financiering rond krijgen. Rijkswaterstaat kijkt wel mee en toetst of het voldoet aan de richtlijnen. Onze planvoorbereiding is alleen anders dan die van Rijkswaterstaat. Die van hen is nogal tijdrovend en ingewikkeld. Wij doen dat wat sneller”. De uitkomst is wel dat DNA de bestaande kolk wil gaan verbreden en de bruggen vernieuwen. Maar de financiering is nog niet helemaal rond. Er is 150 miljoen nodig. 30 miljoen is toegezegd door de minister, mits er eind 2017 een sluitende businesscase ligt. Er loopt ook een aanvraag voor Europese subsidie. Regionale overheden hebben al middelen gereserveerd voor de sluis. En de bedrijven in de regio willen ook investeren, maar ze willen wel dat het snel klaar is. Wie de sluis dan gaat bouwen is inmiddels wel helder. Boogholt: “Wij hebben aangegeven dat wij graag de voorbereiding en de uitvoering wilden doen. Rijkswaterstaat gaf echter meteen aan dat zij beheerder en eigenaar zijn en dus zelf een bouwer bij het project zullen zoeken.” Boogholt vervolgt: “Maar wij willen wel een vinger in de pap.” Dijkstra, vult aan: “Regionale economische versterking is natuurlijk niet het primaire aandachtspunt van Rijkswaterstaat, dus wij moeten daar voor vechten. Werken aan waterveiligheid kan zoveel méér opleveren. Dat is het punt van ons verhaal. Gebiedsgericht werken is gewoon niet hun core business. Het is eendimensionaal wat ze doen. Het aanleggen van een weg of waterweg gebeurt maar één keer in de zoveel jaren. Als die kans zich dan voordoet kun je er beter breder naar kijken. Want anders mis je de mogelijkheid om de omgeving te versterken.” Etalage van innovaties Voor het werk dat niet in het contract van Rijkswaterstaat zit (de vismigratierivier met name) moet ook nog een aannemer gevonden worden. Dijkstra denkt wel dat DNA dat goedkoper kan dan Rijkswaterstaat. Hoe dat kan? Hij antwoordt met: “strakkere voorbereiding”, “lagere overhead” en “beter risicomanagement”. Dijkstra: “We willen vooral laten zien dat je nog meer met een dijk kunt doen: de overgang van zoet naar zout water, energieopwekking, toerisme, vismigratie etc. In het buitenland is er veel interesse in die Nederlandse kennis en bouwkunde. We kunnen onze integrale werkwijze exporteren. We willen de etalage zijn van innovaties op en rond een dijk.” En het zou helpen als meer mensen dat zouden begrijpen, zie je hem denken. De plannen van DNA Voor de Afsluitdijk is nooit reclame gemaakt, zegt Tjalling Dijkstra van DNA. “Er is nooit een folder voor gemaakt. En toch komen er per jaar 300.000 mensen. Met de aandacht die wij er nu aan geven kan dat wel naar 400.000”. Wat zijn de trekkers? Er wordt momenteel een Waddencentrum ontwikkeld op Kornwerderzand. Aannemer Dijkstra Draisma is er mee bezig. 18 maart 2018 gaat het open. Met horeca en een aanlegsteiger voor pleziervaart en cruiseschepen. Dit project moet hét centrum voor de Wadden worden. Het monument van Dudok en de directe omgeving krijgt een upgrade en een verdieping in de dijk, want er is nu te weinig ruimte voor meer gasten. Dijkstra: “De uitbater van het monument neemt iedere dag 1000 liter water mee voor de koffie. Er loopt geen kabel over de dijk. Dus er moet nog wel wat aangelegd worden.”  Hij vindt dat het monument voor het korte bezoek is, voor de verdieping moet je naar het Afsluitdijk Waddencentrum. Er is een pilot om met zoet en zout water energie op te wekken. Blue Energy heet het. En er komen fietspaden aan de Waddenzeezijde. Grootste onderdeel is de vismigratierivier, die ervoor zorgt dat vissen uit de Waddenzee naar het IJsselmeer kunnen en omgekeerd. De vismigratierivier kost 55 miljoen. De aannemer die dit gaat maken moet nog worden gekozen.   Bron: www.cobouw.nl
 
 

Michiel Land zwemt in 6.58 uur van Stavoren naar Medemblik

17 augustus 2017
‘Het was fantastisch!’, roept Michiel Land, openwaterzwemmer. Naast coördinator zwemzaken bij het sportcentrum Het Marnix is hij ook actief met zijn eigen bedrijf Topswim. Hier coacht en traint hij triatleten en open water zwemmers. Ook bereidt Michiel deelnemers aan Rondje Pampus voor op 1, 2 of 3 rondjes op 27 augustus! En tussen alle trainingen door, zwemt hij dus ook nog even van Stavoren naar Medemblik. Hij heeft er hard voor getraind en zich goed voorbereid. Op dinsdag 8 augustus was het zover. Samen met zijn begeleiders, Marjon Huibers en Alexander Hulleman, vertrok Michiel om half 9 vanuit Stavoren op weg naar Medemblik. Hij had naar zijn zeggen prima weersomstandigheden. Het water was 19.1 graden, iets te koud voor het jaar, maar het zwemmen ging als een trein. De grootste kick volgens Michiel is toch wel als je echt op open water bent en noch kant, noch wal ziet. Je bent dan overgeleverd aan de stuurmanskunst van je begeleider. ‘Dan is het genieten. Mooie schepen, verschillende golfslagen en op tijd eten en drinken’. ‘Ik heb enorme steun gehad aan mijn begeleiders. We hebben zelfs grappen onderweg kunnen maken’. Op een bepaald moment voelde Michiel dat hij de kracht had om zelfs binnen de 7 uur naar de overkant te zwemmen en is toen nog iets harder gaan zwemmen. Michiel kijkt terug op een mooie zwemtocht en lonkt alweer naar nieuwe uitdagingen.
 
 

Het beste van Nederland: de high-tech-rivier door de Afsluitdijk

17 augustus 2017
Om iets aan het slinkende visbestand in het IJsselmeer te doen, zal Nederland een nieuwe sluis in de Afsluitdijk bouwen die nergens anders in de wereld bestaat. Met het project zal een heel nieuw natuurgebied ontstaan. Nieuws en Co (Radio 1) sprak er over met projectleider Meinard Bos en betrokken ecoloog Roef Mulder. [audio mp3="https://www.hetblauwehart.org/wp-content/uploads/2017/08/62461-radio_1_vistrek.mp3"][/audio] Gat in de afsluitdijk voor migrerende vissen Niet alle vissen zwemmen heel hun leven in oftewel zout oftewel zoet water. Vissen zoals de zalm, en spiering hebben zoet water nodig om in op te groeien of zich voort te planten. In andere levensfases kunnen ze dan weer het beste in zouter water overleven. Voor de paling is het juist andersom. Met de komst van de Afsluitdijk, een van de meest iconische bouwwerken uit de Nederlandse geschiedenis, kregen vooral de vissen die zoet water nodig hebben om zich voort te planten een probleem. Hun toegang tot het zoete IJsselmeer wordt door de dijk geblokkeerd. Er bestaan wel twee grote sluizen waar ze in theorie door kunnen zwemmen. Maar deze zijn niet altijd open. En als ze dat wel zijn (om bij laag tij overtollig water van het IJsselmeer in de Waddenzee te spuiten), is de stroming te sterk. Ook al is de dijk sinds 1932 voltooid, nog altijd vinden de vissen het zoete water dat uit de sluizen komt erg aantrekkelijk. Tegelijkertijd gaat het ook niet goed met het aantal trekvissen in de omgeving. Eén sluis, twee verschillende stromingen De Vismigratierivier is een nieuw Nederlands project die aan deze problemen iets wil doen. Het wordt een nieuw type ecologisch gewenningsgebied dat nergens anders ter wereld bestaat. Een nieuwe sluis zal daarbij in de Dijk worden aangelegd, waarbij alle soorten trekvissen een kans krijgen om tussen de Waddenzee en het IJsselmeer (in beide richtingen) te zwemmen. Het geheim hierachter zijn twee schuiven in de opening die de sterkte van de stroming en het zouttoevoer kunnen regelen. Tegelijkertijd zal de opening een hoofd- en een nevenstroom herbergen. De nevenstroom geeft ook de zwakkere zwemmers de kans om beide gebieden te bereiken. Door verticale schotten die in de nevenstroom geplaatst worden is de stroming er minder sterk en kunnen de vissen al zigzaggend de andere kant bereiken. Nieuw natuurgebied in de maak Maar de Vismigratierivier beperkt zich alleen tot de opening van de Afsluitdijk. In het IJsselmeer zal een nieuw natuurgebied ontstaan waarbij zout en zoet water samenkomen. Dat geeft de vissen de kans om aan de nieuwe wateromgeving te wennen. Tegelijkertijd zal er nieuwe vegetatie kunnen groeien. En op een eiland naast de stroom kunnen vogels ongestoord broeden. De aanlegfase begint in 2018. Wanneer de werken klaar zijn, zal het natuurgebied ook door het publiek bezocht kunnen worden. In het Wadden Afsluitdijk Center, een nieuw bezoekerscentrum naast de Vismigratierivier, zal je onder andere meer info over de rivier en de geschiedenis van de Afsluitdijk kunnen vinden. Dit blitse filmpje geeft je ook al een impressie van de rivier. Als je een VR-brilletje hebt kun je de voorstelling ook in 360° bekijken. https://www.youtube.com/watch?time_continue=4&v=mxOw_5XnbbE
 
 

Expeditie

9 augustus 2017
Tijdens de Week van ons Water organiseert Rijkswaterstaat in samenwerking met Natuurmonumenten en het Blauwe Hart Natuurlijk leuke activiteiten voor jong en oud. Op zaterdag 21 oktober is er van alles te doen en te beleven in het Waterloopbos: bruggenbouwen, waterdiertjes vangen, paddenstoelen ontdekken, boogschieten, eetproefjes. Door deze expeditie vragen we aandacht voor de ecologie in het IJsselmeergebied als Blauwe hart van Nederland en werken we aan de bewustwording van  het belang van natuur en water. Op Expeditie! Jonge kinderen kunnen op onderwatersafari en allemaal waterbeestjes vangen. Of meedoen aan een vis spel. Vanuit het Bezoekerscentrum zijn er ook verschillende ontdekkingsroutes te bewandelen. Stoere ontdekkingsreizigertjes worden uitgedaagd om mee te gaan op Expeditie Robinson. Onder begeleiding kan je meedoen aan een tocht vol avonturen en ga je bruggen bouwen, boogschieten, een watergoot maken, eetproeven uitvoeren…. “Beleef de natuur en het water in het Waterloopbos”. Voor de volwassen avonturiers staat er een begeleide excursie op het programma. Het waterschap Zuiderzeeland heeft een wandelroute uitgezet vanuit het Bezoekerscentrum naar het Gemaal Smeenge, die zij voor deze dag speciaal hebben opengesteld. Aanmelden kan via www.natuurmonumenten.nl. Het Waterloopbos Dit is een prachtige locatie van Natuurmonumenten waar de schaalmodellen van ruim dertig waterwerken verborgen liggen. De natuur neemt steeds meer bezit van deze schaalmodellen. Het ondiepe, stromende water in de modellen zorgt voor unieke natuur. Het Bezoekerscentrum is het vertrekpunt voor alle activiteiten. Waar en wanneer? Zaterdag 21 oktober 13.30 – 16.30 uur Bezoekerscentrum Waterloopbos, Voorsterweg 36, 8316 PT  Marknesse Week van ons Water Werk aan Ons Water is nooit af. Elke dag weer wordt er hard gewerkt om ons land te beschermen tegen het water om ons heen. En om te zorgen voor voldoende en schoon water. Twee maal per jaar organiseren de waterpartners (*) een Week van Ons Water. Dit najaar worden er in de week van 18 oktober t/m 25 oktober in het hele land activiteiten georganiseerd waarin de beleving van de natuur en het water centraal staan. Samenwerken aan de waarde van water en natuur Initiatiefnemers Rijkswaterstaat (**), coalitie Blauwe Hart Natuurlijk en Natuurmonumenten vragen aandacht voor de ecologie in het IJsselmeergebied als Blauwe hart van Nederland en maken zich samen sterk voor het belang van natuur en water. Het IJsselmeergebied, als Blauwe Hart van Nederland, is ook een Natura 2000 gebied en heeft het moeilijk. Met z’n allen werken we aan een gezond en vitaal IJsselmeergebied voor nu en later!   (* ) Week van ons Water ons water is een samenwerkingsverband van: Waterschappen, waterbedrijven, watermusea, Rijkswaterstaat, provincies, gemeentes, ministerie van Infrastructuur en Milieu, Unie van Waterschappen, Vewin, VNG en IPO. (**) Rijkswaterstaat is voortouwnemer van het beheerplan Natura 2000 IJsselmeergebied, een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden
 
 

Open water zwemmer en coach: Michiel Land

19 juli 2017
Michiel Land kan als geen ander vertellen hoe het is om in open water te zwemmen. Daarom hebben wij hem geïnterviewd. Hij heeft al vele tochten in het binnen- en buitenland gezwommen. Hij is naast coördinator zwemzaken bij het sportcentrum Het Marnix ook actief met zijn eigen bedrijf Topswim. Hier coacht en traint hij triatleten en open water zwemmers. We vragen Michiel wat het zwemmen in het IJsselmeer zo bijzonder maakt. “In het IJsselmeer ervaar je als open water zwemmer het samenspel van de golfslag, de stroming en de wind. Het is een absolute uitdaging om in het IJsselmeer zo efficiënt mogelijk te zwemmen, je aan te passen aan de omgeving en vooral te genieten van de enorme rust en ruimte die het water je biedt. Als je eenmaal de juiste slag te pakken hebt, voel je je compleet vrij. Al je zintuigen worden geprikkeld. Je proeft, voelt, ruikt,  hoort en ziet je omgeving en bent er letterlijk in ondergedompeld. “ De kick van het open water zwemmen Hoe ben je begonnen met open water zwemmen? “6 jaar lang heb ik in het zwembad gewerkt aan een verbeterde en efficiënte slag. Zwemmen in een zwembad vind ik redelijk saai. Je trekt baantjes, volgt de lijnen van het bad en dat vaak en veel. De kick van het open water zwemmen is dat je vrij bent en één wordt met de natuur. In het begin is het moeilijk. Vooral het leren navigeren want als je geen eindpunt voor ogen hebt, moet je je tussentijds richten op iets groots. Daarvoor navigeer je in het water op boeien. Ook is het belangrijk dat je zo rustig mogelijk zwemt, een regelmatige ademhaling hebt en een efficiënte beenslag. Hoe meer ontspannen je zwemt, hoe verder je kan komen. Maar de grootste kick is het gevoel van vrijheid en de weidsheid als je midden op het water ligt. Je geniet van de natuur, voelt soms de onderwater planten, ziet ijsvogels en andere watervogels. Het is werkelijk fantastisch!’ Uitdaging Stavoren - Medemblik Michiel is in volle voorbereiding op een nieuwe uitdaging. Begin augustus (afhankelijk van de condities van het weer) hoopt hij van Stavoren naar Medemblik te zwemmen. 22 kilometer in open water zwemmen, kan niet zonder voorbereiding. Hoe bereid jij je voor op deze uitdaging? “De afstand op zich heb ik al vaker gezwommen, maar de uitdaging zit vooral in de dynamiek van het IJsselmeer. Ter voorbereiding werk ik een paar keer week in het zwembad aan het verbeteren van mijn techniek. De kunst is om zo mooi mogelijk, zo ontspannen mogelijk te zwemmen. Daarnaast zwem ik langer afstanden in open water. Om mijn conditie op te bouwen en sterker te worden doe ik kracht- en looptrainingen. Op de dag van de tocht heb ik een eigen boot en begeleider bij me. Dat is noodzakelijk, want ik lig 7 à 8 uur in het water. Het is dus van belang om op gezette tijden te eten en te drinken. Al in de voorbereiding is het lastig om op gewicht te blijven, dus tijdens de race krijg ik speciale sportdrankjes. Een ander aspect is dat je bij een dergelijke lange race ook psychologisch ondersteund moet worden. De race wordt in tijdsblokken ingedeeld en de begeleiding aan boord van de boot biedt mij elke 20 minuten een nieuwe uitdaging aan om de focus te kunnen blijven houden op mijn einddoel, anders kan het saai worden en verlies je de concentratie op het zo relaxed mogelijk zwemmen.” Michiel kijkt er naar uit. Zwemmen in het IJsselmeer, het Blauwe Hart van Nederland is een fantastische uitdaging! Zwemmen in het IJsselmeer is natuurlijk genieten van water en natuur Het IJsselmeer is heel bijzonder om in te zwemmen, volgens Land. “Je zwemt in de buurt van de forten, je ziet schitterende schepen voorbij varen, soms zie je zelfs de bodem. De weidsheid is adembenemend en je voelt je als een vis in het water als je door de onderwaterplanten zwemt.” Soms komt hij scholen met kleine vissen tegen en een enkele keer is hij tegen een flinke karper aangezwommen. Michiel onderstreept de aandacht die de organisatie wil vragen voor de kwetsbare natuur en het schone, levende water. “Als open water zwemmer ben je je zeer bewust van de kwaliteit van het water. Tijdens het zwemmen krijg je altijd water binnen en dat geeft je vaak een opgeblazen gevoel. Ik kan wel zeggen dat ik heel goed kan proeven of het water gezond en schoon of verontreinigd is.”   Foto is gemaakt door: Liesbeth Hassing
 
 

Onderzoeksschip komt naar zwemevent!

17 juli 2017
Vorig jaar hebben wij mede dankzij de sponsoren en deelnemers van het zwemevent een cheque van 4.815,08 kunnen overhandigen aan Harm van der Geest voor een nieuw onderzoeksschip in het Markermeer. Op 14 juli jl. is het schip feestelijk geopend. Op 27 augustus komt Harm van der Geest met het schip naar het zwemevent. Iedereen mag kijken en Harm zal jullie meer vertellen over het schip en het Markermeer!   Lees hier meer over de opening.
 
 

Cees Loggen: samen sterk voor het IJsselmeer

6 juli 2017
Het meer van Genéve, Vancouver Lake, het Gardameer. Wereldwijd bekende meren met allure. Ik zou hier graag het IJsselmeergebied aan toevoegen. Een uniek gebied. Waarin al zo ontzettend veel gebeurt. En komende jaren nog veel meer gaat gebeuren. Daarom ben ik heel erg blij dat wij afgelopen woensdag opnieuw in Den Haag waren voor een gesprek met het Rijk over het IJsselmeergebied. En met ‘wij’ bedoel ik niet alleen de provincie Noord-Holland, maar ook Friesland, Overijssel en Flevoland. Samen werken we namelijk aan een interprovinciale Agenda IJsselmeergebied 2050. Versterken en beter benutten Waarom een gezamenlijke agenda? Simpelweg: omdat ik er van overtuigd ben dat we het gebied alleen goed kunnen versterken en alles dat het in zich heeft beter te benutten door samen op te trekken. Niet allemaal op je eigen provinciale eiland blijven zitten. Eerder die woensdag was ik dan ook in Lelystad, waar deze vier provincies met elkaar spraken over dit gebied. Onze gezamenlijke afspraken vormen straks input voor de Nationale Agenda IJsselmeergebied 2050. We concluderen dat de provincies het voor overgrote deel met elkaar eens zijn. Maar dat het ook goed is om de verschillen te onderkennen. En vervolgens te kijken hoe we daar uit kunnen komen en zo niet: hoe gaan we er dan mee om. Dat is de kracht van samenwerking. Eindeloze mogelijkheden Alle mogelijkheden zijn er, we moeten ze alleen nóg beter benutten. Jarenlang hebben we ons vooral geconcentreerd op de bescherming tegen het IJsselmeer. En voor die tijd natuurlijk in nog sterkere mate tegen de Zuiderzee. Ik durf met zekerheid te zeggen: met die veiligheid zit het ondertussen wel goed. We staan niet langer met onze rug naar het IJsselmeer, maar omarmen het. Laten we gebruik maken van alles wat het biedt: unieke natuur, de meest uiteenlopende vormen van recreatie –op het water en aan de kade -, en talloze economische mogelijkheden, zoals het toerisme – goed voor haven- en horecaondernemers. Vanwege de opgave voor duurzame energie is het zaak ook naar dit gebied te kijken. Daarin staan innovatieve toepassingen (via pilots) en de ruimtelijke kwaliteit voorop. Een randvoorwaarde voor al het bovenstaande is een goede bereikbaarheid van het gebied. Drukke zomer Gelukkig constateerden we eerder dat binnen deze thema’s al veel gebeurt. Maar het is juist de samenwerking waar het nu om draait. Vooral in de uitwerking van de thema’s. De planning is om in september de gezamenlijke provinciale agenda te kunnen presenteren. Deze agenda is een belangrijke bouwsteen voor de nationale gebiedsagenda. Mijn indruk van afgelopen woensdag is dat het Rijk hier ook erg benieuwd naar is. Wij krijgen het allemaal druk deze zomer! Cees Loggen, 16 juni 2017
 
 

Europa erkent belang van Vismigratierivier Afsluitdijk

28 juni 2017
De Europese Unie draagt met een LIFE subsidie van 3,5 miljoen Euro bij aan de aanleg van de Vismigratierivier Afsluitdijk. Met het subsidieprogramma LIFE steunt de Europese Unie (EU) projecten die een bijdrage leveren aan de Europese natuur- en milieudoelen. Door het toekennen van deze subsidie geeft de EU blijk van erkenning aan het belang van de komst van de Vismigratierivier Afsluitdijk. Gedeputeerde Johannes Kramer is verheugd met de toegekende subsidie. “De concurrentie is hoog en de slagingskans van een LIFE-aanvraag klein. De Vismigratierivier is een mooi voorbeeld van hoe natuur, economie, recreatie & toerisme en waterveiligheid hand in hand kunnen gaan. Dat dit vanuit de Europese Unie op deze manier wordt erkend is fantastisch nieuws.” aldus de gedeputeerde. Financiering Provincie Fryslân is opdrachtgever van het project dat in totaal 55 miljoen Euro kost. Met de bijdrage vanuit LIFE ligt het project financieel op koers. Daarnaast financieren Rijksoverheid, de Europese Unie middels LIFE en TenT, Waddenfonds, de Nationale Postcode Loterij, provincies Noord-Holland en Fryslân. Vismigratierivier Afsluitdijk De Afsluitdijk bracht ons veiligheid. Maar door de harde scheiding die hiermee is ontstaan tussen Waddenzee en IJsselmeer, is het voor trekvissen als de zalm, paling en de spiering nauwelijks mogelijk om heen en weer te zwemmen met een slechte visstand tot gevolg. De Vismigratierivier Afsluitdijk is bedoeld om de ecologische verbinding tussen Waddenzee, IJsselmeer en het achterland te herstellen. Hiervoor wordt een doorgang door de Afsluitdijk gemaakt met aansluitend een getijden rivier in het IJsselmeer. Dankzij de Vismigratierivier kunnen vissen straks 24/7 via een geleidelijke overgang heen en weer zwemmen zonder dat er zout water in het IJsselmeer komt. Het is een systeem dat nog nergens ter wereld bestaat. De Vismigratierivier moet uiterlijk eind 2022 klaar zijn en wordt nabij de sluizen van Kornwerderzand aangelegd. Zie ook www.vismigratierivier.nl. De Nieuwe Afsluitdijk De Vismigratierivier is onderdeel van het programma De Nieuwe Afsluitdijk. Dit programma is een samenwerking van de provincies Noord-Holland, Fryslân en de  gemeenten Hollands Kroon, Súdwest-Fryslân en Harlingen. Samen werken de partners aan een vernieuwde dijk op het gebied van duurzame energie, ecologie, recreatie en toerisme en ruimtelijke kwaliteit. De initiatiefnemers van de Vismigratierivier zijn Waddenvereniging, Sportvisserij Nederland, Vereniging Vaste Vistuigen Noord, It Fryske Gea en Het Blauwe Hart.
 
