Het Blauwe Hart


IJsselmeergebied: Het Blauwe Hart van Nederland

 

Het Blauwe Hart van Nederland is het grootste zoetwatergebied van Europa en wordt gewaardeerd om haar bijzondere natuurwaarde en als prachtig cultureel erfgoed met haar weidse landschap. Samenwerkende partners in Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk zetten zich samen in voor een vitaal en gezond IJsselmeergebied voor nu en later.

Het laatste nieuws uit het Blauwe Hart

 

Masterclass Mark Mieras

Viering van 100 jaar Zuiderzee.. tijd voor bezinning! 2018 staat in het teken van 100 jaar Zuiderzeewet, één van de meest ingrijpende wetten, waarmee de basis werd gelegd voor de ontwikkeling van Nederland als Waterland met grootschalige waterwerken. De inpoldering van de Wieringermeer, de afsluiting van de Zuiderzee met de Afsluitdijk, de Noordoostpolder en de Oostelijke en Zuidelijke Flevopolder zijn voorbeelden van de invloed van de Zuiderzeewet op de vorming van ons land. De 100ste verjaardag van de Zuiderzeewet is daarom het herdenken waard, maar kijken we ook naar de toekomst, door ons te bezinnen op dieper liggende vragen: Wat is de waarde van het grootse zoetwatermeer van West-Europa? En hoe behouden we deze? Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk organiseert Masterclasses De Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk grijpt de viering van 100 jaar Zuiderzee in 2018 aan om een aantal Masterclasses te organiseren met bevlogen sprekers die onconventionele onderwerpen aansnijden en ons (her)nieuw(d)e inzichten geven over de waarde van groot open water, over natuur en indirect over de toekomstrichting van het IJsselmeergebied. Dit doen zij vanuit invalshoeken die niet direct met de dagelijkse inhoud van de IJsselmeeronderwerpen te maken hebben, maar die ons denken -als partners, beleidsmedewerkers en stakeholders van het IJsselmeergebied-  uitdagen om ontwikkelingen vanuit een breder perspectief te beschouwen! Op donderdag 5 juli startte de eerste Masterclass vanuit het Erfgoedpark Batavialand te Lelystad, met vergezichten op het Markermeer. Mark Mieras (wetenschapsjournalist en theoretisch natuurkundige,  gespecialiseerd in de werking van de omgeving op onze hersenen) nam ons mee in de werking van groene en blauwe natuur op de mens. Door de huidige samenleving en de toename van allerlei digitale middelen, laten we ons steeds sneller afleiden. Deze onvrijwillige afleiding van onze aandacht, geeft ons geen tevreden gevoel en put ons uit. Door verbinding te zoeken met de natuur (groen en blauw) kunnen we onze aandacht beter vasthouden en kunnen onszelf weer opladen. Mieras laat zien dat onderzoek naar de effecten van de natuur op de mens universeel is en ons aandachtsysteem positief beïnvloedt. Het effect verklaart waarom mensen vitaler zijn die dichter bij groen en blauw wonen. Het effect van de natuur op het systeem mens ontstond doordat mens en natuur co-evalueerden. Met andere woorden: de mens leeft niet ‘stand alone’ op deze wereld maar is voortdurend in interactie met zijn omgeving, de groene en blauwe natuur, omdat zij daar een onderdeel van is. Als we als mensen steeds verder verwijderd raken van de natuur, is de kans groter dat we ziek worden, een burn-out krijgen en/of te dik worden. Mieras noemt de natuur dan ook ‘de vluchtheuvel voor de geest’. Hij onderscheidt daarin 3 niveaus: Om stress te voorkomen hebben we kleine natuur nodig in de directe omgeving: een aquarium of je tuintje. Voor de middellange termijn is een wandeling door het park waardevol, het helpt om op te laden, en een gezond gedragspatroon te handhaven. Om de onvermijdelijke schade van stress die optreedt echt te verwerken, moet je je wekelijks kunnen onderdompelen in de natuur. Daarbij is de schaalgrootte van wezenlijk belang: een weids, intens en zuiver uitzicht zonder artificiële, door de mens aangebrachte obstakels werkt het best. Mieras zijn redenering geeft de discussie over het behoud van open landschap in het IJsselmeergebied een andere dimensie: het beleven van een open weidse horizon is goed voor de gezondheid van ieder mens! En dat is de belangrijkste waarde.  
 