 

Zeven IJsselmeer-jachthavens introduceren spaarkaart om gratis te overnachten

25 juni 2017
Eind maart 2017 onder het genot van koffie en gebak werd in Volendam binnen het uur de samenwerking beklonken tussen zeven tophavens aan het IJsselmeer. Binnen maximaal een half dagje varen van elkaar bieden dé IJsselmeerhavens een spaarkaart aan de waterrecreant aan. Met de spaarkaart is, nadat drie havens zijn bezocht, de overnachting in de vierde haven helemaal gratis. Varen is de boodschap. Het IJsselmeer is een prachtig vaargebied en dit spaarsysteem maakt een tochtje nét even leuker. Hoe werkt het? De spaarkaart van De IJsselmeerhavens is verkrijgbaar op het havenkantoor van de havens en is gratis. Bij iedere nieuwe IJsselmeerhaven die bezocht wordt, krijgt de watersporter een sticker op de spaarkaart wanneer het liggeld wordt betaald. Iedere deelnemende IJsselmeerhaven kan maar één keer een sticker per kaart uitdelen, meerdere nachtjes in één haven zijn dus goed voor maar 1 sticker. Maar bij drie stickers (dus als drie havens al bezocht zijn) is de vierde gratis, ongeacht waar dit is. Vergeet de spaarkaart dus niet mee te nemen bij afrekenen! Wie doen er mee? De samenwerking is niet uniek, want hiermee volgen de havens voorbeelden zoals de Seven Sisters in de Delta en de Havenring Randmeren rond de Randmeren. Dit zijn vaarnetwerken waar de ligplaatshouders graag gebruik van maken en daarom goed dat dit nu ook voor het IJsselmeer mogelijk is. De deelnemers van het samenwerkingsverband “Dé IJsselmeerhavens” zijn: Marina Den Oever, Marina Makkum, Jachthaven Andijk, Marina Volendam, Jachthaven Lelystad Haven, Jachthaven Waterland (Monnickendam) en Marina Muiderzand (Almere).   Meer informatie www.ijsselmeerhavens.nl
 
 

Renovatie heftorens afsluitdijk

24 juni 2017
Rijkswaterstaat renoveert van maart 2017 tot en met september 2017 de monumentale heftorens en voormalige bedieningsgebouwen van zowel de Lorentz- als de Stevinsluizen. Van maart 2017 tot en met juni 2017 wordt gewerkt aan de Lorentzsluizen bij Kornwerderzand en van mei 2017 tot en met september 2017 aan de Stevinsluizen bij Den Oever. De betonschade wordt gerepareerd en de gebouwen worden voorzien van een nieuwe verflaag. Aansluitend op de renovatie wordt gewerkt aan Lichtpoort van ontwerper en innovator Daan Roosegaarde. Lichtpoort geeft de opgeknapte heftorens een retro-reflecterende laag, waardoor de lijnen oplichten door de koplampen van passerende auto's. Het werk wordt in november 2017 officieel onthuld. De werkzaamheden vinden overdag plaats. Alle rijstroken van de A7 blijven beschikbaar, ter hoogte van het werk wordt een snelheidsbeperking ingesteld en vindt een wegversmalling plaats. Bij het op- en afbouwen van de steigers wordt in verband met de veiligheid één rijstrook afgesloten. Dit gaat om enkele dagen per gebouw. Gedurende het op- en afbouwen wordt ook 's avonds en 's nachts gewerkt. De werkzaamheden hebben geen invloed op de scheepvaart.
 
 

Startsein aanleg Reevesluis in het Drontermeer

22 juni 2017
Door het Reevediep, de nieuwe waterverbinding (bypass) tussen de IJssel en het Drontermeer, wordt vanaf 2022 in extreme omstandigheden het hoogwater van de IJssel sneller afgevoerd via het Drontermeer en het Vossemeer naar het IJsselmeer. Om dit te realiseren nemen het Rijk, de provincie Overijssel, de provincie Flevoland en Waterschap Zuiderzeeland de komende jaren vier nieuwe maatregelen om het gebied rond Kampen beter te beschermen tegen hoogwater. Minister Schultz van Haegen heeft de projectbeslissing voor de eerste maatregel genomen. Ze geeft daarmee het startsein voor de bouw van de Reevesluis, één van vier maatregelen. De Reevesluis neemt de functie over van de huidige Roggebotsluis. Door de aanleg van de Reevesluis wordt het Drontermeer gesplitst in twee delen: een noordelijk deel met een dynamisch peil en een open verbinding tussen IJssel via het Reevediep naar het IJsselmeer. En een zuidelijk deel met een vast peil. De nieuwe schutsluis zorgt voor een nog betere doorstroming van het water en houdt het waterpeil in het zuidelijk deel stabiel. Pas op het moment dat alle maatregelen in de IJsseldelta zijn gerealiseerd en het Reevediep klaar is voor gebruik, wordt de huidige Roggebotsluis verwijderd. Op die plek is dan een nieuwe brug beschikbaar voor de N307. In de aanlegperiode zijn daarom tijdelijk twee schutsluizen in gebruik. Riettransplantatie Ter voorbereiding op de bouw van de Reevesluis is al een riettransplantatie uitgevoerd, omdat voor de bouw van het sluizencomplex ook riet moet wijken. Het bedrijf BWO uit Kamperveen heeft 2000 rietplanten verplaatst. Zo is een nieuw rietveld ontstaan aan de noordkant van de Reevedam, die al in aanbouw is. Start bouw najaar Naar verwachting start de bouw van de Reevesluis in het laatste kwartaal van 2017. De bouw duurt ongeveer drie jaar. De plannen voor de aanleg van de Reevesluis zijn besproken met de mensen en partijen in de omgeving en andere betrokkenen. Om de Reevesluis te mogen realiseren is een projectplan Waterwet en een vergunning op grond van de wet Natuurbescherming nodig. Beide stukken liggen vanaf 28 juni 2017 ter inzage in het gemeentehuis van Dronten en het provinciehuis van Flevoland in Lelystad. De stukken zijn vanaf 28 juni 2017 ook te vinden op deze website. Eenieder kan hier binnen zes weken op reageren. Maatregelen in vier deelprojecten De aanleg van de Reevesluis is de eerste maatregel binnen fase 2 IJsseldelta. Fase 2 bestaat uit vier deelprojecten: Sloop van de Roggebotsluis, de bouw van een nieuwe brug over het Drontermeer, aanpassing van de vaargeul, in combinatie met een ongelijkvloerse kruising van de N306 en de N307. En vernieuwing van de N307 tot een stroomweg met parallelwegen, door de provincies Flevoland en Overijssel; Versterking en verhoging van de Drontermeerdijk, inclusief de provinciale weg op de kruin (N306) door het waterschap Zuiderzeeland; Aanleg van de Reevesluis en spuiwerk in de Reevedam door Rijkswaterstaat Hoogwaterbeschermingsmaatregelen voor het recreatieterrein Roggebot door provincie Overijssel De andere deelprojecten zitten nog volop in de planfase. In loop van dit jaar worden hiervoor op verschillende locaties informatiebijeenkomsten georganiseerd om de omgeving in een vroeg stadium te betrekken. Daarna moeten nog diverse procedures worden doorlopen. Alle maatregelen in de IJsseldelta zijn in 2022 klaar. Daarmee is het gebied in de driehoek Flevoland-Kampen-Zwolle dus waterveiliger, klimaatbestendiger, natuurrijker en verkeersveiliger. Deze integrale gebiedsontwikkelingsaanpak is één van de eerste projecten, dat binnen het landelijke Deltaprogramma wordt uitgevoerd.   Bron: www.ruimtevoorderivierijsseldelta.nl
 
 

Krukelkor gezocht!

21 juni 2017
Wie heeft er een originele krukelkor? Of kan veel vertellen over de visserij op krukels of alikruiken (kleine slakkensoort) op Wieringen? Het Wieringer Eilandmuseum Jon Lont in Stroe is op zoek naar zo’n origineel vistuig en verhalen over deze soort visserij. Het onderwerp zal worden belicht in een reizende tentoonstelling in de maak over schepen en scheepsbouw van het Zuiderzeenetwerk. Dat is een samenwerkingsverband tussen ruim twintig musea rond het IJsselmeer, de voormalige Zuiderzee, op initiatief van het Zuiderzeemuseum in Enkhuizen. ,,Binnenkort komt een delegatie van dat netwerk langs om bij ons te kijken, hoe het er hier uitziet en voor overleg’’, aldus André Lont, voorzitter van het eilandmuseum. Informatie is welkom ,,Krukelvisserij werd op Wieringen veel gedaan. We hebben er wat kennis en verhalen over, er is een krukelzeef, alle informatie is welkom.’’ Tipgevers kunnen terecht bij Iris Hos, tel. 06-12121351 of e-mail: keesirishos@gmail.com. Het Zuiderzeenetwerk is bezig met het op touw zetten van wisselexposities, die van museum naar museum verhuizen. Begrafenis Een ander thema is klederdracht en kleedgedrag. Hiervoor wordt onder meer de Wieringer begrafenis belicht. ,,De reizende tentoonstelling zal twee tot drie jaar lopen’’, aldus Lont. ,,In 2019 zijn wij volgens planning aan de beurt.’’ Vanaf half maart tot eind juni worden in Stroe schepen en scheepsbouw voor het voetlicht gebracht, van medio mei tot eind juli klederdracht en kleedgedrag.
 
 

Extra controle op illegaal aanmeren in afgesloten natura 2000 gebied

20 juni 2017
Rijkswaterstaat, de Buitengewoon Opsporingsambtenaren (BOA’s) van de Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek (OFGV) en de politie roepen bootbezitters op om niet aan te meren op afgesloten gebieden in de Randmeren. Het is niet toegestaan deze gebieden te betreden om de kwetsbare natuur en vogelsoorten die hier leven, te beschermen. Bij vaarsurveillance worden regelmatig toch mensen op de eilanden aangetroffen. Een boete kan oplopen tot 340 euro. Het gaat dan bijvoorbeeld om de eilandjes De Snörre en Kraggenoog in het Zwarte Meer. Recreatie kan de dieren storen en de natuur schade toebrengen. Bijna het hele IJsselmeergebied is aangemerkt als Natura 2000 gebied. Om de natuur te beschermen zijn kwetsbare gebieden, waaronder de bovengenoemde eilandjes, afgesloten. Aanleiding voor deze oproep is de toename van het aantal bootbezitters dat toch aanmeert in gebieden waar dat niet is toegestaan. Om de rust in deze gebieden te bewaken wordt er komende periode extra gecontroleerd. Toename overtredingen Afgelopen periode zijn tijdens vaarsurveillance door bovengenoemde organisaties op de Randmeren regelmatig mensen aangetroffen op plaatsen binnen het Natura 2000 gebied die zijn afgesloten voor publiek. De afgesloten gebieden zijn met gele tonnen met een rood-wit-rood topteken, zichtbaar afgesloten. Het doel hiervan is het beschermen van dier en natuur. Door toch rondom deze gebieden te varen dan wel er aan te meren begaan bootbezitters een overtreding. De afgesloten gebieden worden onder andere aangeven op 1810 kaarten van de Hydrografische Dienst van het Ministerie van Defensie. Instandhouding Natura 2000 gebieden Er zijn eilanden in de Randmeren waar men wel aan mag meren met een boot. Echter op bepaalde eilanden, waaronder De Snörre en Kraggenoog, is dit niet toegestaan. Deze eilanden zijn aangelegd om de natuur en vooral bepaalde vogelsoorten te beschermen. Uit een recent gehouden vogelinventarisatie van natuurmonumenten/Sovon blijkt dat er veel verschillende vogelsoorten op deze eilanden leven. Het gaat dan om: de zeldzame grote karekiet, de roerdomp, visdief, kluut, kokmeeuw, zwartkop meeuw en de kleine mantelmeeuw. Door het afsluiten van bepaalde gebieden voor publiek hebben de vogels een rustige plaats om te broeden en kunnen ze in alle rust naar eten te zoeken. Het IJsselmeergebied kent veel water. Daar moeten we zeker van genieten want het is heerlijk vertoeven op het water. Dit geldt niet alleen voor mensen maar ook voor dieren. Om de natuur en dieren rust en ruimte te bieden zijn er gebieden aangesteld die verboden zijn voor publiek. Daarom de oproep om deze gebieden met rust te laten. Let goed op de markeringen op het water want er is zichtbaar aangegeven waar aanleggen dan wel varen niet is toegestaan. Zo draagt u bij aan het behouden van de natuurgebieden en de dieren die daar leven. Convenant Vaartoezicht Randmeren Verschillende partijen werken al jaren samen bij het toezicht op de Randmeren. De afspraken over het gezamenlijk vaartoezicht op de Randmeren zijn recent vastgelegd in het Convenant Vaartoezicht Randmeren. Politie Midden Nederland, Politie Oost Nederland, Vereniging Natuurmonumenten, Rijkswaterstaat, Staatsbosbeheer en de Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek (OFGV) hebben dit convenant ondertekend. Elke instantie behoudt zijn eigen specifieke taken maar regelmatig wordt er gezamenlijk toezicht gehouden.   Bron: www.flevopost.nl
 
 

Watersport zomerkampen op Wolderwijd groeien hard

19 juni 2017
Steeds meer kinderen kiezen voor een surf- of watersportkamp aan het Wolderwijd. Vinea ziet de populariteit van haar zomerkampen in deze regio stevig groeien. Vorig jaar startte Vinea met kite- en windsurfkampen in samenwerking met Telstar Surfclub aan Strand Horst. Na de succesvolle start in 2016 lijkt 2017 nog succesvoller te worden. Zeker ook dankzij enkele verbeteringen in het programma en een verbeterde samenstelling van de leeftijdsgroepen. Zo werden onder anderen het aantal lesuren voor de kite-surfers vergroot en zijn er enkele goede nieuwe ‘licht-weer’ programma’s ontwikkeld. Inmiddels zijn de eerste weken al helemaal uitverkocht. Aan de andere kant van het Wolderwijd heeft Vinea dit jaar een nieuwe locatie geopend op de RCN Camping in Zeewolde. Hier organiseert Vinea watersportkampen en zeilkampen voor de jongste leeftijd. Op de watersportkampen kan de jongste jeugd (7-10 en 10-12 jaar) in 4 of 7 dagen kennismaken met alle verschillende watersporten. Van suppen tot zeilen en van kanoën tot surfen. In een week proberen de jonge kinderen alles uit. “Dit is de perfecte plek voor een eerste ervaring met de watersport. Door de verschillende activiteiten in de week kunnen de deelnemers goed kiezen wat zij het volgende jaar willen doen,” zegt Jeroen Muller, Hoofd Watersport van Vinea. Het mooie vaarwater van het Wolderwijd leent zich prachtig voor zowel de wat oudere surfers (12-14 en 15-19 jaar) aan de zijde van Strand Horst, als je jonge doelgroep op de camping. Vinea Vakanties is marktleider en organiseert al 65 jaar zomerkampen voor kinderen in binnen- en buitenland voor kinderen en jongeren in de leeftijd van 7 t/m 19 jaar. Standaard zijn de kampen van Vinea altijd met overnachting. Voor de jongste doelgroepen, zoals op de Camping in Zeewolde is het ook mogelijk te kiezen voor een 4 of 7 daags kamp zonder overnachting. Jonge kinderen (en hun ouders) kunnen dan rustig proberen hoe op kamp gaan hen bevalt. En op deze manier is het watersportkamp ook een mooi alternatief voor de BSO. In de maanden mei en juni reist Vinea door Nederland met een opvallende rode caravan voor de Vinea On Tour dagen. Vanuit diverse locaties in het land kunnen ouders en kinderen gratis en vrijblijvend kennis maken met diverse vakantieactiviteiten van Vinea. Komend weekend, 24 en 25 juni, staat de On Tour caravan in Zeewolde op de RCN Camping.   Meer informatie is te vinden op www.vinea.nl.
 
 

Voer en vis verdwijnen uit Friese wateren

18 juni 2017
Sport- en beroepsvissers luiden de noodklok over het Friese boezemwater. Het voedsel- en visarme IJsselmeer lijkt een voorportaal voor de situatie in de Friese binnenwateren, waarschuwt voorzitter Eelke Boersma van de Visstand Beheer Commissie. Dit zou veroorzaakt worden door het doorspoelen van het Friese boezemwater met zoet IJsselmeerwater om verzilting van de landbouwgronden in het noorden van Fryslân tegen te gaan. Hierdoor verdwijnt volgens Boersma voedselrijk water uit Fryslân in de Waddenzee. ,,We zitten in een neergaande trend. Geen voer in het water betekent ook geen vis." De vissers vroegen gistermiddag bij de presentatie van het Visplan Friese Boezem om onderzoek naar het doorspoelen van het Friese boezemwater. In het voorjaar wordt in Lemmer en in Makkum IJsselmeerwater toegelaten tegen de verzilting van landbouwgronden in het noorden van Fryslân. ,,We snappen dat dit voor de landbouw belangrijk is, daar willen we ook niet aankomen", zei Boersma. ,,Maar we zien wel graag een onderzoek of het op een andere manier kan." Wetterskip-bestuurder Marian Jager reageerde afhoudend op het verzoek. ,,Je hebt te maken met verschillende belangen, met name in het noorden van de provincie hebben de landbouwers last van verzilting. Dat kan je met doorspoelen voorkomen, dat is een afweging van belangen." Coördinator waterkwaliteit Jan Roelsma van Wetterskip Fryslân voegde daaraan toe dat de visschaarste in het IJsselmeer niet alleen is veroorzaakt door de afname van voedsel in het water dat de afgelopen decennia schoner is geworden, maar vooral ook door het verdwijnen van paaiplaatsen. Dat is volgens hem wetenschappelijk aangetoond. In het Friese boezemwater investeert Wetterskip Fryslân veel in natuurvriendelijke oevers en vispassages, en zo in paaiplaatsen voor de vissen. Een theorie die Boersma, voormalig IJsselmeervisserij-ambtenaar, niet onderschrijft. ,,Veel voedselrijk water verdwijnt bij Dokkumer Nieuwe Zijlen en Harlingen in de Waddenzee. De aanvoer van water uit het IJsselmeer neemt niet alleen veel voedselarm water mee, maar mogelijk ook veel visbroed. Voor de jonge vissen is er weinig te eten." Door het schoner worden van het water heeft een monocultuur van bijvoorbeeld veel brasem plaatsgemaakt voor minder vis, maar wel een grotere soortenrijkdom. Daarover zijn vissers en waterbeheerders het wel eens. Daar zitten echter ook minder gewenste exoten tussen als de zwartbekgrondel, rivierkreeft en wolhandkrab, stipte Germ Zeephat van Sportvisserij Fryslân aan. Door het helderder geworden water gaat het iets beter met een zichtjager als de snoek, maar minder goed met de snoekbaars, die meer baat heeft bij troebel water. In het nieuwe visplan hebben provincie, waterschap en de beroeps- en sportvissers afgesproken dat er een quotum komt voor snoekbaars en dat in maart alle snoekbaars door sport- en beroepsvissers wordt teruggezet. Vissen met quota is de toekomst voor de Friese binnenvisserij, zei binnenvisser Jappie Spijkstra. ,,Vissen naar draagkracht van het water."
 
 

Plannen ‘iconische pleisterplaatsen’ langs de randmeren

13 juni 2017
Het gemeentebestuur van Dronten heeft drie plannen voor ‘iconische pleisterplaatsen’ in de strook langs de randmeren: een kabelbaan, de Belvédèretoren en een landschapskunstwerk. De gemeente en de provincie willen deze drie projecten de komende periode in samenhang bekijken. De Belvédèretoren is een ontwerp van architectenbureau Arc2 uit Almere. Deze toren van 800.000 euro (4 ton van de gemeente, 4 ton van de provincie) zou in het Veluwemeer gebouwd worden, maar de gemeenteraad heeft daar vooralsnog een stokje voor gestoken. Onderzoek De kabelbaan van Dronten over het Veluwemeer naar Lelystad is een idee van Arie van der Mee uit Lelystad. De gemeente Dronten heeft 12.500 euro beschikbaar gesteld voor een haalbaarheidsonderzoek. „Het landschapskunstwerk is iets anders dan de Belvédèretoren”, zei wethouder Ton van Amerongen de afgelopen week bij de behandeling van de jaarstukken. De provincie Flevoland heeft op dit moment 7 landschapskunstwerken. „Dronten is de enige gemeente in de provincie zonder landschapskunstwerk”, aldus de wethouder. 2 ton voor landschapskunst Provinciale Staten heeft ongeveer twee ton beschikbaar gesteld voor een achtste landschapskunstwerk en deze moet worden aangelegd in de gemeente Dronten. Cultuurwethouder Van Amerongen en gedeputeerde Michiel Rijsberman zijn momenteel aan het kijken naar de meest geschikte locatie en wat voor kunstwerk het moet worden. „Het is de bedoeling om het te koppelen aan 100 jaar Zuiderzeewet”, zei Ton van Amerongen tegen de gemeenteraad, „Dat betekent dat het er volgend jaar moet komen. Het wordt een cadeau van de provincie.” De gemeente Dronten moet het kunstwerk wel zelf onderhouden. Pleisterplaatsen Volgens wethouder Dirk Minne Vis is de provincie Flevoland zeer gecharmeerd van de ideeën van de gemeente voor wat betreft pleisterplaatsen langs de randmeren. Daarom is besloten om daarin samen te werken en de drie ideeën in samenhang te bekijken. De gemeenteraad heeft voorgesteld een prijsvraag uit te schrijven om te kijken of de Belvédèretoren wel zo'n geschikt project is. Het gemeentebestuur had 4 ton uitgetrokken voor deze toren of een vervangende pleisterplaats. Nu de drie projecten in samenhang worden bekeken, blijft die vier ton nog even op de plank liggen, zei wethouder Vis tegen de gemeenteraad.       Bron: www.dedrontenaar.nl
 
 

Marker Wadden Café op 19 juni in Hoorn

12 juni 2017
Meer weten over de voortgang van Marker Wadden dit jaar? Kom maandag 19 juni dan naar Het Huis Verloren in Hoorn. Sinds de start van de aanleg van de nieuwe natuureilanden in het Markermeer in maart 2016, is er veel gebeurd. Het eerste eiland is boven water, eiland twee en drie worden al zichtbaar, er was een stembureau en de Koning is op bezoek geweest. Tijdens het Marker Wadden Café wordt u door Natuurmonumenten bijgepraat over de voortgang van het project, de ambities voor de toekomst en horen wanneer u er zelf naartoe kunt. Iedereen is van harte welkom om te komen luisteren en mee te praten in Het Huis Verloren in Hoorn. Het Marker Wadden Café begint om 20.00 uur en zal rond 21.30 uur zijn afgelopen. Programma •19.30 uur Inloop met koffie en thee •20.00 uur Welkom door wethouder Judith de Jong •20.10 uur Presentatie in beeld met het laatste nieuws over Marker Wadden door plv. projectdirecteur André Rijsdorp namens Natuurmonumenten •20.50 uur Tijd voor vragen •21.30 uur Afsluiting Locatie In Het Huis Verloren, Kerkstraat 10b, Hoorn Het Marker Wadden Café is een initiatief van Natuurmonumenten. Tijdens deze informatieve avond hoort u alles wat te maken heeft met de bouw van de eilanden Marker Wadden in het Markermeer. Graag aanmelden vóór 15 juni via info@markerwadden.nl Marker Wadden Marker Wadden is een uniek project voor de aanleg van een serie natuureilanden in het Markermeer. Het ontwerp verrijkt het Markermeer met natuurlijke oevers. Zo kan er weer een gezond evenwicht ontstaan waar dieren en planten in het Markermeer zich op een natuurlijke manier kunnen herstellen. Ook voor de economie zijn Marker Wadden een belangrijke impuls. Zo nemen de recreatiemogelijkheden in het meer toe en is ‘bouwen met klei en slib’ een innovatieve techniek die over de hele wereld toepasbaar is. In het voorjaar van 2016 is gestart met de aanleg van het eerste eiland. www.markerwadden.nl
 
 

IJsseloog, het raarste eilandje van Nederland

31 mei 2017
IJsseloog is het bijzonderste eiland van Nederland. Het ligt in het Ketelmeer, tegenover de uitmonding van de IJssel. Het wordt gevormd door een cirkel die de ringdijk vormt met een middellijn van een kilometer. De dijk is 10 meter hoog en omringd een waterplas, deze is 45 meter diep. Aan de buitenkant van de dijk ligt een haventje, met wat gebouwtjes, grasland en bosschages. Op de bodem van de plas ligt de giftigste grond van Nederland. Het ontstaan van IJsseloog In de jaren 1950 tot 1990 is verontreinigd slib aangevoerd door de IJssel en als bezinksel terechtgekomen op de bodem van het Ketelmeer. Het slib bevat giftige stoffen en metalen, zoals kwik en zink. Sinds de jaren 1990 is de waterkwaliteit van de IJssel verbeterd. Hoewel het verontreinigde slib niet direct tot problemen leidde omdat de bodem bij de zandstranden en zwemplekken niet vervuild is, wilde Rijkswaterstaat voorkomen dat de verontreiniging zich verder zou verspreiden richting het IJsselmeer. Daarnaast belemmert het aanwezige verontreinigde slib verdere ontwikkeling van het gebied voor recreatie en natuur. Omdat het niet haalbaar was om het zwaar verontreinigde slib te saneren, is besloten om het slib permanent op te slaan in een speciaal daarvoor ontworpen depot. Het depot is midden in het meer aangelegd om problemen met landbouw en omwonenden te voorkomen. En zo is het eiland IJsseloog ontstaan. De bouw van slibdepot IJsseloog is in 1996 gestart en in 1999 voltooid. Er is een haven aangelegd om het slib ook per schip te kunnen aanvoeren. Wonderlijke natuur IJsseloog is verboden voor bezoekers, maar bijzonder goed gevuld met leven! Dat is namelijk het wonderlijke: rondom de giftige grond is een prachtig natuurgebied ontstaan. Veel nachtegalen, zwartkopjes, karekieten, grasmussen en allerlei andere zangvogels zijn er te vinden. Bedreiging Het paradijs wordt echter wel bedreigd. Toen het een aantal jaren geleden eindelijk weer flink aan het vriezen was, vroor ook het Ketelmeer dicht. Vossen hebben van deze gelegenheid gebruik gemaakt en zijn over het ijs naar dit interessante eiland gelopen. Sinds hun komst is het afgelopen met de meeuwenkolonies en weidevogels en broeden er  geen ganzen meer op IJsseloog. Toekomst IJsseloog Het is nog niet duidelijk wat er in de toekomst met dit slibdepot gaat gebeuren wanneer het vol zit. Wellicht kunnen we daar in de toekomst over meedenken.
 
 

Eerste paal Afsluitdijk Wadden Center in de grond

31 mei 2017
[caption id="attachment_777" align="alignright" width="300"] Impressie Afsluitdijk Wadden Center[/caption] Op 30 mei 2017 is de bouw van het Afsluitdijk Wadden Center gestart. Hier zien en beleven bezoekers de verhalen over de geschiedenis en toekomst van de Afsluitdijk, Dutch Delta Design, de Vismigratierivier, de Waddenzee en het IJsselmeer. Naar verwachting trekt het Afsluitdijk Wadden Center 60.000 tot 100.000 bezoekers per jaar. Doel is om de toeristische werkgelegenheid in Fryslân en Noord-Holland te vergroten. In maart 2018 opent het Afsluitdijk Wadden Center zijn deuren voor het publiek. Gedeputeerde Klaas Kielstra (provincie Fryslân) sloeg de eerste paal en gaf hiermee het startsein voor de bouw, samen met Ype Heijsman (directeur Netwerkmanagement Rijkswaterstaat), wethouder Maarten Offinga (gemeente Súdwest-Fryslân) en Biense Dijkstra (algemeen directeur Bouwgroep Dijkstra Draisma). Kielstra: “Dankzij goede en intensieve samenwerking met alle partijen en in het bijzonder Rijkswaterstaat, vieren we deze mijlpaal. De komende jaren investeren we circa 1 miljard euro op en rond de Afsluitdijk. De bouw van het Afsluitdijk Wadden Center markeert de start van veel ontwikkelingen op De Nieuwe Afsluitdijk. Met het Afsluitdijk Wadden Center geven we een flinke impuls aan de regionale economie, en dat wordt alleen nog maar meer als ook de andere projecten van De Nieuwe Afsluitdijk in uitvoering komen.” Afsluitdijk Wadden Center Een bijzondere attractie wordt de zogenoemde FlyRide, waarbij bezoekers virtueel over de provincie Fryslân vliegen. Verder ervaart de bezoeker naast verhalen, attracties en exposities, ook verschillende uitzichten op het water, het landschap en de dijk, met als beloning het dak als ultiem uitzichtplatform. Het ontwerp is geïnspireerd op een zeshoekige vorm die in de natuur veel voorkomt. Daarnaast scoort het gebouw qua duurzaamheid hoog door het zeer lage energieverbruik en de gebruikte materialen. Toeristische trekpleister Doel van het Afsluitdijk Wadden Center is het versterken van het toerisme en werkgelegenheid door de ontwikkeling van de Afsluitdijk, als belangrijke toeristische toegangspoort voor Fryslân en Noord-Holland. Zo gebeurt er veel op en rond de Afsluitdijk in het jaar 2018. Leeuwarden-Fryslân als culturele hoofdstad van Europa, de opening van het Afsluitdijk Wadden Center in het Jaar van het Water, de functie van dit beleefcentrum als A-locatie voor Werelderfgoed Waddenzee en de uitrol van de verhaallijn ‘Nederland Waterland’, door het Nederlands Bureau voor Toerisme en Congressen in samenwerking met de provinciale marketingorganisaties Merk Fryslân en Holland boven Amsterdam. Planning De werkzaamheden aan de buitenruimte zijn in 2016 gestart. De afrit bij Kornwerderzand is verlegd en rond de zomer volgen de parkeerplaatsen, wandelpaden en aanlegplaatsen. De exploitanten Bert Kranendonk (Kexcom) en Theo op de Hoek (Vigilante Makkum) nemen de inrichting en straks de exploitatie voor hun rekening.   [caption id="attachment_778" align="alignleft" width="300"] Impressie Afsluitdijk Wadden Center[/caption] Financiering Provincie Fryslân is ontwikkelaar en opdrachtgever van het project. Daarnaast financieren Waddenfonds, Rijkswaterstaat, gemeente Súdwest-Fryslân, de Nationale Postcode Loterij en de exploitanten Kranendonk en op de Hoek. De Nieuwe Afsluitdijk De Nieuwe Afsluitdijk is een samenwerking van de provincies Noord-Holland, Fryslân en de  gemeenten Hollands Kroon, Súdwest-Fryslân en Harlingen. Samen werken we aan een vernieuwde dijk op het gebied van duurzame energie, ecologie, recreatie en toerisme en ruimtelijke kwaliteit. Zie ook www.deafsluitdijk.nl.
 
 

Deltaprogramma en Gebiedsagenda 2050

29 mei 2017
Het IJsselmeergebied is de spil van de Nederlandse waterhuishouding. Door de Afsluitdijk  is een zoetwatervoorraad gecreëerd waar landbouw, industrie en natuur in een groot deel van Nederland van profiteren. Maar ook op  allerlei manieren gebruiken we het IJsselmeergebied en de oevers, bijvoorbeeld voor recreatie, drinkwaterwinning en zandwinning. Naast deze gebruiksfuncties heeft het gebied ook een rijke cultuurhistorie en natuur. Gebiedsagenda 2020-2050 Om al deze functies ook in de toekomst goed tot hun recht te laten komen en waar mogelijk te versterken, is het van belang flexibel in te spelen op nieuwe ontwikkelingen en inzichten. We moeten ons blijven  inzetten om het belang van de natuur en cultuurhistorie op de agenda te houden. Het ministerie van I&M ontwikkelt samen met de regio en stakeholders een gebiedsagenda voor het IJsselmeergebied. Daarin worden randvoorwaarden en ontwikkelkansen benoemd, en de te nemen maatregelen (bijvoorbeeld op het gebied van verbetering van natuur) gedefinieerd. Meer informatie over de Gebiedsagenda vindt u hier. Deltaprogramma Het Deltaprogramma IJsselmeergebied heeft strategische keuzes voor een veilig en veerkrachtig IJsselmeergebied vastgelegd in de Deltabeslissing IJsselmeergebied en in de Tussentijdse wijziging van het Nationaal Waterplan. De Deltabeslissing gaat over het op orde houden van de waterveiligheid en het optimaliseren van de zoetwatervoorziening in de regio. Bij de waterveiligheid in de toekomst geldt het principe ‘spuien als het kan, pompen als het moet’. De verbetering van de zoetwatervoorziening wordt in het hoofdwatersysteem van het IJsselmeer/Markermeer bereikt via flexibilisering van het zomerpeil. Voor het eerst wordt er gestreefd naar een meer natuurvolgend peil. Het natuurlijk peil is in de zomer lager dan in de winter. In het nieuwe peilbeheer wordt het water in het vroege voorjaar hoger opgezet en zakt het water meer geleidelijk vanaf augustus naar het winterpeil. Pact van het IJsselmeergebied: samen verder Voor monitoring van de voortgang, de programmering en een goede informatie-uitwisseling hebben de betrokken regiopartijen zich verenigd in het Bestuurlijk Platform IJsselmeergebied. De ambities van het platform reiken verder dan het Deltaprogramma. Het gaat ook om het benutten van meekoppelkansen, om het versterken van de ruimtelijke kwaliteit en het scheppen van nieuwe economische ontwikkelingen. Overheden en maatschappelijke organisaties in het IJsselmeergebied hebben deze ambities vastgelegd in een bestuursovereenkomst ’Het Pact van het IJsselmeergebied’. Blijf hier op de hoogte van de ontwikkelingen.
 
 

Water verbindt

29 mei 2017
De provincie Overijssel is dit jaar de organisator van de IJsselmeertop. De IJsselmeertop wordt elk jaar door een andere provincie georganiseerd. Op de top komen alle nieuwe ontwikkelingen in het IJsselmeergebied aan bod en wordt de voortgang besproken van reeds genomen besluiten. Overijssel heeft gekozen voor het thema: ‘Water verbindt’ en combineert de IJsselmeertop met de de Internationale Hanzedagen in Kampen. Op vrijdag 16 juni a.s. vindt dit ‘Hanzecongres’ plaats. Toonaangevende sprekers Op het Hanzecongres spreken twee toonaangevende mannen: econoom Herman Wijffels en watergezant Henk Ovink. Daarnaast zijn er zeven Hanzeroutes. Van innovatie bij familiebedrijven tot wonen en leven in transitie, elke Hanzeroute gaat in op een specifiek onderwerp.. Wat u ’s ochtends hoort, gaat u ’s middags zien, is de opzet.   Kijk hier voor meer informatie  
 
 

Rondje IJsselmeer op de fiets

29 mei 2017
Bij dit rondje om de voormalige Zuiderzee - nu het IJsselmeergebied - ervaar je de rijke historie van wat ook wel de 'Gouden Cirkel' genoemd wordt. De bedrijvigheid in diverse vissersdorpjes, de rust en ruimte in de Wieden en Weerribben, de uitgestrekte bossen op de Veluwe, maar ook de weidsheid van het Flevolandse polderlandschap. De Zuiderzeeroute is opgebouwd uit drie Landelijke Fietsroutes: LF21 (Amsterdam-Afsluitdijk), LF22 (Afsluitdijk-Kampen) en LF23 (Kampen-Amsterdam). Je volgt onderweg de hierbij behorende rechthoekige bordjes met groen opschrift, deze is in twee richtingen aangebracht. De totale lengte is zo’n 400 kilometer. Maar je kunt de route op verschillende manieren inkorten, bijvoorbeeld door te kiezen voor de variant door de Flevopolder of door het veer tussen Enkhuizen en Stavoren of Urk te nemen.   Bron: www.nederlandfietsland.nl
 
 

Zoet Zout Knooppunt moet kennis bundelen

29 mei 2017
Provincie Noord-Holland, Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier, Gemeente Texel, Waterleidingbedrijf Noord-Holland (PWN) en Rijkswaterstaat willen een Zoet Zout Knooppunt voor Laag Nederland oprichten. Op dinsdag 13 juni wordt een inspiratiesessie gehouden op het provinciehuis Noord-Holland voor provincies, waterschappen, waterbedrijven, gemeenten, onderzoeksinstellingen, ondernemersorganisaties, natuur- en milieuorganisaties en iedereen die een belang heeft bij een optimaal zoet en/of zout watersysteem.   Het Zoet Zout Knooppunt (ZZK) heeft als doel de expertise in regio's met toenemende druk van zout op zoet water te bundelen. Hierbij slaat het ZZK de brug tussen ondernemers, overheden, onderzoekers en onderwijs. De initiatiefnemers willen het ZZK oprichten samen met andere partners in laag Nederland, waaronder LTO Noord. 'Als waterschap staan wij de komende tijd voor grote uitdagingen', stelt Luc Kohsiek, dijkgraaf van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier en voorzitter van de STOWA. 'Het tekort aan zoet water en de gevolgen van de verzilting kunnen we alleen oplossen in samenwerking met alle partijen. Een centrum waarbinnen alle partijen samenwerken kan daarbij een belangrijke rol spelen.'   Nederland leeft van en met het water. De Nederlandse delta wordt daarbij gekenmerkt door een hoge druk van zout water. Vanuit de bodem, kwel en zee komt zout water in het zoete watersysteem waar industrie, landbouw en bewoner gebruik van maken. Door slimme ingrepen weten de waterbeheerders met het beschikbare zoete water de zoutdruk te beheersen. Door klimaatverandering verandert de beschikbaarheid van zoet water. Bovendien neemt de vraag naar zoet water toe. Dit zorgt voor een toenemende zoutdruk in het watersysteem in vooral laag Nederland. Overheden, ondernemers, natuur en bewoners krijgen met de effecten hiervan te maken. Door samenwerking en het delen van expertise kunnen we goed omgaan met de toenemende druk van zout op zoet.   Provincie Noord-Holland, Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier, Gemeente Texel, PWN en Rijkswaterstaat regio West Nederland Noord hebben het initiatief genomen om de haalbaarheid van een Zoet Zout Knooppunt Laag Nederland (ZZK) te onderzoeken. Doel van het ZZK is om kennis en praktijk, wetenschappers en grondgebruikers dichter bij elkaar te brengen en daarmee het maatschappelijk nut van alle verworven kennis en ervaring te vergroten. Hierbij slaat het ZZK een brug tussen ondernemers, overheden, onderzoekers en onderwijs. De initiatiefnemers willen het ZZK oprichten samen met andere partners in laag Nederland. U bent van harte uitgenodigd voor een regionale inspiratiesessie waarin de initiatiefnemers hun idee over het ZZK presenteren en vooral samen met u en andere geïnteresseerde stakeholders in gesprek gaan over het ZZK. Hierbij staat één vraag centraal: “Hoe kunnen we het ZZK voor u en alle betrokken tot een succes maken?”   Datum: dinsdag 13 juni 2017 Tijd: 09.30 – 12.00 uur Locatie: Provinciehuis Noord-Holland Dreef 3 2012 HR Haarlem   Programma: Opening en welkom - Bregje van Beekvelt (sectormanager Omgevingsbeleid provincie Noord-Holland) Waarom een ZZK? - Rob Veenman (Hoogheemraad HHNK) Vier vragen: Wat zijn de belangrijkste ontwikkelingen? Interactieve sessie: wat kan het Zoet Zout Knooppunt voor u betekenen? Afronding - Bregje van Beekvelt Naast deze sessie worden ook in Groningen en Middelburg in de tweede helft van juni regionale inspiratiesessies georganiseerd. Doel en inhoud van deze bijeenkomsten zijn hetzelfde als de bijeenkomst 13 juni in Haarlem. De regionale behoeften en ideeën staan hierbij centraal. Nadere informatie, via h.schobben@hhnk.nl.   Bron: www.greenportnhn.nl
 
 

Koning brengt werkbezoek aan Marker Wadden

24 mei 2017
Zijne Majesteit de Koning bracht vandaag een werkbezoek aan de Marker Wadden in het Markermeer. Het doel van het bezoek was om kennis te nemen over de ontwikkeling van de Marker Wadden, een nieuwe eilandengroep die bijdraagt aan het natuurherstel van het Markermeer. De Marker Wadden worden gerealiseerd door  Natuurmonumenten en Rijkswaterstaat. De Koning sprak tijdens de vaartocht en op het eiland met projectleiders, onderzoekers en uitvoerders.   Tijdens de vaartocht lichtten Marc van den Tweel, directeur van Natuurmonumenten  en Michèle Blom, directeur-generaal van Rijkswaterstaat, toe waarom de Marker Wadden worden aangelegd. Door de inpoldering en afscheiding van het IJsselmeer zijn in het Markermeer nauwelijks natuurlijke oevers aanwezig. Daardoor kan slib niet afgezet worden en vormt zich een steeds dikkere slibdeken in het water. Dat heeft negatieve gevolgen voor het bodemleven, de vissen en schelpdieren in het Markermeer. Ook trekvogels hebben daardoor minder voedsel. De Marker Wadden worden aangelegd met zand, slib en klei uit het Markermeer, waardoor eilanden met natuurlijke oevers en begroeiing ontstaan. Dat resulteert in een natuurlijke omgeving waar bedreigde dieren en planten direct van profiteren.   Op het eerste voltooide eiland van de Marker Wadden werd de Koning rondgeleid door Roel Posthoorn, projectdirecteur van de Marker Wadden. De Koning sprak met uitvoerders die betrokken zijn bij de aanleg van de eilanden over hun werkzaamheden en ervaringen. Voor de aanleg van dit  eiland met een oppervlakte van 250 hectare was meer dan 4,5 miljoen m3 zand nodig om  stranden, wandelpaden, randen en havendammen te creëren.   Tijdens  de rondleiding kreeg de Koning ook een toelichting op het onderzoeksprogramma dat de komende jaren op de Marker Wadden van start gaat. Dit onderzoek richt zich op het herstel van de natuur en de ontwikkeling van het slib tijdens het bouwproces. Daarvoor wordt een monitoringsprogramma opgezet waarbij diverse universiteiten, overheidsinstellingen en onderzoeksbureaus betrokken zijn. Tot en met 2020 wordt gewerkt aan het voltooien van de overige 4 eilanden die de eerste fase van de Marker Wadden vormen. Vooral vogels gaan profiteren van de aanwezigheid van deze eilanden in het Markermeer, maar het gebied is ook bestemd voor recreatie. Daarvoor worden onder meer een natuurhaven, wandelpaden, vogelkijkhutten en een uitkijktoren aangelegd.
 
 

Vismigratierivier winnaar voorronde Making Waves

15 mei 2017
Arjan Berkhuysen, directeur van de Waddenvereniging, heeft op 8 mei 2017 met zijn presentatie over de Vismigratierivier Afsluitdijk de juryprijs van de voorronde van Making Waves gewonnen. Dit evenement is gebaseerd op een TEDx-achtige manier waar starters op de Nederlandse markt met hun innovaties een Europees podium krijgen. Berkhuysen won met deze prijs een ticket voor het vervolg van Making Waves op 7 september 2017 op de Afsluitdijk. Hier presenteert hij de Vismigratierivier opnieuw aan nationale en internationale stakeholders, investeerders, technici, ondernemers, wetenschappers en beleidsmakers. Vismigratierivier Afsluitdijk De Vismigratierivier is een permanente opening in de Afsluitdijk waar trekvissen 24/7 tussen de zoute Waddenzee het zoete IJsselmeer kunnen zwemmen. De jury was positief over de Vismigratierivier waarbij veel partijen met elkaar een project hebben opgezet dat nog niet eerder is gedaan. Arjan Berkhuysen over de voorronde: “Het voelde als een Voice of Holland wedstrijd, waarbij je je passie in een paar minuten zo goed mogelijk neer moet zetten. Bij de uitslag van de jury was ik eerlijk gezegd best zenuwachtig, want ik geloof zo sterk in dit project dat ik ongelooflijk zou balen als ik dat niet over had kunnen brengen. Een van de uitgangspunten van de Vismigratierivier is juist dat we mensen willen betrekken bij het onderwaterleven.” In totaal hielden zes organisaties een pitch over hun unieke project of idee. De voorronde werd georganiseerd Topsector Water, één van de partners van Making Waves. Making Waves Het Ministerie van Infrastructuur en Milieu organiseert samen met het Ministerie van Economische Zaken het evenement Making Waves op 7 september 2017 op de Afsluitdijk. Hierbij worden zo’n zeshonderd mensen uitgenodigd op basis van hun betrokkenheid en besliskracht op verschillende waterthema’s. Deze thema’s zijn naast Water ook Food & Health, Energy & Transport, Environment & Raw Materials, Innovative Society & Security. Making Waves is de Nederlandse voorronde voor een tweejaarlijks Europees evenement ‘Ideas from Europe’. Daarna krijgt het een vervolg in de Baltische staten om vervolgens in 2018 voor heel Europa, af te sluiten in Den Haag. De Nieuwe Afsluitdijk partner Making Waves De komende jaren wordt de Afsluitdijk ontwikkeld op het gebied van natuur- en energie innovaties, toerisme, regionale economie en werkgelegenheid. De Nieuwe Afsluitdijk is daarom gevraagd om partner te worden van Making Waves. Dat houdt in dat De Nieuwe Afsluitdijk ook drie innovaties aandraagt voor 7 september. De Vismigratierivier is onderdeel van het programma De Nieuwe Afsluitdijk. Dit programma is een samenwerking van de provincies Noord-Holland, Fryslân en de  gemeenten Hollands Kroon, Súdwest-Fryslân en Harlingen. De initiatiefnemers van de Vismigratierivier zijn Waddenvereniging, Sportvisserij Nederland, Vereniging Vaste Vistuigen Noord, It Fryske Gea en Het Blauwe Hart.
 