 

Bezoek aan lake Peipsi

Van 7 tot 12 juni gingen Ruurd Noordhuis (Deltares), Jaap Quak (Sportvisserij Nederland), Roel Doef (RWS) Mennobart van Eerden (RWS) en Flos Fleischer (Coalitie Blauwe Hart Natuurlijk) naar het Peipsimeer op de grens van Estland en Rusland. Lake Peipsi is het op 4 na grootste zoetwatermeer van Europa en heeft een oppervlakte van 3555 km2 en is gemiddeld 7 meter diep. In het meer monden 3 rivieren, waar de Emajõgi (‘de moederrivier’) de grootste is met een lengte van 260 km. In 2007 is er een gezamenlijk onderzoek geweest van de Estse Universiteit van Levenswetenschappen in Tartu en Rijkswaterstaat RIZA, waarin de gesteldheid van de beide meren zijn geïnventariseerd en met elkaar zijn vergeleken. Hoe funktioneerden beide meren in ecologisch opzicht? Gekeken werd o.a. naar de nutriëntenhuishouding, de vis- en vogelstand en naar de overstroombare gebieden van beide meren. Deze studie leidde tot een mooie publicatie: In the Mirror of a Lake. In Nederland ontstond mede door dit onderzoek een nieuw denken over de ecologie van het IJsselmeergebied. Concreet heeft dit geleid tot een aantal nieuwe natuurprojecten als de Marker Wadden, Trintelzand en de mogelijke toekomstige de verbinding tussen de Oostvaardersplassen en het Markermeer. Na een periode van relatieve stilte van 10 jaar constateerde RWS een aantal nieuwe ecologische ontwikkelingen in het IJsselmeergebied. Ook startte I&W de Gebiedsagenda IJsselmeergebied met een visie voor de toekomst van het gebied, inclusief ecologische ambities. Het werd tijd om de stand van zaken van beide meren wederom naast elkaar te leggen en te onderzoeken welke veranderingen beide meren in die 10 jaar hebben ondergaan en hoe die veranderingen geduid kunnen worden. Langlopend onderzoek en datasets zijn hierbij van cruciaal belang. Over het lake Peipsi bestaan deze datasets, als ook vele wetenschappelijke publicaties. (temperatuurmetingen sinds 1924, hydro-chemische data sinds 1050, statistieken over de visserij inspanningen sinds 1931) Zo kunnen parallelle en tegenstrijdige ontwikkelingen geconstateerd worden, maar ook nieuwe bedreigingen worden besproken in een breder, internationaal verband. Zo lijkt lake Peipsi aan het opladen qua nutriënten terwijl het IJsselmeergebied steeds verder aan het afschalen is. We zijn in gesprek gegaan met de betrokken onderzoekers van lake Peipsi, verbonden aan de universiteit van Tartu,  over een vervolg in de samenwerking rond de ecologische ontwikkelingen van de beide meren, inclusief de gevoelde visserijdruk. Zo wordt er op lake Peipsi ’s winters intensief aan ijsvissen gedaan, terwijl in het IJsselmeergebied de druk op de visstand groot is vanwege een teveel aan beroepsvissers. De Estse onderzoekers staan positief tegenover ons initiatief en een hernieuwde samenwerking lijkt voor de deur te staan. Opvallende verschillen 2 grote zoetwatermeren: het IJsselmeergebied in Nederland en het Lake Peipsi in Estland/Rusland. Hoe anders gaan we met beide meren om. In het IJsselmeer draait het vooral om watermanagement. Er zit geen druppel water in zonder dat die gemanaged wordt. In Estland is watermanagement nauwelijks van toepassing op het merenstelsel. Ook kent men geen natuur organisaties of samenwerkingsverbanden die opkomen voor bepaalde kernwaarden van het meer. In Estland zijn de randen van het meer veelal in privé bezit, en worden agrarisch gebruikt, terwijl er ook een Natura 2000 doelstelling op rust. Dit stelt de overheid voor problemen om de Natura 2000 doelstellingen te behalen, omdat de boeren andere, tegenstrijdige  eisen aan het gebied stellen.
 
 

Platform IJsselmeergebied

Op 17 mei ondertekenden 60 partijen de Agenda IJsselmeergebied 2050. Om de uitvoering van de plannen, projecten en ideeën op te pakken, wil het team Agenda IJsselmeergebied gezamenlijk verder bouwen aan een kennisbasis.  Drie keer per jaar organiseert het team bijeenkomsten onder de titel ‘Platform IJsselmeergebied’. In deze bijeenkomsten worden concrete vragen uit de praktijk verbonden aan wetenschappelijke inzichten en praktijkervaringen. Doel is het uitwisselen van kennis en ervaring voor de Agenda IJsselmeergebied 2050 en daarmee het vullen van de kennis- en innovatie- en uitvoeringsagenda. Een ander doel is het onderhouden en voeden van het netwerk zodat met de juiste kennis, innovaties en mensen kan worden gestart met de uitvoering. De eerste Platformbijeenkomst was op 21 juni. Thema’s van die bijeenkomst: Ecologie en Ruimtelijke Kwaliteit. In de ochtend waren er presentaties over ecologische ambitie voor het IJsselmeergebied en over Lake Peipsi in Estland, als ecologische referentie voor het IJsselmeergebied. Het ochtendgedeelte werd afgesloten met het onderdeel ‘de zeepkist’, waar iedereen die dat wilde aandacht kon vragen voor een onderwerp. Maximaal 1 minuut spreektijd! Er werd gretig gebruik van gemaakt: ·         Vooraankondiging van een Archeologische IJsselmeerkaart, gemaakt door RCE ·         Idee: een zone instellen waar we helemaal niets doen! ·         Nationaal Park Nieuw Land vergroten tot: Nationaal Park IJsselmeergebied ·         Veel kennis ontwikkelen in het gebeid in onzekere tijden vraagt een goed verhaal ·         Aanbod om een film te maken met 30 interviews met stakeholders Na de (netwerk)lunch vertelde Frits Palmboom over zijn boek IJSSELMEERGEBIED, een ruimtelijk perspectief. Aansluiten werd het boek door Hilde Blank, voorzitter van de Van Eesteren-Fluck & Van Lohuizen Stichting, aangeboden aan dijkgraaf Hetty Klavers en Donné Slangen van het ministerie I&W. Elders in de nieuwsbrief meer hierover. De eerstvolgende Platformbijeenkomst is op 6 september, ook weer in het Smedinghuis in Lelystad. Dan gaat het over recreatie & toerisme en over de aanpak van de waterplantenproblematiek.
 
 