 

Nieuwe voorzitter van de Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk

1 april 2017
Graag stellen we hierbij kort onze nieuwe voorzitter voor: Joop Bongers.   Joop Bongers is directeur van Sportvisserij Nederland, een van de partners van de Coalitie. Met de aansluiting van Sportvisserij Nederland bestaat de Coalitie niet meer alleen uit natuurorganisaties. Sportvisserij Nederland is -naast haar inzet voor een goede onderwaternatuur- een hele grote recreantenorganisatie.   Bij Sportvisserij Nederland zijn bijna 600.000 mensen aangesloten die graag langs de waterkant of vanaf een boot een hengel willen uitgooien. De landelijke koepelorganisatie zorgt dat er mag worden gevist, dat de wateren natuurlijk worden ingericht en beheerd, dat er een gezonde visstand is en dat  de wateren bereik- en bevisbaar zijn voor sportvissers. Zij geeft de VISpas uit en verzorgt opleidingen voor de jeugd. Communicatie naar politiek en samenleving d.m.v. lobby, websites, magazines en eigen tv programma’s is een belangrijke activiteit.   Sportvisserij Nederland is de derde sportbond binnen het NOC*NSF. De hengelsportorganisatie is trekker van de samenwerking van de buitensportbonden (varen, wandelen, fietsen, paardrijden etc.) Buiten het feit dat we blij zijn dat Sportvisserij Nederland is aangesloten bij de coalitie, verheugen we ons ook op de samenwerking met Joop als nieuwe voorzitter! Met zijn motto: Samen sterker voor het IJsselmeergebied, gaat dit zeker een succes worden.
 
 

Afscheid Joost Wentink

31 maart 2017
"2017 is een belangrijk en kansrijk jaar voor het IJsselmeergebied!"….dat benadrukt vertrekkend voorzitter Joost Wentink van Stichting het Blauwe Hart. Komend uit de ingenieurswereld zag  Joost het bij het aanvaarden van het voorzitterschap medio 2010 als een uitdaging  om de verbinding te leggen tussen de harde bètakant en de wat meer alfa georiënteerde wereld van de natuurorganisaties betrokken bij het IJsselmeergebied. Volgens Joost een spannende uitdaging met een interessante interactie!   Ter ondersteuning van Flos Fleischer, die als directeur met haar directe medewerkenden een enthousiast team vormt met echt hart voor het Blauwe Hart heeft Joost zich de afgelopen 6 jaren actief ingezet voor het op de kaart zetten van het gebied, zodat het de aandacht zou krijgen van beslissers en investeerders die het verdiend. En dat is nu een feit, daar is hij trots op.   Vooral bij Rijk en provincies is het IJsselmeergebied als “het Blauwe Hart van Nederland” een begrip geworden en gaan leven. De Delta aanpak waterkwaliteit en de Gebiedsagenda 2050 erkennen dat, zoals Frits Palmboom het zo mooi karakteriseert, het als gebied van Metropolitane verademing van grote waarde is voor de toekomst van Nederland. Dit biedt mooie kansen voor investeringen die het gebied versterken en toekomstbestendig maken. Na de Delta werken en Ruimte voor Rivier is in de 21e eeuw het IJsselmeergebied, met de Markerwadden en de Vismigratierivier als iconen, in potentie het gebied waar Nederland in de praktijk kan laten zien wat het vermag op het gebied van Bouwen met de Natuur. Kansen die dit jaar verzilverd kunnen en moeten worden, benadrukt Joost.   Hij raakte naar zijn zeggen in toenemende mate gefascineerd bij wat er nog ontdekt moet worden om de onderwater polder, die het IJsselmeer vormt, goed in te richten. Hierbij is, volgens hem, verbinding tussen de theorie en de praktijk onmiskenbaar noodzakelijk. De kennis van de vissers, vogelaars en bewoners moet verbonden worden met die van de wetenschap en adviseurs om op een verstandige en duurzame manier invulling te geven aan het begrip maakbare natuur. Alleen met een goed functionerende ‘IJsselmeer academie’ waarbinnen theorie en praktijk hand in hand deze ontdekkingstocht aangaan zal er borg voor kunnen staan dat we straks de meest optimale keuzes weten te maken bij het investeren in de kwaliteiten van dit gebied.   Het IJsselmeergebied is een gebied met vele gezichten. Daardoor is het Blauwe Hart van iedereen maar tegelijkertijd van niemand. Dit feit vormt een belangrijke uitdaging voor de binnenkort nieuw te vormen Coalitie het Blauwe Hart Natuurlijk, die als verbreding van het samenwerkingsverband in deze vorm wordt voortgezet. Waarin nu ook Natuurmonumenten, Sportvisserij Nederland, Staatsbosbeheer en PWN structureel aanschuiven als organisaties, die zich inzetten voor een gezond en vitaal IJsselmeergebied. Een samenwerking tussen verschillende organisaties die het zicht op integraliteit mogelijk maakt. Niemand kan het alleen, dat is te ingewikkeld. Daarvoor zijn de uitdagingen te gedifferentieerd. Belangrijkste opgave voor de nieuwe voorzitter en partners van de Coalitie het Blauwe Hart Natuurlijk is, volgens Joost het stimuleren van actieve inzet voor een integrale benadering van het gebied, breder dan vanuit alleen de eigen projecten   Als bestuurslid van de Stichting Transitie IJsselmeer blijft hij betrokken bij de verduurzaming van de beroepsvisserij in het IJsselmeergebied en zullen we elkaar nog veelvuldig blijven ontmoeten. Dus zeker niet uit het (blauwe) hart maar voorlopig ook nog niet uit het oog! Joost wenst het gebied en de samenwerkingspartners voor de toekomst een blijvende en constructieve samenwerking toe en verzilvering van alle mooie kansen die er nu liggen.
 
 

Onderzoeksschip Markermeer

31 maart 2017
Dankzij alle deelnemers en sponsoren van Rondje Pampus 2016 hebben wij Harm van der Geest, aquatisch ecoloog bij het UvA-Instituut voor Biodiversiteit en Ecosysteem Dynamica, vorig jaar een cheque kunnen overhandigen met een fantastisch bedrag van € 4.815,08 voor een nieuw onderzoeksschip voor in het Markermeer. Maar hoe is dat eigenlijk afgelopen? Het zo ver! De bouw van het onderzoeksschip is begonnen. Er is genoeg geld ingezameld voor de bouw van het nieuwe onderzoeksschip voor het ecologisch onderzoek in het Markermeer, door onderzoekers en studenten van de Universiteit van Amsterdam. Inmiddels is ook het contract met de scheepswerf getekend en is de bouw begonnen. De boot wordt gebouwd door Stormer Marine Workboats in Amsterdam en zal naar verwachting aan het begin van de zomer te water gaan. R.V. Dreissena Het schip heeft inmiddels ook al een naam: R.V. Dreissena. R.V. is de internationale afkorting van ‘Research Vessel’, en geeft aan met welk doel het schip rondvaart. Dreissena is een geslacht van mosseltjes uit de familie van de Dreissenidae. Tot dit geslacht behoren onder andere de Driehoeksmossel (Dreissena polymorpha) en de Quaggamossel (Dreissena bugensis). Deze twee mossels spelen een zeer belangrijke sleutelrol in de veranderende ecologie van het Markermeer. Een toepasselijke naam dus! Alleen dankzij alle sponsoren Dit allemaal is mogelijk gemaakt dankzij belangrijke bijdragen en medewerking van het Amsterdams Universiteitsfonds, Samenwerkingsverband het Blauwe hart, alle deelnemers aan het zwemevent rond Pampus, het Wetenschapsknooppunt, Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier, Waternet, Rijkswaterstaat, Stormer Marine workboats, Raymarine, Bataviahaven Lelystad en natuurlijk alle particuliere crowdfunders van de UvA! Waar ging het ook al weer om? Het Markermeer is onderdeel van het IJsselmeergebied: het Blauwe Hart van Nederland. Dit is een beschermd natuurgebied met een grote natuurwaarde. De ecologie van het meer staat echter onder druk: het is slecht gesteld met de leefbaarheid en vogels en vissen verdwijnen in rap tempo. Er zijn tal van initiatieven die de waterkwaliteit en leefbaarheid moeten verbeteren maar omdat we eigenlijk niet goed weten hoe het systeem werkt, is niet duidelijk of deze initiatieven het gewenste resultaat zullen hebben. Fundamenteel onderzoek is daarom nodig om het systeem beter te begrijpen. Met dank aan alle sponsoren wordt er nu een volwaardig onderzoeksschip gebouwd waarmee op een veilige manier experimenteel veldonderzoek kan worden verricht. Een goed uitgerust onderzoeksschip stelt UvA in staat het hele jaar door op ecologisch relevante locaties in het Markermeer monsters te verzamelen en metingen te verrichten. De boot wordt uitgerust met specialistische meetapparatuur en zal een impuls geven aan nieuwe onderzoeksprojecten en samenwerkingen op het gebied van de biologie, de hydrologie en de sedimentologie. Het schip fungeert daarmee als vliegwiel in het onderzoek in het Markermeer. Zo komt er beter inzicht in de ecologie van het meer en kan er effectiever ingezet worden op het behoud van de leefbaarheid. Ook kan dit onderzoek in Nederland leiden tot een beter begrip en duurzaam beheer van grote kunstmatige meren elders in de wereld.   Bron: www.markermeer-onderzoek.nl
 
 

Het Zuiderzeemuseum houdt ambachten levend

27 maart 2017
Het Zuiderzeemuseum houdt ambachten levend en dit seizoen krijgen de ambachten zelfs nog extra aandacht. Bezoek in het buitenmuseum de werkplaatsen van de zeven kernambachten: zeilmakerij, touwslagerij, smederij, kuiperij, mandenmakerij, visrokerij en stoomwasserij. De ambachtslieden vertellen je er graag alles over.   Maak kennis met verschillende ambachten Verder maak je kennis met ambachtelijke materialen uit het Zuiderzeegebied. En omdat het accent nu ook ligt op deelname aan het maakproces, is er dit seizoen een nieuw paviljoen: het doe-het-zelf-paviljoen. Hier word je uitgedaagd te ontdekken wat je met je eigen handen kunt maken. Het paviljoen biedt daarnaast workshops en films van het maakproces van ontwerpers: er is onder andere een film te zien van studenten van de Design Academy Eindhoven waarin raakvlakken worden gezocht tussen Dutch Design en oude ambachten. Zo belicht het Zuiderzeemuseum de verbinding van het ambacht met hedendaags design.   Doe-het-zelf-paviljoen In dit paviljoen worden de bezoekers uitgenodigd zelf – als amateurambachtslieden – aan de slag te gaan met verschillende materialen die aanhaken bij oude ambachten. Zo kan er gewerkt worden met touw, zeildoek, bezemstelen en ‘kloten’, maar ook met een variatie aan grote, creatieve en hedendaagse materialen. Iedereen kan hier haar of zijn creativiteit en ambachtelijke vaardigheden ontdekken of verder ontwikkelen. Er is een werkplaatsbegeleider in het paviljoen die de bezoekers op weg helpt. Gedurende het seizoen worden er ook diverse andere activiteiten georganiseerd, zoals workshops of bezigheden die voortvloeien uit de speciale ambachtsweekenden; elke maand is er één weekend een specifiek ambacht extra belicht.   Ambachtenweekenden 22 - 23 april Mandenvlechtweekend 20 - 21 mei Smeedweekend 10 - 11 juni Touwslaanweekend 1 - 2 juli Zeilmaakweekend 11 - 13 augustus Maritiem festival (visserijambachten) 16 – 17 september Stoomweekend 7 – 8 oktober Kuipweekend   Filmhuis In het filmhuis van het buitenmuseum draait een documentaire van filmmaakster Wendy van Wilgenburg over zes ambachtslieden die vandaag de dag nog werken rond de voormalige Zuiderzee. Zij vertellen over het uitvoeren van hun ambacht in 2017, waarbij wordt stilgestaan bij actuele bedreigingen, zoals gebrek aan opvolgers, milieuregels, klagende omwonenden en onbekendheid bij de jongere generaties.   Historische portretten In de kerkbuurt hangt in de fotosalon een kleine tentoonstelling over de diverse werkplaatsen van het museum met historische portretten van ambachtslieden uit het voormalige Zuiderzeegebied. Waar komen de werkplaatsen vandaan? En welke functie hadden ze?   Studio ZZM Bezoek vanaf vrijdag 30 juni in het binnenmuseum de tentoonstelling Studio ZZM. De tentoonstelling toont het resultaat van de samenwerking tussen de zeven leermeesters van het Zuiderzeemuseum en zes (inter)nationale ontwerpers.   Kom naar het Zuiderzeemuseum en maak het mee!   Bron: www.zuiderzeemuseum.nl
 
 

Twee miljoen glasaaltjes uitgezet

26 maart 2017
Een aantal vissers heeft vrijdag 2 miljoen glasaaltjes uitgezet in de zoete wateren van Spakenburg, Harderwijk en Almere. Zij deden dit in opdracht van de Stichting Dupan, die de palingstand met ‘het herbevolkingsproject’ een flinke impuls wil geven.   Herbevolken Het grote probleem voor de jonge glasaaltjes zijn de kustbarrières. De glasaal verlaat de Sargassozee, een langwerpige regio in het noorden van de Atlantische Oceaan en wil zich voeden in de voedselrijke zoete Europese wateren, maar de trekvis kan door allerlei verdedigingssystemen tegen hoogwater de tocht niet vervolgen. Om die reden worden de glasaaltjes een handje geholpen. Vissers vangen jaarlijks 20 ton glasaal in de zoute zeeën voor ‘het herbevolken’ van binnenwateren in een groot aantal Europese landen.   „In heel Europa geldt de verplichting om jonge paling in zoetwater uit te zetten”, zegt Koelewijn. „Dat staat in inkt geschreven in de Europese Aalverordening. Door ze te vangen en hier uit te zetten eindigen de jonge palinkjes niet als visvoer of vogelvoer. Nietsdoen is geen optie.”   Vrijheid De uitgezette glasaaltjes krioelen hun vrijheid tegemoet in het Eemmeer. De trekvissen moeten hun weg zien te vinden door Europese zoete wateren waar ze kunnen groeien. Als ze volwassen zijn (een jaar of vijftien oud) en niet voortijdig zijn gevangen of in een gemaal terecht zijn gekomen dan trekken ze als schieraal (die 3 kilo kan worden en een meter lang) weer terug naar de Sargassozee. De schieraal paait daar en de cirkel is rond. De cyclus kan opnieuw beginnen.   „Niet alle uitgezette glasaaltjes zullen het redden. Roofvogels en roofvissen zullen er wat verorberen”, zegt William Swinkels, terwijl hij glasaaltjes te water laat. „Maar als één volwassen schieraal de tocht van 6000 kilometer aflegt naar de Sargassozee om daar kuit te schieten, is dat goed voor 1 tot 3 miljoen eitjes.”   Dupan beheert het Eel Stewardship Fund. De stichting investeert behalve in het ‘herbevolken’ van Nederlandse wateren met jonge paling, vanuit dit fonds ook in het over de dijk helpen van volwassen palingen naar zee en in gericht wetenschappelijk onderzoek.   Hindernissen De volwassen paling (schieraal) wil zich voortplanten, maar stuit volgens Koelewijn op weg naar de oceaan in Nederland op zo’n 15.000 hindernissen: „Dammen, sluizen en gemalen. De laatste dertig jaar zijn veel gemalen vervangen door snel draaiende pompen met desastreuze gevolgen voor migrerende palingen. Zij komen in die ‘gehaktmolen’ en worden vermorzeld.”   Medewerkers van Dupan redden met het project ”Paling over de Dijk” geslachtsrijpe palingen door ze voor gemalen weg te vangen met fuiken en aan de andere kant van het gemaal weer uit te zetten.   Bron: www.rd.nl
 
 

Geen geld voor beroepsvissers

13 maart 2017
Staatssecretaris Martijn van Dam trekt geen geld uit om beroepsvissers op het IJssel- en Markermeer te compenseren als ze ermee moeten stoppen. Hij zegt dat dat volgens regels voor staatssteun niet mag. Van Dam schrijft dat in antwoord op een brandbrief van de provincies Flevoland, Noord-Holland en Friesland. Die brandbrief is mede ondertekend door de Nederlandse Vissersbond, sportvisserij Nederland én een aantal natuurorganisaties. Volgens de opstellers dreigt er een crisis op de meren. De visstanden zijn slecht en er zijn te veel vissers met een vergunning. Vooral het aantal brasem en blankvoorn is sterk teruggelopen. Van Dam maakt te weinig haast met sanering De briefschrijvers vinden dat de staatssecretaris te weinig haast maakt met de verduurzaming van de beroepsvisserij. De staatssecretaris bestrijdt dat en zegt dat er een pakket maatregelen ligt om iets te doen aan de slechte visstand. Zo is het moeilijker voor vissers om aan een vergunning te komen. Ook laat hij onderzoeken wat de economische waarde van de visserij is en wordt op basis van dat onderzoek gekeken of vissers met privaat geld kunnen worden uitgekocht. Vissers uitkopen goedkoper dan natuurherstellende maatregelen Om de IJsselmeervissers uit te kopen, zou volgens de opstellers van de brief 5 tot 7 miljoen euro nodig zijn. Een relatief laag bedrag, vergeleken met de bedragen die worden uitgetrokken voor natuurherstelprojecten als de Markerwadden, schrijven ze. Advies onderzoeksinstituut Wageningen Marine Research (voorheen Imares) Er moeten minder brasems en blankvoorns worden gevangen op het IJsselmeer en het Markermeer. Dat adviseert het onderzoeksinstituut Wageningen Marine Research aan het ministerie van Economische Zaken. De onderzoekers zien dat deze vissoorten steeds minder voorkomen en ze adviseren om van die soort 30% minder te vangen Ook worden er te kleine snoekbaarzen gevangen. Door de maaswijdte te vergroten kan dat voorkomen worden. De minister moet nog bepalen of hij dit advies zal overnemen.   Bronnen: www.nos.nl, www.omroepflevoland.nl en www.omropfryslan.nl
 
 

Vaartocht de Kreupel met FOGOL was geweldig!

11 maart 2017
De zon staat stralend aan de hemel als we inschepen aan boord van museumschip MS Friesland. In Enkhuizen verdringen honderden vogelaars zich met goed gevulde rugtassen voor het beste plaatsje op een van de 3 dekken die het schip kent. Er wordt van alles uit de rugtas getoverd: Lenzen worden op indrukwekkende camera’s geschroefd, verrekijkers omgehangen en statieven uitgeschoven.   FOGOL De jaarlijkse boottocht van FOGOL kan beginnen, zij zijn er klaar voor! FOGOL, opgericht in 2009, is een bedrijf dat als doelstelling heeft de natuur op een positieve manier bij een grote groep mensen onder de aandacht te brengen. Dit keer voert de tocht over ‘het IJsselmeergebied: het Blauwe Hart van Nederland’ waarbij vogeleiland De Kreupel, beheerd door RWS, centraal staat. Op dit eiland bevindt zich elk jaar een grote kolonie aalscholvers maar ook bontbekplevier en zwarte stern vinden hier hun rust om te broeden en voedsel. Wanneer we bij het volgeleiland varen vertelt Jan van der Winden (vrijwilligersgroep de Kreupel) over het onderzoek op het eiland. Ook boswachter Leon Kelder van Staatsbosbeheer vertelt over het eiland en wat we daar zien.   Vogels kijken, lezingen en pitches Aan boord is behalve het ‘vogels kijken’ een programma met diverse lezingen en pitches. De lezingen worden verzorgd door Mennobart van Eerden (RWS) over Oevers in de breedte en Roel Doef (RWS) die ingaat op Oevers verbinden met voor- en achteroevers. De 3 pitches worden gegeven door Chris Bakker, Hoofd Natuurkwaliteit It Fryske Gea: Natuurlijke oevers van het IJsselmeer – ontwikkelingen aan de Friese Kust, Ron Stoltz, Marker Wadden-Natuurmonumenten: Van eiland naar Archipel en Ruud Cuperus (MN): Met het beheerplan Natura 2000 IJsselmeergebied kan iedereen van de natuur blijven genieten, mens en dier.   Ruud Cuperus Ruud Cuperus, projectmanager Beheerplan Natura 2000 IJsselmeergebied, vertelt als voortouwnemer en grootste beheerder namens de 9 bevoegde gezagen in het gebied (6 provincies en 3 ministeries) dat het niet goed gaat met de doelen die voor de deelgebieden zijn gesteld. Er is onvoldoende voedsel, rust en kwaliteit van habitat. Daarom zijn in het beheerplan maatregelen opgenomen die er voor moeten zorgen dat kwetsbare natuur en herstel van de rietkwaliteit mogelijk zijn zodat de aantallen en diversiteit van (water)vogels terugkomen in het gebied.   Dit vraagt samenwerking van iedereen, ook recreanten en beheerders. Soms moet een gebied tijdelijk of definitief worden gesloten om de doelen te bereiken. De Gedragscode voor het IJsselmeergebied kan helpen om gebieden (gedeeltelijk) weer te openen. Ruud: ‘Experimenteren met het sluiten en beperkt openzetten van Natura 2000 gebieden voor recreatie is eigenlijk sleutelen aan de natuur.’ Terwijl hij dit zei overhandigde hij symbolisch een grote sleutel aan Flos Fleischer van Samenwerkingsverband Het Blauwe Hart, met de HISWA initiator van de Gedragscode, waarmee hij aangaf dat niet alleen de beheerders maar ook de recreanten invloed hebben op het slagen van het Beheerplan. ‘Daarom heb jij niet alleen een sleutel maar ook wij hebben er een. Overleg en samenwerking is de sleutel tot het succes!’   Flos nam de sleutel in ontvangst en sprak zich uit voor deze goede samenwerking en op het succes. ‘Samen sterk voor een rijk IJsselmeer!’ aldus Flos Fleischer.   De procedure voor het Beheerplan loopt tot eind dit jaar. Zo kan in 2018 het plan in werking treden.   Bron: www.rwsnatura2000.nl
 
 

Extra eilanden voor Marker Wadden

8 maart 2017
Vandaag is het startsein gegeven voor uitbreiding van Marker Wadden. Het tweede, derde, vierde en vijfde natuureiland zijn financieel rond en worden de komende twee jaar gerealiseerd. De uitbreiding is een geweldige impuls voor dit nieuwe natuurparadijs in het Markermeer. Om dat te vieren onthulde minister Schultz (Infrastructuur en Milieu) in gezelschap van de andere financiers vanmiddag op het eerste eiland een gigantisch meterslang bord van de natuurarchipel.
 
 

Beheer en financiering Natura 2000 moeten beter

2 maart 2017
Verbetering op het gebied van beheer, de financiering en de monitoring van Natura 2000-gebieden is noodzakelijk. Die conclusie trekt de Europese Rekenkamer in een nieuw rapport over Natura 2000, het programma voor biodiversiteit van de Europese Unie. De Rekenkamer stelt vast dat de lidstaten het Natura 2000-beleid niet goed genoeg uitvoeren. De coördinatie tussen de betrokken autoriteiten, belanghebbenden en buurlanden is vaak onvoldoende.   Tekortkomingen De Europese Rekenkamer erkent dat Natura 2000 een belangrijke rol speelt bij de bescherming van de biodiversiteit, maar constateert tekortkomingen in het beheer en een gebrek aan betrouwbare informatie over kosten en financiering. Volgens het rapport hebben de nodige maatregelen ter bescherming en instandhouding van natuurgebieden vaak vertraging opgelopen in lidstaten.   Onvoldoende transparantie Een van de belangrijkste problemen is onvoldoende transparantie over financiering. Europees geld bedoeld voor de aanpak van natuurverlies komt van diverse, bredere EU-fondsen. Het is daardoor onduidelijk hoeveel geld er exact wordt besteed aan Natura 2000. Er is namelijk geen specifiek financieringsinstrument voor het programma.   Aanbevelingen De Rekenkamer stelt dat de lidstaten aanzienlijke vooruitgang moeten boeken en dat de Europese Commissie meer inspanningen moet leveren om beter bij te dragen aan de natuurdoelen voor 2020. De Rekenkamer doet hiervoor in het rapport aanbevelingen, zoals het beter meten van resultaten. De Europese Commissie heeft toegezegd deze aanbevelingen mee te nemen in haar beleidsplannen. Zij werkt momenteel aan een actieplan ter verbetering van de implementatie van natuurrichtlijnen, zoals de Vogel- en Habitatrichtlijn.   Bron: www.nieuweoogst.nu
 
 

Varen op het IJsselmeer betekent één zijn met de natuur! Hoe doe je dat?

1 maart 2017
Om vogels (en tijdens het broedseizoen ook hun nesten) en hun omgeving voldoende rust en ruimte te geven, is aangepast gedrag noodzakelijk. Binnen het IJsselmeergebied gaat dat vooral om de Gouwzee, Pampushaven en de kustzone van Muiden. In deze gebieden zijn in grote getalen vogels aanwezig. Natura 2000-gebied Het hele IJsselmeergebied (inclusief randmeren en oevers) is een Natura 2000-gebied. Natura 2000 is een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden en is gericht op de bescherming van de biodiversiteit. Daarom worden maatregelen genomen zoals afsluiting en gericht beheer van gebieden. Maar ook uw medewerking draagt hier veel aan bij. Houdt u zich aan de regels en bewaar in de zomer én winter de rust op open water waar groepen vogels voorkomen, ook bij riet en oevers. De vogels hebben rust nodig om te eten en energie op te bouwen zodat zij de duizenden kilometers naar hun broedgebieden goed kunnen afleggen. Wet natuurbescherming Per 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming in werking getreden. Deze wet vervangt de huidige Flora- en faunawet, Natuurbeschermingswet en Boswet. De wet dient ter bescherming van gebieden, plant- en diersoorten en bossen. De Wet natuurbescherming regelt de bescherming van ‘Natura 2000 gebieden’. Grote delen van gebieden die natuurorganisaties beheren zijn Natura 2000-gebied. Activiteiten in of rond deze gebieden mogen de natuur niet schaden. Het gaat om de bescherming van natuur én om het duurzaam gebruik en de beleving ervan. Gedragscode In de gedragscode staan regels voor 'vogelvriendelijk en natuurvriendelijk varen'. Daarnaast zijn er een aantal gebieden aangewezen die om extra rust vragen. De gedragscode is ontwikkeld door verschillende natuur- en watersportorganisaties. De code zal breed worden verspreid onder iedereen die gebruik maakt van het gebied. Klik hier voor meer informatie
 
 

Teleurstellende uitspraak toplichten windpark Noordoospolder

13 februari 2017
De provincie Flevoland hoeft geen maatregelen te nemen tegen exploitant Windpark Agrowind om de toplichten op zijn windmolens in de Noordoostpolder aan te passen. De Raad van State besliste woensdag dat de huidige toplichten voldoen aan de eisen van de Natuurbeschermingswet. Teleurstellende uitspraak Deze uitspraak vindt het Samenwerkingsverband het Blauwe Hart erg teleurstellend en dat komt niet alleen omdat de impact van lichtvervuiling op vogels door de Raad van State wordt onderkend. Lichtvervuiling door deze windturbines tasten de beleving van duisternis (een andere kernwaarde van het IJsselmeergebied) ook voor de mens behoorlijk aan. Zo zijn de windturbines NOP vanaf de Afsluitdijk ’s nachts goed zichtbaar. Navraag bij Pondera Consult BV, specialist op het gebied van windmolens, leert dat er voldoende technische mogelijkheden zijn de zichtbaarheid vanaf de grond van de verlichting voor vliegverkeer te beperken. Dus er kunnen heel wat lichten uit! Rotterdamse Hoek eiste maatregelen Stichting De Rotterdamse Hoek eiste maatregelen van de provincie, omdat de toplichten met hun uitstraling vogels verstoren in het naastgelegen beschermde natuurgebied IJsselmeer. De toplichten zijn aan de onderkant wel afgeschermd, maar ze stralen desondanks licht uit op een groot oppervlakte van het IJsselmeer. Volgens provincie zijn lichten afgeschermd Volgens de provincie zijn alle toplichten aan de onderkant afgeschermd. Daardoor straalt het licht horizontaal uit. De wet vereist niet dat er geen enkele verstoring is. Dat zou ook niet kunnen, omdat anders de werking van de lichten zinloos wordt, zegt de provincie. De toplichten moeten zichtbaar zijn voor de luchtvaart. Raad van State: wet wordt niet overtreden De Raad van State wijst erop dat de wet lichtverstoring bij beschermde gebieden zoveel mogelijk wil voorkomen. Daarom moeten de toplichten aan de onderkant worden afgeschermd, waardoor ze horizontaal uitstralen. Het feit dat het lichtschijnsel toch vogels bereikt, betekent volgens de Raad nog niet dat de wet wordt overtreden.
 
 

Zienswijze beheerplannen Natura 2000 IJsselmeergebied

11 februari 2017
Op 1 februari 2017 hebben de partners van het Samenwerkingsverband het Blauwe Hart in 28 punten hun zienswijze gegeven op de beheerplannen Natura 2000 voor het IJsselmeergebied. Zij gaven aan dat het IJsselmeergebied zich vooral kenmerkt, door de aanleg van de Afsluitdijk, als een jong zoetwatermeer met majeure inpolderingen. Dit betekende een verlies van de dynamiek van het getij en de bijbehorende zoet-zout gradiënt. Het Blauwe Hart roept op om te kiezen voor een stevige inzet op natuur herstellende maatregelen, die er voor zorgdragen dat in deze eerste beheerplanperiode verbetering van natuur kan plaatsvinden, zodat de instandhoudingsdoelstellingen zoals opgenomen in de aanwijzingsbesluiten ook daadwerkelijk kunnen worden bereikt. Want ondanks de over het algemeen ontoereikende staat van instandhouding voor veel soorten wordt de natuur tevens bedreigd door nieuwe menselijke activiteiten, zoals de aanleg van nieuwe havens en de bouw van windparken. Daarom dringt Het Blauwe Hart aan op een veel duidelijker toetsingskader in de beheerplannen, maar ook om een volwaardig monitoringsprogramma en vraagt zij aandacht voor de handhaving, die nu absoluut ondermaats is. Tot slot pleit Het Blauwe Hart ervoor om in deze planperiode een instrumentarium te ontwikkelen dat de cumulatieve effecten in beeld kan brengen. Lees hier de gehele zienswijze
 
 

Negatieve effecten van Windpark Fryslân op natuur aangetoond

10 februari 2017
Een groep natuur- en recreatieve organisaties maakt zich grote zorgen over de plannen van Windpark Fryslân om een windmolenpark midden in het IJsselmeer te bouwen. Hun zorgen over de negatieve effecten op de natuur zijn getoetst door het onderzoeksinstituut Alterra. De studie geeft aan dat deze zorgen terecht zijn. Deze groep heeft in november beroep aangetekend tegen het besluit om windmolens te bouwen in dit kwetsbare natuurgebied. Het rapport van Alterra is als aanvullende informatie naar de Raad van State, de overheden en initiatiefnemers van het windmolenpark gestuurd. De Raad van State bepaalt het verdere verloop van het beroep dat is ingesteld tegen het besluit. Onzekere aannames De betreffende organisaties streven naar een rijk IJsselmeer voor natuur en mens. Alhoewel zij vóór een overgang naar duurzame energie zijn, wordt met de bouw van dit park een grens overschreden met betrekking tot het aantal windmolenparken in en om het IJsselmeer. Woordvoerder Chris Bakker:  “Belangrijke studies, waarin veel vogelslachtoffers van windmolens zijn geteld, worden door Windpark Fryslân onterecht buiten beschouwing gelaten. Tevens is de beoordeling gebaseerd op onzekere schattingen over  de kans dat een vogel geraakt wordt, vlieghoogtes en ontwijkingsgedrag. Bij natuurbescherming geldt een zogenaamd voorzorgsbeginsel, dit betekent ‘bij twijfel niet doen’. Daarom moet aan deze onzekerheden aandacht besteed worden.” Misplaatst optimisme Windpark Fryslân gaat uit van 1% extra toelaatbare sterfte van veel vogelsoorten door aanleg van het park. Echter de studie van Alterra toont aan dat bij een veel lagere sterfte het voortbestaan van populaties al in gevaar kan komen. Ook wordt aan de effecten voor vogels die niet in het IJsselmeergebied broeden, zoals trekvogels of roofvogels die op zoek naar voedsel het gebied doorkruisen, door Windpark Fryslân te weinig aandacht besteed. Om het effect goed te kunnen beoordelen stelt Alterra dat de vogelsterfte door windmolenparken en andere projecten bij elkaar opgeteld moet worden, dat doet Windpark Fryslân. Daarnaast zet het rapport grote vraagtekens bij het optimisme van Windpark Fryslân over de positieve effecten van een te bouwen werkeiland. Dit werkeiland zou de negatieve effecten voor veel vogelsoorten te niet doen. Volgens Alterra zijn deze positieve effecten overschat. Visetende vogels als visdief, zwarte stern en toppereend dreigen hierdoor in gevaar te komen, dat geldt ook voor roofvogels zoals de bruine kiekendief. De groep organisaties die zich tegen de plannen van Windpark Fryslân verzetten bestaat uit: It Fryske Gea, Natuurmonumenten, Vogelbescherming Nederland, de Waddenvereniging, de IJsselmeervereniging, het Watersportverbond,  Don Quichot, de Vereniging van Toerzeilers en de Vereniging voor Beroepschartervaart BBZ. Bekijk hier de contra expertise
 
 

Rietplaggen Zwarte Meer krijgen tweede leven op Marker Wadden

8 februari 2017
Natuurmonumenten herstelt met het LIFE-project ‘Roerdomp in het riet – A better LIFE for Bittern’ de rietlanden langs het Zwarte Meer om deze geschikt te maken voor zeldzame vogelsoorten als grote karekiet en roerdomp. Rietplaggen die hier worden afgegraven krijgen een tweede leven op de natuureilanden van Marker Wadden. Het plaggen van rietland en het graven van slenken zorgt ervoor dat meer water het gebied in kan stromen. Dit stimuleert de groei van waterriet. Juist dit waterriet is van groot belang als broedplaats voor grote karekiet en roerdomp. Boswachter Rutger de Vries: “Rietplaggen worden normaal gesproken verwerkt in het terrein zelf. We leggen de plaggen op bulten, rillen genoemd, en laten ze vergaan. Dat is een langdurig proces. Met het transport van plaggen naar Marker Wadden slaan we twee vliegen in 1 klap. Marker Wadden In het Markermeer bouwt Natuurmonumenten momenteel aan een archipel van natuureilanden. Marker Wadden zorgt ervoor dat de natuur in het gebied weer opleeft. Hier ontstaat een natuurparadijs voor vogels, vissen en mensen. Boswachter André Donker van de Marker Wadden: ”Het is geweldig dat het oude rietland van het Zwarte Meer gebruikt wordt als basis voor de nieuwe ontwikkeling van rietmoeras op de nu nog kale grond en oevers van Marker Wadden. Met de planten en wortels komen ook insecten, schimmels en de zo belangrijke bacteriën mee. Onmisbaar voor het welslagen van het gebied.”
 
 

Postcodeloterij helpt natuur IJsselmeergebied

6 februari 2017
De Nationale Postcodeloterij heeft gulle giften gedaan ten gunste van onder andere de natuur, de vissen en de vogels in het IJsselmeergebied en de wilde bijen in Flevoland. Deze giften zijn gedaan aan Natuurmonumenten, Vogelbescherming Nederland en LandschappenNL. Natuurmonumenten Natuurmonumenten heeft een extra bijdrage van € 6,9 miljoen ontvangen van de Nationale Postcode Loterij voor uitbreiding van Marker Wadden, een natuurparadijs in wording. In een uitzending van RTL Late Night over Marker Wadden kreeg boswachter André Donker tot zijn grote verrassing de check van de Postcode Loterij overhandigd door Humberto Tan. Schitterend natuurparadijs Deze extra bijdrage voor Marker Wadden is een geweldige opsteker voor de aanleg van dit schitterende natuurparadijs voor mens en dier. Het plan omvat de aanleg van een serie eilanden in het Markermeer die voor een betere waterkwaliteit zorgen, ruimte voor vogels en recreatiemogelijkheden voor mensen. Vogelbescherming Nederland Humberto Tan is ook op bezoek geweest bij Fred Wouters, directeur Vogelbescherming Nederland. Met een donatie van 1,7 miljoen kan de vogelbescherming aan de slag kan met het verbeteren van de IJsselmeeroevers en het creëren van een visverbinding naar het achterland. Nieuw leefgebied voor vissen en vogels Dankzij de Nationale Postcode Loterij-schenking van 1,7 miljoen euro start de Vogelbescherming bij Tacozijl en De Nes aan de verbetering van de IJsselmeeroevers en het creëren van een visverbinding naar het achterland. Hier profiteren niet alleen de vissen van, ook vogels krijgen er leefgebied bij. Visetende vogels als visdieven, zwarte sterns, dwergmeeuwen en reuzensterns, visarend- en zeearenden krijgen er zo een zwemmend visbuffet bij. LandschappenNL Tijdens het jaarlijks Goed Geld Gala van de Nationale Postcode Loterij heeft LandschappenNL 1,7 miljoen euro ontvangen voor de realisatie van de Wilde Bijenlinie. Dit is fantastisch nieuws voor de bedreigde wilde bijen. Met een deel van dit bedrag gaan het Flevo-landschap en Landschapsbeheer Flevoland aan de slag met de realisatie van de Wilde Bijenlinie. Wilde Bijenlinie De Wilde Bijenlinie verbindt nieuwe en bestaande leefgebieden voor wilde bijen in heel Nederland. Het Flevo-landschap gaat nieuwe wilde bijen-plekken realiseren op hun terreinen en Landschapsbeheer Flevoland juist buiten deze gebieden. Nieuwe en bestaande bijenprojecten worden verbonden tot een verfijnd netwerk, noodzakelijk voor de wilde bijen om te overleven. Samen met maatschappelijke partners gaat gewerkt worden aan een bijvriendelijke inrichting van infrastructurele werken zoals dijken en spoorbermen.  
 
 

Bouw haven Flevokust van start

1 februari 2017
Gedeputeerde Jan-Nico Appelman pompte op 1 februari 2017 het laatste water uit de bouwkuip van Flevokust. Een mijlpaal in de aanleg van de haven. Nu de bouwkuip is drooggelegd, kan het vullen met zand beginnen. Zo ontstaat er een nieuw stuk Flevoland! Door het droogleggen heeft provincie Flevoland  nieuwe contouren gekregen. De kade in het IJsselmeer is nu onderdeel van het Flevolandse landschap. In de toekomst is de kade ook op kaartmateriaal te zien. Samen met betrokken partijen Het leegpompen van de bouwkuip gebeurde tijdens een feestelijk moment. Onder toeziend oog van de partijen die tot nu toe bij de plannen en uitvoering betrokken zijn. Zij voeren met een schip naar de toekomstige haven en konden het terrein van alle kanten bekijken. Het begin van nog veel meer Gedeputeerde Appelman is trots op wat de provincie samen met gemeente Lelystad, Waterschap Zuiderzeeland, Rijkswaterstaat en andere partijen heeft bereikt. "De plannen worden nu werkelijkheid. We zien het voor onze ogen gebeuren en dat is prachtig. Met Flevokust verbinden we de Flevolandse agrariërs en andere exportbedrijven met afnemers in Nederland en de rest van de wereld. De nieuwe haven brengt bedrijvigheid en banen; bovendien is het een motor voor andere ontwikkelingen. Flevokust is ook het begin van nog veel meer." Rustplaats voor watervogels Het Flevo-Landschap heeft gepleit voor de golfbreker. Hiermee wordt een rustplaats gecreëerd voor de watervogels. Het Flevo-Landschap en Het Blauwe Hart gaan er vanuit dat er voldoende rekening gehouden wordt met de natuur.
 
 

Wandelaars opgelet: het Zuiderzeepad is vernieuwd

1 februari 2017
Het afgelopen jaar is het Team Zuiderzeepad druk bezig geweest met de voorbereiding van de nieuwe gids. Het Zuiderzeepad loopt nu echt rond de Zuiderzee en is in de nieuwe vorm 491 kilometer lang! Enkhuizen is het start- en eindpunt van de route. Team Zuiderzeepad heeft hard gewerkt Team Zuiderzeepad heeft nieuwe trajecten verkend, routebeschrijvingen gemaakt, routes ingetekend op de kaart, bestaande trajecten gecontroleerd, informatie verzameld voor de beschrijvingen in de gids, nieuwe foto’s gemaakt en natuurlijk gesprekken gevoerd met terreineigenaren om de toestemmingen te regelen. Met verschillende gemeenten hebben zij overlegd over de route en ook over een bijdrage in de kosten. Het gaat dan vooral om die gemeenten waar nieuwe trajecten moesten worden ontwikkeld. Ambtenaren verleenden volop medewerking en bestuurders beslisten positief over medefinanciering. Nog even geduld De redacteuren zijn hard bezig de teksten te redigeren en de gids op te maken. De veldmedewerkers zijn de nieuwe trajecten aan het markeren. De verwachting is dat alles gereed is in februari 2017. Vanaf dat moment zullen de trajecten beschikbaar zijn via de website van Wandelnet. De officiële lancering van de gids is voorzien voor 13 april en zal plaats vinden in het Zuiderzeemuseum in Enkhuizen. Kijk hier voor meer informatie over het Zuiderzeepad
 
 

Video aanleg Marker Wadden

17 januari 2017
Vorig jaar is in razend tempo het eerste eiland van Marker Wadden aangelegd. Een nieuw natuureiland in het Markermeer dat de komende jaren uitgroeit tot een prachtig natuurparadijs. Bekijk de clip van de aanleg tot dusver.   https://youtu.be/1e2aJDaeOjE
 
 

Brandbrief aan staatssecretaris Van Dam: ‘regel visserij IJsselmeer’

16 januari 2017
De overheid moet de beroepsvisserij op het IJsselmeer beperken, vinden de drie IJsselmeerprovincies. Gebeurt dat niet, dan dreigen ze dit voorjaar geen vergunningen af te geven voor de visserij op schubvis. Dat blijkt uit een brief die het Friese provinciebestuur aan staatssecretaris Van Dam van Economische Zaken heeft gestuurd. De brief is mede ondertekend door de provincies Noord-Holland en Flevoland, de Nederlandse Vissersbond, Sportvisserij Nederland, samenwerkingsverband Het Blauwe Hart en Vogelbescherming Nederland. In de brief, die donderdag door Sportvisserij Nederland op zijn website werd geplaatst, laken de organisaties het feit dat er sinds de presentatie van het Masterplan Toekomst IJsselmeer –binnenkort drie jaar geleden– nog niets terecht is gekomen van een sanering van de IJsselmeervisserij. „Er zijn te veel vergunningen en met het huidige wettelijke beheersstelsel zijn er te veel (potentieel) inzetbare netten.” Het masterplan moest de weg vrijmaken naar een herstel van de visstand in het IJsselmeer en een duurzame toekomst van de beroepsvisserij. De opstellers braken destijds een lans voor een driejarige stand-still van de visserij op schubvis (snoekbaars, rode baars, brasem en blankvoorn), waarvan de stand een historisch dieptepunt had bereikt. De visserij op paling ligt sowieso al acht maanden per jaar stil. De vissers eisten een warme sanering: de overheid zou hun vangstrechten moeten uitkopen. Het ministerie heeft echter herhaaldelijk laten weten daar geen geld voor over te hebben. De briefschrijvers doen „een dringend beroep” op Van Dam om op dat standpunt terug te komen. Reden daarvoor is dat de visstand alleen maar verder achteruit gaat. Onderzoek door Wageningen Marine Research (het vroegere visserijonderzoeksinstituut Imares) meldde in 2016 een „instorten” van het brasembestand en een verdere teruggang bij de andere schubvissoorten. „Dit kan zo niet langer doorgaan”, vinden de organisaties. Het ministerie wees er vrijdagmiddag in een reactie op al aangegeven aangegeven te hebben dat er sprake is van een ernstige situatie. „Het gaat niet goed met de schubvisbestanden in het IJsselmeer. Voor de visserij op het IJsselmeer is het vijf voor twaalf. We komen op korte termijn met een aanpak voor de toekomst.” Uitkoop van vissers vergt volgens de brief 5 tot 7 miljoen euro. De organisaties vinden dat „een relatief laag bedrag” in vergelijking met het geld dat naar natuurherstel in het IJsselmeer gaat en de opbrengst van andere economische activiteiten in het IJsselmeer, zoals de exploitatie van windparken en de winning van zand. Ze verwijzen hierbij naar de aanleg van de Markerwadden en een vismigratierivier in de Afsluitdijk, die beide 70 miljoen euro kosten. Als de staatssecretaris niets doet, schuift het probleem opnieuw door naar de provincies, stelt de brief. Die dreigen dit voorjaar geen vergunning meer te geven voor de visserij op schubvis. Zo’n vergunning is verplicht volgens de Wet Natuurbeheer. „De beschermde watervogels hebben vis nodig als voedsel. Mochten de provincies wel een vergunning verlenen, dan zullen andere partijen dit vrijwel zeker gaan aanvechten”, aldus de briefschrijvers. Ze trekken daarbij een parallel met de spieringvisserij, die in het verleden diverse keren tot in de rechtszaal is bevochten door Vogelbescherming Nederland. Als de vergunning er niet komt, raken volgens de Friese gedeputeerde Johannes Kramer „tientallen vissersgezinnen” in juli hun inkomen kwijt. Bovendien zal de illegale visserij toenemen, waarschuwen de briefschrijvers. De laatste twee jaar, toen de visserij op schubvis al drastisch was beperkt, heeft toezichthouder NVWA veel illegale netten in beslag genomen.   Bron: www.rd.nl
 