IJsselmeergebied, een ruimtelijk perspectief

Het IJsselmeergebied heeft iets paradoxaals. Monument voor de maakbaarheid van het land maar ook symbool van de altijd weerbarstige werkelijkheid. Trots toppunt van de Nederlandse strijd tegen het water, al halen velen voor Almere of Lelystad de neus op. Een enorm samenhangend project, maar ook een lappendeken van 400 jaar verschillende inzichten en wisselend succes. "Het is een beetje een ondergewaardeerd deel van het landschap", vindt stedenbouwkundige Frits Palmboom. "Dat enorme deel van Nederland is grotendeels onzichtbaar. Dat grote lege midden ligt verstopt achter dijken, dus je kunt er maar moeilijk contact mee maken." Honderd jaar na de Zuiderzeewet, waarmee het IJsselmeer ontstond, vindt Palmboom het tijd om onze relatie met het gebied te herijken. Het IJsselmeer staat op de drempel van een nieuw tijdperk. In IJsselmeergebied: een ruimtelijk perspectief schetst hij richtlijnen waarmee de 'latente schoonheid' van het gebied beter ontwikkeld kan worden. "Het IJsselmeergebied staat weer voor een heleboel nieuwe veranderingen. De aanpak van de natuur, de energietransitie, windmolens, verstedelijking bij Amsterdam, dijkversterkingen", somt Palmboom op. "Het IJsselmeergebied is op een omslagpunt. Het is het pioniersstadium ontstegen." „Het is niet zomaar een leegte waarin je alles kunt doen wat je elders niet kwijt kan. Frits Palmboom over het IJsselmeergebied” Palmboom pleit voor een wezenlijke verandering in de manier waarop we het gebied benaderen. Tot nu toe was het vooral een plek waar de mens het voor het zeggen had. Hier bepaalden wij hoe de wereld eruitziet, niet de natuur. Palmboom wil dat maakbaarheidsprincipe relativeren: we moeten voortaan beter rekening houden met wat er al is. De polders als volwassen landschap. "Het is niet zomaar een leegte waarin je alles kunt doen wat je elders niet kwijt kan", merkt hij op. "Wat ik duidelijk wilde maken is dat het op zichzelf een wereld is met heel veel kenmerken." Hij wijst op de unieke mix van oude en nieuwe landschappen, de afwisseling tussen rechte lijnen en grilligheid en de monumentale leegte die je kunt ervaren, in lege polders of op het water. Palmboom wil dat die dimensies in nieuwe plannen versterkt worden. "Het is een enorm stuk openheid wat je nog kunt ervaren, direct in de buurt van de Randstad. Naarmate de rest van Nederland steeds voller wordt, neemt de waarde daarvan steeds meer toe. We moeten niet eindeloos proberen het water naar buiten te duwen." De overwinning op het water leek totaal in de polders: land dat op de zee was veroverd, werd weggestopt achter dijken. Zonde, meent Palmboom. "Het vloeiende karakter van het deltalandschap, waarin het water zich alsmaar vertakt, naar binnen kruipt en naar buiten stroomt, dat is eigenlijk niet op waarde geschat. Er is geen vorm aan gegeven." "Bij Almere of Lelystad ligt er eerst een hoge, dikke dijk, dan een tijdje niks en dan in een diepe kuil de stad. Als je het water wilt zien moet je er heel veel moeite voor doen door de dijk op te klimmen. En als je dat doet zie je ook ineens een heel groot, kaal watervlak. Er is zit niks tussen, er is geen mooie overgang gecreëerd." Overgangen bieden juist variatie in het landschap. Er wordt gespeeld met verschillende perspectieven, proporties en functies. "In IJburg, waar ik ook voor heb ontworpen, is geprobeerd om het water weer als uitgangspunt te nemen. Het ligt op eilanden, met grachten en vaarten erdoorheen, stranden en pieren om je kop in de wind te kunnen steken. Je kunt meteen aan het water wonen, je kunt op de dijk wonen en van het uitzicht genieten. Dat is in Lelystad en Almere echt anders." „Je kunt aan spanningen ook kwaliteit en plezier ontlenen." Frits Palmboom "Je kunt aan spanningen ook kwaliteit en plezier ontlenen. Oud en nieuw bij elkaar zijn bij elkaar interessanter dan alleen maar nieuw of alleen maar oud. Dan wordt het te museumachtig. Het is in mijn vak de kunst om voor die spanningen een goede vorm te vinden." In zijn boek formuleert Palmboom een aantal handreikingen. Hou de lengteassen van het grote open water open; zorg voor toegankelijkheid van de dijkkruin; koester het verschil tussen strak en grillig; verbind water en achterland. In de praktijk leiden die gouden regels bijvoorbeeld tot aanbevelingen om geen scherm van windmolens op te trekken langs de Afsluitdijk. Ook moeten bezoekers kunnen genieten van het uitzicht over water en land vanaf een 'Hollandse bergkam', zoals bij veel rivierdijken al mogelijk is. "Ik noemt het altijd de bezienswaardigheid van de toekomst. Over 50 jaar komen mensen van heinde en verre om naar dit landschap te kijken. Het is bij tijd en wijle monotoon, maar het heeft ook een monumentaliteit die ik heel bijzonder vind." Luister hier het interview