 

Documentaire: “ZOUT vs ZOET”- Vismigratierivier

12 januari 2017
Filmmaker Hans den Hartog (van o.a. “De Vogelwachter; tijd bestaat niet, enkel tij”) gaat samen met producent Annemiek van der Hell van Windmill Film de documentaire “ZOUT vs ZOET” produceren. ZOUT vs ZOET wordt een documentaire over de totstandkoming en bouw van de Vismigratierivier, een ecoduct door de Afsluitdijk nabij de spuisluizen van Kornwerderzand. Den Hartog volgt het hele proces vanaf de start begin 2018, tot realisatie. ZOUT vs ZOET gaat omstreeks 2022 in première. Het filmproject wordt ondersteund door het samenwerkingsverband De Nieuwe Afsluitdijk (DNA) * en de initiatiefnemers* van De Vismigratierivier. Naar aanvullende financiering wordt nog gezocht. Den Hartog filmt niet alleen de complete aanleg van de Vismigratierivier. Gedurende vier jaar volgt hij een aantal personen die een sleutelrol spelen in de realisatie van de Vismigratierivier. Zo laten beroepsvissers aan de zoute (Wadden) en de zoete (IJsselmeer) kant zien hoe zij inspelen op de veranderingen, gemaakt door mens en natuur. Ook de vissen zelf spelen een belangrijke rol. Zo is Den Hartog van plan om de migrerende vis vanaf de Waddenzee en het IJsselmeer, via de IJssel en de Rijn  in Duitsland tot aan Zwitserland te gaan volgen vanaf een schip. Niet voor niets is de subtitel van de film: “De Vismigratierivier; een internationale reis dwars door de Afsluitdijk”. Sluitstuk in de film is het kunstproject ‘Happy Fish’ ofwel de Blije Vis van landschapsarchitect Bruno Doedens, waarbij opvallende roestvrij stalen  vissen van af de Afsluitdijk het belang van wat zich onder water afspeelt, zichtbaar maken. Bekijk hier de pilot van de documentaire. Wereldwijd uniek project De Vismigratierivier is een permanente opening in de Afsluitdijk waar trekvissen 24/7 vrijuit door heen kunnen zwemmen om vanuit de Waddenzee het IJsselmeer te bereiken en andersom. Trekvissen hebben zoet- én zoutwater nodig voor hun levenscyclus. Door de aanleg van dijken en dammen, zoals de Afsluitdijk is dat niet of nauwelijks meer mogelijk. Dat is een belangrijke reden waarom het slecht gaat met trekvissen in het algemeen en de visstand in het IJsselmeer in het bijzonder. De innovatieve Vismigratierivier, nergens in de wereld is dit eerder zo gedaan,  zorgt er, samen met het visvriendelijk spui-en schutssluisbeheer van Rijkswaterstaat, voor dat de Afsluitdijk weer open gaat voor vis. Het project is eind 2022 gereed en volgt daarbij de planning van Rijkswaterstaat die bezig is met de grootschalige versterking van de Afsluitdijk. Kijk hier voor meer informatie. * De Nieuwe Afsluitdijk (DNA): De Vismigratierivier is onderdeel van het programma De Nieuwe Afsluitdijk (DNA). De Nieuwe Afsluitdijk is een samenwerking van de provincies Noord-Holland, Fryslân en de  gemeenten Hollands Kroon, Súdwest-Fryslân en Harlingen. Samen werken we aan een vernieuwde dijk op het gebied van duurzame energie, ecologie, recreatie en toerisme en ruimtelijke kwaliteit. *Initiatiefnemers Vismigratierivier: Waddenvereniging, Sportvisserij Nederland, netVISwerk, It Fryske Gea en Samenwerkinsverband Het Blauwe Hart.
 
 

Onze successen van 2016

11 januari 2017
Ook in 2016 heeft Het Blauwe Hart door onder andere samenwerking met de partners een hoop successen bereikt. Zo is het eerste deel van de Marker Wadden een feit, is het zeker dat de vismigratierivier door gaat en was het zwemevent met een recordaantal deelnemers van ruim 200 een enorm succes. En dit is een kleine greep van de behaalde successen. Bekijk onderstaand filmpje voor alle successen: https://www.youtube.com/watch?v=6QBKkggOBmI&t=59s
 
 

Natura 2000-ontwerpbeheerplan IJsselmeergebied ter inzage

10 januari 2017
Het ontwerpbeheerplan Natura 2000 van het IJsselmeergebied ligt van 8 december 2016 tot en met 18 januari 2017 ter inzage. Tot 1 februari 2017 kunnen belanghebbenden hun mening geven over het plan door een zienswijze in te dienen. De natuur beleven, gebruiken en beschermen. Daar draait het om in de Natura 2000-gebieden. Het ontwerpbeheerplan beschrijft welke maatregelen er de komende 6 jaren genomen worden om de natuur in deze gebieden te beschermen. Het ministerie van Infrastructuur en Milieu (Rijkswaterstaat) heeft dit ontwerpbeheerplan opgesteld, in overleg met andere bevoegde instanties (Rijk en betrokken provincies). Bij de totstandkoming van de beheerplannen zijn ook gemeenten, terreinbeheerders en diverse maatschappelijke organisaties betrokken. In het IJsselmeergebied ligt in bovengenoemde periode het Natura 2000 ontwerpbeheerplan voor zes gebieden ter inzage: Eemmeer & Gooimeer Zuidoever, IJsselmeer, Ketelmeer & Vossemeer, Markermeer & IJmeer, Veluwerandmeren, Zwarte Meer. Inzagelocaties en informatiebijeenkomsten Kijk hier voor meer informatie en het ontwerpbeheerplan. De stukken zijn ook in te zien op diverse locaties in het IJsselmeergebied. De adressen vindt u op deze site. Rijkswaterstaat organiseert inspraakavonden die om 18.00 uur beginnen en duren tot 21.00 uur. U kunt op elk tijdstip binnenlopen. Vooraf aanmelden is niet nodig. U bent van harte welkom op de volgende locaties: Woensdag 14 december 2016: Van der Valk Hotel, Leuvenumseweg 7 in Harderwijk Dinsdag 20 december 2016: Schouwburg Het Park, Westerdijk 4 in Hoorn Donderdag 5 januari 2017: Sporthotel Iselmar, Plattedijk 16 in Lemmer Meer informatie Meer informatie over het ontwerpbeheerplan en de mogelijkheden om een zienswijze in te dienen staat op deze website.  
 
 

Het zevende landschapskunstwerk in Flevoland geopend

10 januari 2017
Op vrijdag 7 oktober is officieel het zevende landschapskunstwerk in de provincie Flevoland geopend. De opening van het kunstwerk Pier+Horizon werd door gedeputeerde Michiel Rijsberman en de voorzitter van Natuurmonumenten, Hans Wijers verricht. Het kunstwerk is van de hand van kunstenaar Paul de Kort. Pier+Horizon Het zevende landschapskunstwerk ligt in het Zwarte Meer bij Kraggenburg. Pier+Horizon bestaat uit een 135-meter lange steiger, waar omheen 15 'kraggen' in het water liggen. Deze kraggen zijn drijvende bakken, gevuld met rietkragen, die meebewegen met de wind en de stroming. In het landschapskunstwerk weet de kunstenaar Paul de Kort op bijzondere wijze een verbinding te leggen tussen de geschiedenis van de locatie, het huidige gebruik van het meer als natuurgebied en de geschiedenis van de beeldende kunst en Land Art in het bijzonder. Land Art Het zevende Landschapskunstwerk is een initiatief van de Provincie Flevoland en werd gerealiseerd in samenwerking met onder andere de Gemeente Noordoostpolder. Gedeputeerde Michiel Rijsberman: “Flevoland is de provincie van de landschapskunst. Nergens ter wereld staan per vierkante meter zoveel landschapskunstwerken als in onze provincie. Zij benadrukken de kwaliteiten van het door mensenhanden geschapen landschap met zijn grootschaligheid, ruimte en lange lijnen. Hiermee dragen ze op unieke wijze bij aan onze culturele identiteit, aan het verhaal van Flevoland.” Vanaf vrijdag wordt het kunstwerk eigendom van de gemeente Noordoostpolder. Aansluitend op de onthulling worden op 8 en 9 oktober extra rondleidingen georganiseerd bij alle Land Art werken in Flevoland. De foto's zijn genomen door fotostudio Wierd.
 
 

Bouw gemaal Schardam

9 januari 2017
Nabij Schardam, in de Rietkoog en naast de brug en sluis, wordt door aannemer aan de Stegge Bouw en Werktuigbouw uit Goor de laatste hand gelegd aan de bouw van een nieuw gemaal bij Schardam, genaamd ‘Gemaal C. Mantel’ en doet dit in opdracht van Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK). Het gemaal wordt aangelegd in een Provinciaal monument ‘de Klamdijk’ . Er is  veel aandacht besteed aan architectuur, de landschappelijke inpassing van het gemaal en de afvoerwatergang. Tevens is er rekening gehouden met de natuurwaarden door middel van onder andere de mogelijkheid voor vismigratie. Waarom een nieuw gemaal Er is ruimte nodig voor extra waterafvoer in Noord-Holland omdat het steeds vaker en harder regent. De Schermerboezem loopt van Den Helder tot aan Zaandam en helemaal door naar 3 spuilocaties (Schardam, Monnickendam en Edam/Volendam). Tot nu toe werd overtollig boezemwater via Den Helder (afvoer op Waddenzee) en Zaandam (afvoer op Noordzeekanaal) afgevoerd. Een tweetal nieuwe gemalen aan de oostzijde van de boezem (Gemaal C. Mantel bij Schardam en een nieuw te bouwen gemaal bij Monnickendam), zorgen ervoor dat ook in het middelste gedeelte van de boezem water afgevoerd kan worden. Dit vindt plaats richting het Markermeer en zal helpen bij het beter reguleren van het waterpeil in het middelste gedeelte van het beheergebied. Ook kan er bij droogte water ingelaten of zelfs ingemalen worden. Wonen onder zeeniveau Vrijwel alle Noord-Hollanders wonen onder zeeniveau. En het hoogheemraadschap zorgt dat dit op een veilige manier kan. Een hele klus, want de zeespiegel stijgt, het regent vaker en de Noord-Hollandse bodem zakt. Doen we niets, dan kan de provincie onderlopen op sommige plaatsen. Daarom investeert HHNK de komende jaren honderden miljoenen in droge voeten, en in voldoende en schoon water. Hiermee werken zij aan het Deltaprogramma Hollands Noorderkwartier. Met behulp van dijken, een boezemsysteem, waterbergingen en gemalen houdt HHNK de provincie droog. Primaire dijken keren het water van de Noordzee, Waddenzee, IJsselmeer en Markermeer. Andere dijken omsluiten de boezemwateren en houden het water buiten de polders. Ecologische randvoorwaarden bouw Voorafgaand aan de werkzaamheden is een werkprotocol opgesteld om de ecologische randvoorwaarden voor deze uitvoering vast te leggen. Aan de Stegge heeft bijvoorbeeld rekening moeten houden met een aantal beschermde diersoorten (de rugstreeppad, de bittervoorn en de noordse woelmuis). Tijdens het broedseizoen hebben zij maatregelen genomen om te voorkomen dat de broedende vogels verstoord werden. Ook hebben zij paddenschermen geplaatst om te voorkomen dat de padden bij de werkzaamheden in de buurt komen. In stand houden natuurgebied Rietkoog Om het natuurgebied de Rietkoog in stand te houden is de afvoerwatergang van het gemaal zo ontworpen dat hij niet door dit natuurgebied gaat. Daarnaast zijn aan de pompen hoge eisen gesteld ten aanzien van rendement en wordt er LED-verlichting toegepast in het bedieningsgebouw, wat zorgt voor minder verbruik van energie. Vismigratie Gemaal C. Mantel is het grootste visvriendelijke gemaal van Nederland. De pompen zijn visvriendelijk uitgevoerd en er is een aparte vispassage gerealiseerd waardoor vissen tussen Markermeer en boezem kunnen migreren. In de vispassage van het gemaal wordt gebruik gemaakt van  schutten. De richting is afhankelijk van het seizoen. Op gezette tijden, die worden bepaald door de ecologen van het hoogheemraadschap, worden de vissen via een lokstroom uit de afvoerwatergang of boezem gelokt. De vissen verzamelen in de vispassage. Na verloop van tijd wordt de hefschuif gesloten en aan de andere kant geopend, zodat de vissen de Schermerboezem of het Markermeer in kunnen zwemmen. Vorderingen bouw 7 december is de planning van de functionele oplevering van het vernieuwde gemaal. Er staan nog twee proefmomenten gepland in 2017. Aan het eind van het voorjaar, wordt de uitslag van het rendement van de geteste pompen verwacht. In het najaar van 2017 wordt tijdens de natuurlijke vistrek naar het Markermeer de visvriendelijkheid van de pompen getest.
 
 

Eindconferentie van Eesteren Leerstoel

8 januari 2017
Op 13 december 2016 organiseert de Van Eesteren Leerstoel onder leiding van Frits Palmboom, hoogleraar aan de Eesteren Leerstoel, de vierde en laatste kennisconferentie over de toekomst van het IJsselmeergebied. Tijdens deze conferentie wordt een totaaloverzicht van drie jaar ontwerpend onderzoek gepresenteerd. Centraal staat de vraag hoe de waarden van het IJsselmeergebied zich aftekenen in de concrete ruimte van het landschap. Hieruit zijn een aantal Gouden regels afgeleid, die als handreikingen voor ruimtelijke kwaliteit kunnen worden gebruikt. Inzet is om het IJsselmeergebied te ontwikkelen als ‘metropolitane verademing’ voor de Hollandse Deltametropool. Naast een aantal andere sprekers geeft Pieter den Besten (programmamanager Gebiedsagenda IJsselmeergebied, Min. I&M) een overzicht van: het lopende programma Gebiedsagenda IJsselmeergebied, de bestuurlijke aansturing, het samenspel tussen top-down en bottom-up initiatieven en de rol van kennisontwikkeling. Saline Verhoeven, onderzoeker van Eesteren leerstoel onderbouwt dat Recreatie en toerisme belangrijke pijlers zijn onder de economie van het IJsselmeergebied. Door het ontwikkelen van diverse bestemmingen, door het verbinden van het dagelijkse met het unieke en door het benutten van water in de stedelijke mobiliteitsnetwerken kan het IJsselmeergebied zich nog veel sterker ontwikkelen tot een publiek landschap. In het voorjaar 2017 volgt de publicatie van het boek “Atlas van het IJsselmeergebied” (werktitel). De benoeming van Frits Palmboom als hoogleraar aan de TUD is verlengd tot augustus 2017. Meer informatie en aanmelden: 13 december 2016 | 11:00 – 17:00 plaats: Berlage, TU Delft Faculteit Bouwkunde, BG.OOST.600, Delft Vragen/aanmelden: n.m.terpstra@tudelft.nl onder vermelding van “Eindconferentie Van Eesterenleerstoel 2016” Kosten: De kosten voor deze kennisconferentie bedragen € 35,00 als tegemoetkoming voor de catering (€ 10,00 voor studenten) Meer informatie over de Van Eesteren Leerstoel vind je hier.
 
 

Waterkustland sfeervol afgesloten

7 januari 2017
In het Mirror Paviljoen in Monnickendam is donderdagavond 10 november het jubileum jaar van 100 jaar Droge Voeten, Water Kust Land afgesloten met film, muziek en mooie dankwoorden. De ruim 100 betrokkenen bij het project keken naar een slideshow van honderden foto’s van ‘hun’ activiteiten waarin de watersnood van 1916 herdacht werd of gevierd werd dat we sindsdien in onze regio 100 jaar droge voeten hebben. Reconstructie Watersnoodfilm Daarnaast werd de reconstructie van de Watersnoodfilm uit 1916 getoond. Een team deskundigen heeft de ‘stomme’  beelden vertaald naar de huidige situatie. Ook werden eerder onbekende, unieke filmfragmenten van de watersnood op Marken, toegevoegd. Herinneringsalbum 2016 De eerste exemplaren van het Herinneringsalbum 1916-2016, met daarin foto’s en informatie over de activiteiten, werden uitgereikt aan Erika Hes, vertegenwoordiger van hoofdsponsor Rabobank Waterland en aan NH1816 verzekeringen, sponsor van het album. Alle aanwezigen kregen gratis een exemplaar. Activiteiten in 2016 Voorzitter Erik Tuijp van de Stichting Een Dijk van een Kust, die onder de titel ‘100 jaar droge voeten, Water Kust Land’,  de coördinatie heeft verzorgd van talrijke vaak locale initiatieven,  noemde meer dan 200 activiteiten die door de inzet van honderden vrijwilligers in 2016 tot stand zijn gekomen: 16 boeken, 7 herdenkingsbijeenkomsten, educatieve projecten op 42 scholen, 41 tentoonstellingen, 17 concerten, 12 lezingen, 6 dansvoorstellingen, 28 toneel- en theatervoorstellingen, 4 muziektheater, 30 stads- en polderwandelingen, 6 sportevenementen, 6 ‘rampendiners’, 5 festivals en dorpsfeesten, waterpeilbordjes op 130 plaatsen, 4 ouderenactiviteiten, 6 discussiebijeenkomsten en een internationaal symposium. Verder: een bridgetoernooi, een quiz, een meezingavond, geocaching, muzieklessen, poëzie- en schrijfwandeling en een watershow. Niet alleen het verleden, maar ook het heden en de toekomst van waterbewustzijn stond daarin centraal. Samenwerking en media Initiatiefnemer Jetty Voermans en projectleider Wil Spanjer van ‘100 jaar droge voeten, Water Kust Land’,  roemden de samenwerking. Jetty: “We wilden dat het thema lokaal weerklank vond, geen elitair gebeuren. Dat is enorm gelukt. De pers gaf ook bijzonder veel aandacht aan het thema. Zowel het Jeugdjournaal, als het ‘gewone’ journaal brachten het onder de aandacht. Zowel op NPO als op RTVNH verschenen series. In honderden artikelen werd informatie gegeven over de activiteiten en hun bedoeling. We zijn geslaagd in onze opzet”. Wil voegt eraan toe: “Het is prachtig wat je met elkaar kunt bereiken. Een overkoepelende organisatie die stimuleert, coördineert en de publiciteit verzorgt is dan noodzakelijk om de boel bij elkaar te houden. Samen sta je altijd sterker.”
 
 

Vogelgriep treft onder andere trekvogels

6 januari 2017
Aan het Markermeer, de Gouwzee en bij Rotterdam zijn honderden dode vogels aangespoeld. Van de wilde vogels die bij Monnickendam gevonden zijn, is vastgesteld dat ze besmet waren met vogelgriepvariant H5N8. Staatssecretaris Van Dam (Economische Zaken, PvdA) heeft de maatregelen aangescherpt om de verspreiding van vogelgriep tegen te gaan. In Nederland is al een ophok- en afschermplicht voor pluimvee. Vogelgriep eendenbedrijf Biddinghuizen (Flevoland) Op een vleeseenden bedrijf in Biddinghuizen is één van de besmettelijke varianten van de vogelgriep (de H5N8-variant) vastgesteld. Er zijn circa vijfhonderd dode eenden gevonden. Na vaststelling van de vogelgriep en sterke vermoedens dat het ging om de besmettelijke variant werden alle eenden op het bedrijf gedood om de verspreiding van het virus te voorkomen. Een pluimveebedrijf in de buurt van het besmette bedrijf is uit voorzorg geruimd. In een zone van 10 kilometer rond het bedrijf in Biddinghuizen geldt een vervoersverbod voor pluimvee. Andere meldingen Uit Medemblik, de Zaanstreek en Uitgeest zijn ook meldingen binnengekomen over dode vogels, maar daarvan staat niet vast of ze ook aan de vogelgriep zijn overleden. Omdat het daar om enkele dode dieren gaat wordt dat vooralsnog beschouwd als normale sterfgevallen. Ruiming wilde vogels De dode vogels worden opgeruimd en onderzocht door de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA). De medewerkers die de vogels opruimen dragen handschoenen, beschermende pakken en gezichtsbescherming. GGD Zaanstreek-Waterland heeft inmiddels laten weten dat de H5N8-variant niet gevaarlijk is voor mensen, maar riep ook op om dode vogels niet aan te raken. Maatregelen Stallen met pluimvee mogen niet langer door buitenstaanders worden bezocht en er geldt een vervoersverbod voor pluimvee in een zone van 10 kilometer rond het bedrijf in Biddinghuizen. Kinderboerderijen en dierentuinen moeten ervoor zorgen dat bezoekers niet in contact komen met de gehouden vogels. Ook mogen watervogels en sierpluimvee voorlopig niet worden tentoongesteld. Daarnaast is er een verbod ingesteld op de jacht op watervogels en op jachtactiviteiten waarbij watervogels verstoord worden. Foto's zijn genomen door: Jordy Rietbroek
 
 

Fietsroute Waterlandse Vloed

5 januari 2017
Al eeuwenlang leven Nederlanders onder zeeniveau en hebben ze eindeloos veel kennis opgedaan over waterbeheersing. Nederlandse deskundigen worden regelmatig geraadpleegd als elders in de wereld problemen zijn met de waterveiligheid. Maar hoe zit het vandaag de dag eigenlijk met het wonen in de laaggelegen polders van Amsterdam-Noord, in het stedelijk en landelijk gebied? Realiseert elke bewoner van Noord zich wat er kan gebeuren als het water stijgt – en de dijken breken? In het herdenkingsjaar 2016 – honderd jaar na de watersnood van 1916 –presenteerde de stichting Waterlandse Vloed kunst en cultuur op wisselende locaties rond het thema ‘wij en water’: toen, nu en later. Om de opgedane kennis en mooie ontdekkingen niet verloren te laten gaan, brengt Waterlandse Vloed een fietsroute uit langs de zeven (voormalige) dorpen van Amsterdam-Noord en andere markante punten. Nog maar een eeuw geleden brak de Waterlandse Zeedijk op diverse plaatsen en overstroomde een enorm gebied. Nu voelen we ons veilig achter onze dijken en vergeten we bijna dat we onder zeeniveau leven. De Waterlandse Vloed maakt ons bewust van onze verbondenheid met het water en het land waarop we leven. Klik hier voor meer informatie.
 
 

Zoetwatervoorraad IJsselmeergebied op peil

4 januari 2017
Rijkswaterstaat neemt maatregelen om de zoetwatervoorraad in het IJsselmeergebied op peil te houden. In plaats van een vast zomerpeil komt er een peil met een bandbreedte waarbinnen het peil mag fluctueren. Rijkswaterstaat geeft hiermee uitvoering aan de Deltabeslissing IJsselmeergebied. Droogte In de zomer is ongeveer 30 procent van Nederland afhankelijk van het water in het IJsselmeergebied. Verzilting wordt tegengegaan door het doorspoelen van de sloten en vaarten met IJsselmeerwater, boeren gebruiken het water om te sproeien, de industrie (bijv. Corus) heeft  het water nodig als  koelwater en voor het drinkwaterbedrijf PWN is het IJsselmeer de natuurlijke bron voor het drinkwater. Ook heeft het water een belangrijke recreatieve functie. Reden genoeg om het peil van het IJsselmeergebied onnatuurlijk te laten verlopen. Dat wil zeggen: zomers ‘hoog’ opzetten en ’s winters ‘laag’ (dit vanwege het stormseizoen en de veiligheid) De natuurorganisaties betreuren het dat, ook met het nieuwe peilbesluit, de onnatuurlijke peilen blijven gehandhaafd. Dat is namelijk niet gunstig voor natuurontwikkeling. Voor de vorming van nieuw riet is het belangrijk dat het riet in het (vroege) voorjaar flink overstroomt, zodat het oude riet kan worden afgevoerd. Aan het einde van de zomer is echter een drogere periode van belang zodat nieuwe rietscheuten kunnen ontwikkelen. De afspraak die eerder met RWS in het Deltaprogramma IJsselmeergebied is gemaakt om het peil voor de natuur in maart hoger op te zetten, waarna het weer uitzakt naar het zomerpeil (-20 cm) is nu door RWS en de waterschappen opnieuw ter discussie gesteld. De reden daarvoor is dat het op sommige plekken in het Markermeer (aan de kant van Noord-Holland) tot onveilige situaties zou kunnen leiden. Het zoeken naar een goed alternatief, waarbij er ook nog winst te halen valt voor natuur, is nu in volle gang. Men wil aan het einde van de zomer binnen 2 weken -  medio augustus-  uitzakken naar het winterpeil (-30 cm) zodat er een drogere periode voor het riet aanbreekt. Inzage en zienswijzen Het milieueffectrapport, de natuurtoets en de passende beoordeling komen samen met het ontwerp-peilbesluit begin 2017 ter inzage te liggen. Dan is ook de mogelijkheid om het ontwerp-peilbesluit en het milieueffectrapport in te zien en eventueel een zienswijze in te dienen. Naar verwachting wordt eind 2017 het nieuwe peilbesluit vastgesteld. Na vaststelling zal in 2022 het flexibel peil volledig in werking zijn.
 
 

FOGOL-Excursie: Aan de kant van het IJsselmeer

3 januari 2017
Fogol en Samenwerkingsverband Het Blauwe Hart organiseren ook in 2017 een excursie. Op 11 maart 2017 kunt u weer genieten van een prachtige vaartocht met de MS Friesland op zoek naar allerlei vogelsoorten. Oevers verbinden met voor- en achteroevers in het blauwe hart Tijdens deze eerste vogelvaartocht van het seizoen varen we met de MS Friesland (de voormalige veerboot naar Terschelling) vanuit Enkhuizen het open water van het IJsselmeer op. We gaan op zoek naar diverse soorten vogels die hier de winter doorbrengen. Natuurlijk gaan we ook op zoek naar de tienduizenden toppereenden en varen we langs vogeleiland de Kreupel. Tijdens de excursie vertelt Jan Marbus van de KNNV alles over het gebied en de directe omgeving. Op de boot zijn deskundige vogelkenners die u op de vogels kunnen wijzen. Naast de lezingen zijn er ook vijf korte pitches over het thema, een prijsvraag en ontvangen opvarenden een excursiemap. Informatie: Zaterdag 11 maart, 10:30 - 15:30 uur Enkhuizen Kosten: € 23,- p.p. Kijk hier voor meer informatie.
 
 

Beroep tegen Windpark Fryslân

2 januari 2017
Een groep landelijke, provinciale en regionale natuurbeschermings- en recreatieve organisaties gaat samen als coalitie in beroep tegen Windpark Fryslân, een groot gepland windmolenpark van 89 windturbines midden in het IJsselmeer. Het windpark vormt een bedreiging voor een van de meest open landschappen van Nederland en levert de natuur in het IJsselmeer en de Waddenzee grote schade op. De gelegenheidscoalitie ziet het grote belang van windmolens, maar vraagt wel nadrukkelijk om een zorgvuldige inpassing in het landschap. De samenwerkende organisaties streven naar een open en rijk IJsselmeer voor natuur en recreanten. Windpark Fryslân doet daar grote afbreuk aan. Het IJsselmeer is volgens de samenwerkende organisaties van internationaal belang als natuurgebied. “De bescherming van het IJsselmeer is dan ook stevig verankerd in beleid en wetgeving. Dat geldt zowel voor de landschappelijke waarden als voor de natuur. De keuze voor alweer een windmolenpark in het IJsselmeer leidde daarom terecht tot zorgen van een groep natuurbeschermings- en recreatieve organisaties”, aldus Chris Bakker, hoofd Natuurkwaliteit van It Fryske Gea, de provinciale vereniging voor natuurbescherming in Friesland. Hij treedt op als woordvoerder namens de coalitie bestaande uit It Fryske Gea, Natuurmonumenten, Vogelbescherming Nederland, de Waddenvereniging, de IJsselmeervereniging, het Watersportverbond en Don Quichot. Eerder maakten ze hun grote zorgen over dit windpark kenbaar in een zienswijze. Met de gemelde negatieve effecten van het windturbinepark voor natuur en landschap is echter weinig gedaan. Grens is bereikt! Bakker: “Het overgrote deel van de Nationale windopgave op land wordt nu al gerealiseerd in het Zuiderzeegebied. De recent ontwikkelde windparken zorgen ervoor dat je inmiddels bijna overal in het IJsselmeergebied windmolens kunt zien. En ook met de natuur in het IJsselmeer gaat het al een lange tijd niet goed. Een aanpak van de overheid waarbij er steeds weer een nieuw windpark bijkomt, leidt tot steeds weer een aantasting van de natuur- en landschapskwaliteit. Per park lijken de effecten misschien mee te vallen, maar de optelsom van alle windparken bij elkaar is zonder meer negatief. De grens is wat ons betreft bereikt. De enige optie die wij daarom nu nog zien is in beroep gaan om natuur- en landschapsbescherming te waarborgen.” Windmolens passen niet op deze plek De in de coalitie verenigde organisaties vinden duurzame energie belangrijk, maar vinden windmolens op deze plek onacceptabel. Chris Bakker: “Het plaatsen van een windmolenpark op deze locatie heeft niet alleen negatieve invloed op de natuur van het IJsselmeergebied, het Blauwe Hart van Nederland, maar ook op de Waddenzee. De natuur is hier van internationaal belang. Beide grote wateren vormen het leefgebied van bijzondere en grote aantallen vogelsoorten, maar ook vleermuizen en vissen. Niet voor niets zijn beide aangewezen als Natura-2000 gebieden. Verstoring of verlies van leefomgeving, planten en dieren moet daarom voorkomen worden. Bovendien wordt een groot deel van de nationale windopgave op land reeds gerealiseerd in het Blauwe Hart. Nog meer windmolens in dit gebied kan de natuur niet dragen.” Aantasting landschappelijke openheid Het IJsselmeer en het nabijgelegen Waddengebied zijn bij uitstek gebieden van ruimte, rust, weidsheid en duisternis. “Het zijn de meest open landschappen van Nederland”, aldus Bakker. “Veel natuurliefhebbers, watersporters en recreanten genieten van dit unieke landschap. We moeten dit soort plekken waar mensen nog kunnen genieten van groen, rust en ruimte koesteren. Bijna negentig torenhoge windmolens doen daar sterk afbreuk aan. Omdat de bescherming van het IJsselmeer ook in beleid en regelgeving is opgenomen, is de keuze voor deze locatie onbegrijpelijk”. Alternatieve locaties De plek in het IJsselmeer is aangewezen door het Rijk en de provincie Fryslân Volgens de coalitie zijn er echter voldoende alternatieve locaties voor een windpark beschikbaar. Bakker: ”Natuurorganisaties hebben in de planfase meegedacht en alternatieve locaties aangedragen. Er zijn op het vaste land bijvoorbeeld geschikte plaatsen beschikbaar bij industriegebieden of langs snelwegen. Op deze plekken zijn de natuurwaarden al laag en daarnaast hebben ook de inwoners van Fryslân hier minder hinder van windmolens. Helaas heeft de provincie Fryslân alle alternatieven terzijde geschoven en voor een locatie midden in het IJsselmeer gekozen. De plannen van zes windmolenparken in en om het IJsselmeer staat haaks op het eigen beleid van het Rijk. Daarin staat de open ongestoorde horizon van het IJsselmeer en de bescherming van IJsselmeernatuur juist centraal.” Contra-expertise in de maak De passende beoordeling bij de ruimtelijke plannen voor windpark Fryslân geeft aan dat significante negatieve effecten op natuur en landschap met zekerheid kunnen worden uitgesloten. De groep natuur- en recreatieve organisaties heeft echter bedenkingen bij deze conclusies. Bakker: “Daarom laten wij een contra-expertise opstellen door Alterra Wageningen over de mogelijke natuureffecten. De definitieve uitkomsten hiervan worden in december verwacht.”
 
 

Waterwolf op Marken

30 december 2016
Dankzij een fictieve dijkdoorbraak op Marken zullen Provincie Noord-Holland, Rijkswaterstaat, Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier, Defensie, Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland en de bewoners beter voorbereid zijn, mocht er ooit een overstroming plaatsvinden. Op woensdag 2 en donderdag 3 november 2016 zal er een grootschalige crisisoefening plaats vinden op Marken. Doelstellingen De belangrijkste doelstellingen zijn: te ervaren hoe de samenwerking (op alle niveaus) tussen de partijen verloopt en met inwoners de rampen- en crisisplannen in de praktijk te testen. Eén van deze plannen is het onlangs vastgestelde ‘coördinatieplan Marken’. Dit plan beschrijft de crisisbeheersing bij een (dreigende) overstroming op Marken. Het plan is samen met de Eilandraad Marken en de verschillende crisispartners opgesteld. Realistisch Het is wenselijk dat de oefening een zo realistisch mogelijk karakter heeft. Daarom is gekozen voor een periode in het najaar en een meerdaagse periode waarbij de focus ligt op 2 en 3 november. De bewoners van Marken zijn via een huis aan huis brief over de oefening geïnformeerd. Marken blijft bereikbaar tijdens de oefening, maar iedereen wordt wel verzocht om zich tijdens de oefening te houden aan de aanwijzingen van de aanwezige hulpdiensten. De gemeente Waterland houdt bewoners verder in het traject op de hoogte van relevante zaken. De crisis oefening kent drie fasen; fase 1: aanloopfase (3 dagen) fase 2: dreiging van overstroming (woensdag 2 november) fase 3: overstroomd Marken (donderdag 3 november) Convenant De grootschalige oefening op Marken is één van de maatregelen die voortkomt uit het convenant dat afgesloten is in het kader van het project Meerlaagse veiligheid Marken. In dit convenant hebben de vijf crisispartners afspraken gemaakt over maatregelen die getroffen moeten worden om tot een goede rampenbestrijding te komen, de gevolgen van een eventuele overstroming te beperken en waar mogelijk te voorkomen.
 
 

Drastische renovatie afsluitdijk

28 december 2016
Al meer dan 80 jaar houdt de Afsluitdijk grote delen van Nederland droog. Steen voor steen is neergelegd door duizenden mensenhanden. Gebouwd om Nederland te beschermen tegen de woeste Zuiderzee en om landbouwgrond te creëren. Dankzij de dijken in Nederland, kunnen wij onder zeeniveau wonen. De dijk is echter niet bestand tegen de extreem zware storm die eens in de 10.000 jaar kan voorkomen. Door een grondige renovatie zal de Afsluitdijk dat wel zijn. Renovatie Afsluitdijk Tien jaar nadat de Afsluitdijk bij een toetsing werd afgekeurd, is de aanbesteding van de renovatie nabij. Op 24 november om 16.00 uur maakt Rijkswaterstaat gunningseisen voor de renovatie van de Afsluitdijk openbaar. Vanaf dat moment kunnen bedrijven een offerte indienen. Industry Day Rijkswaterstaat heeft een zogeheten “industry day” georganiseerd. Daar werden aannemers, adviseurs en financiers op de hoogte gesteld van de scope van het contract, de planning en andere aspecten. De sessie zou aanvankelijk in Kornwerderzand plaatsvinden bij het kantoor van projectbureau “De Nieuwe Afsluitdijk”. Maar vanwege de grote belangstelling werd er uitgeweken naar de grotere Jaarbeurs in Utrecht. Daar kwamen ruim 250 mensen samen om zich te laten informeren. Drie knoppen De dijk, die strikt genomen een dam is, kan op drie punten worden aangepast. Door de bekleding aan de Waddenzeekant te vervangen en te verruwen, door de kruin licht te verhogen en door de zone achter de kruin overslagbestendig te maken. De aannemers kunnen zelf kiezen in welke mate ze aan die drie verschillende knoppen gaan draaien om de dijk tot 2050 aan alle veiligheidseisen te laten voldoen. Na 2050 wordt er opnieuw gekeken in hoeverre de dijk verder moet worden aangepast aan eventuele extra zeespiegelrijzing en klimaatverandering. Grootste gemaal van Europa Behalve het 32 kilometer lange dijklichaam moeten ook de kunstwerken als de schut- en spuisluizen worden gerenoveerd. Bij Kornwerderzand komt een afsluitbare coupure als voorbereiding op de vismigratierivier. Bij Den Oever komen pompen om ook bij hogere waterstanden te kunnen spuien. Die pompen gaan bij elkaar het grootste gemaal van Europa vormen. Energieneutraal De ambitie van Rijkswaterstaat is om alles energieneutraal te laten werken. Met behulp van zonne-energie, stromingsenergie of andere duurzame energievormen moet de benodigde energie dus zoveel mogelijk rond de dijk zelf worden opgewekt.
 
 

Luwtemaatregelen Hoornse Hop van de baan

24 december 2016
Minister Schultz van Haegen van het ministerie van Infrastructuur en Milieu heeft besloten in te stemmen met het advies van de Stuurgroep Markermeer-IJmeer (SMIJ) om te stoppen met de planuitwerking en realisatie van de Luwtemaatregelen Hoornse Hop en in overleg met de SMIJ een nieuwe verkenning te starten om een andere maatregel te ontwikkelen voor het Toekomstbestendig Ecologisch Systeem (TBES) in het Markermeer-IJmeer. Het oorspronkelijke plan van Rijkswaterstaat bestond uit het aanleggen van dammen van zo’n 2,5 kilometer en een ondiepte van 100-150 ha in het Hoornse Hop. Hierdoor ontstaat een luwe zone met helder water, waar zich verschillende soorten waterplanten kunnen ontwikkelen. Waterplanten zijn goed voor de ecologie in het Markermeer. Het advies van de SMIJ is tot stand gekomen op basis van nadere analyses, waaruit blijkt dat de luwtemaatregelen in de Hoornse Hop niet voldoende bijdragen aan de verwachte regionale effecten voor een Toekomstbestendig Ecologisch Systeem in het Markermeer-IJmeer. Uit de laatste berekeningen met het geoptimaliseerde model blijkt nu dat de aanleg van luwtedammen in de Hoornse Hop niet zorgt voor grootschalige verbetering van het doorzicht, maar dat het effect beperkt blijft tot de directe omgeving van de dammen. Recent onderzoek toont voorts aan dat de waterkwaliteit in de Hoornse Hop, vooral de laatste jaren, op een natuurlijke wijze al is verbeterd. Het water is helderder geworden; het aantal waterplanten is toegenomen en ook de hoeveelheid mosselen is gegroeid. Hierbij wordt wel opgemerkt dat het onzeker is of deze ontwikkeling zich doorzet. Hoewel de luwtemaatregelen wel degelijk een lokaal effect hebben op de versterking van het ecologisch herstel, is de Stuurgroep SMIJ van mening dat dit niet voldoende is om de maatregelen uit te voeren, omdat hiermee de oorspronkelijke doelstelling: ‘het bereiken van een regionaal effect’ niet wordt behaald. Dit was reden voor de Stuurgroep om advies uit te brengen over hoe nu verder te gaan. Op 13 oktober jl. heeft minister Schultz van Haegen, mede namens het ministerie van EZ en samen met de provincies het advies overgenomen van de SMIJ om de planfase stop te zetten en opnieuw een gezamenlijke verkenning uit te voeren. In deze verkenningsfase zal met  actuele kennis en ervaringen en geoptimaliseerde rekenmodellen onderzocht worden op welke wijze de ecologische doelen in het Markermeer het beste kunnen worden bereikt en welke locatie hiervoor het meest geschikt is. Investeren in de ecologie van het Markermeer-IJmeer blijft wel nog steeds nodig. De ecologische situatie in het Markermeer voldoet nog steeds niet aan de doelstellingen van zowel de Europese Kaderichtlijn water (KRW) als die van Natura 2000. Het behalen van deze doelstellingen is ook een van de streefdoelen van het RRAAM-project. Door de projectleiding werd op 26 oktober jl. in het Van der Valk hotel te Hoorn gesteld dat zowel de opgave om te komen tot een gezond Toekomstbestendig Ecologisch Systeem in het Markermeer als het budget van € 15 miljoen nog steeds keihard overeind blijven staan. Er is geen sprake van  een verschuiving van financiële middelen naar andere projecten als bijvoorbeeld de Markerwadden. Omdat veel factoren zijn veranderd moet men helemaal opnieuw beginnen met een verkenning, ondanks dat er heel wat onderzoek verricht is. Het budget van € 15 miljoen is ook het maximale budget. Dat betekent ook dat eventuele maatregelen in de Houtribdijk niet worden meegenomen in het onderzoek. Dit soort maatregelen bedragen aanzienlijke miljoenen euro’s meer en de consequenties hiervan voor de veiligheid zijn veel groter. Wel is toegezegd dat het Samenwerkingsverband Blauwe Hart betrokken wordt bij deze verkenningsfase.
 
 

Kansen voor natuur bij de versterking van de Houtribdijk

23 december 2016
Natuurmonumenten, Vogelbescherming Nederland, Stichting Het Blauwe Hart en Sportvisserij Nederland werken samen om de kwaliteit van de natuur en de natuurbeleving van het IJsselmeergebied te versterken. Zij kijken kritisch aan tegen de huidige versterkingsplannen voor de Houtribdijk, omdat bestaande natuurwaarden de dupe dreigen te worden wanneer er alleen maar vanuit de veiligheidsopgave wordt gedacht en ontworpen. Deze zorgen hebben zij ook in een formele zienswijze op de plannen aan de overheid geuit. Ze zien juist kansen als bij het ontwerpen wordt gekeken naar mogelijkheden om met behulp van de natuur een veiliger dijk te creëren. Deze kansen hebben zij verwoord in de “Catalogus Kansen voor de natuur bij versterking Houtribdijk”. Deze rapportage is gemaakt om tijdens de komende aanbesteding voor de versterking van de dijk, de marktpartijen te verleiden om dergelijke kansen aan te bieden bij de inschrijving. Door bijvoorbeeld de kans te benutten om het zand voor de versterking van de dijk, ook in te zetten voor luwteplekken en ondieptes, wordt niet alleen de dijk versterkt maar ook de natuur!
 
 

Dijkversterking Durgerdam complex

22 december 2016
Op 5 juli 2016 zijn mogelijke oplossingen om de Durgerdammer dijk te versterken voorgelegd aan bewoners en andere belanghebbenden. Het gaat om een buitenwaartse versterking en om een geheel nieuwe oplossing: een dijk buitenom. Als deze oplossingen niet haalbaar of niet wenselijk zijn, kan worden teruggevallen op de mogelijkheid om een damwand in de dijk aan te brengen, mogelijk gecombineerd met andere technieken. De buitenwaartse versterking was al eens eerder besproken. Deze oplossing heeft behoorlijke consequenties voor de jachthaven en het beschermd dorpsgezicht, maar ook voor de natuur. Een andere oplossing is een dijk buitenom: vanaf de kaap onder Uitdam, via de kaap bij het Kinselmeer naar de kop van polder IJdoorn tot aan het Blauwe Hoofd ten westen van Durgerdam. De dijk biedt bescherming aan zowel Durgerdam als de Uitdammerdijk. Door deze oplossing ontstaan binnenmeren waarbij de scheepvaart bij Durgerdam door een vrijwel permanent openstaande keersluis kan passeren. De huidige karakteristieke dijk zou in dat geval ongemoeid blijven en haar functie als primaire waterkering verliezen. Tijdens de omgevingsbijeenkomst op 13 september gaf de Alliantie Markermeerdijken aan voor Durgerdam op dit moment nog geen keuze te maken voor een versterkingsoplossing. De oplossing van een dijk buitenom is inhoudelijk complex, want er zijn ook veel bezwaren tegen dit idee. Zeker voor wat de natuurwaarden betreft is dit geen goede optie. Daarnaast lopen ook de wensen van belanghebbenden uiteen. Frits Palmboom, Hoogleraar van Eesteren leerstoel, pleit in een groot achtergrondartikel voor voorzichtigheid t.a.v. de te nemen voorkeursvariant. Hij draagt daarbij zijn ‘tien gouden regels’ voor het Blauwe Hart aan om te komen tot een zorgvuldige keuze.
 
 

Rijksplan voor een windpark in het IJsselmeer bij Fryslân

21 december 2016
De ministers Kamp (Economische Zaken) en Schultz van Haegen (Ruimtelijke Ordening) hebben het Rijksinpassingsplan voor windpark Fryslân vastgesteld. Dit inpassingsplan ligt samen met een zestal andere besluiten vanaf vrijdag 14 oktober tot en met vrijdag 25 november ter inzage op het Gemeenteloket in Sneek, Marktstraat 15. De betreffende stukken zijn ook in te zien op deze website. Bij het vaststellen van het inpassingsplan is rekening gehouden met de in totaal 306 zienswijzen (waarvan 182 uniek), die dit voorjaar werden ingebracht op de voorlopige vergunningen. Alleen belanghebbenden die een zienswijze hebben ingediend op de ontwerpbesluiten kunnen nog tot en met vrijdag 25 november in beroep gaan bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State tegen de nu gepubliceerde definitieve besluiten. In het IJsselmeergebied zetten de drie aan het IJsselmeergebied grenzende, provincies in op windrealisaties in/rond het IJsselmeergebied. Omdat de verantwoordelijkheid van het aanwijzen van de windlocaties wordt overgelaten aan provincies/gemeenten, worden de keuzes voor locaties ook gemaakt op lokaal niveau. Het Rijk heeft ca. 11 plekken in het IJsselmeergebied aangewezen waar windparken eventueel zouden kunnen worden geplaatst en keurt vervolgens concrete provinciale plannen goed in een Rijksinpassingsplan. Het resultaat is een wirwar van een heleboel windplannen in het gehele IJsselmeergebied. De optelsom van het aantal windmolens in het IJsselmeergebied wordt steeds groter. Dit betekent ook een vergroting van de negatieve effecten voor landschap en natuur (dit zijn cumulatieve effecten). Als we zo, zonder integraal plan doorgaan met het bouwen van grootschalige windparken in het IJsselmeergebied, dan is er nergens meer te beleven hoe weids het IJsselmeer als Blauwe Hart van Nederland is. Maar ook ’s nachts is het dan nergens meer echt donker. En die duisternis is ook een belangrijke kernwaarde van het gebied. En dit gebeurt, terwijl er mogelijkheden zijn voor aansluiting bij grootschalige infrastructuur en industriegebieden (gebieden die al niet meer ongerept zijn) waar ook draagvlak is onder omwonenden. Bovendien zou het clusteren van windmolens een betere aanpak zijn, in plaats van het telkens aanwijzen van nieuwe windmolenlocaties, want met clustering kunnen natuur en landschap elders gespaard worden.
 
 

Expeditie Marker Wadden: oplevering Hoofdeiland

20 december 2016
Nederland is officieel een nieuw eiland rijker: het hoofdeiland van de Marker Wadden. De feestelijke oplevering werd afgelopen weekend opgeluisterd door tientallen grote en kleine boten. Zaterdag 24 september zette staatssecretaris Martijn van Dam van Economische Zaken (natuur) de eerste officiële stap op het nieuwe eiland in het Markermeer. in zijn kielzog volgden honderden natuur- en watersportliefhebbers. Natuurmonumenten legt hier samen met Rijkswaterstaat en Boskalis een archipel van eilanden aan die de natuur in het Blauwe Hart van Nederland een enorme impuls gaat geven. De eerste fase van Marker Wadden omvat in totaal circa 800 hectare en zal klaar in 2020 klaar zijn. Eerste eiland boven water Met een eiland van liefst 250 hectare in het Markermeer doet ons land haar waterbouwkundige naam weer eer aan. Projectdirecteur Roel Posthoorn van Natuurmonumenten: “Begin mei kwam het eerste stukje land boven water. Nu, vijf maanden later, ligt er een heel eiland. Daar hebben we met zijn allen hard voor gewerkt en daar zijn we enorm trots op. Afgelopen weekend kon iedereen het resultaat met eigen ogen bewonderen.” Dat deden enkele honderden bezoekers. Met driemaster Abel Tasman en in zijn kielzog een indrukwekkende vloot van grote en kleine schepen voer staatssecretaris Van Dam naar het eerste eiland van dit unieke natuurproject. Na dit weekend is het eiland pas in 2018 weer toegankelijk voor bezoekers. Natuurherstel De Marken Wadden is een uniek project voor de aanleg van een serie natuureilanden in het Markermeer, als onderdeel van het Blauwe Hart. Het ontwerp pakt het slibprobleem aan en verrijkt het Markermeer met natuurlijke oevers en ondieptes. Zo kan er weer een gezond evenwicht ontstaan waar dieren en planten in het Markermeer zich goed kunnen ontwikkelen. Al tijdens de bouw zijn er duizenden vogels geteld die het eiland als slaapplek gebruikten, zoals visdiefjes, zwarte sterns en verschillende meeuwensoorten. Theo van de Gazelle, hoofdingenieur-directeur Rijkswaterstaat: “Rijkswaterstaat heeft een belangrijke taak om het Markermeer ecologisch te verbeteren. Hiermee laten we zien hoe we samenwerken met maatschappelijke partners aan een duurzame leefomgeving.“ ”Niet alleen de natuur profiteert van dit project, voor de regio komt er met dit nieuwe land een belangrijke recreatieve bestemming bij”, zegt Michiel Rijsberman, gedeputeerde provincie Flevoland. Bouwen met slib is bovendien een innovatieve techniek die over de hele wereld toepasbaar is. Help mee Meehelpen om van Marker Wadden een vogelparadijs te maken? Doneer dan eenmalig voor de vogelparadijs in wording via deze link.
 
 

Tentoonstelling ‘100 jaar droge voeten’ in de Trekvogel van Flevo-Landschap

19 december 2016
Dit jaar herdenken we de slachtoffers van 100 jaar geleden. Maar ook vieren wij dat we al 100 jaar droge voeten hebben rondom Het Blauwe Hart van Nederland. Onze fototentoonstelling ‘100 jaar droge voeten’ heeft zijn eindstemming bereikt: bezoekerscentrum de Trekvogel van Flevo-Landschap. Wij spreken hierover met Martin Jansen, directeur van Flevo-Landschap: Op 22 oktober 2015 is de tentoonstelling geopend door gedeputeerde Jaap Lodders in het Nieuwland Erfgoed Centrum. Daarna is de expositie op tournee gegaan door het Blauwe Hart, langs de randen van het IJsselmeer. De tentoonstelling is nu terug in Flevoland op een bijzonder plek: als pop-up is hij geland in Nationaal Park Nieuwland dat ondertussen is opgericht. Daarmee is de cirkel rond, verteld Martin Jansen. Bijzondere tentoonstelling Hij geeft aan de tentoonstelling zo bijzonder te vinden, omdat de fotografen een zeer persoonlijke plek of persoonlijk moment hebben gekozen. Dit geeft het gebied prachtig weer en hierdoor komen de kernwaarden van Het Blauwe Hart goed naar voren: robuust en vitaal, maar tegelijkertijd intiem en een plek waar je oer belevingen op kan doen door wind, water en weidsheid. Het gebied is niet alleen belangrijk voor onze belevingen, het gebied geeft ons ook veel: recreatie, drinkwater, natuur en vis. Kortom: het is een gebied waar iedereen kan genieten en een gebied wat erg belangrijk is om wat het ons geeft. Wil je de tentoonstelling ook graag bewonderen? Nu kan het nog. De tentoonstelling is tot 25 oktober 2016 te zien in Bezoekerscentrum de Trekvogel. En je komst is zeker niet voor niets, want naast onze prachtige tentoonstelling is er nog meer te doen. Naast onze tentoonstelling hangen er exposities over de natuur van Flevoland, zoals de Lepelaarsplassen. Je kunt een wandeling maken naar de vogelkijkhut in de Lepelaarsplassen of fietsen door het Vaartsluisbos naar de Oostvaardersplassen, waar je ook een hapje kunt eten in het restaurant in het centrum van Oostvaarders. Je kunt naar het gemaal Blocq van Kuffeler lopen en hoogte verschil binnen en buitendijks ervaren. Kortom, er is genoeg te beleven. Kijk voor alle activiteiten op de website van het Flevo-Landschap. De Trekvogel De Trekvogel is de plek waar Almere letterlijk begonnen is, vertelt de heer Jansen. Hier verzamelden, aten en sliepen de pioniers die het land ontgonnen hebben toen het droogviel. Vlakbij onder de grond zijn schuilkelders uit de koude oorlog. Bedoeld om een crisiscentrum in te richten als er een atoomoorlog zou zijn. Nooit gebruikt gelukkig en helaas niet te bezichtigen. Het Blauwe Hart Uit de ramp die zich 100 jaar geleden voltrok, is Het Blauwe Hart ontstaan. Een gebied dat ooit levendig en dynamisch was en dat nu weer moet worden. Er zijn diverse projecten gaande om het ecologisch systeem van het Blauwe Hart weer levend en dynamisch te maken. “Ter hoogte van Lepelaarplassen en de Oostvaardersplassen zouden we een mooie stap kunnen maken door het water aan beide kanten van de dijk met elkaar te verbinden. De nu gescheiden systemen zullen dan een stuk rijker worden”, aldus Martin Jansen.
 
 

Boskalis baggert op biobrandstof voor Marker Wadden

18 december 2016
Baggeraar Boskalis heeft de eerste fase van het project Marker Wadden afgerond. Het baggerschip dat het nieuwe natuurgebied aanlegde, deed dat voor de helft op biobrandstof. Dat meldt Goodfuels, de Nederlandse specialist in biobrandstoffen voor de scheepvaart. Het baggerschip Edax maakte voor het opspuiten van het nieuwe hoofdeiland in de Marker Wadden gebruik van biodiesel uit houtafval. Dat leverde een CO2-reductie op van 600 miljoen ton. Biobrandstoffen De proef is onderdeel van het Sustainable Marine Fuel Program, waar naast Boskalis en Goodfuels ook scheepsmotorbouwer Wärtsila bij betrokken is. Doel van deze partijen is biobrandstoffen betaalbaarder en breder beschikbaar te maken. De biobrandstof wordt geproduceerd door het Finse UPM Biofuels. De brandstof kan worden gebruikt om fossiele diesel helemaal te vervangen. Dat zou volgens Goodfuels een CO2-besparing van 80 tot 90 procent kunnen opleveren. Ook de emissies van SOx en NOx zijn lager. Kijk hier voor meer informatie.
 
 

Maatregelen voor betere visstand in het Blauwe Hart

17 december 2016
De aanleg van de Afsluitdijk in 1932 had grote voordelen voor de veiligheid en de ontwikkeling van de Noord-Nederlandse economie. Maar de aanleg veroorzaakte ook schade aan de natuur (was een ecologische ramp). Twee grote Nederlandse natuurgebieden – de Waddenzee en de Zuiderzee – werden plotseling van elkaar gescheiden. Met als gevolg dat de visstand in het IJsselmeer dramatisch terugliep en dat routes voor trekvissen naar het Europese achterland werden geblokkeerd. De Nieuwe Afsluitdijk voor herstel Rijkswaterstaat en De Nieuwe Afsluitdijk willen de ecologische verbinding tussen de Waddenzee en het IJsselmeer herstellen. Dat is goed voor de natuur en in het bijzonder voor de visstand in beide belangrijke natuurgebieden. Tot in de jaren zeventig van de vorige eeuw zagen we de natuur bij onze strijd tegen het water vooral als tegenstander, die we buiten de deur moesten houden, zo vertelt Flos Fleischer, directeur van het Samenwerkingsverband. Geleidelijk aan veranderde dit inzicht. We proberen de natuur nu steeds meer te ontzien bij waterbouwkundige werken, want het kan zoveel mooier en beter voor natuur. De uitdaging én noodzaak is om de overgang tussen land en water op een vloeiender manier vorm te geven, want nu is de Afsluitdijk een kale barrière voor vissen die heel moeilijk te nemen is! Maatregelen zijn: Vismigratierivier  Vispassage Den Oever  Visvriendelijk sluit- en schutsluisbeheer  Natuurontwikkeling langs de Afsluitdijk  Marker Wadden  Vispassage Den Oever groot succes De dit voorjaar geopende vispassage in de Afsluitdijk bij Den Oever lijkt in ieder geval voor de intrek van glasaal een succes. Tellingen wijzen uit dat in de periode tussen half april en eind juni liefst 805.337 vissen de passage passeerden. Het overgrote deel, ruim 90%, betreft glasaaltjes. Ze hebben het zoete water van het IJsselmeer nodig om op te groeien tot paling. Tot voor kort wachtten de aaltjes tevergeefs voor de Afsluitdijk. Behalve glasaal maken ook voor vogels belangrijke soorten als stekelbaars en spiering gretig gebruik van de passage, zo blijkt uit de tellingen. Ook verdwaalde zoetwatervissen als snoekbaars, brasem en grondel weten de weg terug te vinden via de vispassage. Eenvoudige techniek De vispassage bij Den Oever is een zuiver technisch werk. Een buis door de voorhaven bij Den Oever mondt uit in een zoetwaterbak in het IJsselmeer. Door een pomp blijft het waterniveau in de bak altijd boven het zeeniveau staat. Hierdoor is er altijd een zoetwaterstroom van IJsselmeer naar Waddenzee die fungeert als een lokstroom.
 
 

Provincie Flevoland gaat voor Nationaal Park Nieuwland

16 december 2016
14 september 2016 dienden de samenwerkende partners in Flevoland het bidbook voor hetNationaal Park Nieuw Land in bij het Ministerie van Economische Zaken. Daarmee is de deelname aan de verkiezing ‘Mooiste Natuurgebied van Nederland’ officieel. Nieuw Land dingt vanaf nu mee naar status van Nationaal Park van Wereldklasse. Binnen Nationaal Park Nieuw Land werken Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer, Het Flevo-landschap, Rijkswaterstaat, de gemeenten Lelystad en Almere en provincie Flevoland samen. In het bidbook laten zij zien hoe ze de natuurgebieden Oostvaardersplassen, Marker Wadden, Lepelaarplassen en Markermeer in en rond het Blauwe Hart verder met elkaar gaan verbinden, versterken en toegankelijk gaan maken voor het (inter)nationale publiek. Het Nationaal Park geeft een groene impuls aan zowel Flevoland als de metropoolregio Amsterdam. Winnen Om de status van Nationaal Park van Wereldklasse te verkrijgen, moet Nieuw Land de door het Ministerie van Economische Zaken uitgeschreven verkiezing tot ‘Mooiste Natuurgebied van Nederland’ winnen. De uitverkoren parken zullen in binnen- en buitenland gepromoot worden als dé iconen van Nederland. Daarmee komen ze in het rijtje te staan van Amsterdam, Tulpen, Kaas, Klompen en Molens en zal naar verwachting van de provincie miljoenen kijkers trekken. Vanaf 14 oktober 2016 kan het publiek stemmen op hun favoriete natuurgebied. Naar verwachting wordt begin november 2016 bekendgemaakt welke gebieden als winnaar uit de bus komen. Bekijk de video op Youtube of lees de samenvatting van het Bidbook. Kijk voor meer informatie op deze website. En laat je stem horen! Natuurwaarden voorop De 4 kerngebieden Oostvaardersplassen, Lepelaarplassen, Marker Wadden en Markermeer hebben ongelofelijke natuurwaarden. Grootse kudde Konik paarden, edelherten en tal van bijzondere vogelsoorten. Het gebied vertelt als geen ander het unieke Nederlandse verhaal van land maken uit water. Voorop staat dat de natuur zorgvuldig beschermd wordt. Tegelijkertijd maken de partijen deze bijzondere natuur en cultuur beter beleefbaar voor gasten uit binnen- en buitenland. Het gebied wordt toegankelijker en komen er meer recreatiemogelijkheden. Pop-up recreatie Bijzonder in het bidbook zijn de plannen om met pop-up recreatieactiviteiten te gaan werken. De natuur bepaalt in grote mate wanneer iets op een bepaalde plek wel of niet kan. Zo wordt een bezoek aan het park iedere keer anders en altijd een avontuurlijke belevenis. Ondernemers worden uitgenodigd met ideeën voor pop-up recreatie te komen.
 
 

Memorabele vijfde zwemtocht rond Pampus

15 december 2016
Het was weer fantastisch! Ons jaarlijkse zwemevent rond Pampus werd zondag 28 augustus voor de vijfde keer gehouden. 200 deelnemers zwommen mee, waaronder een groep openwaterzwemmers uit Turkije. Na wat onweer en een regenbui kon de prestatietocht starten. Een krachtig opstekende wind maakte de wat later beginnende tocht van de wedstrijdzwemmers onverwacht pittig. Opnieuw liet het Blauwe Hart zich van zijn goede kant zien met fantastische vergezichten en indrukwekkende wolkenluchten. Pure Holland promotie die zeker tot in Turkije zal worden doorverteld. Ons jaarlijkse zwemevent wordt steeds groter Nog nooit deden zoveel mensen mee en nog nooit hadden we ook een groep deelnemers uit Turkije. Samen met de jubileumbarbecue aan het slot was dit een editie die we niet snel zullen vergeten. De eerste deelnemers die het water in gingen waren de zwemmers van de prestatietocht. Ze konden één of twee ronden zwemmen. De meesten haalden hun doel, slechts een paar ‘stapten’ uit. Ze hadden zich verkeken op het grillige natuurwater rond Pampus dat zich steeds weer wisselend gedraagt. De wedstrijdzwemmers vertrokken daarna voor een tocht van drie ronden om het eiland, 2700 meter in totaal. Zij haalden allen de eindstreep en dat was gezien de wind en de golven een hele prestatie! Turkije 12 Turkse open waterzwemmers deden, op uitnodiging van zwemcoach Marjon Huibers van zwemschool Swimfantastic, mee aan de zwemwedstrijd. Ze hadden hun eigen t-shirts laten maken waarmee ze na afloop nog een prachtig gebaar maakten door de shirts te doneren aan het goede doel, de bijdrage aan een onderzoeksschip voor het IJsselmeergebied. Swimfantastic Dit jaar had de organisatie de samenwerking gezocht met Marjon van Swimfantasic. Ter voorbereiding op het rondje Pampus heeft zij 3 workshops in het water gegeven. Daar leerde ze je hoe je het beste koers kan houden in open water en werd o.a. de ademhalingstechniek bijgeschaafd. Door haar workshops kon Flos Fleischer (directeur Samenwerkingsverband Het Blauwe Hart) echt genieten van haar eerste rondje Pampus! Donaties voor onderzoek Samen met een gulle gift van de vereniging van beunschepen hebben de deelnemers  € 4815,08 bijeengebracht als bijdrage aan een onderzoeksschip van de Universiteit van Amsterdam. Dit bedrag werd na een klinkende toespraak van Joost Wentink, voorzitter van het Samenwerkingsverband het Blauwe Hart, aangeboden aan Harm van der Geest, aquatisch ecoloog bij het UvA-Instituut voor Biodiversiteit en Ecosysteem Dynamica. Hij wil met zijn collega's een schip kopen en inrichten voor veldonderzoek in het Markermeer en IJsselmeer. Van der Geest noemde het bedrag een ‘vliegende start’ voor het schip dat volgend jaar moet gaan varen. Volgens de onderzoeker is nog veel onbekend over de oorzaken van de achteruitgang van het (onderwater) ecosysteem van het Markermeer. Ze hopen met meet- en monsterapparatuur die oorzaken te achterhalen. We zullen zeker nog verslag doen van de ontwikkelingen rond het schip en de onderzoeksresultaten. De uitslag Prestatietocht, vrouwen: Douce van Beukering Prestatietocht, mannen: Ruud Mets Wedstrijdtocht, vrouwen: Marein de Jong Wedstrijdtocht, mannen: Bart Groenemans Aanmoedigingsprijs: Rosa Schot   Wij willen iedereen hartelijk bedanken voor deze in vele opzichten fantastische dag!   https://www.youtube.com/watch?v=mMrFS2D4ek0&t=17s
 
 

Sterkere Markermeerdijken

14 december 2016
Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) gaat tussen 2017 en 2021 de ruim 33 kilometer lange Markermeerdijken tussen Hoorn en Amsterdam versterken. Grote delen van de historische dijken zijn niet stabiel genoeg meer om bij extreme omstandigheden de ongeveer 1,2 miljoen Noord-Hollanders te beschermen tegen het water. Veengrond als ondergrond, beschermde dorpsgezichten, cultuurhistorie, Natura 2000 gebied en Ecologische Hoofdstructuur zijn allemaal uitdagingen die bij dit project het hoofd geboden moeten worden. HHNK voert dan ook intensief overleg met alle betrokken partijen, zowel de partners als alle omwonenden. Historisch dijklandschap De dijken langs de Markermeerkust, zoals de Zeedijken en de Waterlandse Zeedijk die onderdeel is van de Noorder IJdijk, zijn provinciaal monument met een lange geschiedenis. Ze horen al eeuwenlang bij het Noord-Hollandse polderlandschap. De Waterlandse Zeedijk bijvoorbeeld stamt uit 1300. Oorspronkelijk in de middeleeuwen aangelegd als bescherming tegen het water van de Zuiderzee kronkelen ze langs polders en dorpjes waar mensen hebben gewoond die ooit leefden van de Zuiderzee. De vele bochten en wielen tonen de dijkdoorbraken uit het verleden. De laatste was honderd jaar geleden: de watersnoodramp van 1916, dit jaar herdacht. Toch waterkering In de oorspronkelijke plannen, toen er nog sprake was van de Markerwaard als vierde IJsselmeerpolder, zouden de oude dijken slechts langs een randmeer komen te liggen. Toen de Markerwaard definitief niet doorging (2003) veranderde de situatie: de dijken kregen weer de status van primaire waterkering. De toetsing op geschiktheid voor die taak (2006) kwamen ze echter niet door. Klimaatverandering, extreem weer en daardoor kans op vaker hoog water zorgen voor verzwaarde veiligheidseisen. De dijken zijn op een aantal plaatsen niet hoog genoeg en ze zijn instabiel. Wanneer hoog water lange tijd tegen de Markermeerdijken aan drukt zijn er als gevolg van de instabiliteit een aantal scenario’s mogelijk, bijvoorbeeld dat de dijk zijn kracht verliest en gaat afschuiven. De dijken zijn dus hard aan een opknapbeurt toe. HHNK is bezig met een versterkingsprogramma, maar wel een waarbij het bijzondere karakter van het gebied behouden blijft. Alliantie Gezien de complexiteit van het project heeft HHNK de Alliantie Markermeerdijken in het leven geroepen. De Alliantie Markermeerdijken is een bundeling van krachten tussen HHNK en een aantal grote ondernemingen. In nauwe samenwerking wordt de dijkversterking uitgevoerd. Kennis, ervaring en creativiteit worden op die manier in de planvormingsfase al samengebracht; problemen, latere veranderingen en daarbij behorende kostenverhogingen hopelijk zo veel mogelijk voorkomen. Er gaat gebruik gemaakt worden van heel nieuwe technieken en methoden, zoals Dijken op veen en de oeverdijk. De Alliantie wil zoveel mogelijk bodemgegevens verzamelen over de ondergrond, zowel over de landbodem als over de waterbodem. Om die reden wordt er regelmatig onderzoek gedaan in het gebied rondom de Markermeerdijken. Per 1 januari 2017 wijzigt de Waterwet wat inhoudt dat er nieuwe veiligheidsnormen komen, gebaseerd op een risicobenadering. De Alliantie Markermeerdijken gaat de nieuwe regels in het definitieve projectplan voor dijkversterking meenemen. Op dit moment is er nog niets definitief en is men nog met alle betrokken partijen in overleg. De verwachting is dat de definitieve plannen in 2017 gereed zijn, met als uiteindelijke doel dat de dijken er weer vijftig jaar tegen kunnen. Dijken op veen Een deel van de Markermeerdijken staat op een ondergrond van veen. Kennisinstituut Deltares heeft gezorgd voor een rekenmodel ‘Dijken op veen’ waarmee de benodigde sterkte van de dijken berekend kan worden gekoppeld aan het gedrag van veengrond. Onderzoek heeft uitgewezen dat het veen onder de dijken sterker is dan gedacht. Het rekenmodel van Deltares is aangepast aan de specifieke eigenschappen van veen. Maar feit is wel dat bij belasting vervorming op treedt. Om die reden heeft Deltares de interactie tussen dijk en veengrond onderzocht. Voorgangers HHNK HHNK is niet de eerste organisatie die zorg draagt voor de dijken langs de voormalige Zuiderzee. Al in 1843 ging een aantal waterschappen samenwerken in de ‘Dijkvereeniging Noorder IJ en Zeedijk’ om delen van de dijken te beheren. Deze vereniging ging in 1919 op in Hoogheemraadschap Noordhollands Noorderkwartier dat naar aanleiding van de watersnoodramp in 1916 was opgericht. Er was behoefte aan centralisatie en zeven kleine waterschappen werden opgeheven. Het hoogheemraadschap was verantwoordelijk voor alle zeeweringen in Noord-Holland boven het Noordzeekanaal: het Noorderkwartier. De aanleg van de Afsluitdijk (geopend in 1933) zorgde voor vermindering van de kilometers zeewering die onderhouden moesten worden en in de loop der jaren veranderden de taken. In 2003 is na een aantal fusies het huidige Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier ontstaan. Meer weten over de plannen voor de Markermeerdijken of wilt u zich opgeven voor de digitale nieuwsbrief zodat u regelmatig op de hoogte wordt gehouden over de laatste ontwikkelingen, klik dan hier.